thumb|rechts|Wapenschild van de familie d'Oultremont thumb|rechts|Kasteel d'Oultremont in Drunen bij Nieuwkuijk thumb|rechts|Kasteel van Wégimont thumb|rechts|Kasteel van Warfusée thumb|rechts|Kasteel van Duras bij Sint-Truiden thumb|rechts|Kasteel van Duras bij Sint-Truiden thumb|rechts|Het kasteel d'Oultremont in Ham-Sur-Heure thumb|rechts|Kasteel d'Oultremont in Helissem thumb|rechts|Zalige Emilie d'Oultremont thumb|rechts|Mausoleum van de familie d'Oultremont D'Oultremont is een Zuid-Nederlands adellijk geslacht, van historisch belang voor het prinsbisdom Luik. Het is ook bekend onder de namen d'Oultremont de Wégimont de Warfusée en d'Oultremont de Wégimont de Duras.

Geschiedenis In 1731 werd door keizer Karel VI de titel graaf van het Heilige Roomse Rijk verleend aan Jean-François d'Oultremont en overdraagbaar op alle afstammelingen (zie hierna). Jean-François was de jongere broer van Jean-Baptiste d'Oultremont, zonder erfgenamen.

In 1816 werden drie achterkleinzoons van François d'Oultremont in de erfelijke adel van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden opgenomen.

Genealogie Jean François Paul Emile d'Oultremont (Luik, 20 april 1679 - Warfusée, 22 november 1737) was getrouwd met Maria Isabella van Beieren-Schagen (1677-1733). De opgang van de familie werd bekroond door de grafelijke titel toegekend in 1731. Jean d'Oultremont (1715-1782), trouwde in Leiden in 1750 met Maria Jacoba Tiarck Waltha (1717-1802). Zij hadden negen kinderen, onder wie: Charles-Ignace d'Oultremont de Wégimont (1753-1803), die trouwde met Anne de Neuf d'Aische (1757-1830). Émile d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (zie hierna). Olympe d'Oultremont de Wégimont (1798-1844), trouwde met baron Ferdinand du Bois de Nevele (1795-1862). Ferdinand d'Oultremont (1760-1799), die trouwde met de Haagse erfdochter en weduwe van bankier Dirck de Smeth, Russische rijksbaron, vrijheer van Deurne en Liesselt (1754-1779), Johanna-Suzanna Hartsinck (1759-1830). Charles d'Oultremont (zie hierna). Henriette d'Oultremont de Wegimont (1792-1864), morganatische echtgenote van koning Willem I der Nederlanden. Ferdinand d'Oultremont (zie hierna). Karel Nicolaas Alexander d'Oultremont (1716-1771), graaf van Oultremont, werd prins-bisschop van Luik. Hij was nog leek toen het kathedraalkapittel hem koos, en hij werd in ijltempo gewijd tot diaken, priester en bisschop. Hij legde zich toe op zijn geestelijke activiteiten en liet het politieke en ambtelijke bestuur van het prinsbisdom over aan zijn broer Jean. Dit was een hoogtepunt in de macht en invloed van de d'Oultremonts.

De revolutiejaren waren niet gunstig voor de familie d'Oultremont, van wie de meesten naar Duitse gebieden emigreerden, om onder het Franse Consulaat en keizerrijk stilaan weer hun eigendommen in de Zuidelijke Nederlanden in bezit te nemen.

Toen in 1815, ten tijde van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, het adellijk statuut werd hersteld, werden een zoon van het echtpaar d'Oultremont-de Neuf en twee zoons van het echtpaar d'Oultremont-Hartsinck opnieuw in de adel opgenomen. De vrouwen die nog ongehuwd waren, zoals Henriette d'Oultremont de Wégimont, dochter van laatstgenoemden, werden niet formeel, maar als het ware vanzelfsprekend, mee in de adel opgenomen.

