miniatuur|Geologische schetskaart van SurinameWong et al.. blz 41 miniatuur|Indeling van de Kustvlakte volgens Jan Zonneveld thumb|Rosebel-goudmijn in de Marowijne Groensteengordel miniatuur|Wonotobograniet ontsloten bij de Wonotobovallen in de Corantijn (Brown, 1871) miniatuur|Ritsen en zwampen in de kustvlakte in Noordoost Suriname miniatuur|Bauxietwinning in Suriname miniatuur|Aardolievelden in Suriname en Guyana De geologie van Suriname is in vier gebieden op te delen: het vasteland wordt voor negentig procent gevormd door het Guyanaschild. De kustvlakten nemen de overige tien procent voor hun rekening. Voor de kust liggen het Demeraraplateau en het Guyana-Suriname oceanisch bekken.

Vroege geologische onderzoeken Het eerste bekende geologisch onderzoek in Suriname dateert uit 1720 toen Salomon Herman Sanders in opdracht van gouverneur Jan Coutier de bovenloop van de Corantijn onderzocht naar goudvoorkomens.Grensgeschillen in de Guianas, Geografie, Salomon Kroonenberg, januari 2016. Gearchiveerd op 19 februari 2023. Friedrich Voltz deed in 1853 voor het eerst systematisch geologisch onderzoek. Dit onderzoek werd langs de benedenloop van de grote rivieren verricht, Voltz deed zijn verslag in brieven aan de Nederlandse geoloog Winand Staring. In 1888 werd van de hand van Karl Martin de eerste overzichtskaart van Suriname met geologische gegevens gepubliceerd, waarin ook voor het eerst de bevindingen uit de brieven van Voltz werden samengevat.K. Martin, 1888, Eerste proeve van eene geognostische overzichtkaart van Suriname. Schaal 1:1.600.000, E.J. Brill, LeidenK. Martin, 1888, Aanteekeningen bij eene geognostische overzichtskaart van Suriname, Tijdsch. v. h. Nederl. Aardrijkskdg. Genootschap, Verslagen en Aardrijkskdg. Mededeelingen, blz. 444. delpher onlineK.Martin, 1927 De waardeering van Voltz als pionier voor Suriname Nieuwe West-Indische Gids 8 1 p 534-538 online. Gearchiveerd op 17 maart 2020. De belangstelling was tot omstreeks 1900 vooral gericht op goud. Tot in de 20ste eeuw had de belangstelling voor de geologie van het land meestal een min of meer lokaal en incidenteel karakter. In 1931 bundelde Robert IJzerman alle geologisch onderzoek uit de periode 1853 - 1930 in zijn proefschrift, het geeft een vrij volledig beeld van de geologie van Suriname en is voorzien van een geologische overzichtskaart.IJzerman, R., 1931, Outline of the geology and petrology of Surinam (Dutch Guyana), Academisch proefschrift Utrecht, 519 blz.Bruijning en Voorhoeve, blz. 227.

Geologische indeling Het vasteland van Suriname bestaat geologisch gezien uit twee hoofddelen: Het Guyanaschild De kustvlakte 82% van het vasteland (134 000 km2) 18% van het vasteland (29 250 km2) het hogere gedeelte van het land (hoger dan 70 m) het lagere gedeelte van het land (0 m-70 m) stollings- en metamorfe gesteenten sedimentgesteenten ouder dan 600 miljoen jaar jonger dan 60 miljoen jaar complexe bouw gelaagde bouw

Voor de kust ligt het continentaal plat dat is opgebouwd uit de precambrische sokkel, met daarop de fanerozoische sedimenten (Trias en jonger). In noordwestelijke richting buitengaats loopt de continentale helling af naar het Guyana-Suriname oceanisch bekken waar we de bazaltische abyssale vlakte aantreffen. Onder de continentale helling is in 2020 aardolie aangeboord. Naar het noordoosten ligt het Demeraraplateau, een uitgedoofde onderzeese vulkaan die in de Jura werd gevormd., (2016), Demerara Rise, offshore Suriname: Magma-rich segment of the Central Atlantic Ocean, and conjugate to the Bahamas hot spot, Interpretation 4: T141-T155. https://doi.org/10.1190/INT-2014-0246.1

Kustvlakte

De kennis van de geologie van de Surinaamse kustvlakte is in de twintigste eeuw steeds verder toegenomen. In 1931 gaf IJzerman een algemene beschrijving van de sedimenten die in het voorland voorkomen. Hij onderscheidde twee laaggroepen: in een gordel onmiddellijk langs de kust de fluvio-mariene afzettingen van kleien en zanden soms met schelpritsen; en in een gordel daarachter, uitwiggend tegen de gesteenten van het Guyanaschild, het oudere continentale alluvium, voor een groot deel bestaande uit grove witte zanden die soms humus bevatten.

