thumb|Een Focke-Wulf Fw 190D wordt geraakt tijdens een luchtgevecht. (Oktober 1944) Een luchtgevecht (ook wel dogfight genoemd) is een rechtstreeks gevecht in de lucht tussen vijandige militaire vliegtuigen. Dat kan beperkt zijn tot twee vliegtuigen (één tegen één), maar er kunnen ook meer vliegtuigen meedoen.
De eerste luchtgevechten vonden plaats in de Eerste Wereldoorlog (1914-1918). Gevechten vonden aan het begin van de oorlog plaats met gewone pistolen, die vanuit de open cockpit werden afgevuurd op vijandige vliegtuigen. Pas later in de Eerste Wereldoorlog werden er machinegeweren op vliegtuigen gemonteerd. Deze bevonden zich vaak achter de propeller, waardoor deze regelmatig kapot werd geschoten. Om dit te voorkomen bedacht Anthony Fokker het synchronisatiemechanisme. Dit systeem zorgt ervoor dat het machinegeweer automatisch stopt met vuren op het moment dat de propeller voor de loop langs draait, wat voorkomt dat de piloot zijn eigen toestel beschadigd. Ook in de Tweede Wereldoorlog bleef men luchtgevechten voeren. Een bekend voorbeeld is de Slag om Engeland (1940). Hierbij vochten diverse vliegtuigen van de Luftwaffe tegen de Royal Air Force, met als doel om Duits luchtoverwicht te krijgen boven Het Kanaal. Pas na de Tweede Wereldoorlog, in de jaren '50 kwamen er lucht-luchtraketten, zoals de AIM-9 Sidewinder: een hittezoekende raket. Ook radarzoekende raketten, zoals de Kaliningrad K-5 maakten in deze tijd hun debuut. Hoewel door de ontwikkeling van radarsystemen, grond-luchtraketten en lucht-luchtraketten vliegtuigen van steeds grotere afstand kunnen worden neergeschoten, zijn jachtvliegtuigen van de vijfde generatie zoals de F-35 Lightning II (2006) nog altijd uitgerust met boordgeschut dat het mogelijk maakt om vliegtuigen van nabij te beschieten.
Categorie:Luchtmacht Categorie:Militaire operatie