thumbtime=0:20|thumb|Bioscoopjournaal uit oktober 1954. Reportage over de vluchtelingen uit Triëst. Vluchtelingen uit Oost-Europa die enkele jaren in Triëst verbleven, komen per trein aan in Arnhem. Door de radio-actie Een ton voor Triëst, waarmee 2,5 ton werd ingezameld, konden gezinnen waarvan een of meer leden aan tuberculose lijden, naar Nederland komen.
Er leven in 2023 zo'n vierhonderdduizend vluchtelingen in Nederland, gedefinieerd als asielzoekers, statushouders of ex-statushouders. De meesten van hen zijn inmiddels genaturaliseerde Nederlanders. Er is een jaarlijkse toestroom van asielzoekers, dat zijn mensen die voor een verblijfsstatus als erkende vluchteling in aanmerking willen komen. Het aantal verzoeken in Nederland heeft per jaar sterk gevarieerd. Zo waren het er in 1994, het piekjaar van de jaren negentig, ruim 52 000, tussen 2004 en 2007 nog geen tienduizend per jaar, terwijl er in 2015 49 500 nieuwe asielverzoeken inclusief gezinshereniging werden gedaan (59 100 inclusief herhaalde verzoeken). In 2018 werden ruim dertigduizend asielverzoekenAsielverzoeken; nationaliteit vanaf 1975 ingediend. Een belangrijk deel van de in de loop der jaren bij elkaar achthonderdduizend verzoeken is niet gehonoreerd, terwijl vele statushouders of genaturaliseerden het land weer verlaten hebben. Ongeveer de helft bleef over. Vluchtelingen zijn in Nederland vaak onderwerp geweest van een maatschappelijk en politiek debat.
Herkomstlanden Vluchtelingen vormen het merendeel van belangrijke groepen immigranten, met name die uit Afghanistan (in totaal 44 000), Ethiopië (12 500), Irak (55 000), Iran (37 000), Somalië (39 000), Syrië (23 700) en voormalig Joegoslavië (52 300) (de cijfers zijn van 2014).VluchtelingenWerk, ‘Vluchtelingen in getallen 2015’Republiek Allochtonië, ‘De cijfers’, 16 november 2014
In 2015 was met afstand het belangrijkste herkomstland van asielaanvragers, op een totaal van ruim 56 000 asielverzoeken en herhaalde verzoeken, Syrië (48% van de verzoeken). Dit als gevolg van de Syrische Burgeroorlog die in 2011 uitbrak. Andere belangrijke herkomstlanden waren dat jaar Eritrea (14%), Irak (6%), Afghanistan (4%), Iran (3%) en Somalië (2%).Immigratie- en Naturalisatiedienst rapportage november 2015
Om de asielprocedures te versnellen, bracht de regering in november 2015 een lijst uit van herkomstlanden die als veilig kunnen worden beschouwd.Kamerbrief over de toepassing van het concept veilige landen, 3 november 2015‘Lijst veilige herkomstlanden asielzoekers’, Elsevier 3 november 2015 Een asielzoeker uit een land op de lijst zal met een 'zwaardere bewijslast' moeten komen om zijn gevaar aan te tonen. Met de lijst liep de regering vooruit op een Europese lijst van veilige landen. Op de lijst staan onder meer Albanië, Bosnië-Herzegovina, Kosovo, Montenegro, Noord-Macedonië en Servië. De Nederlandse overheid gaat ervan uit dat inwoners van deze landen in principe geen gegronde vrees voor vervolging kunnen hebben en daarom niet in aanmerking komen voor een vluchtelingenstatus.
