Dazaifu (大宰府) is de Japanse naam voor een speciale militaire zone die van de 8e tot de 12e eeuw in Kyushu bestond. Het kwam tot stand in de Nara-periode (710-784) en was gelegen op het eiland Kyushu nabij de Baai van Hakata. Naast zijn functie van militair hoofdkwartier groeide het later uit tot een administratief bureau. thumb|Dazaifu-hoofdkwartier
Nara-periode Ontstaan Voor de Nara-periode werd het Koreaans schiereiland drie maal binnengevallen door de Chinese Tang-dynastie. Deze drie vonden plaats rond het jaar 660, 663 en 668. De zogenaamde Tanginvasies waren een directe stimulans voor de ontwikkeling van Dazaifu. Japan was getuige van deze invasies dankzij haar aanwezigheid in Korea. De Japanse leiders vreesden na die drie aanvallen voor een invasie in Japan zelf. Dat was dan ook hun voornaamste reden om de verdediging van het land te versterken. Een voorbeeld van deze maatregels was het bouwen van forten. De locaties die hiervoor gekozen werden, waren gesitueerd in Tsushima en Iki. Dit waren twee eilanden gelegen tussen het zuiden van Korea en Kyushu. Bovendien werden er ook watertorens aangelegd in Kyushu zelf.
In 667 begon de Tang-dynastie meer militaire acties te ondernemen. Dit vergrootte de angst onder de Japanse bevolking. De verdediging van Japan kreeg een hogere prioriteit. Een functie hier van werd er onder andere een nieuwe muur in Tsushima gebouwd. Daarnaast werden rondom de binnenzee verschillende forten gebouwd. De Japanners vreesden namelijk dat de Tang-dynastie erin zou slagen een landing te maken in Kyushu en van daar de hoofdstad zouden bereiken via de binnenzee. Aangezien de Japanse leiders dachten dat de vijanden door het fort in Nagato zouden dringen, richtten ze ook forten op in Yashima en Takayasu. Hoe dan ook, bij geen van deze nieuwe verdedigingsmaatregelen werd er gebruikgemaakt van nieuwe technieken die uit Korea kwamen. Dazaifu groeide ondertussen uit tot een militair hoofdkwartier. Dazaifu had vroeger, reeds in de Nara-periode, een specifieke functie toegekend gekregen. Japan probeerde namelijk via dit gebied China en Korea in de gaten te houden en daarbij ook hun intenties.
Evolutie in tijd Na de Chinese invallen in Dazaifu werd de verdediging drastisch verhoogd in omliggende streken. In een poging Japan te beschermen tegen dergelijke invallen werden er enkele drastische defensiemaatregelen genomen. Allereerst werden er forten aangelegd in Iki en Tsushima om zo eventuele bewegingen van vijandelijke gebieden te identificeren. Indien dit dan het geval was zouden er rooksignalen worden gegeven. Hoe dan ook, indien de vijanden de kust zouden bereiken was er een mogelijkheid dat ze via een vlakte Japan verder konden intrekken. Om dit te voorkomen werden er ook extra defensiemaatregelen genomen in de vlaktes. Hiervoor werden ingenieurs van het Koreaanse Paekche voor aangesteld.
Er vonden ook enkele belangrijke gebeurtenissen plaats in de Nara-periode waar ook de Dazaifu grenswacht mee betrokken was. Een van de meest opvallende fenomenen was de vijandigheid tussen aristocratische clans en de keizerlijke macht die reeds in de Nara-periode begon. De voornaamste aristocratische clan was de Fujiwara-clan. Fujiwara no Hirotsugu werd naar Dazaifu gezonden, waar hij een lagere post bekleedde. Hirotsugu was hier dan ook allesbehalve tevreden mee en kwam in opstand tegen het hof. Hij deed dit door zijn macht in Dazaifu te gebruiken als uitvalbasis voor deze opstand. Pas enkele jaren later slaagde keizer Shōmu erin de opstand neer te slaan waarna Hirotsugu werd veroordeeld.
De contacten met China werden in deze periode ook versterkt. Vanuit Dazaifu werden er reizen georganiseerd richting China. In 732 werd er bovendien een missie naar Silla, in Korea, georganiseerd. Hiermee wouden de Japanners proberen de betrekkingen met Korea zelf te versterken. In ruil voor hun tocht kregen zij laten dan een bezoekdelegatie terug. Hoe dan ook, de Japanners beperkten zich niet tot reizen naar Korea, maar stuurden ook schepen in de richting van China. Zo vertrokken rond deze tijd zo’n 4 schepen richting dit gebied. In deze periode zag de scheepsbouw dus een grote groei.