De geoloog en geograaf Jan Zonneveld, rond 1950 werkzaam bij het Centraal Bureau Luchtkartering in Paramaribo, was na bestudering van waterpassingsprofielen, veldonderzoek en de interpretatie van luchtfoto's, van mening dat in de kustvlakte niet twee, maar drie elementen onderscheiden moeten worden Zonneveld, J.I.S. (1955): Over de geologische en palaeogeografische ontwikkeling van de Surinaamse kustvlakte, Leidse Geol. Meded. 20: 214- 224. pdf, namelijk van noord naar zuid:

de Jonge Kustvlakte, die net boven zeeniveau ligt. Mara- en Coronie-formaties, ouderdom: Holoceen, 16200 km2 de Oude Kustvlakte, liggend op een iets hoger niveau. Coropina-formatie, ouderdom: Pleistoceen, 4300 km2 de Savannegordel of Zanderijbelt: een licht golvende vlakte, in het zuiden begrensd door het heuvelland. Zanderij-formatie, ouderdom: Plioceen, 8750 km2Zesde milieustatistieken publicatie 2014, blz. 143 pdf

Jonge sedimenten vormen de noordelijke 18% van het land, zij vertonen een flauwe, noordwaartse helling.

De Laat-Pleistocene Coropina-formatie en de Holocene Mara- en Coronie-formatie bestaan uit in een waddengebied/lagune afgezette kleiige modderbanken met daar op ritsencomplexen (strandwallen) gevormd uit zand en schelpen en zwampen met mariene kleiafzettingen. Het zijn verweringsproducten uit het Andesgebergte die via de Amazonerivier en de zeestroming Guyanastroom de kust van Suriname bereikten. (1989) The chenier coast of Suriname: Modern and geological development Marine Geology. Volume 90, Issue 4, 30 December 1989, Pages 269-281 Mol, Arthur, e.a. (red.) (2004): Suriname schoon genoeg? Hulpbronnen gebruik en milieubescherming in een klein Amazoneland, blz. 1, Uitgeverij Jan van Arkel De kustlijn wordt beweeglijk genoemd omdat er land aanslibt en onder invloed van stormen en stromingen ook weer land wordt weggespoeld.Helman, Albert (1982): Avonturen aan de wilde kust. De geschiedenis van Suriname met zijn buurlanden, blz. 13, Uitgeverij Vaco

De Pliocene Zanderij-formatie in de savannegordel bestaat uit grove, ongesorteerde zanden met kaolienkleien. Deze zijn waarschijnlijk afgezet door vlechtende rivieren en mogelijk deels in alluviale puindelta's. Onder de Zanderij-formatie in de savannegordel ligt de Onverdacht-formatie, deze bestaat uit ongesorteerde zanden en kaolitische kleien en komt bedekt met bauxiet aan de oppervlakte bij Moengo en zeer ondergeschikt ook te Onverdacht. Deze formatie vormt oude, door de bauxietbedekking tegen erosie beschermde heuvels waaromheen de jongere formaties zijn afgezet.Bruijning en Voorhoeve, blz. 219 e.v.

Het hele laagpakket van de kustvlakte en de savannegordel wordt samengevat onder de naam Corantijn Groep. Onder de Zanderij-formatie treffen we van jong naar oud aan:Wong et al., blz. 109 de Coesewijne-formatie (Mioceen) de Burnside-formatie (Laat-Eoceen/Vroeg-Oligoceen) de Onverdacht-, Saramacca- en Aliance-formaties (Paleoceen/Vroeg-Eoceen). In de Onverdacht-formatie wordt bauxiet en kaolienklei gewonnen, in de Saramacca-formatie wordt aardolie gewonnen in drie olievelden de Nickerie-formatie (Krijt)

Stratigrafie kustvlakte en offshore Suriname Eon Era Periode Tijdvak Tijd geledenMa Kustvlakte Offshore Fanerozoïcum Cenozoïcum Kwartair Holoceen 0,0117 - heden Mara en Coronie Formaties(Jonge Kustvlakte) onderzeese hellingafzettingen Pleistoceen 2,58 - 0,0117 Coropina Formatie(Oude Kustvlakte) Neogeen Plioceen 5,333 - 2,58 Zanderij Formatie(Savannegordel) Mioceen 23,03 - 5,333 Coesewijne Formatie Paleogeen Oligoceen 33,9 - 23,03 Burnside Formatie (Laat-) Eoceen 56,0 - 33,9 (Vroeg-) EoceenOnverdacht Formatie (bauxiet en kaolienklei),Saramacca Formatie (aardolie),Aliance Formatie Paleoceen 66,0 - 56,0 Mesozoïcum Krijt 66,0 - 145,0 Nickerie Formatie aardolievoorkomens in Campanien, Santonien en Turonienogj.com. Gearchiveerd op 26 januari 2023.Jura 145,0 - 201,3 (niet aanwezig) slenkafzettingen; Demeraraplateauvulkanisme Trias 201,3 - 252,2 (niet aanwezig) vulkanisme en slenkafzettingen; vorming van het Guyana-Surinamebekken Indeling van het Fanerozoïcum van Suriname volgens de ICS.Gradstein et al. (2012) en Wong et al.Wong et al. Blz 104, 105 en 109