Émile d'Oultremont Émile d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (Antwerpen, 21 juli 1787 - Saint-Georges-sur-Meuse, 4 augustus 1851) werd in 1816 erkend in de erfelijke adel, met de titel graaf, overdraagbaar op alle afstammelingen, zowel mannelijke als vrouwelijke. Hij werd vooral actief na de Belgische Revolutie, werd verkozen tot lid van het Nationaal Congres en werd senator. Hij trouwde in 1814 in Wégimont met barones Marie-Françoise de Lierneux de Presles (1785-1850). Ze kregen twee zoons en twee dochters. Théodore d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1815-1875), burgemeester van Saint-Georges-sur-Meuse, provincieraadslid van Luik en voorzitter van de Société agricole de Belgique, trouwde in 1837 in Warfusée met barones Apoline de Copis (1818-1875). Ze kregen vijf zoons. Émile d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1838-1894), gemeenteraadslid van Saint-Georges-sur-Meuse en provincieraadslid van Luik, trouwde in 1871 in Warfusée met gravin Angélique de Mercy-Argenteau (1846-1898), kleindochter van baron Arnoud Willem van Brienen van de Groote Lindt. Ze kregent twee zoons en een dochter. Adélaïde d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1873-1948), trouwde in 1897 in Elsene met graaf Jean de Beauffort (1868-1921), cavaleriekolonel en burgemeester van Loyers, zoon van markies Albert de Beauffort, burgemeester van Onoz, senator en gouverneur van Namen. Ze kregen vier zoons en twee dochters, met afstammelingen tot heden. Baudouin d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1874-1936), onderluitenant en militair attaché in Sint-Petersburg. Hij bleef vrijgezel. Hadelin d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1877-1943), voorzitter van de Aéro-Club Royale de Belgique, vicevoorzitter van de Fédération Aéronautique Internationale, organisator van de eerste ballonwedstrijd in België en Grootmeester van het Hof van prins Leopold, trouwde in 1912 in Neuville-sous-Huy met prinses Hélène de Ligne (1887-1963), kleindochter van prins Eugène de Ligne. Ze kregen twee zoons en een dochter, met afstammelingen tot heden. Florent d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1844-1898), heer van Beusdael en burgemeester van Sippenaeken. Hij bleef vrijgezel. Eugène d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1844-1889), trouwde in 1872 in Brussel met gravin Clotilde van den Steen de Jehay (1850-1932), kleindochter van baron Charles van den Steen de Jehay en burggraaf Pierre-Charles Desmanet de Biesme. Ze kregen een zoon en drie dochters. Marie-Thérèse d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1874-1950), trouwde in 1896 in Tavier met jhr. Albert Visart de Bocarmé (1868-1947), historicus, numismaat en burgemeester van Uitbergen, zoon van graaf Amedée Visart de Bocarmé, bosbouwer, burgemeester van Brugge en volksvertegenwoordiger. Het huwelijk bleef kinderloos. Joseph d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1877-1942), burgemeester van Tavier, voorzitter van de Koninklijke Belgische Hockey Bond en de Koninklijke Belgische Voetbalbond, trouwde in 1904 in Eijsden met gravin Isabelle de Geloes d'Eysden (1885-1960). Ze kregen drie zoons en een dochter, met afstammelingen tot heden. Élisabeth d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1879-1953), trouwde in 1900 in Brussel met baron Adolph von Fürstenberg-Stammheim (1870-1950), burgemeester van Remersdaal. Ze kregen twee zoons en een dochter, met afstammelingen tot heden. Émilie d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1818-1878) was getrouwd met baron Victor van der Linden d'Hooghvorst (1813-1847), zoon van baron Emmanuel van der Linden d'Hooghvorst, lid van het Voorlopig Bewind. Ze kregen twee zoons en twee dochters, met afstammelingen tot heden. Nadat ze vroeg weduwe was geworden, stichtte ze de Congregatie van Maria Reparatrix. In 1997 werd ze door paus Johannes-Paulus II zalig verklaard. Charles d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1819-1874), trouwde in 1843 in Wasseiges met gravin Eugénie de Bryas (1824-1900), dochter van graaf Alexandre de Bryas, Frans cavaleriekolonel en parlementslid. Ze kregen twee zoons en twee dochters. Henriette d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1856-1929), trouwde in 1877 in Brussel met graaf Eugène d'Oultremont (1845-1916), onderluitenant van de cavalerie en burgemeester van Presles. Ze kregen vier zoons en een dochter, met afstammelingen tot heden. Étienne d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1858-1899), burgemeester van Presles. Hij bleef vrijgezel.

