De gewone pelargoniumgordijnzwam (Cortinarius flexipes) (ook: witgordelsteel) is een schimmel die voorkomt in naaldbossen op een zure ondergrond en waar mossen de benodigde hoeveelheid vocht vasthouden.
Kenmerken Uiterlijke kenemerken Hoed De hoed heeft een diameter van 2 tot 5 cm. De vorm is gebogen of conisch en meestal duidelijk puntig tot stomp gewelfd. Jonge hoeden hebben vaak de vorm van een puntmuts. Onder de witte pluizige, vluchtige en afveegbare velumresten (vlokken) is de hoed donker leigrijs, grijsbruin, notenbruin tot donker roodbruin. Hoeden in droge toestand zijn bleker van kleur.
Lamellen De lamellen zijn grijs tot kaneelbruine, zijn vrij smal.
Steel De steel is 4–7 cm lang en 0,2–0,6 cm breed en heeft een witachtige textuur met veel velumschubben op een oker tot donkerbruine achtergrond. De basis van de steel is meestal donkerder.
Geur en smaak Het dunne, bleekbeigebruine vruchtvlees is tot 3 cm dik net onder de umbo. Het ruikt sterk naar geraniumbladeren of verwelkte rozen en smaakt mild tot bitter.
Sporenprint De sporenprint is tabaksbruin.
Microscopische kenmerken De sporen zijn breed elliptische en meten 6,5–9 × 4–6 μm.
Verspreiding thumb|left|Europese verspreidingsgebied Deze paddenstoelsoort komt voor in Europa en Noord-Amerika. In Europa komt de soort algemeen voor.
Foto's
Categorie:Gordijnzwammen Categorie:Schimmelsoort