thumb|rechtop|Evangelische kerk Konz-Karthaus vanuit het Oosten thumb|Altaarruimte De Protestantse Kerk Konz-Karthaus van de gelijknamige kerkgemeente staat in de stad Konz, gebied Trier-Saarburg, in Rijnland-Palts. Ze werd gebouwd tegen het einde van de 19e eeuw voor de door de toestroom nieuw ontstane diasporagemeente in het tot dan toe zuiver katholieke gebied en is tot vandaag haar geestelijk centrum.

Het in 1897 voltooide kerkgebouw, in de stijl van het historisme, is in zijn structuur nagenoeg onveranderd bewaard en staat onder monumentenzorg.Nachrichtliches Verzeichnis der Kulturdenkmäler Rheinland-Pfalz, Generaldirektion Kulturelles Erbe, p. 16Ewald Wegner (red.) Denkmaltopographie Bundesrepublik Deutschland, Kulturdenkmäler in Rheinland-Pfalz, Kreis Trier-Saarburg Band 12.1. Wernersche Verlagsgesellschaft Worms 1994 p. 176-177 Bij de renovatie van 1966 werden grote delen van de originele inrichting vervangen, zoals ook de oorspronkelijke glasramen door de glasramen van de kunstenaar Manfred Freitag uit Oberbillig.

Geschiedenis Voorgeschiedenis Vanaf midden 19e eeuw groeide ten gevolge van de industrialisatie de toestroom van protestantse christenen in Conz, Merzich en omliggende dorpen aan. De eerste protestantse gelovigen, die zich in 1956/1857 in de destijds nog gescheiden dorpen Conz (heden: Konz) en Merzich (heden Konz-Karthaus) vestigden, waren bij de spoorwegenbouw tewerkgestelde Rottenarbeiter (spoorwegarbeiders) en beambten. Terwijl de beambten overwegend uit het groot gebied Saarbrücken afkomstig waren, kwamen de spoorwegarbeiders uit St. Wendel en uit de aangrenzende Hunsrück. Een nieuwe, grotere toestroom van protestantse christenen volgde met de uitbouw van het centraal station Karthaus tot spoorwegknooppunt en de ingebruikname van de Königlichen Eisenbahn-Nebenwerkstätte (Koninklijke spoorweg-nevenwerkplaats) Karthaus im Jahr 1879. In 1884 was hun aantal op ongeveer 120 tot 150 gestegen.

De dichtstbijzijnde kerk bevond zich op negen kilometer afstand van Trier. Wegens de moeilijke heenreis zochten de Trierse pastoors in Conz een te huren lokaal, dat voor erediensten geschikt zou zijn, wat in de zuiver katholieke omgeving uiterst moeilijk bleek te zijn. Na het mislukken van de onderhandelingen wendde superintendant Klein zich met succes tot verscheidene instanties in Trier: het Königliche Eisenbahn-Betriebsamt (Koninklijk bedrijfsambt) van Trier stelde een eetzaal in het bestuursgebouw van de Königlichen Nebenwerkstätte (Koninklijke nevenwerkplaats) ter beschikking. De eerste kerkdienst vond plaats op 17 augustus 1884 en de superintendant Klein preekte uit Handelingen 17:16-34. HTBFerdinand Kläs, Wolfgang Wallrich, Evangelische Kirchengemeinde Konz-Karthaus: 100 Jahre evangelische Christen in Konz. Konz 1980, p. 40-45. Vanaf dan werd in Konz vierwekelijks een eredienst gehouden.Ferdi Kläs: Chronik der ehemaligen Evangelischen Volks-Schule Conz-Karhaus. 1978, p. 1.

Bouwgeschiedenis

De protestantse gemeente Conz-Karthaus ontstond in 1889 voor de ondertussen meer dan 200 protestanten als vicariaat en is sinds 1895 een zelfstandige parochie. Door de staat Pruisen ondersteund, werd op 9 juli 1896 met de eerstesteenlegging, op een plaats in het midden tussen de toenmalige gemeenten Konz en Merzlich, aan de bouw van de kerk begonnen. Voorafgaandelijk was er in 1892 door een architectenvereniging van Berlijn onder haar leden een wedstrijd uitgeschreven. Daarbij werd het gezamenlijk ontwerp van de architecten Carl Schäfer en Hugo Hartung alsook het project van de architect Georg Lübke onderscheiden. Hoewel de jury in juni 1892 niet onmiddellijk een project voor uitvoering aanprees, sprak de kerkgemeente zich uit voor het ontwerp van Lübke.Werner Franzen: Gottesdienststätten im Wandel. Evangelischer Kirchenbau im Rheinland 1860–1914. Dissertatie, Gerhard-Mercator-Universität Duisburg, 2002.. Band 3, Verzeichnis der evangelischen Kirchenneubauten im Rheinland 1860–1914 (1927), Duisburg 2002, p. 281-282.