Asiel
De procedure In theorie is de procedure: De asielzoeker meldt zich in Ter Apel of (als alleenstaande minderjarige asielzoeker) op Schiphol, Hij gaat een paar dagen later naar een van de vier landelijke aanmeldcentra, Hij wordt daar ondervraagd (‘eerste’ en ‘nader’ gehoor), Hij krijgt een tijdelijke verblijfsvergunning, eventueel ook voor familieleden, of hij krijgt een afwijzing en moet binnen vier weken Nederland verlaten, maar kan in beroep gaan.Immigratie- en Naturalisatiedienst, 'Wat is asiel'
Een positieve beslissing kan in theorie binnen acht dagen vallen.VluchtelingenWerk, Verlengde asielprocedure Een negatieve kan ook binnen acht dagen komen, bijvoorbeeld als de asielzoeker terug moet naar een ander Europees land waar hij of zij asiel kon krijgen volgens de Dublinverordening, of als het asielverzoek ‘kennelijk ongegrond’ is bijvoorbeeld omdat de asielzoeker uit een veilig geacht land afkomstig is. Als de asielzoeker alle mogelijkheden van beroep benut, kan de procedure zich maanden, zo niet jaren, duren c.q. voortslepen.Ministerie van Veiligheid en Welzijn, ‘Veelgestelde vragen’
Oorlogsmisdadigers zijn uitgesloten van asiel, volgens Artikel 1F Vluchtelingenverdrag. Enkele honderden asielzoekers in Nederland zijn aangemerkt als ‘1F- er’.‘Afghaanse 1F-zaken in het nieuws’, VluchtelingenWerk 6 april 2012
Wisselende aantallen asielzoekers Het aantal asielverzoeken in Nederland heeft per jaar sterk gevarieerd. In de periode 1993-2014 was dat aantal het hoogst in 1994 (52 000) en het laagst in 2004 en 2007 (tienduizend). In de ‘piekperiode’ 1995-2001 varieerde het aantal van 22 000 tot 45 000, in de dalperiode 2002-2013 varieerde het van tienduizend tot vijftienduizend. In 2015 werden ruim vijftigduizend nieuwe asielverzoeken gedaan (inclusief herhaalde verzoeken was het aantal ruim 56 000).VluchtelingenWerk CijfersImmigratie- en Naturalisatiedienst rapportages
Het aantal asielzoekers in de asielzoekerscentra en andere centrale opvang wisselde ook sterk. In de periode van 1996-2015 was dat aantal het hoogst in 2001 (83 800) en het laagst in 2012 (14 600). In de piekperiode 1998-2003 varieerde het van ruim vijftigduizend tot ruim tachtigduizend, in de dalperiode 2007-2013 tussen ruim 14 000 en ruim 21 000. Eind 2015 stond het aantal asielzoekers in centrale opvang op ruim 45 000.Cijfers van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers
Ook de aantallen asielzoekers uit een bepaald land hebben sterk gevarieerd. Zo kwamen er tot 2014 maar heel weinig asielzoekers uit Eritrea. In april 2014 kwamen er ruim duizend Eritreeërs, in juni 2014 slechts tweehonderd, in november 2015 echter twaalfhonderd. Syrische asielzoekers waren er nauwelijks tot 2012, toen er zich 450 meldden; hun aantal liep op tot meer dan twintigduizend in 2015. In de jaren rond 1995 meldden zich meer dan vijftigduizend asielzoekers uit voormalig Joegoslavië, dat aantal was in 2015 gedaald tot enkele honderden.
Belangrijke politieke factoren in de komst van veel asielzoekers waren onder meer, in chronologie:Vluchtelingen in getallen 1992: veel asielzoekers uit oorlogsgebied in voormalig Joegoslavië 1994: door verscherpt asielbeleid in Duitsland meer asielzoekers in omringende landen 1997-2000: veel asielzoekers uit oorlogsgebied in Afghanistan, Irak en Kosovo 2008: veel asielzoekers uit oorlogsgebied in Somalië en Irak 2014 en daarna: veel asielzoekers uit oorlogsgebied in Syrië
Toelating In de jaren negentig werd ongeveer 40% van het aantal asielaanvragers toegelaten, op grond van vrees voor vervolging of op humanitaire gronden. Na de invoering van de Wet Cohen in 2000 daalde niet alleen het aantal verzoeken sterk maar ook het toelatingspercentage. Het aantal ingewilligde verzoeken lag de eerste jaren van de eenentwintigste eeuw soms niet hoger dan zo'n vijftienhonderd. Daarna begon het percentage echter weer flink te stijgen. De toelatingsratio varieerde van veertig tot zeventig procent in de jaren 2008-2015.Immigratie- en Naturalisatiedienst, Asylum Trends, November 2015 De toekenning van verblijfsvergunningen verschilde sterk per nationaliteit. In 2015 is van de asielzoekers uit Syrië en Eritra zo’n negentig procent toegelaten. Het toelatingspercentage lag voor asielzoekers uit Irak, Iran en Somalië op of boven de vijftig procent, maar was minder dan tien procent voor asielzoekers uit Albanië, Bosnië-Herzegovina, Georgië, Macedonië en Servië.VluchtelingenWerk, ‘Feiten en cijfers’
