Een marinière is een gebreid kledingstuk voor het bovenlichaam met horizontale, wit-blauwe strepen en driekwartsmouwen. Het kledingstuk, traditioneel vervaardigd uit jersey van katoen of wol, stamt uit de Franse marine van de 19e eeuw en wordt nog altijd gedragen door bepaalde matrozen. In de 20e eeuw is de marinière opgedoken in zowel de haute couture als de alledaagse klederdracht, waardoor ze verschillende connotaties verwierf.

De marinière werd in 1858 ingevoerd in het Franse matrozenuniform. Eind 19e eeuw dienden de 'Bretonse strepen' van de matrozentrui als inspiratie voor de eerste badmode. Modeontwerpster Coco Chanel liet er zich in het eerste kwart van de 20e eeuw door inspireren om stijlvolle vrijetijdskleding voor vrouwen te maken. Een nieuwe omwenteling vond plaats in de jaren na de Tweede Wereldoorlog, toen de marinière via avant-gardistische kunstenaars en existentialistische filosofen een populaire kledingkeuze werd voor wie er rebels en authentiek wilde uitzien. In de jaren 80 maakte het kledingstuk zijn opwachting in de nogal subversieve couture van Jean-Paul Gaultier. De mode van de jaren 2010 liet daarentegen een terugkeer naar de min of meer authentieke vorm zien. De trui past in deze mode in een alternatieve of gesofisticeerde kledingstijl, al zijn de strepen van de marinière evengoed een populair patroon op T-shirts, sweaters en andere dames- en herenkleding.

Marine-uniform Oorsprong van de marinière thumb|The Fall of Nelson, Battle of Trafalgar, 21 oktober 1805, een schilderij van Denis Dighton (ca. 1825). Matrozen gekleed in horizontale of verticale strepen. De marinière kent haar oorsprong in de kleding van zeelieden. Tot in de 19e eeuw droegen matrozen – vaak vissers – doorgaans hun eigen kleren aan boord. "Histoire et origines de la marinière", Les Petites Mains, 25 maart 2009, online geraadpleegd op 29 juli 2015. Gearchiveerd op 1 februari 2016. In andere gevallen voorzag de administrateur de bemanning van stoffen of kleren, Kathleen A. Staples en Madelyn C. Shaw, Clothing Through American History: The British Colonial Era. Santa Barbara: Greenwood, 2013. p. 118. Amber Jane Butchart, Nautical Chic. Londen: Thames & Hudson, 2015, p. 50. waarna de kapitein al dan niet regels oplegde voor de klederdracht aan boord. Wanneer er slechts een of enkele stoffen werden geleverd, en de matrozen zelf aan de slag moesten met naald en draad, leverde dat eveneens een nogal uniforme klederdracht op. Zoals te zien is op afbeeldingen van zeeslagen uit het Engeland of Holland van de 17e eeuw, droegen de matrozen veelal kleding met horizontale strepen, vaak blauw-wit of rood-wit. Engelse en Italiaanse vissers in gestreepte tenues sieren verschillende vroeg-19e-eeuwse aquarellen en prenten.

Volgens historicus Michel Pastoureau is er in het Westen een lange traditie van gestreepte kledij voor marginalen, mensen die buiten de gevestigde orde vielen. In de middeleeuwen droegen zieken en prostituees strepen, maar ook carnavaleske figuren zoals narren en jongleurs hadden kleurrijke gestreepte uniformen. Nog steeds dragen gevangenen een gestreepte plunje. Volgens Pastoureau bekleedden matrozen de laagste trede in de hiërarchie van de marine en benadrukte de gestreepte tenue hun lage status. Michel Pastoureau, Rayures: une histoire des rayures et des tissue rayés. Parijs: Seuil, 1995. p. 100. Amber Jane Butchart, Nautical Chic. Londen: Thames & Hudson, 2015, p. 90.