Zijn project werd door het Pruisisch Ministerium der öffentlichen Arbeiten (ministerie van openbare werken) op enkele details gewijzigd en door de Trierse Kreisbauinspektor (bouwinspecteur) Brauweiler in 1896/1897 uitgevoerd. De kerk werd dan op 19 september 1897 ingewijd. Samen met de pastorie, in een vergelijkbare bouwwijze in 1894 ten zuiden van de kerk opgericht, en met de in datzelfde jaar gebouwde evangelische school op 15 meter noordwaarts van de kerk, vormde deze laatste een homogeen ensemble.

De bouwkosten van de kerk bedroegen met inbegrip van de binneninrichting 27600 Mark, alsook 2275 Mark voor de klokken. Naast giften van het Gustav-Adolf-Verein ondersteunde keizer Wilhelm II de bouw met 10000 Mark als „allerhöchstes Gnadengeschenk". Voor elk van de 130 zitplaatsen in de kerkschip kwam daarbij een rekenkundig bedrag van 212 Mark.Ferdinand Kläs, Wolfgang Wallrich, Evangelische Kirchengemeinde Konz-Karthaus: 100 Jahre evangelische Christen in Konz. Konz 1980, p. 72-77. Ter vergelijking: het doorsnede maandloon van een industriearbeider lag ongeveer bij 40 Mark, een van een gemiddelde beambte tussen 60 en 80 Mark.Ralph Anton, Blankenheim: Gold- und Silbermünzen des Deutschen Reichs 1871–1918 (Kaiserreich).

Het verzorgingsgebied van de kerkgemeente strekt zich naast de beide naamgevende gemeenten ook over de evangelische christenen in de toenmalige gemeenten Oberemmel, Wasserliesch, Cönen, Temmels, Tawern, Wellen, Wincheringen, heden in het Saarland: Sinz, Nennig, Besch, Oberleuken, Perl, Tünsdorf, links van de Mosel: Igel, Langsur, Ralingen en Minden.Ferdinand Kläs, Wolfgang Wallrich, Evangelische Kirchengemeinde Konz-Karthaus: 100 Jahre evangelische Christen in Konz. Konz 1980, p. 58.

Door de aaneensluiting in het jaar 1930 van de toenmalige zelfstandige gemeenten Conz en Merzlich tot de gemeente Konz veranderde de naam van de evangelische kerk in Konz-Karthaus.Ferdinand Kläs, Wolfgang Wallrich, Evangelische Kirchengemeinde Konz-Karthaus: 100 Jahre evangelische Christen in Konz. Konz 1980, p. 123.

Bij een vliegtuigaanval op Konz op 12 september 1915 viel gedurende de eredienst een brandbom vlak naast de kerk.Ferdi Kläs: Chronik der ehemaligen Evangelischen Volks-Schule Conz-Karhaus. 1978, p. 4.

Nagenoeg gelijktijdig werden onder gelijkaardige omstandigheden de Evangelische Kerk van Saarburg, de Evangelische kerk van Hermeskeil en de Evangelische Christuskerk van Wittlich gebouwd.

Renovaties van 1966 en 1984/1985 thumb|Offener Dachstuhl von innen thumb|Ehemaliges Schulhaus (rechts von der Kirche) Het meer dan 65 jaar oude kerkgebouw was - niet in het laatst door twee oorlogen en economisch moeilijke tijden - sterk renovatiebehoeftig geworden. Ook de nieuwe eredienstvormen van de jaren 60 zouden in de vormgeving van het kerkruim merkbaar worden. Als gevolg van meerdere industrievestigingen in de omgeving verdubbelde in de omgeving het getal van de gemeenschapsleden.

De in 1966 doorgevoerde kerkverbouwing werd geleid door de architect Nils-Wolff Hammer aus Trassem. Daarbij werden de neogotische altaartafel en de hoge kansel verwijderd en op 20 mei 2014 vervangen door een stenen altaartafel naar het ontwerp van de kunstenaar Manfred FreitagInterview mit dem Künstler Manfred Freitag am 20. Mai 2014. en een kansel in de vorm van een lessenaar naar design van de jaren 60. De vast ingebouwde, zware kerkbanken, die de ganse breedte van de kerk vulden, werden door lichte, transportabele en half zo lange banken vervangen.

