Wendiceratops is een geslacht van plantenetende ornithischische dinosauriërs, behorend tot de Ceratopia, dat tijdens het late Krijt leefde in het gebied van het huidige Noord-Amerika. De enige benoemde soort is Wendiceratops pinhornensis.
De eerste fossielen van Wendiceratops werden in 2010 in Canada ontdekt door Wendy Sloboda. Het geslacht kreeg in 2015 zijn naam, die "Wendy's hoorngezicht" betekent, toen de typesoort Wendiceratops pinhornensis benoemd werd. Van Wendiceratops zijn op één plek een kleine tweehonderd losse botten opgegraven maar geen hele skeletten. Daardoor is de bouw van het dier niet helemaal duidelijk.
Wendiceratops werd ongeveer vijf meter lang en één ton zwaar. Hij stond op vier stevige poten. Zijn zware kop was uitgerust met een grote snavel om planten af te bijten. Die werden verder verknipt door rijen aaneengesloten tanden en uiteindelijk verteerd in de enorme buikholte. De kop was voorzien van een rechte hoorn op de neus en een grote kraag aan de achterkant van de schedel. De rand van dit nekschild was bezet door een uniek patroon van uitsteeksels dat Wendiceratops onderscheidde van zijn verwanten in de Centrosaurinae.
Vondst en naamgeving In 2010 vond Wendy Sloboda, een fotografe en amateurpaleontologe, in het Pinhorn Provincial Grazing Reserve, ten zuiden van de Milk River, County of Forty Mile No. 8, in het zuiden van Alberta te Canada, uitgebreide ceratopide resten. In de zomer van 2011 werd de vondst bekeken door een team van het Royal Tyrrell Museum dat concludeerde dat een opgraving gerechtvaardigd was en meteen wat botten opgroef. In 2012 werd een overhangende rotswand verwijderd. In 2013 en 2014 werden de meeste botten geborgen. De botten zijn geprepareerd door Shino Sugimoto, Ian McDonald, Ian Morrison en Eleanor LeBlanc. In 2014 stelde het museum een skeletmodel op van wat toen al onderkend werd als een nieuwe soort. left|thumb|De vindplaats In 2015 benoemden en beschreven David Evans en Michael Ryan de typesoort Wendiceratops pinhornensis. De geslachtsnaam verbindt een verwijzing naar de ontdekster met een verwijzing naar de Ceratopia. Sloboda was zo verguld met deze eer dat ze een afbeelding van de dinosauriër plus de naam ervan op haar arm liet tatoeëren. De soortaanduiding verwijst naar de vindplaats. De naam is gepubliceerd in een elektronisch tijdschrift, PLoS ONE. De daarom verplichte Life Science Identifier is BEE8D424-8BB0-4335-BFFC-701E2C8B4DB3 voor het geslacht en 22F3BE83-6045-489D-8F2D-FE53FC08A175 voor de soort.
Het holotype, TMP 2011.051.0009, is gevonden in een laag van de onderste Oldmanformatie die dateert uit het middelste Campanien, ongeveer 79 tot 78,7 miljoen jaar oud. Het bestaat uit een rechterwandbeen. left|thumb|De locatie in Alberta thumb|upright=1.7|Een diagram van het skelet met de gevonden elementen in het blauw Daarnaast is er veel aanvullend materiaal uit de vindplaats aan de soort toegewezen. Dit betreft uit 2011 een praemaxilla, vier squamosa, drie wandbeenderen, een bovenkaaksbeen, een jukbeen, een rostrale, een osteoderm, twee schedelfragmenten, een dentarium, negen wervels, een verbeende pees, zeven ribben, twee nekribben, een chevron, een ellepijp, een zitbeen en zes botfragmenten.De specimina uit 2011 hebben de inventarisnummers TMP2011.051.0001: een squamosum; TMP2011.051.0002: een squamosum; TMP2011.051.0003: een wervel; TMP2011.051.0004: een ruggenwervel; TMP2011.051.0004B: een stuk rib; TMP2011.051.0005: een stuk wandbeen; TMP2011.051.0006: een staartwervel; TMP2011.051.0007: een botfragment; TMP2011.051.0008: een botfragment; TMP2011.051.0009: een wandbeen; TMP2011.051.0010: een squamosum; TMP2011.051.0011: een staartwervel; TMP2011.051.0012: een jukbeen; TMP2011.051.0013: een osteoderm; TMP2011.051.0014: een squamosum; TMP2011.051.0015: een verbeende pees; TMP2011.051.0016: een dentarium; TMP2011.051.0017: een botfragment; TMP2011.051.0018: een praemaxilla; TMP2011.051.0019: een wandbeen; TMP2011.051.0020: een ruggenwervel; TMP2011.051.0021: een rib; TMP2011.051.0022: een staartwervel; TMP2011.051.0023: een rostrale; TMP2011.051.0024: een rib; TMP2011.051.0025: een ruggenwervel; TMP2011.051.0026: een ellepijp; TMP2011.051.0027: een wervelboog van de rug; TMP2011.051.0028: een rib; TMP2011.051.0029: een rib; TMP2011.051.0030: een botfragment; TMP2011.051.0031: een botfragment; TMP2011.051.0032: een botfragment; TMP2011.051.0033: een wervel; TMP2011.051.0034: een chevron; TMP2011.051.0035: een schedelfragment; TMP2011.051.0036: een bovenkaaksbeen; TMP2011.051.0037: een zitbeen; TMP2011.051.0038: een nekrib; TMP2011.051.0039: een nekrib; TMP2011.051.0040: een halswervel; TMP2011.051.0041: een rib; TMP2011.051.0042: een schedelfragment; en TMP2011.051.0044: een rib.
