De Tapijnkazerne is een voormalige militaire kazerne in de Nederlandse stad Maastricht. Het ongeveer 6,3 hectare grote terrein aan de rand van de Maastrichtse binnenstad was als zodanig in gebruik van 1919 tot 2010. Het terrein is vanaf 2013 geleidelijk in gebruik genomen als universiteitscampus door de Universiteit Maastricht.
Ligging De Tapijnkazerne ligt op een laaggelegen terrein aan de zuidzijde van het Maastrichtse stadscentrum in de buurten Jekerkwartier en Jekerdal. De westelijke begrenzing wordt gevormd door de rivier de Jeker en het Aldenhofpark; de oostelijke begrenzing door de Sint Hubertuslaan. Het terrein wordt in tweeën gedeeld door de drukke Prins Bisschopsingel. Op het noordelijk deel, grenzend aan het Stadspark Maastricht, staan de voormalige kazernegebouwen. Op het zuidelijk deel, grenzend aan het Jekerpark, ligt het voormalig sport- en exercitieterrein.
Geschiedenis Maastricht garnizoensstad Maastricht kreeg in 1567 een permanent garnizoen, nadat een jaar eerder de beeldenstorm en daarmee gepaard gaande gewelddadigheden tussen katholieken en protestanten voor veel onrust hadden gezorgd. Ook na de opheffing van de vestingstatus in 1867, bleef de stad tot 1940 garnizoensstad, alhoewel het aantal militairen al vanaf 1840 geleidelijk werd teruggebracht.Notermans (2004), pp. 11-12.
Het stadsbestuur was verantwoordelijk voor de huisvesting van het garnizoen. Aanvankelijk werden de soldaten ingekwartierd bij de burgers van de stad. Later verrezen er houten barakken, onder andere bij de Lindenkruispoort, de Tongersepoort, de Duitse Poort (Hoge en Lage Barakken), en nabij de kat Brandenburg (Jekerkazerne). Na het 'Verraad van Maastricht' (1639) en de verbanning van de franciscanen uit de stad, kreeg het geconfisqueerde Oude Minderbroedersklooster een militaire functie als arsenaal en kazerne. Na de Franse inname van Maastricht (1794) en de opheffing van de kloosters kort daarna, kregen diverse kloostercomplexen een militaire functie. Een van de grootste kazernes was van 1796 tot 1917 gevestigd in het voormalige Bonnefantenklooster.
Bouw en uitbreiding Tapijnkazerne De Tapijnkazerne is gebouwd in het gebied De Kommen (Maastrichts: De Koompe), tot 1867 onderdeel van het inundatiegebied in de Lage Fronten, de laaggelegen buitenwerken van de vestingstad Maastricht langs de rivier de Jeker, die bij belegeringen onder water gezet konden worden. In 1864 werd dit gebied als oefenterrein ter beschikking gesteld aan de cavalerie, die gelegerd was in de nabije Bonnefantenkazerne (in het voormalige Bonnefantenklooster). De beslissing om de nieuwe kazerne te bouwen in De Kommen, een "uniek natuurgebied", stuitte aanvankelijk op veel weerstand.Notermans (2004), pp. 15-17.
Na slechting van de vestingwerken werd hier vanaf 1916 door het Ministerie van Oorlog een kazerne met dienstwoningen voor de commandant, de hoofdofficieren en de fortificatieopzichter gebouwd. Voor de bouw van de kazerne moest een Jekerarm worden gedempt. De vroegere loop van de rivier was lange tijd terug te vinden in de vorm van een weg tussen de ziekenboeg in het noorden en de rest van het kazerneterrein. Architect was kapitein C.E. Blaauw, mogelijk Cornelis Blaauw. De als losstaande paviljoens gerangschikte gebouwen tonen een duidelijke gelijkenis met de Utrechtse Kromhoutkazerne, die in dezelfde periode tot stand kwam. Vooral de beide poortgebouwen met klokkentorens lijken sterk op elkaar.Notermans (2004), p. 14.
In 1927 werd op het voorterrein van de kazerne het uit 1841 daterende monument van generaal Dibbets onthuld, dat vanwege de industriële expansie aan de noordzijde van Maastricht niet langer op zijn oorspronkelijke standplaats kon blijven. Twee jaar eerder was ook generaal Destombe korte tijd te gast op de kazerne, voordat hij definitief op het Waldeckbastion zou worden herbegraven. Tot 1934 werd de kazerne aangeduid als Nieuwe Kazerne, Kazerne in de Kommen, Infanteriekazerne of Kazerne van het 13e Regiment. In dat jaar werd de kazerne vernoemd naar de Lotharingse legeringenieur Sebastiaan Tapijn, die de verdediging van Maastricht leidde tijdens het Beleg van Maastricht (1579).Notermans (2004), pp. 24-26.
