De TT van Man 1980 werd verreden van 31 mei tot 6 juni 1980 op de Snaefell Mountain Course op het eiland Man. Door de Interval-start reed men eigenlijk een tijdrace.

De wedstrijden eisten vier mensenlevens: Flag Marshal Percy GuestPercy Guest was postbeambte en amateurvoetballer bij St Johns United AFC in St Johns. Hij deed ook al jaren dienst als "Flag Marshal" tijdens de Isle of Man TT en de Manx Grand Prix. Na zijn overlijden werd voor de kerkmuur in Braddan een bankje geplaatst, de Percy Guest Memorial Seat, met het opschrift: "In memory of Percy Guest from the TT Marshals, Post Office and St John's AFC" werd door een motorrijder aangereden toen hij Vicarage Road naast de kerk van Braddan wilde afsluiten. Hij overleed aan zijn verwondingen. Op de middag van dezelfde dag (31 mei) verongelukte zijspancoureur Marty AmesMarty Ames had weinig ervaring op het eiland Man. Hij had er drie keer als solorijder in de Manx Grand Prix gereden en debuteerde als zijspancoureur. Hij verongelukte kort na de start op Quarterbridge Road, wat betekent dat hij minder dan 2 km had afgelegd. op Quarterbridge Road in Douglas. In dezelfde race verongelukte bakkenist Andrew HolmeAdrew Holme fungeerde voor het eerst als bakkenist op het eiland Man, maar zijn rijder Peter Williams was er zeer ervaren. Hij reed al vanaf 1972 op het eiland, als zijspancoureur maar ook een aantal malen als bakkenist bij Glentramman. Op 6 juni verongelukte Roger CorbettRoger Corbett was een zeer evaren coureur op de Mountain Course, met twee starts in de Manx Grand Prix en achttien starts in de Isle of Man TT tijdens de Classic TT bij Glen Helen.

Formula One TT Toegelaten: tweetaktmotoren van 350 tot 500 cc, viertaktmotoren van 600 tot 1000 cc.

Tijdens de trainingen was de winnaar van 1979, Alex George, bij Ginger Hall zo hard gevallen dat hij niet kon starten. George had toen wel al de snelste trainingstijd gezet. Zijn Heron-Texaco-Suzuki-GB fabrieksracer werd overgenomen door Graeme Crosby. De eerste twee ronden van de Formula One TT ging Graeme McGregor met de 998 cc fabrieks-Honda aan de leiding, maar hij moest langzamer gaan rijden omdat hij voor intermediates gekozen had en in de derde ronde moest hij zelfs opgeven door een gebroken koppelingskabel. Ron Haslam, die als derde getraind had, moest stoppen toen bij de sprong bij Ballaugh Bridge zijn ketting brak. Graeme Crosby (Suzuki RG 500) begon de race rustig aan, vanwege het natte wegdek. Hij klom vanaf het middenveld langzaam naar de kop, maar had zijn aanval te laat ingezet en op de finish kwam hij elf seconden tekort op Mick Grant met zijn 998 cc Honda. Derde werd Sam McClements, een opmerkelijke prestatie, want Sam had in 1975 weliswaar de Senior-race van de Manx Grand Prix gewonnen, maar dat was een amateurrace. In de Isle of Man TT had hij nooit een toptienplaats gescoord. Protest De tankinhoud van de motorfietsen mocht 24 liter bedragen, terwijl de zware 998 cc Honda dorstiger werd geacht dan de 500 cc Suzuki's. De Honda had echter een 28 litertank. Graeme McGregor had dat probleem opgelost door een vulling in de tank te stoppen (volgens sommige bronnen kleine plastic flacons, volgens andere tennisballen). Graeme Crosby verbaasde zich na de finish dan ook over het feit dat McGregor aan één tankstop genoeg had gehad. Later was hij er samen met Gordon Pantall, de sponsor van Alan Jackson, getuige van dat McGregor met zijn vuisten deuken in zijn tank sloeg om die kleiner te maken. Zowel Crosby als Pantall dienden een protest in tegen McGregor, die er waarschijnlijk rekening mee hield dat zijn "tankvulling" was gaan lekken. Crosby trok zijn protest later weer in, maar Pantall hield vol. De jury stelde hem echter in het ongelijk nadat in overleg met de keurmeester was vastgesteld dat de tank bij de start inderdaad aan de eisen voldeed. Uitslag Formula One TT Pos Coureur Merk Tijd Snelheid 1 Mick Grant Honda 2.08'59"8 105,29 mph 2 Graeme Crosby Suzuki 2.09'10"6 105,14 mph 3 Sam McClements Honda 2.09'12"6 105,12 mph 4 Alan Jackson jr. Kawasaki 2.10'19"8 104.21 mph 5 Michael Hunt Kawasaki 2.13'57"6 101,39 mph 6 Keith Buckley Honda 2.15'44"8 100,06 mph 7 Jeff Jones Suzuki 2.15'52"0 99,97 mph 8 Stan Woods Honda 2.16'42"4 99,35 mph 9 Jim Wells Kawasaki 2.18'36"0 98,00 mph 10 Allistair Copeland Honda 2.18'44"2 97,90 mph 11 Hans-Otto Butenuth Honda 2.19'43"4 97,21 mph 14 Trevor Nation Kawasaki 2.20'21"0 96,77 mph 29 Jeffrey Sayle Granby-Yamaha 2.27'15"2 92,24 mph 30 Ray Knight Daryn-Honda 2.28'04"6 91,72 mph 31 Frank Rutter Chell-Maxton-Honda 2.28'05"0 91,72 mph DNF Ron Haslam Honda kettingbreuk DNF Graeme McGregor Honda koppelingskabel DNF Eddie Roberts Ducati DNF Tony Rutter Ducati DNF Bill Smith Honda Senior TT Toegelaten: alle motoren van 350 tot 500 cc