Later overviel het leger van Sumitomo Dazaifu. Enkele mensen waren in staat naar de bergen te vluchten, maar de meesten zaten vast in hun gebied. Tegen de avond aan werd de stad dan in brand gezet. Hier is een eerdere vermelding naar geweest, namelijk met de zwarte grond. Dankzij deze gebeurtenis onderging Dazaifu opnieuw een verandering. Zo verloren ze hun controle over Kyushu. De gouverneur generaal kreeg de taak om de belastingenHet belastingsysteem van Japan was gemodelleerd op dat van China. Dat wil zeggen dat ze enkele van de Chinese maatregelen gingen overnemen en die hen eigen gingen maken. in rijst te ontvangen. Even later bij de Genpei-oorlog tussen de Taira- en de Minamotoclan heeft de Tairaclan gedurende een lange tijd geprobeerd om een grip te krijgen op Dazaifu.
Evolutie in functie In deze periode kwam keizer Shōmu ook aan de macht. Hij liet verschillende tempels aanbouwen in Dazaifu, waar Hirotsugu overigens ook aan de macht kwam. Dit veroorzaakte een talrijk aantal opstanden en rebellieën in het gebied. In 745 kwamen er omwille van de opstanden herzieningen in Dazaifu en werd het gebied heropgebouwd. De gouverneur of chikuzen had namelijk eerst alle macht over Kyushu, maar dit bleek niet bepaald te werken. In 756 werd er een nieuw fort aangelegd in de omstreken van Dazaifu. De Japanners vreesden immers voor een inval van Korea en hoopten op deze manier het gebied enigszins een sterkere verdediging te bieden.
Een van de instellingen die in de Nara-periode werden opgericht om China en Korea in de gaten te houden was de Korokan. Dit was een soort van gasthuis voor buitenlandse ambassadeurs. Dazaifu had voornamelijk een militair en administratief belang in de Nara-, Heian-, Kamakura- en Muromachi-periode. In de Heian-periode was Dazaifu een plek waar hooggeplaatste hovelingen naartoe werden verbannen. Een beroemd voorbeeld hiervan was Sugawara no Michizane. Soms werd het gebied aangevallen door rebellen. Andere keren echter organiseerde de leider van Dazaifu zelf een rebellie.
In de loop van de Nara-periode kreeg Dazaifu een extra functie. Omdat Dazaifu vlak bij de haven van Na, in Kyushu, gelegen was, kreeg het de taak om over de 9 provincies van Kyushu en de eilanden Iki en Tsushima toezicht te houden. Dit werd benadrukt door de aanstelling van een gouverneur. Ook werden er districtraadgevers of -controleurs gerekruteerd. Zij hadden de functie de verschillende districten van Kyushu te controleren. Elk district was opgedeeld in 2 tot 20 dorpen, de zogenaamde ‘sato’. Die dorpen bestonden dan op hun beurt weer uit ongeveer 50 families. Om de 6 jaar werd er een nieuwe gouverneur aangesteld. De controleurs van de districten hadden echter geen precieze regeringstijd.
Sleutelfiguren thumb|Portret van Sugawara Michizane, 15e eeuw Hovelingen werden soms naar Dazaifu gestuurd om tijdelijk over dit gebied te regeren. Bovendien was het ook een middel om deze figuren van de hoofdstad weg te houden. Deze personen zouden verder Dazaifu uitbouwen en een grote invloed nalaten. Wanneer een individu, dat oorspronkelijk in de hoofdstad woonde, in Dazaifu om het leven kwam werden zijn assen naar de hoofdstad getransporteerd.Hoe dan ook, dit was een uitzondering bij Sugawara no Michizane. Hij liet namelijk een schrijn aanleggen in de omstreken van Dazaifu, de Anrakuji, en gebood later zijn assen daarnaartoe te brengen. Michizane werd daarvoor verbannen uit de hoofdstad door Fujiwara no Tokihira, de minister van links van Keizer Uda.
