De Mr. H.G. van der Vies-prijs was een Nederlandse toneelprijs die bestond tussen 1939 en 2008.
Deze prijs werd in 1939 ingesteld door de Vereniging van Letterkundigen. De vereniging had in 1936 een legaat ter waarde van 15.000 gulden ontvangen van mr. H.G. van der Vies, een Amsterdamse toneelrecensent. Voorwaarde aan het legaat was dat de rente als twee-jaarlijkse prijs uitgereikt moest worden aan de auteur van het beste Nederlandse toneelwerk dat in de achterliggende periode van twee jaar was vertoond of gepubliceerd. De prijs werd aanvankelijk eenmaal per twee, en vanaf 1973 eenmaal per drie jaar toegekend. Wanneer er in een periode geen toneelwerk in aanmerking kwam voor de prijs, werd het legaat met de rente verhoogd.
De laatste uitreiking van de prijs vond plaats in 2008. In dat jaar had de vereniging nog 14.000 euro over uit het oorspronkelijke legaat. Men besloot hierop om dat jaar aan twee mensen 5.000 euro uit te reiken, en de rest van het legaat op te maken aan de uitreiking van de prijs en een essay.
Aan Ary den Hertog werd de prijs tweemaal toegekend; in 1939 voor Des duivelsprentenboek, en in 1954 nogmaals, nu voor Heksenproces.
Prijswinnaars 2008 - Magne van den Berg, voor De lange nasleep van een korte mededeling, en Jorieke Abbing, voor Beste sneeuw (jeugdtheater) 2005 - Lot Vekemans, voor Truckstop en Zus van 2002 - Abdelkader Benali, voor Yasser 1999 - Peer Wittenbols, voor Noordeloos 1996 - Carolina Mout en Bodil de la Parra, voor Orgeade Overzee 1994 - Pauline Mol, voor Het laatste kind 1991 - Marian Boyer en Pamela Koevoets, voor Gebied 1988 - Gerben Hellinga, voor Geluk 1985 - Edwin de Vries en Annechien Vink, voor Moorddroom 1982 - Ger Thijs, voor De kwekeling 1976 - Jules Dister, voor Het record en De motor, en Ger Beukenkamp, voor Weiland 1973 - Guus Baas, voor Kop, poten en de liefde 1971 - Dick Walda, voor Duivengeld 1969 - Hans Keuls, voor Confrontatie op het Forum Romanum 1967 - Lizzy Sara May, voor De jaargetijden, en Yvonne Keuls, voor Onbegonnen werk 1965 - Marie-Sophie Nathusius, voor Gedenk Leo Vroom 1963 - Manuel van Loggem, voor Jeugdproces, en eervolle vermelding voor Hendrik Sparreboom, voor De stenen Salomo 1960 - Gerard Kornelis van het Reve, voor Moorlandhuis 1958 - Jan Staal, voor De laatste verlofganger 1956 - Ed Hoornik, voor Het water 1954 - Ary den Hertog, voor Heksenproces 1952 - Top Naeff, voor Zie de maan schijnt door de bomen 1948 - Jan van Lumeypseudoniem van Jan Josef Fock, voor Rococo, en Luisa Trevespseudoniem van Margreet Roselaar, voor De ring en de kelim 1944 - Ank van der Moer, voor Waar is mijn dochter 1941 - Johan Broedelet, voor Waarom lacht u 1939 - Jan de Hartog, voor De ondergang van de vrijheid, en Ary den Hertog, voor Des duivels prentenboek
Categorie:Nederlandse theaterprijs