In de aanloop naar de Tweede Wereldoorlog werden op het terrein vijftien schuilkelders aangelegd en een extra munitiemagazijn gebouwd.Notermans (2004), p. 35. In 1951 bleek de kazerne te klein voor de nieuwe taken die het in de periode van de Koude Oorlog moest vervullen. De uitbreidingen kwamen vooral aan de noordzijde van het terrein tot stand, onder andere een les- en logiesgebouw (1953), een nieuwe manschappenkantine (1955), een garage en een onderdelenwerkplaats. Voor eerstgenoemd gebouw moest een deel van het hertenkamp worden opgeofferd, dat sinds 1920 op een deel van het kazerneterrein was ingericht. Het gebouw werd in 1954 uitgebreid met een nieuwe officiersmess. In 1959 werd het oude badhuis vervangen door nieuwbouw.Notermans (2004), pp. 40-43.
Gebruik Tapijnkazerne De eerste gebruiker van de kazerne was het 13e Regiment Infanterie, dat vanaf 1913 met staf en anderhalf bataljon (zes compagnies) in de Sint-Pieters- en Bonnefantenkazerne gelegerd was. In 1919 verhuisde men naar de nieuwe kazerne. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd het 13e regiment ingezet ingezet om de Belgische grens in westelijk Noord-Brabant te bewaken. In de jaren 1920 werd er sterk bezuinigd op defensie, zodat alleen het opleidingscentrum in Maastricht achterbleef. Vanaf 1930 waren er weer drie compagnies gelegerd. In 1938, tijdens de Sudetencrisis, werd de bezetting van de kazerne versterkt, maar aan het einde van dat jaar werd het aantal militairen alweer teruggebracht. In 1939 werd het 125-jarig bestaan gevierd van de Koninklijke Landmacht (en de voorlopers van het 13e Regiment Infanterie) met parades en een taptoe.Notermans (2004), pp. 27-32.
Tijdens de Duitse aanval op Nederland in 1940 hadden de in de Tapijnkazerne gelegerde troepen de opdracht de Duitse opmars zoveel mogelijk te vertragen, onder andere door het opblazen van de bruggen over de Maas en het Julianakanaal. Hierbij kwamen 47 Nederlandse militairen om het leven. Van mei 1940 tot september 1944 was de kazerne legerplaats voor de Duitse bezetters. Na de bevrijding van Maastricht was de kazerne enkele maanden commandocentrum van het Amerikaanse 9e Leger.Conquer. The Story of the Ninth Army, 1944-1945, Infantry Journal Press, Washington D.C., p. 68.
Na de oorlog was de kazerne in gebruik achtereenvolgens als opleidingscentrum voor troepen voor Indonesië (1945-50), kazerne Regiment Mortieren Menno van Coehoorn (1950-53) en kazerne Regiment Infanterie Menno van Coehoorn en Regiment Infanterie Chassé (1953-67). In 1956 waren er ongeveer 700 soldaten gelegerd.Notermans (2004), pp. 35-51. Van 1967 tot 2007 was de Tapijnkazerne in gebruik door verbindingseenheden van AFCENT, dat zijn hoofdkwartier heeft te Brunssum.Ubachs/Evers (2005), p. 524: 'Tapijnkazerne'. In oktober 2010 verlieten de laatste NAVO-militairen de Tapijnkazerne.
Universiteitscampus thumb|Voormalige officiersmess, tijdelijk gebouw Kennistechnologie UM thumb|Het terrein vanaf de Nieuwenhofwal thumb|Sportterrein De Kommen Op 1 oktober 2013 werd het terrein van de Tapijnkazerne door de Nederlandse staat overgedragen aan de gemeente Maastricht, die vervolgens een deel van de gebouwen overdroeg aan de provincie Limburg, die zich op haar beurt verplichtte deze aan te bieden aan de Universiteit Maastricht (UM). Enkele maanden eerder was de voormalige kazerne via de Crisis- en herstelwet aangewezen als flexibel project, waardoor de gemeente Maastricht meer tijd kreeg om tijdelijke gebruikers te zoeken voor de gebouwen, totdat de universiteit in staat zou zijn de gebouwen te kopen, waarvoor een termijn van tien tot vijftien jaar was gepland.'Tapijnkazerne Maastricht in Crisis- en Herstelwet' op l1.nl, 10 juli 2013. Een aantal gebouwen werd antikraak bewoond. Andere gebouwen werden/worden tijdelijk gebruikt door niet-universitaire organisaties. Zo is gebouw W (de vroegere garageloods) in gebruik als toonzaal en werkplaats voor vak- en ambachtslieden van de stichting Het Werkgebouw. Loods M wordt gebruikt door het amateurkunstcollectief Tout Maastricht. In gebouw T, de vroegere manschappenkantine, is de tijdelijke Brasserie Tapijn gevestigd.