In 2013 werden gevonden een neusbeen, vier squamosa, twee wandbeenderen, een bovenkaaksbeen, een jukbeen, een quadratum, vijf schedelfragmenten, een surangulare, drie tanden, tien wervels, vier verbeende pezen, acht ribben, een nekrib, een ravenbeksbeen, een metapodium, twee spaakbeenderen, een scheenbeen, een bot van de ledematen, een klauw en vijf botfragmenten.De specimina uit 2013 hebben de inventarisnummers TMP2013.020.0001: een botfragment; TMP2013.020.0002: een schedelfragment; TMP2013.020.0005: een verbeende pees; TMP2013.020.0006: een squamosum; TMP2013.020.0007: een tand; TMP2013.020.0009: een tand; TMP2013.020.0010: een bot van de ledematen; TMP2013.020.0011: een rib; TMP2013.020.0012: een ruggenwervel; TMP2013.020.0013: een rib; TMP2013.020.0014: een stuk squamosum; TMP2013.020.0015: een scheenbeen van een jong; TMP2013.020.0016: een jukbeen; TMP2013.020.0017: een botfragment; TMP2013.020.0021; een mogelijk schedelfragment; TMP2013.020.0022: een tand; TMP2013.020.0023: een voet- of handbeen; TMP2013.020.0024: een verbeende pees; TMP2013.020.0025: een bovenkaaksbeen; TMP2013.020.0026: een rib; TMP2013.020.0027A: een rib; TMP2013.020.0027B: een rib; TMP2013.020.0028: een stuk neusbeen; TMP2013.020.0029: een schedelfragment; TMP2013.020.0030: een spaakbeen; TMP2013.020.0031: een halswervel; TMP2013.020.0032: een ruggenwervel; TMP2013.020.0033: een verbeende pees; TMP2013.020.0034: een botfragment; TMP2013.020.0035: een squamosum; TMP2013.020.0036: een spaakbeen; TMP2013.020.0037: een wervellichaam; TMP2013.020.0038: een rib; TMP2013.020.0039: een nekrib; TMP2013.020.0040: een ruggenwervel; TMP2013.020.0041: een wervelboog van de rug; TMP2013.020.0042: een klauw; TMP2013.020.0044: een wervelboog; TMP2013.020.0045: een verbeende pees; TMP2013.020.0047: een staartwervel; TMP2013.020.0048: een beenbalk van de wandbeenderen; TMP2013.020.0049: een ravenbeksbeen; TMP2013.020.0050: een nekrib. TMP2013.020.0051: een kuitbeen; TMP2013.020.0052: een verbeende pees; TMP2013.020.0054: een botfragment; TMP2013.020.0057: een botfragment; TMP2013.020.0058: een quadratum; TMP2013.020.0059: een squamosum; TMP2013.020.0060: een sacrale wervel; TMP2013.020.0061: een wandbeen; TMP2013.020.0062: een surangulare; TMP2013.020.0062B: een botfragment; TMP2013.020.0063: een schedelfragment; TMP2013.020.0064: een ribfragment; TMP2013.020.0065: een wervel; TMP2013.020.0066: een schedelfragment; TMP2013.020.0067: een ribfragment; en TMP2013.020.0069: een botfragment.
