Labrador is een regio in Canada, gelegen op het gelijknamige schiereiland. Het maakt deel uit van de provincie Newfoundland en Labrador, waarvan Labrador het gedeelte op het Canadese vasteland beslaat. Het vormt het noordoostelijke deel van het Noord-Amerikaanse continent en wordt ten westen en zuiden begrensd door de provincie Québec. Het feit dat de westelijke grens erg grillig verloopt, wordt bepaald door de waterscheiding: land dat draineert op de Atlantische Oceaan behoort tot Labrador; land dat draineert op de Hudsonbaai behoort tot Québec.

De regio telt zo'n 27.000 inwoners, waarvan ongeveer 40% oorspronkelijke bewoners zijn, voornamelijk Inuit en Innu. Het overgrote deel van de Inuit woont in Nunatsiavut, een autonome regio in het noorden. De Innu wonen voornamelijk in de reservaten Natuashish en Sheshatshiu.

Geografie Labrador is het oostelijkste gedeelte van het vasteland van Noord-Amerika, met Cape St. Charles als oostelijkste punt. Het gebied beslaat een oppervlakte van zo'n 294.330 km² wat vergelijkbaar is met de oppervlakte van Italië. Het noordelijkste punt van Labrador is Cape Chidley, gelegen op Killiniq Island. Het uiterste noorden van Labrador wordt gekenmerkt door het Torngatgebergte dat deel uitmaakt van de Arctische Cordillera en het noordelijkste gedeelte van de grens met Québec vormt. Verder zuidwaarts liggen andere kleinere gebergtes zoals de aan de kust gelegen Kaumajet Mountains en Kiglapait Mountains. Dat laatste gebergte loopt in het zuiden over op South Aulatsivik Island, dat met 456 km² het grootste eiland van de regio Labrador is. Het zuiden van de regio heeft vooral laaggebergte dat deel uitmaakt van de Laurentiden. Het voornaamste Labradorse subgebergte van de Laurentiden zijn de Mealy Mountains.

De grens tussen Québec en Newfoundland en Labrador is grotendeels gevormd door de waterscheiding tussen de Atlantische Oceaan en de Hudsonbaai enerzijds en de 52e breedtegraad noord anderzijds. De grens is al meer dan een eeuw de aanleiding tot een conflict tussen beide provincies.

Centraal in de regio ligt Lake Melville, een zoutwaterhoudend estuarium dat meer dan 3.000 km² meet. The Atlas of Canada, 'Lakes', 2004. Gearchiveerd op 10 april 2007. In het zuiden scheidt de Straat van Belle Isle de regio van het eiland Newfoundland. Het kustgebied aan die zeestraat staat bekend als de Labrador Straits. Voor een groot deel van de kustlijn liggen grote eilandengroepen, waaronder de Nainarchipel en de Adlavikeilanden.

De 865 km lange rivier de Churchill is de langste rivier van Atlantisch Canada. Eind jaren 1960 werd de Waterkrachtcentrale Churchill Falls aan die rivier gebouwd, waardoor het ruim 6.500 km² grote Smallwood Reservoir ontstond. Andere grote stuwmeren in de regio zijn het Ossokmanuan Reservoir en de Menihek Lakes. Een andere grote rivier is de 270 km lange Eagle River.

De kust kent verschillende fjorden en zeearmen, waaronder de Nachvakfjord in het noorden en de St. Lewis Inlet in het zuiden. Ook heeft de regio verschillende schiereilanden die kilometers ver in zee reiken, waaronder de oostelijk gelegen schiereilanden Cape North en Musgrave Land.

Plaatsen Labrador telt 20 plaatsen die geïncorporeerd zijn als gemeente. De andere dorpen en gehuchten van de regio zijn, op de twee indianenreservaten van de Innu na, gemeentevrij gebied. Voorbeelden van zulke gemeentevrije plaatsen zijn Churchill Falls, Lodge Bay, Black Tickle, Paradise River, Capstan Island en Opocopa. Labrador telt ook tientallen spookdorpen en andere plaatsen zonder permanente inwoners, waaronder Hebron, Aillik en Okak in het noorden en Henley Harbour, Muddy Bay, North Cove, Sand Hill en het toeristische Battle Harbour in het oosten en zuiden. Heel wat van de verlaten Labradorse kustnederzettingen zijn in de zomermaanden nog in gebruik door vissers, zoals Indian Tickle.

Alle gemeenten van Labrador staan hieronder vermeld, tezamen met hun inwoneraantal (2021). Vijftien van de gemeenten hebben de status "town", terwijl de vijf die gelegen zijn in Nunatsiavut officieel als "Inuit Community Government" (ICG) te boek staan.