Ian Richards reed in de Senior TT vijf ronden lang aan de leiding, maar in de laatste ronde viel hij bij Ballacraine stil met een defecte versnellingsbak. Daardoor won Graeme Crosby de race, een pleister op de wonde voor de verloren Formula One TT. Ron Haslam moest ook met een kapotte versnellingsbak opgeven. Steve Cull werd tweede en Steve Ward derde, waardoor er uitsluitend Suzuki RG 500-rijders op het podium stonden. Uitslag Senior TT Pos Coureur Merk Tijd Snelheid 1 Graeme Crosby Suzuki 2.03'52"2 109,65 mph 2 Steve Cull Suzuki 2.04'45"6 108,87 mph 3 Steve Ward Suzuki 2.05'05"2 108,58 mph 4 Stan Woods Suzuki 2.05'12"6 108,48 mph 5 Tony Rutter Yamaha 2.06'19"0 107,53 mph 6 Steve Tonkin Yamaha 2.06'22.4 107,48 mph 7 Derek Randall Suzuki 2.06'31"6 107,35 mph 8 Chas Mortimer Suzuki 2.06'49"8 107,09 mph 9 Joey Dunlop Yamaha 2.07'11"2 106,79 mph 10 Donny Robinson Yamaha 2.07'21"2 106,65 mph 11 Jeffrey Sayle Yamaha 2.07'34"6 106,46 mph 12 Bill Smith Suzuki 2.07'57"8 106,14 mph 31 Ray Knight Honda 2.25'55"8 93,07 mph DNF Phil Mellor Yamaha DNF Ron Haslam Yamaha Versnellingsbak DNF Hans-Otto Butenuth Yamaha DNF Charlie Williams Yamaha DNF Ian Richards Suzuki Versnellingsbak Formula Two TT en Formula Three TT Toegelaten: Formula Two: tweetaktmotoren van 250 tot 350 cc, viertaktmotoren van 400 tot 600 cc. Formula Three: tweetakmotoren van 125 tot 250 cc, viertaktmotoren van 200 tot 400 cc. De motorfietsen moesten gehomologeerd zijn: het moesten normale productiemotoren zijn waarvan er ten minste 1000 waren verkocht.

De Formula Two TT en de Formula Three TT reden tegelijk, waarbij de beide klassen om en om (twee rijders per keer) om de tien seconden werden gestart. Tussen de Formula Two en de Formula Three zat een interval van vijf minuten. De race werd vanwege de weersomstandigheden met twee uur vertraging gestart.

Hoewel er veel Honda's aan de start van de Formula Two TT stonden, sommige tot 596 cc opgeboord, was het een Yamaha RD 350 die met grote voorsprong won. Charlie Williams was precies twee minuten sneller dan Chris Guy en bijna vier minuten sneller dan Malcolm Lucas, die de start van David Mason had overgenomen. Mason was in de Formula One TT gevallen en had zijn elleboog gebroken.