De bedoeling van meet af aan was om de negen monumentale gebouwen te behouden en deze geleidelijk door de universiteit, naar behoefte, te laten invullen met onderwijs- en onderzoeksfuncties. Aanvankelijk werd ook de mogelijkheid opengelaten voor woonfuncties. De niet-monumentale gebouwen mochten door de universiteit worden gesloopt en herbouwd. In 2015 waren diverse gebouwen op het kazerneterrein in gebruik door de UM. In gebouw Z (de voormalige officiersmess) is de opleiding Kennistechnologie ondergebracht, in gebouw X worden studenten op weg geholpen om startende ondernemers te worden en in loods V zijn flexibele werkplekken ingericht ('Tapijn Learning Spaces')., 'Snellere ontwikkeling van Tapijn', in: Dagblad De Limburger, 20 maart 2015, p. B1. De eerste fase van de uitbreiding is in maart 2020 in gebruik genomen door onder andere de School of Business and Economics. Vanaf september 2023 is ook de voorheen in Randwyck gevestigde Maastricht School of Management op het terrein gevestigd.'Integratie Maastricht School of Management in Universiteit Maastricht. Krachtenbundeling economisch en managementonderwijs', op maastrichtuniversity.nl, 23 mei 2022, geraadpleegd op 13 juli 2022. Gearchiveerd op 13 juli 2022.
Fase 1 bestond uit de verbouwing van het U-vormige complex rondom de voormalige appèlplaats aan de Prins Bisschopsingel, gecombineerd met een ondergrondse uitbreiding met onder andere twee collegezalen en studieruimtes, die namen kregen van het NAVO-spellingsalfabet (alpha, bravo, charlie, enz.)., '1e fase Tapijn Maastricht in gebruik genomen. Van verlaten kazerneterrein naar levendig stadspark', in: Schooldomein, mei 2020, pp. 30-32. Doordat het gebouw energieneutraal is en door het hergebruik van sloopmaterialen en afvalglas kreeg het project het BREEAM Excellent-certificaat.'Verbinden van oud en nieuw. Tapijn Maastricht' op liag.nl. Op 31 augustus 2020 werd hier het kunstwerk Screening diversity van fotografe Robin de Puy onthuld, bestaande uit een portrettengalerij op een dertig meter lang zonnescherm voor de glazen pui aan de appèlplaats.'Tapijn krijgt kunstwerk en certificaat voor duurzaamheid' in: Observant, 3 september 2020.
Gelijktijdig met fase Tapijn 1 vond fase Tapijn 2 plaats, de parkachtige herinrichting van het terrein tussen de te handhaven bebouwing. Daarbij werd een kunstwerk van Martijn Sandberg aangebracht in een van de hoofdpaden, waarbij de herhaalde tekst Make love not war in de klinkerbestrating werd opgenomen, refererend naar de militaire geschiedenis van het gebied., 'In uitvoering: kunst voor de Tapijn van Martijn Sandberg' op kec-um.nl, 18 februari 2020. In fase 3 zal volgens planning in 2023 een multifunctioneel gebouw verrijzen, deels ondergronds, ongeveer op de plek van loods V, waarbij ook het oude kantinegebouw en het wachtgebouw zullen worden betrokken.'Herontwikkeling Tapijnkazerne' op maastrichtuniversity.nl.
Uitbreiding Stadspark Het noordelijk deel van het terrein van circa 4,4 hectare is door de gemeente Maastricht, blijvend eigenaar van de grond, openbaar toegankelijk gemaakt, en wordt geleidelijk toegevoegd aan het Stadspark. Een deel van de bebouwing, met name de niet-monumentale werkplaatsen en garages, is gesloopt, evenals de stenige wegen en parkeerterreinen tussen de gebouwen. Na voltooiing is de parkengordel aan de zuidzijde van de stad vanaf de Maasoever tot aan het nieuwe Jekerpark gecompleteerd., 'Het cadeautje van de kazerne', in: Dagblad De Limburger, 13 sept. 2014, p. B7.
thumb|200px|left|Tapijntuin voor stadslandbouw