Een uitgangspunt van de Dublinverordening is dat het eerste EU-land waar de asielzoeker aankomt verantwoordelijk is voor de asielprocedure. Door betere controle door Frontex en registratie aan de buitengrenzen willen EU-landen ervoor zorgen dat de Dublinverordening tot beperking van de instroom leidt.Rijksoverheid: 65 vragen en antwoorden over asielbeleid
Binnen drie maanden na het verkrijgen van een verblijfsvergunning kan een vluchteling een visum aanvragen voor gezinsleden die hij of zij wil laten overkomen. Voordat een partner of gezinslid komt, moeten die met documenten de gezinsband kunnen aantonen. De kosten van het laten overkomen van familieleden zijn in principe voor de asielzoeker. Er geldt geen "voldoende middelen" vereiste bij gezinshereniging, zoals dat bij reguliere immigratie van bijvoorbeeld een huwelijkspartner geldt, waarbij de zich in Nederland verblijvende partner het levensonderhoud van de immigrerende partner moet garanderen. Als VluchtelingenWerk de aanvrager begeleidt, is een gedeeltelijke vergoeding van toepassing uit het Vluchtelingenfonds.Immigratie- en Naturalisatiedienst, ‘Nareis asiel’ Kindhuwelijken worden bij die aanvraag niet erkend.Ministerie van Veiligheid en Justitie, ‘Wet tegengaan dwanghuwelijk treedt op 5 december 2015 in werking’
Cijfers in internationaal perspectief Verhoudingsgewijs gaat het bij asielzoekers in Nederland om beperkte aantallen. 29 januari 2019 telt Nederland 103,818 vluchtelingen, wat 0,6% is van de bevolking.‘’UNHCR’’ 29 januari 2019 Genaturaliseerden worden hierbij buiten beschouwing gelaten en brachten het percentage dat jaar op een kleine twee percent. Personen met een niet-westerse migratieachtergrond vormden in 2017 in Nederland ruim 12% van de totale bevolking.Centraal Bureau voor Statistiek (2017) Vaak wordt gesteld dat 'Nederland niet de hele wereld kan opnemen' maar dat gebeurt dan ook niet. De vijftigduizend nieuwe asielverzoeken in 2015 in Nederland ingediend stonden gelijk aan 0,08 procent van het wereldwijde aantal vluchtelingen en ontheemden (zestig miljoen) en vijf procent van het aantal asielverzoeken in de Europese Unie (een miljoen).Rode Kruis, ‘60 miljoen mensen op de vlucht’ In 2022 was het aantal vluchtelingen wereldwijd gestegen tot honderd miljoen. Zo'n vier promille daarvan bevond zich in Nederland, genaturaliseerden en directe nakomelingen meegerekend. In de eerste helft van 2015 stond Nederland op de negende plaats voor het absolute aantal asielaanvragen in vergelijking met andere landen in de Europese Unie. Gemeten naar het aantal inwoners stond Nederland begin 2015 op de elfde plaats en begin 2017 op de vijftiende plaats.Rijksoverheid: 65 vragen De een miljoen asielzoekers in 2015 in de Europese Unie staan gelijk aan 0,2 procent van de EU-bevolking (500 miljoen). Volgens de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR waren er in Nederland in 2015 per duizend inwoners vijf vluchtelingen/asielzoekers. In Turkije zijn dat er vijfentwintig, in Libanon tweehonderd.UNHCR Statistics and Operational Data De vaak bepleite 'opvang in de regio' is al de normale praktijk. Wereldwijd blijft 95 procent van de vluchtelingen in eigen land of vlucht niet verder dan naar een naburig land.UNHCR, ‘Facts and Figures about Refugees 2014’ Van de wereldbevolking is 3,3% migrant, migratie vertoont een stijgende lijn.United Nations Population Fund, ‘Migration’ 2015 De stijging doet zich vooral voor in de absolute aantallen. Afgezet tegen de groeiende wereldbevolking ligt de migratie tussen landen onderling op een vrij stabiel niveau. In 1960 was het percentage migranten 3,1%. Dat niveau ligt relatief veel lager dan in de periode 1830-1950 toen zich door het kolonialisme en de wereldoorlogen enorme migratiestromen voordeden.De Haas (2023). p. 31-33 In de periode 2000-2015 stonden de aantallen vluchtelingen gelijk aan 0,5 tot 0,9% van de wereldbevolking. Vluchtelingen vormen dus slechts een minderheid van de migranten. Dat blijft zo als echte illegalen (die zich nooit hebben aangemeld voor asiel) worden meegeteld of als men zich beperkt tot migratie uit de Derde Wereld naar rijke landen. Ook bij die categorie bestaat de meerderheid uit uitgenodigde arbeidsmigratie. Migratie wordt niet in belangrijke mate opgedreven door bevolkingsgroei.De Haas (2023). p. 296-297
Categorieën vluchtelingen en vreemdelingen Uitgenodigde vluchtelingen