Tijdens het Tweede Franse Keizerrijk begonnen staten de kledij van matrozen in de marine officieel vast te leggen. In 1858 decreteerde Frankrijk dat alle matrozen in dienst van de marine hetzelfde uniform moesten dragen. De marinière,Op dat moment sprak men nog niet van een marinière, maar van een tricot rayé (gestreept truitje). 'Marinière' is in de loop van de geschiedenis gebruikt voor verschillende kledingstukken die met matrozen geassocieerd worden. een eenvoudig lang bovenstuk met driekwartsmouwen en een boothals, werd een vast onderdeel van dat uniform. Dit lange onderhemd werd uit gebreide jersey vervaardigd en telde 21 witte strepen en 20 of 21 marineblauwe strepen. Op de driekwartsmouwen waren er 15 witte strepen en 14 of 15 blauwe. De blauwe strepen waren elk een centimeter breed, terwijl de witte twee centimeter breed waren. Oorspronkelijk werden de shirts door zelfstandige kleermakers gebreid, maar later gebeurde dat uitsluitend in werkplaatsen van de marine.

Een van de redenen waarom de marine de marinière invoerde, was het grote gebruiksgemak. De gebreide stof zorgde voor warmte terwijl de boothals het makkelijk maakte om de marinière aan en uit te trekken. Er is minder duidelijkheid over waarom de matrozentrui gestreept is. De legende wil dat het aantal strepen verwijst naar de 21 overwinningen van de Fransen tijdens de napoleontische oorlogen. Daar is echter geen bewijs voor. Verder kunnen de Bretonse strepen een veiligheidsfunctie gehad hebben. De strepen maakten de matrozen goed zichtbaar, bijvoorbeeld wanneer ze overboord gingen. Een meer economische verklaring voor de keuze van de Bretonse strepen is dat ze gewoon gemakkelijk te breien waren. Met de techniek van het rondbreien – in 1816 werd de rondbreimachine uitgevonden – is naadloze jersey met horizontale strepen eenvoudig te bekomen. Donkerblauw was een vanzelfsprekende keuze – sinds de 18e eeuw droegen officiers van 's werelds grootste zeemacht, de Royal Navy, marineblauwe uniformen; andere landen volgden dat voorbeeld snel – maar was behoorlijk duur. Daarom wisselde men het blauw af met goedkoop wit.

Het Franse zeeliedenuniform werd in de loop der tijd door verschillende andere naties overgenomen. Zo kent de Russische Marine sinds 1874 een nauw aansluitend, gestreept onderhemd, de telnjasjka, als onderdeel van het matrozenuniform. Michael Terletski, "Telnyashka History", Russian-Crafts.com, online geraadpleegd op 7 augustus 2015. Gearchiveerd op 22 juni 2024. In 1877 nam de Nederlandse Koninklijke Marine het kledingstuk op in de uniformvoorschriften, maar vermoedelijk werd de marinière of 'borstrok' al vanaf het midden van de jaren 1860 gedragen door matrozen. In 1965 verdween de marinière uit de Nederlandse uniformen en werd ze vervangen door het sportwitje. "Marinemode en de geschiedenis van het frokje", marineschepen.nl, 3 maart 2015, online geraadpleegd op 18 maart 2016.

Huidig gebruik in militaire uniformen thumb|Mariniers van de Russische Marine-infanterie paraderen in uniform (met marineblauwe telnjasjka en matrozenkraag) door Moskou, 2008. De marinière vormt nog altijd een onderdeel van de matrozenuniformen van enkele landen. Andere elementen uit het historische uniform, zoals de matrozenkraag, zijn echter wijder verspreid.

In de Franse marine maakt de marinière deel uit van dienstuniformen 22 bis en 23. Verder bestaan die uniformen uit een blauwe of witte pantalon, een blauw vest, een matrozenkraag en een muts. Officiers in de Franse zeemacht dragen nooit een marinière en ook matrozen dragen onder de meeste omstandigheden niet langer een marinière.