Aan het einde van de kerk werd een door een draaitrap ontsluitend hoogzaal voor orgel en kerkkoor, 7 meter lang en 4,45 meter breed, nieuw ingebouwd. Om het binnenste van de kerk lichter te laten uitzien, werden de grijstonen beschilderde glasramen verwijderd en vervangen door in de stijl van de jaren 80 artistieke ontworpen heldere glasramen. De klare, in geel en wit gehouden beschildering van de kerk was eveneens een ontwerp van Manfred Freitag. De buitendeuren van de kerk werden door nieuwe, met koperplaten beslagen houten deuren vervangen. Het uit verwarmingstechnische redenen opgevatte plan, om onder de bestaande houtbedekking een dieper gelegen plafond binnen te plaatsen, werd niet gerealiseerd.Ferdinand Kläs, Wolfgang Wallrich, Evangelische Kirchengemeinde Konz-Karthaus: 100 Jahre evangelische Christen in Konz. Konz 1980, p. 162.

Reeds voor de renovatie van de kerk werd in 1961 de pastorie afgebroken en door een nieuwbouw in de stijl van de jaren 60 vervangen. De vroegere evangelische school werd op 1 september 1970 opgeheven. Het schoolgebouw is in bezit van de stad Konz en dient als noodonderkomen.Ferdinand Kläs, Wolfgang Wallrich, Evangelische Kirchengemeinde Konz-Karthaus: 100 Jahre evangelische Christen in Konz. Konz 1980, p. 179, 202. Naar een nieuwe benutting wordt op heden (2014) nog gezocht.

In 1984/1985 werd de kerk nogmaals gerenoveerd. In het kader van deze renovatie kwam de tot op heden gebruikte kansel.Auskunft des ehemaligen Pfarrers Klaus Willbold vom 21. Mai 2014.

Kerkgebouw Bouwbeschrijving thumb|Grondplan, gepubliceerd in 1898 thumb|top|Houtsnijwerk van von Otto Ebel, gepubliceerd in 1898

De kerk is een driebeukige zaalkerk met de puntgevel naar de straat gericht met een afzonderlijk rechthoekig priesterkoor. Aan de zuidzijde van het koor staat de klokkentoren, aan de noordzijde is een ingang met tochtdeur. De conceptie van de kerk beantwoordt aan de aanbevelingen van Eisenacher Regulativ(een voorschriftencatalogus voor de vormgeving van protestantse kerkgebouwen in Duitsland). Hiervan is afgeweken voor de plaats van het orgel en de door de bouwkundige omgeving gebonden uitlijning van de kerk.

De kerk grenst rechthoekig aan de Karthäuser Straße en is daardoor naar het zuidoosten gericht. De kerk is gemetst uit zandsteen, de gevels zijn tot op de geordende architectuurelementen na bepleisterd. De sokkel bestaat uit rode zandsteen uit de op 8 km afstand gelegen steengroeven van Tawern. Liseen, steunberen, raamomlijstingen alsook het maat- en staafwerk van de kerk werden uit weerbestendige heldere zandsteen, eveneens uit Tawern, vervaardigd. Het bordes drempel basaltlava uit Niedermendig. Het dak werd in een Oud-Duitse uitvoering met leisteen bedekt.Neue evangelische Kirche in Conz-Karthaus bei Trier. In: Centralblatt der Bauverwaltung, jaargang 18, 1898, nr. 10 (van 5 maart 1898), p. 115 e.v.

Het kerkschip bezit aan de zijwanden elke twee en aan de rugzijde drie licht spitsboog-maaswerkvensters met elk twee lancetram zespas, verder elk een kleine roosvenster met een zespas aan de zijwand naast het orgel. In het koor bevindt zich dan achter het altaar een groot spitsboog-maaswerkvenster met drie lancetramen en een bovenliggend zespas.

Voor de welving van de koor en van de voor- en zijingang werd puimsteen aangewend. Het kerkschip en de sacristie hebben een houtbedekking. De vloer bestaat tot de tijd van de verbouwing uit twee centimeter dikke gedrenkte beukenhouten planken. Het resterende kerkraam was met platen belegd.Ferdinand Kläs, Wolfgang Wallrich, Evangelische Kirchengemeinde Konz-Karthaus: 100 Jahre evangelische Christen in Konz. Konz 1980, p. 72–74. In het kader van de renovatie in 1965/1966 werden deze door steenbedekking uit zwarte berookte steen vervangen. De draaitrap naar de zijgalerij bestaat uit de harde zandsteen, van daar af is de torentrap uit hout vervaardigd. De beweegbare kerkbanken boden plaats voor ongeveer 146 bezoekers. Nog 20 plaatsen kunnen door bijkomende stoelen verschaffen worden. Aan de westzijde van de kerk bevindt zich de in het kader van de renovatie in 1996 ingebouwde orgelgalerij. De oorspronkelijke orgelgalerij bevindt zich op het eerste verdiep van de toren boven de sacristie.

Glasramen top|thumb|Glasraam in het koor