In de Formula Three klasse reed Barry Smith met zijn 250cc-Yamaha twee van de vier ronden aan de leiding, maar toen moest hij een tankstop maken. Daarvan profiteerde Chris Griffiths met zijn veel zuinigere Aermacchi Ala d'Oro 350. Hij had eerst vijftig seconden achterstand, maar na Smith's pitstop zes seconden voorsprong. Toch was Smith te snel voor Griffiths. Hij achterhaalde hem weer snel en won met een ruime voorsprong. Ron Haslam stuurde zijn Honda naar de derde plaats en maakte daardoor zijn pech in de Formula One TT en de Senior TT weer een beetje goed. Protest Honda diende een protest in na de overwinning van Charlie Williams omdat de Yamaha RD 350 niet gehomologeerd zou zijn omdat er niet genoeg verkocht waren. Dit was echter kansloos: alleen al in het Verenigd Koninkrijk waren er meer dan 1.000 RD 350's verkocht. Uitslag Formula Two TT Pos Coureur Merk Tijd Snelheid 1 Charlie Williams Yamaha 1.34'04"0 96,24 mph 2 Chris Guy Honda 1.36'04"0 94,26 mph 3 Malcolm Lucas Honda 1.37'43"6 92,65 mph 4 Phil Odlin Honda 1.38'48"6 91,64 mph 5 Peter Davies Laverda 1.39'19"2 91,17 mph 6 Hans-Otto Butenuth Honda 1.40'25"4 90,17 mph 7 George Fogarty Laverda 1.40'48"4 89,82 mph 8 Roger Corbett Kawasaki 1.40'58"6 89,67 mph 9 Lennart Båckström Laverda 1.42'06"6 88,68 mph 10 David Dean Yamaha 1.42'38"2 88,22 mph 14 Ray Knight Laverda 1.45'48"2 85,58 mph DNF Frank Rutter Honda DNF Bill Smith Honda Val Uitslag Formula Three TT Pos Coureur Merk Tijd Snelheid 1 Barry Smith Yamaha 1.38'26"4 91,98 mph 2 Chris Griffiths Aermacchi 1.39'02'8 91,42 mph 3 Ron Haslam Honda 1.40'18"2 90,27 mph 4 Roger Hunter Suzuki 1.41'41"0 89,05 mph 5 Denis Casement Yamaha 1.42'24"6 88,42 mph 6 Malcolm Wheeler Aermacchi 1.42'51"2 88,04 mph 7 Ron Jones Yamaha 1.43'04"4 87,85 mph 8 Dave Arnold Aermacchi 1.43'09"9 87,78 mph 9 John Stephens Honda 1.43'34"6 87,42 mph 10 Mick Poxon Honda 1.45'13"3 86,06 mph 15 Mick Boddice Yamaha 1.52'04"2 80,00 mph DNF Neil Tuxworth Yamaha Junior TT Toegelaten: alle motoren tot 250 cc.

Na zijn overwinning in de Formula Two TT kwam Charlie Williams op donderdag na de Junior TT voor de tweede keer op het podium. Van de ochtendrace kende hij alle natte en gladde plekken en niemand kon hem bedreigen. Donny Robinson bracht Williams' voorsprong in de laatste ronde terug tot zes seconden, maar begreep ook dat hij een rijder met zoveel ervaring nooit kon verslaan, en toen Williams nog wat meer gas gaf drong Robinson niet meer aan. Uiteindelijk was het verschil tussen hen beiden twaalf seconden. Steve Tonkin reed de nieuwe 250cc-Cotton naar de derde plaats, maar hij was wel de enige van vier Cotton-rijders die de finish haalde. Chas Mortimer had de snelste trainingstijd gereden en was met zijn fabrieks-Kawasaki KR 250 ook de snelste in de race, maar zijn tankstop mislukte volledig. De benzine ging over de tank en over Mortimer zelf heen. Hij herstarte nog wel, maar na een paar kilometer, bij Quarterbridge, hield hij het voor gezien. Uitslag Junior TT Pos Coureur Merk Tijd Snelheid 1 Charlie Williams Yamaha 1.28'34"8 102,22 mph 2 Donny Robinson Yamaha 1.28'46"2 102,00 mph 3 Steve Tonkin Cotton 1.29'06"6 101,61 mph 4 Kenny Blake Yamaha 1.29'16"8 101,42 mph 5 Ian Richards Yamaha 1.30'17"0 100,29 mph 6 Bernard Murry Yamaha 1.30'37"2 99,92 mph 7 Lennart Båckström Yamaha 1.30'56'6 99,57 mph 8 Jeffrey Sayle Yamaha 1.31'21"0 99,12 mph 9 Derek Chatterton Yamaha 1.31'34"2 98,88 mph 10 Richard Swallow Yamaha 1.31'44"0 98,71 mph 12 Joey Dunlop Yamaha 1.31'58"2 98,45 mph 13 Phil Mellor Maxton-Yamaha 1.32'01"8 98,39 mph 19 Tony Rutter Cotton 1.33'15"0 97,10 mph DNF Chas Mortimer Kawasaki DNF Neil Tuxworth Yamaha DNF Graeme McGregor Cotton DNF Barry Smith Yamaha Classic TT Toegelaten: alle motoren tot 1000 cc.

De laatste race van de week, de Classic TT, werd overtuigend gewonnen door Joey Dunlop met een tamelijk tweedehands ogende Rea-Yamaha TZ 750. Mick Grant liet bij de koppelingsstart zijn motor afslaan, maar ook als dat niet was gebeurd had hij Dunlop niet kunnen bedreigen. Dunlop reed een nieuw absoluut ronderecord en moest (doordat hij geen snelvulinstallatie had) 53 seconden tanken, terwijl de tankstop van Grant slechts 12 seconden duurde. Na de tankstops had Dunlop dan ook een achterstand, maar die maakte hij al snel weer goed. Vooral de laatste ronde was spectaculair: Bij Ballacraine leidde Grant nog nipt, maar bij Ballaugh Bridge had Dunlop al 4,2 seconden voorsprong, die hij uiteindelijk tot ruim 20 seconden uitbouwde. Ron Haslam had toen al meer dan 2 minuten achterstand. De andere twee Honda-fabrieksrijders, Jeffrey Sayle en Graeme McGregor, hadden hun machines al vroeg in de race aan de kant gezet. Charlie Williams trad aan met een 350 cc Yamaha, maar die liep al vroeg in de race vast. Uitslag Classic TT