Guianabekken miniatuur|Centraal Pangea met moderne politieke grenzen De geologische geschiedenis van Suriname herstartte 230 miljoen jaar geleden in het Trias - na een lange rustpauze van 860 miljoen jaar - met de scheuring van het supercontinent Pangea. Sporen van deze scheuring zijn ook in het Oost-Surinaamse bergland te vinden in de vorm van Apatoedoleriet uit het Juratijdperk die zich een weg baande in de actieve rekbreuken. Tot aan die tijd lag Florida pal ten noorden van Suriname in het stuk oceaan dat nu het Guyana-Suriname oceanisch bekken vormt. Ter hoogte van het Demeraraplateau en het Guineaplateau bevond zich een hotspot, Pangea brak open en Florida bewoog naar het noorden en westen, in het kielzog ontstonden de Bahama's.

Tijdens het Krijt scheurde vervolgens Afrika los van Zuid-Amerika, bij Suriname scheurde toen het Demeraraplateau los van het Guineaplateau. The Jurassic magmatism of the Demerara Plateau (offshore French Guiana) as a remnant of the Sierra Leone hotspot during the Atlantic rifting. Sci Rep 10, 7486 (2020). open access enhanced pdf. Gearchiveerd op 5 december 2022. (2019), A global plate model including lithospheric deformation along major rifts and orogens since the Triassic. Tectonics, vol. 38, youtube animatie (2016) Plate tectonic evolution of the North Atlantic Paleomap Project youtube animatie In de diepere ondergrond voor de kust zijn in breukzones vulkanische gesteenten uit het Trias aangetroffen, met daarop sedimenten van Jura-ouderdom.Wong et al., Hoofdstuk 6 In de krijtafzettingen daarbovenop is door Apache Oil in 2020 aardolie aangeboord in offshore blok 58.

Binnenland van Suriname

Stratigrafie binnenland Suriname Eon Era Periode Tijdvak Ma Hoofdeenheid Datering Ma Fanerozoïcum MesozoïcumJura 201,3 - 145,0 Apatoe Doleriet 196 hiaat 1000 - 201,3 (niet aanwezig) Proterozoïcum Mesoproterozoïcum Stenium1200 - 1000 Muri Nefeliensyeniet 1090 Nickerie Myloniet 1200Ectasium 1400 - 1200 (niet aanwezig) Calymmium 1600 - 1400 Käyser Doleriet 1500 Paleoproterozoïcum Statherium 1800 - 1600 Avanavero Doleriet 1787 Orosirium 2050 - 1800 Tafelberg Formatie 1873 Jongere Granieten (o.a. Wonotobo) 1985-1974Kabalebo Charnockiet 1985Lucie Gabbro Dalbana Formatie Coeroeni Gneiss Gordel 2078-1986 Rhyacium 2300 - 2050 Bakhuis Granuliet Gordel 2070-2050 Oudere Granieten2094 Oudere Gneizen2165-2155 Marowijne Groensteen Gordel2260-2115Geologische indeling van het binnenland van Suriname volgens Wong et al.,Wong et al, blz. 42 tijdschalen volgens de ICS; 2012: A Geologic Time Scale 2012, Elsevier, miniatuur|rechts|Voltzberg, opgebouwd uit Wonotobo graniet Het vasteland van Suriname bestaat grotendeels uit Precambrische gesteenten. Deze gesteenten worden ook aangeduid als basement. Dit basement bestaat uit granitoïde en zure vulkanische gesteenten. In het Marowijnegebied ligt een laag metamorfe groensteengordel, jongere granulieten van de Falawatragroep vormen het Bakhuisgebergte en het Coroniegebied.Wong et al. Ook kleine, verspreid voorkomende, lichamen van gabbro en ultramafitiet komen er voor. Deze zijn ongeveer even oud als de granieten en vulkanieten. Gebleken is dat de opbouw van het basement goeddeels ontstond tijdens de Trans-Amazonische Orogene Cyclus, ongeveer 2260-1900 miljoen jaar geleden. Deze cyclus is van overheersende invloed geweest op de geologie van Suriname die gekenmerkt wordt door sedimentatie, metamorfose, plooiing en magmatisme.Bruijning en Voorhoeve, blz. 218.Wong et al, hoofdstuk 4.1