Happy Valley-Goose Bay – 8.040 Labrador City – 7.412 Wabush – 1.964 Nain – 847 (ICG) L'Anse-au-Loup – 692 Hopedale – 596 (ICG) North West River – 560 Cartwright – 439 Port Hope Simpson – 403 Forteau – 377 Makkovik – 365 (ICG) Rigolet – 327 (ICG) Mary's Harbour – 312 Charlottetown – 292 L'Anse-au-Clair – 219 Postville – 188 (ICG) St. Lewis – 181 Red Bay – 142 West St. Modeste – 102 Pinware – 64

Het bijna 295.000 km² metende gebied bestaat vrijwel uitsluitend uit uitgestrekte, onbewoonde taiga. In 2021 woonde 72% van de inwoners van Labrador in de drie grootste bewoningskernen. Het betreft het aan de westgrens gelegen Labrador West (9.376 inwoners) en de centraal gelegen kernen Happy Valley-Goose Bay (8.040 inwoners) en Sheshatshiu–North West River (1.785 inwoners).

Transport De regio wordt volledig doorkruist door de 1.149 km lange Trans-Labrador Highway die bestaat uit de provinciale routes NL-500 en NL-510. Andere provinciale routes in Labrador zijn Route 503, Route 513, Route 514, Route 516 en Route 520.

In het uiterste westen van Labrador bestaat een spoorwegnetwerk dat voornamelijk gebruikt wordt door goederentreinen in het kader van de ijzerertsmijnbouw. Het betreft van zuid naar noord de in elkaars verlengde liggende Quebec North Shore and Labrador Railway (414 km) en de lijn van Tshiuetin Rail Transportation (217 km). Daarnaast zijn er in Labrador West nog twee korte zijlijnen, namelijk de Wabush Lake Railway en de Bloom Lake Railway.

Labrador telt twee relatief belangrijke luchthavens, namelijk Goose Bay Airport en Wabush Airport, met daarnaast nog vele kleine vliegvelden met slechts een beperkt aanbod aan regionale vluchten.

Geschiedenis Circa 5500 v.Chr. bouwden leden van de Maritiem-Archaïsche cultuur de grafheuvel van L'Anse Amour in het uiterste zuiden van de regio. Het is de oudst gekende grafheuvel op het Amerikaanse continent. , "Burials and Bones. A Summary of Burial Patterns and Human Skeletal Research in Newfoundland and Labrador", Newfoundland and Labrador Studies 9, 2 (1993), p. 213-234.

Reeds rond het jaar 1000 ontdekten de Noormannen de Labradorse kusten. Ze noemden het bosrijke gebied Markland en ondernamen zeker tot in de 14e eeuw vanuit Groenland expedities erheen om hout te hakken.

Helemaal op het einde van de 15e eeuw bezocht de Portugese ontdekkingsreiziger João Fernandes Lavrador het gebied dat uiteindelijk naar hem vernoemd zou worden.

In de late 18e eeuw en vroege 19e eeuw werden de Labradorse Inuit grotendeels bekeerd tot de Moravische Kerk, met het in 1771 gestichte Nain als eerste missiepost. Cruciaal hierin was de rol van de invloedrijke Inuitvrouw Mikak., "Mikak", Dictionary of Canadian Biography, 4de uitgave, Toronto en Laval, 2003. Geraadpleegd op 27 december 2023.

miniatuur|300px|De vuurtoren van Point Amour met de Straat van Belle Isle op de achtergrond Sinds het midden van de 19e eeuw is de Straat van Belle Isle aan Labrador's zuidkust een belangrijke trans-Atlantische scheepvaartroute geworden. De zeestraat is echter een gevaarlijke route vanwege zijn relatieve nauwheid, sterke stromingen, variabele weersomstandigheden en zee-ijs dat er acht à tien maanden per jaar voorkomt. Daarom werd in 1857 op het smalste punt de vuurtoren van Point Amour gebouwd, de hoogste vuurtoren van Atlantisch Canada. Parks Canada, "Point Amour Lighthouse", 2020. Geraadpleegd op 19 september 2020. Gearchiveerd op 6 november 2020.

Labrador werd zwaar getroffen door de pandemie van de Spaanse griep in 1918-1920. Er vielen bijna 500 doden, waaronder naar schatting 400 Inuit (ofwel een derde van de gehele Labradorse Inuitbevolking). In de Moravische missienederzettingen Hebron en Okak bleef bijna niemand meer over. en , "The Twentieth Century", A Short History of Newfoundland and Labrador (Newfoundland Historical Society), Portugal Cove-St. Philip's, 2008, p. 108-109, .

