De rode druppelastrild (Hypargos niveoguttatus) is een zangvogel uit de familie van de prachtvinken (Estrildidae). De vogel wordt ook gehouden als kooivogel.
Kenmerken De rode druppelastrild heeft een bruingrijs schedeltje, de rug en vleugels zijn roodbruin. Zijkanten van de kop, de hals, de borst en ook de dekveren van de staart zijn karmijnrood. De buik is zwart met aan de flanken grote witte stippen gelijk flinke druppels. Het vrouwtje heeft minder rood aan kopje en borst en alleen het mannetje zingt. De totale lengte van kop tot puntje van de staart is 12 –13 centimeter.
Verspreiding en leefgebied De soort komt voor in oostelijk Afrika en telt twee ondersoorten:Gill F, D Donsker & P Rasmussen (Eds). 2025. IOC World Bird List (v15.1). H. n. macrospilotus: van zuidelijk Somalië en zuidoostelijk Kenia tot noordoostelijk Angola, zuidoostelijk Congo-Kinshasa, noordelijk Zimbabwe en centraal Mozambique. H. n. niveoguttatus: oostelijk Zimbabwe en zuidelijk Mozambique.
Status De grootte van de populatie is niet gekwantificeerd maar de soort wordt omschreven als algemeen of plaatselijk algemeen. Op de Rode lijst van de IUCN heeft deze soort de status niet bedreigd.
Kooivogel Sociaal Rode druppelastrilden zijn moeilijk te houden, zeker bij vogels die even groot zijn en ook de rode signaalkleuren hebben zoals de roodmaskerastrild, de melba-astrild en de vuurvink. Tijdens de broedperiode kunnen er zelfs doden vallen als ze samen in een volière gehouden worden. Ook de eigen soortgenoten en een koppeltje rode druppelastrilden onderling kunnen flink met elkaar vechten.
Verzorging Deze vogel houdt van warmte en moet zorgvuldig geacclimatiseerd worden. Hij moet gevoederd worden met zaad voor tropische vogels, gekiemde en ongekiemde gierst, miereneieren en allerlei levend voer zoals spinnetjes, bladluis en fruitvliegjes. Water, scherp maagkiezel en grit moeten vanzelfsprekend altijd voorhanden zijn.
Categorie:Prachtvinken Categorie:Dier uit het Afrotropisch gebied Categorie:IUCN-status niet bedreigd