In de Russische strijdkrachten overleeft de traditie van een gestreept onderhemd in jersey eveneens. De marine van de Sovjet-Unie nam de telnjasjka over uit het uniform van de Russische Keizerlijke Marine, waar het in 1874 werd ingesteld, en gaf de telnjasjka op haar beurt door aan de marine, het marinekorps en de luchtmacht van de Russische Federatie. Voor de verschillende eenheden zijn tegenwoordig verschillende kleurencombinaties in gebruik: de zwart-witte telnjasjka is voor duikers, marineblauwe strepen zijn voor matrozen en mariniers, lichtgroene strepen zijn voor grenswachters, kastanjebruine strepen voor bepaalde commando's van het ministerie van Binnenlandse Zaken, korenbloemblauwe strepen voor soldaten van het Kremlinregiment en de speciale eenheden van de Federale Veiligheidsdienst, en oranje strepen voor werknemers van het ministerie van Burgerbescherming. Alexéi Pleshanov en Russkaya Semyorka, "How the Breton shirt became the telnyashka", Russia & India Report, 11 augustus 2014, online geraadpleegd op 7 januari 2016.

Modegeschiedenis Elementen uit het uniform van de Franse matrozen, zoals de marinière en matrozenkraag, werden in de late 19e en de 20e eeuw opgepikt door niet-matrozen. Zo vonden deze kledingstukken hun weg naar de kindermode, badmode, vrijetijdskleding en haute couture. Amber Jane Butchart, Nautical Chic. Londen: Thames & Hudson, 2015.

19e eeuw: Bretonse werkmanskleding en badmode thumb|left|150px|Mannenbadpak, 1920. Eind 19e en begin 20e eeuw was veel badmode gestreept. Eind 19e eeuw raakte het uniform van de Franse matrozen langzamerhand ingeburgerd bij andere zeelieden en werklui in Noord-Frankrijk, met name in Bretagne. Tot in de 20e eeuw droegen sommige arbeiders en boeren in Bretagne een wit-blauw gestreept bovenstuk. Het beeld van Bretonse mannen met een matrozentrui is dankzij de Onion Johnnies, reizende boeren uit Noord-Frankrijk die in Engeland van deur tot deur gingen om hun uien te verkopen, vereeuwigd in het stereotype van 'de Fransman'. Rachel Hope Cleves, "French Clichés", The Not So Innocents Abroad, 19 december 2013, online geraadpleegd op 7 augustus 2015.

Toen strandtoerisme een breder publiek begon te bereiken in de tweede helft van de 19e eeuw, vormde het matrozenuniform eveneens een inspiratiebron voor de eerste badmode. Ondergoed en zwemkleding veranderden snel onder invloed van nieuwe opvattingen over hoe hygiënische en reine kleding er hoorde uit te zien. Tot in de 19e eeuw was onderkleding altijd wit of ecru en werd ze niet met dierlijke kleurstoffen gekleurd. Rond 1860 begon dat te veranderen in het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. Gekleurde onderkleding werd modieus. Als compromis tussen de veronderstelde reinheid van witte kledij en het modieuze van kleuren, koos men doorgaans voor pastelkleuren (wit vermengd met een kleur) of strepen (wit en een kleur wisselen elkaar af). Die trend verspreidde zich over het Europa en Amerika van de belle époque. Men voorzag alles van zwemkledij tot strandcabines van een strepenpatroon. Aan de kust, en vooral in de populaire badsteden in Noord-Frankrijk, kwam de voorliefde voor gestreepte kledij samen met de traditie van de marinière. De matroos met zijn gestreepte trui was tenslotte een enigszins exotisch verschijnsel voor de nieuwe generaties toeristen. Er gebeurde iets gelijkaardigs in het Verenigd Koninkrijk, waar een portret van de jonge prins Albert Eduard in wit-blauw matrozenpak aanleiding gaf tot een rage van matrozenpakjes voor kinderen vanaf de jaren 1860. "British Royalty: Edward VII--Boyhood Clothing", Historical Boys' Clothing, 28 oktober 2014, online geraadpleegd op 29 juli 2015. Gearchiveerd op 22 juni 2024. Amber Jane Butchart, Nautical Chic. Londen: Thames & Hudson, 2015, p. 52.

20e eeuw: rebelse mode Recuperatie door Chanel thumb|Gabrielle 'Coco' Chanel in een marinière en een rechte broek tijdens het interbellum, vermoedelijk rond 1928-1930.