Veluvine is een Nederlands bedrijf dat voortkwam uit de in 1895 te Nunspeet opgerichte N.V. Maatschappij De Veluwe. De onderneming werd gesticht door François Adriaan Molijn en Diderica Cornelia de Groot en omvatte oorspronkelijk zowel een verffabriek als een boterfabriek. Veluvine ontwikkelde zich vanuit die oorsprong tot een producent van markerings- en verfproducten. Het bedrijf is tegenwoordig gevestigd in Breda en maakt deel uit van Aximum, binnen de Colas- en Bouygues-groep.
Geschiedenis Veluvine ontstond als onderdeel van de N.V. Maatschappij De Veluwe, die in 1895 in Nunspeet werd opgericht door François Adriaan Molijn en zijn echtgenote Diderica Cornelia de Groot. Molijn, afkomstig uit een Rotterdamse ondernemersfamilie in verf en vernis, wilde in Nunspeet niet alleen industriële bedrijvigheid vestigen, maar ook bijdragen aan de maatschappelijke ontwikkeling van het dorp.
De eerste raad van bestuur van De Veluwe bestond uit François Adriaan Molijn, die tevens als directeur optrad, Diderica Cornelia de Groot en verder mevrouw A.J. Immerzeel-Meinsma, A. Branderhorst, H. Geerlofs, J.M. Telders en de heer J.P.H. Carrière, opzichter te Nunspeet. In de eerste raad van commissarissen zaten onder anderen mr. Hendrik Goeman Borgesius, liberaal politicus en lid van de Tweede Kamer, Pieter Rudolf Mees uit de bankiersfamilie Mees, Pieter Johannes Albertus de Bruïne burgemeester van Zwijndrecht, Christiaan Marianus Henny een van de oprichters van Nationale-Nederlanden, mr. J.F. Neeb, notaris en advocaat te Harderwijk, en Dirk Willem Stork, industrieel en bestuurder van Gebr. Stork & Co.
De eerste raad van bestuur telde meerdere vrouwen. Dat was voor een industriële onderneming uit die tijd ongebruikelijk en onderstreept het bijzondere karakter van De Veluwe. Met name Diderica Cornelia de Groot vervulde een blijvende rol binnen de onderneming. Zij was actief feministe en trad na het overlijden van Molijn op 1 augustus 1912 enige tijd op als waarnemend directrice.
De onderneming kende vanaf het begin een sociaal-liberaal karakter. Behalve de productie van verfwaren en lakken richtte de maatschappij zich ook op werknemerswelzijn en volkshuisvesting. In de beginjaren was sprake van werknemersparticipatie en in 1897 werd een zieken- en ongevallenkas ingesteld. Volgens de statuten had de maatschappij mede tot doel gezonde woningen te bouwen en voorzieningen te scheppen die de ontwikkeling van lichaam en geest van de bevolking moesten bevorderen. Eten werd rondgebracht en kleding werd in een centrale wasserij gewassen.https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010126406:mpeg21:a0070 Er werd een weg aangelegd en in samenwerking met landschapsarchitect Leonard Springer werd in 1906 begonnen met de ontwikkeling van het landgoed dat Nunspeet op de kaart moest zetten als tuinstad.https://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMHCO01:000076875:mpeg21:a0033 In 1907 zorgde De Veluwe voor de aanleg van het elektriciteitsnet van Nunspeet.https://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMKB19:003511096:mpeg21:a00019
Tot de activiteiten van de onderneming behoorde in de begintijd naast de verffabriek ook een melkfabriek.https://www.nuwenspete.nl/het-ontstaan-van-de-melkfabriek-in-nunspeet/ Deze fabriek werd in 1900 afgesplitst en voortgezet als melk- en voedingsmiddelenfabriek waaruit de Nunspeetse vestiging van Nestlé is voortgekomen.
In 1965 verloor Veluvine zijn zelfstandigheid door overname. Na verdere bedrijfsintegraties werd de productie in 1974 van Nunspeet naar Breda verplaatst. Daarmee kwam een einde aan de industriële vestiging in Nunspeet.
Veluvine is tegenwoordig gevestigd in Breda en produceert markeringsmaterialen voor de wegenbouw, waaronder thermoplastische producten, wegenverven en andere systemen voor wegmarkering. Het bedrijf opereert binnen Aximum, dat deel uitmaakt van de Colas-groep.
Cultureel centrum In 1913 richtte Diderica Cornelia de Groot de stichting Molijn-de Groot op, met als doel de ontwikkeling van de Nunspeetse bevolking te bevorderen. In 1921 werd hiertoe het dorpshuis Molijn-De Groot opgericht. Op het voormalige fabrieksterrein verrees later een multifunctioneel cultureel centrum, dat de naam Veluvine kreeg. Molijn had statutair vastgelegd dat het fabriekscomplex bij opheffing door de gemeente Nunspeet zou kunnen worden overgenomen. Renovatieplannen waren te duur en in 1987 werd het complex gesloopt. Daardoor bleef de historische naam in Nunspeet behouden, hoewel dit centrum organisatorisch losstaat van het huidige industriële bedrijf.
Referenties
Categorie:Geschiedenis van Nunspeet