In 2014 werden gevonden een neusbeen, een praemaxilla, vier wandbeenderen, drie bovenkaaksbeenderen, een stuk nekschild, negen schedelfragmenten, een praedentarium, een surangulare, elf tanden, dertien wervels, vier verbeende pezen, tien ribben, drie nekribben, twee opperarmbeenderen, een darmbeen, een stuk bekken, een kuitbeen, een scheenbeen, twee botten van de ledematen en vijf botfragmenten.De specimina uit 2014 hebben de inventarisnummers TMP2014.029.0001: een stuk surangulare; TMP2014.029.0002: een schedelfragment; TMP2014.029.0003: een wervelboog; TMP2014.029.0004: een botfragment; TMP2014.029.0005: een tand; TMP2014.029.0006: een verbeende pees; TMP2014.029.0008: een stuk bovenkaaksbeen; TMP2014.029.0009: een verbeende pees; TMP2014.029.0010: een stuk neusbeen; TMP2014.029.0011: een staartwervel; TMP2014.029.0012: een schedelfragment; TMP2014.029.0014: een schedelfragment; TMP2014.029.0015: een stuk wandbeen; TMP2014.029.0016: een stuk wandbeen; TMP2014.029.0017A: een staartwervel; TMP2014.029.0017B: een nekrib; TMP2014.029.0018: een rib; TMP2014.029.0021: een tand; TMP2014.029.0022: een wervellichaam; TMP2014.029.0023: een botfragment; TMP2014.029.0024: een rib; TMP2014.029.0025: een stuk ledemaat; TMP2014.029.0026: een rib; TMP2014.029.0027: een staartwervel; TMP2014.029.0030: een tand; TMP2014.029.0032: een stuk wervelboog; TMP2014.029.0034: een stuk van de ledematen; TMP2014.029.0036: ribkop van de rug; TMP2014.029.0039: halswervel; TMP2014.029.0042: een tand; TMP2014.029.0043: een tand; TMP2014.029.0048: een schedelfragment; TMP2014.029.0049: een botfragment; TMP2014.029.0050: een schedelfragment; TMP2014.029.0052: een schedelfragment; TMP2014.029.0053: een staartwervel; TMP2014.029.0054: een botfragment; TMP2014.029.0055: een rib; TMP2014.029.0056: een wervel; TMP2014.029.0057: een rib; TMP2014.029.0058; TMP2014.029.0059: een tand; TMP2014.029.0060: een tand; TMP2014.029.0061: een tand; TMP2014.029.0062: een stuk predentarium; TMP2014.029.0065: een verbeende pees; TMP2014.029.0067: een stuk praemaxilla; TMP2014.029.0072: een scheenbeen van een jong dier; TMP2014.029.0073: een mogelijke nekrib; TMP2014.029.0074: een bovenkaaksbeen; TMP2014.029.0075: een rib; TMP2014.029.0076: een rib; TMP2014.029.0077: een verbeende pees; TMP2014.029.0078: een schedelfragment; TMP2014.029.0083: een stuk wervelboog; TMP2014.029.0086: een stuk neusbeen; TMP2014.029.0087: een stuk dentarium; TMP2014.029.0087B: een tand; TMP2014.029.0088: een staartwervel; TMP2014.029.0089: een tand; TMP2014.029.0090: een schedelfragment; TMP2014.029.0092: een nekrib; TMP2014.029.0093: een botfragment; TMP2014.029.0094: een wandbeen; TMP2014.029.0095: een bovenkaaksbeen; TMP2014.029.0096: een ruggenwervel; TMP2014.029.0097: een stuk wandbeen; TMP2014.029.0098: een darmbeen; TMP2014.029.0098B: een mogelijk stuk bekken; TMP2014.029.0099: een tand; TMP2014.029.0100: een opperarmbeen; TMP2014.029.0101: een opperarmbeenkop; TMP2014.029.0102: een stuk nekschild; TMP2014.029.0103: een rib; TMP2014.029.0104: een kuitbeen; TMP2014.029.0104A: een osteoderm; TMP2014.029.0105: een stuk wervelboog; TMP2014.029.0106: een mogelijk schedelfragment; TMP2014.029.0107: een rib; en TMP2014.029.0107B: een mogelijk schedelfragment.
Deze enorme hoeveelheid van 184 beenderen lag grotendeels niet in verband maar vormde een beenderbed van ongeveer twintig vierkante meter. Ze behoren met zekerheid niet aan één enkel individu maar aan meerdere dieren waaronder jongen. De meeste delen van het skelet zijn vertegenwoordigd. Hierdoor is Wendiceratops is van de best bekende ceratopiden van de hoge ouderdom van negenenzeventig miljoen jaar. Veel botten zijn gebroken, sommige zo erg dat ze niet aan Wendiceratops konden worden toegewezen. Al het ceratopide materiaal werd wel van dit taxon beschouwd onder de aanname dat er maar één soort ceratopide aanwezig zal zijn geweest. Naast de resten van de ceratopide zijn er in de groeve ook tanden van Theropoda, botten van krokodillen en beensnoeken en planten aangetroffen. In totaal zijn er 221 botten en tanden geborgen. Het beenderbed, een veertig centimeter dikke modderlaag, is wellicht in één keer bij een overstroming afgezet.
Beschrijving Grootte en onderscheidende kenmerken Wendiceratops is een middelgrote ceratopide van zo'n vier tot vijf meter lang met een gewicht van één ton. Sommige botfragmenten wijzen op individuen van tegen de zes meter.