Eind jaren 1950 begon de massale ontginning van de rijke ijzerertslagen in het uiterste westen van Labrador. Bij deze mijnen ontstond Labrador West, een bewoningskern die relatief snel de grootste van de regio werd. Labrador West, 'History', 2021. Geraadpleegd op 20 april 2021. Gearchiveerd op 20 april 2021.

Het gebied ontwikkelde in de loop van de 20e eeuw geleidelijk aan een aparte identiteit binnen zowel de provincie als binnen Canada. Sinds 1974 heeft Labrador officieus een eigen vlag en sinds 1983 bestaat er een driejaarlijkse wintersportmanifestatie, de Labrador Winter Games. In 2001 veranderde de provincie Newfoundland haar naam naar "Newfoundland and Labrador", als erkenning van het gebied en haar inwoners als volwaardig deel van de provincie.

In de zomer van 2024 werd Labrador getroffen door verscheidene grote bosbranden. Deze hadden de gedwongen evacuatie van achtereenvolgens Churchill Falls (14 dagen) en Labrador City (10 dagen) tot gevolg, al bleven beide plaatsen uiteindelijk gespaard van enige schade. , CBC News, "Evacuation order lifted in Churchill Falls as forest fire anxieties ease", 3 juli 2024. Geraadpleegd op 5 juli 2024. , CTV News, 'A wonderful feeling': Wildfire evacuation order ends for 7,000 from Labrador City, 22 juli 2024. Geraadpleegd op 27 juli 2024.

Demografie De regio Labrador is bij de Canadese volkstelling onderverdeeld in twee censusdivisies. Divisie Nr. 11 komt overeen met Nunatsiavut en Divisie Nr. 10 komt overeen met de rest van Labrador.Vóór de volkstelling van 2006 maakte Labrador in zijn geheeld deel uit van Divisie Nr. 10. De volkstelling van 1951 stelde een inwoneraantal van 7.890 vast. In de decennia erna kende het gebied een explosieve groei met een absoluut hoogtepunt van ruim 33.000 inwoners in 1976. Daarna kende Labrador dertig jaar lang een trage demografische daling. Sinds 2006 is de Labradorse bevolkingsomvang vrij stabiel.

Bron: Statistics Canada (1951, 1956 Dominion Bureau of Statistics, Census of Canada 1956. Population. Counties and Subdivisions. Newfoundland, Prince Edward Island, Nova Scotia, New Brunswick, Bulletin 1-2, table 6., 1961, 1966 Dominion Bureau of Statistics, 1966 Census of Canada. Population. Counties and Subdivisions Atlantic Provinces, table 9., 1971–1986 Government of Newfoundland and Labrador, Historical Statistics of Newfoundland and Labrador, Vol. 2, Newfoundland en Labrador, 1988, tabel A-6., 1991–1996 Statistics Canada, 'Population of Communities by Census Consolidated Subdivision (CCS). Newfoundland and Labrador, 1991 and 1996 Census', 1998., 2001–2006 Statistics Canada, 'Population of Communities by Census Consolidated Subdivision (CCS). Newfoundland and Labrador, 2006 Census', 2009., 2011–2016 Statistics Canada, 'Census Profile, 2016 Census. Division No. 10, Census division, Newfoundland and Labrador (Province)'. Statistics Canada, 'Census Profile, 2016 Census. Division No. 11, Census division, Newfoundland and Labrador (Province)'.)

Taal Volgens de Canadese volkstelling van 2021 was de bevolking van Labrador – zijnde het geheel van censusdivisies Nr. 10 en Nr. 11 – als volgt verdeeld op het vlak van moedertaalsprekers:"Engels" verwijst in deze tabel naar mensen die als moedertaal "Engels" of "Engels én een niet-officiële taal" aangaven. "Frans" verwijst in deze tabel naar mensen die als moedertaal "Frans" of "Frans én een niet-officiële taal" aangaven. De (slechts tien) personen die "Engels én Frans" als moedertaal aanduidden, zijn voor de volledigheid bij beide voornoemde categorieën gerekend. Een "niet-officiële taal" verwijst naar een andere taal dan het Engels of Frans.

Moedertaal Percentage Engels 88,3% Innu 5,9% Frans 1,6% Tagalog 1,5% Inuktitut 0,8% Engels én Frans 0,3% Andere talen 1,6%