Charles d'Oultremont de Wégimont de Duras Charles d'Oultremont (Rijsel, 18 juli 1789 - Parijs, 11 maart 1852) was een zoon van graaf Ferdinand d'Oultremont en Jeanne-Suzanne Hartsinck. Hij trouwde in 1814 in Brussel met de weduwe van prins Louis de Ligne, gravin Louise van der Noot de Duras (1785-1864). Ze kregen twee zoons en drie dochters. In 1816 werd hij erkend in de erfelijke adel met de titel graaf, overdraagbaar op alle afstammelingen en benoeming in de Ridderschap van Luik. Hij was schildknaap van koning Louis Bonaparte en daarna kamerheer van Willem I der Nederlanden en ceremoniemeester aan het hof. Octave d'Oultremont de Duras (1815-1898), kamerheer van koning Willem I der Nederlanden, burgemeester van Duras en Grootmaarschalk van het huis van de graaf van Vlaanderen, trouwde in 1844 met markiezin Marie-Rose d'Ennetières (1819-1876), dochter van Frédéric d'Ennetières, burgemeester van Houtaing en senator. Ze kregen een zoon en een dochter. Hij had vervolgens een relatie met Victoire Fritz-De Grauw (1842-1919). Ze kregen een zoon en drie dochters, met afstammelingen tot heden. Adhémar d'Oultremont de Duras (1845-1910), ambassaderaad, burgemeester van Houtaing en senator, trouwde in 1880 in Dülmen met prinses Clémentine de Croÿ-Dülmen (1857-1893), kleindochter van hertog Alfred de Croÿ-Dülmen en prins Eugène de Ligne. Ze kregen twee zoons. Emmanuel d'Oultremont de Duras (1881-1958), burgemeester van Duras, trouwde in 1909 in Brussel met gravin Antoinette d'Oultremont (1885-1966). Ze kregen drie dochters, met afstammelingen tot heden. De familietak doofde in 2006 uit. Adrien d'Oultremont de Duras (1828-1898), kasteelheer van het kasteel van Meldert, trouwde in 1851 in Luik met barones Valérie de Copis (1833-1913), dochter van baron Constantin de Copis, kamerheer van koning Willem I der Nederlanden, gemeenteraadslid van Luik en lid van de Provinciale Staten van Luik. Ze kregen twee dochters. Bathilde d'Oultremont de Duras (1853-1933), trouwde in 1876 in Brussel met baron Albert de Beeckman de Vieusart (1842-1933), provincieraadslid van Namen, kleinzoon van baron Auguste-Charles de Beeckman de Vieusart. Ze kregen een dochter, met afstammelingen tot heden. Ze waren de schoonouders van graaf Philippe de Lannoy. Caroline d'Oultremont (1853-1933), trouwde in 1875 in Brussel met graaf Ferdinand de Baillet Latour (1850-1925), burgemeester van Brasschaat, provincieraadslid van Antwerpen, gouverneur van Antwerpen en senator, kleinzoon van graaf Ferdinand de Baillet. Ze kregen twee zoons, onder wie graaf Henri de Baillet Latour, en een dochter, met afstammelingen tot heden.

Ferdinand-Joseph d'Oultremont de Wegimont Joseph Ferdinand Emile d'Oultremont (Kleef, 27 februari 1797 - Brussel, 18 april 1868), heer van Drunen, was een broer van Charles d'Oultremont (hiervoor). Hij trouwde in 1825 in Brussel met de Engelse Isabelle Bonham (1808-1872). Ze kregen acht zoons en zes dochters. In 1816 werd hij zoals zijn neef en zijn broer in de erfelijke adel erkend met de titel graaf, overdraagbaar op alle afstammelingen. Hij was kamerheer van koning Willem I der Nederlanden en zijn broer prins Frederik. Hij bleef na 1830 nog een paar jaar in Nederland, maar vanaf 1832 kwam hij naar België. Ferdinand-Guillaume d'Oultremont (1826-1852), legatiesecretaris. Hij bleef vrijgezel. Émile d'Oultremont (1831-1896), cavaleriekapitein, burgemeester van Gondreghem en senator, trouwde in 1860 in Gondregnies met barones Juliette Tahon de la Motte (1837-1912). Ze kregen vijf zoons en twee dochters. Isabelle d'Oultremont (1862-1942), trouwde in 1886 in Brussel met baron Gaston Pycke de Peteghem (1859-1933), burgemeester van Nouvelles, zoon van baron Oscar Pycke de Peteghem, burgemeester van Petegem-aan-de-Schelde en senator. Georgine d'Oultremont (1832-1915), Grootmeesteres van het Huis van de gravin van Vlaanderen, prinses Maria, trouwde in 1851 in Blicquy met baron Gustave van den Bossche d'Heylissem (1824-1907), legatiesecretaris, burgemeester van Opheylissem en suikerindustrieel. Het huwelijk bleef kinderloos. Louise d'Oultremont (1834-1918), trouwde in 1858 in Brussel met graaf Léon de Borchgrave d'Altena (1824-1873), artillerieofficier. Ze kregen twee zoons en twee dochters, met afstammelingen tot heden. Frédéric d'Oultremont (1836-1863), luitenant.