De Otomo-clan (specifieker: Tabito Otomo) verbleef bijvoorbeeld een tijd in Dazaifu. Dat was namelijk de plek waar de Fujiwara-clan hen naartoe had gestuurd. Een vriend van Tabito Otomo was Yamanoue Okura, op dat moment de leider van Dazaifu. Deze twee vrienden bouwden Dazaifu gezamenlijk uit tot een gebied van poëzie en kunst. In het jaar 723 trok Manzei, ook wel Kasa Maro genoemd, in dit afgelegen gebied. Hij begon onmiddellijk aan de aanleg van de boeddhistische tempel genaamd Kanzeonji. Deze tempel was opgedragen aan Kannon, de boeddhistische God van genade en medeleven. Echter, achter de aanleg van deze tempel zat ook weer een reden. De leider die actief was in het jaar 660 wou namelijk een tempel voor zijn moeder tot stand brengen. Hoe dan ook, de bouw van de tempel ging uiterst traag. Dat was dan ook de voornaamste reden waarom er maatregelen werden genomen. Echter, op dat moment onderging Dazaifu een periode waarbij enkele grote problemen aan het licht kwamen. Enkelen daarvan waren honger, droogte, mislukte oogsten enzovoort.Rond 773 brak er ook een epidemie uit in Japan, en dan voornamelijk in Dazaifu. Deze ziekte kreeg later de naam pokken. Gezien deze epidemie zeer dodelijk was voor volwassenen bracht dit vooral problemen mee in verband met de oogst. Op dat moment werd Manzei verplicht om maatregelen te nemen in verband met deze bedreigingen.
Ook Saicho, een bekende Japanse monnik van de Kamakura- en Muromachiperiode, verbleef gedurende een korte periode in Dazaifu. Dazaifu stond namelijk in voor contact met het buitenland en dan met name Korea en China.
Japanse middeleeuwen Vroege periode In de Kamakura- en Muromachiperiode, beter bekend als de Japanse Middeleeuwen, kreeg het gebied steeds vaker te maken met problemen. De afstand van de hoofdstad en het grote potentieel van vijandelijkheid ten opzichte van de centrale regering waren daar oorzaken van. Ook de nabijheid van Silla veroorzaakte enigszins moeilijkheden. Omwille van deze moeilijkheden besloten de heersers van Japan op dat moment Dazaifu op te richten als het militaire hoofdkwartier in Kyushu. Met andere woorden: Dazaifu werd een gemilitariseerd bureau. De sotsu, ook wel de generaal van de regering, leidde het nieuwe hoofdkwartier dat vanaf nu zeer complexe structuren had. Bovendien had het nieuwe gemilitariseerde bureau vanaf dat moment de verantwoordelijkheid om de politieke leiding over Kyushu en de eilanden te nemen.
Bij de invasies van de Mongolen in de Kamakura- en de Muromachi-periode begon de politieke rol van Dazaifu helaas af te nemen en verhuisde het politieke centrum van Kyushu naar Hakata. Tijdens de Kamakura- en Muromachiperiodes was Dazaifu de thuisbasis van de Shoni clan. Zij werden later uitgedreven door de Ouchi clan.
Late periode In de periode tussen Tabito en Michizane onderging Dazaifu enkele drastische veranderingen. Zo evolueerde de focus van Dazaifu van diplomatie naar handel. Opslaghuizen werden in grote mate aangelegd in het gebied en werden handelaars aangetrokken. Dit proces startte in 824, toen Chang Pogo naar Dazaifu trok voor rust. Echter, hij werd verdacht van piraterij.
De belastingen van goederen en rijst werden geïnd door de gouverneurs van Dazaifu, die overigens de producten die genoodzaakt waren om hun provincies te regeren. Zo werd een groot deel van de geïnde rijstbelastingen opgeslagen in de opslagplaatsen in Dazaifu zelf. Echter, goederen zoals zijde (die mocht alleen gebruikt worden aan het hof) en gedroogde planten moesten verplicht naar de hoofdstad worden gezonden.
In de 170 jaar tussen Tabito en Michizane in onderging Dazaifu grote veranderingen. Tegen de tijd dat Michizane naar Dazaifu werd verbannen, hield het gebied zich niet langer bezig met de diplomatiek, maar richtte zich nu op de ruilhandel. Op deze manier kende het gebied in een heel korte tijd een enorme welvaart.
Deze vooruitgang startte in 824 toen de Koreaan Chang Pogo zijn intrede deed. Chang Pogo hield de piraterij van Korea op een afstand en bevorderde bovendien de handel tussen Japan en Korea. Hoe dan ook, na zijn dood vond er een aftakeling plaats. De Koreaanse piraterij sloeg met volle kracht toe. Bovendien begon de piraterij ook het belastingsysteem van Dazaifu te dwarsbomen.