Het gelukskantoor is een boek met korte verhalen geschreven door Agatha Christie. Het werk kwam oorspronkelijk uit in 1934 in het Verenigd Koninkrijk onder de titel Parker Pyne Investigates en werd uitgegeven door William Collins and Sons.Chris Peers, Ralph Spurrier and Jamie Sturgeon. Collins Crime Club – A checklist of First Editions. Dragonby Press (second edition) March 1999 (page 15). Datzelfde jaar verscheen het ook op de Amerikaanse markt onder de titel Mr. Parker Pyne, DetectiveJohn Cooper and B. A. Pyke. Detective Fiction – the collector's guide: second edition (pages 82 and 87) Scholar Press. 1994, .American Tribute to Agatha Christie. Gearchiveerd op 2 juni 2023. In 1936 werd het boek naar het Nederlands vertaald en uitgegeven door Luitingh-Sijthoff. Het boek is voor deze markt ook gekend onder de titels De man die geluk bracht, Mr. Parker Pyne, detective en Mr. Parker Pyne.
In dit boek komen de personages Ariadne Oliver en Miss Felicity Lemon voor het eerst aan bod. Zij zullen later nog regelmatig verschijnen in de verhalen met detective Hercule Poirot.
Verhalen
James Parker Pyne biedt zijn diensten aan als "detective-geluksbrenger" en adverteert via The Times met de slogan: "Ben je gelukkig? Indien niet, contacteer me." In werkelijkheid is hij veelal een oplichter en ensceneur, maar vertelt zijn cliënten hier niets over. Zijn medewerkers zijn secretaresse Miss Lemon, novelliste Ariadne Oliver, de knappe loungemuzikant Claude Luttrell en vermommingsexperte Madeleine de Sara.
In de eerste zes verhalen van het boek behandelt Pyne zaken in Engeland en schakelt daarbij zijn personeel in. In de zes daaropvolgende verhalen is hij op reis en fungeert hij eerder als detective.
De vrouw van middelbare leeftijd originele titel: The Case of the Middle-aged Wife
Maria Packington ontmoet Parker Pyne nadat ze zijn advertentie las. Ze verdenkt dat haar man George een affaire heeft met zijn typiste Nancy. Hij beweert dat er niets aan de hand is. Omdat zij hem blijft wantrouwen, hebben ze bijna iedere avond ruzie waardoor hun huwelijk onder druk staat. Pyne vraagt voor de opdracht 200 guineas waarop ze ingaat.
Ze krijgt de instructie om haar man die avond vriendelijk te behandelen. De volgende dag moet ze naar een schoonheidssalon, daarna krijgt ze een jurk-op-maat en een lunch in The Ritz waar ze Pyne opnieuw ontmoet. Hij stelt haar voor aan Claude Luttrell. Zij is al snel onder de indruk van de charmante Claude en ze spreken af. De volgende tien dagen gaan Claude en Maria elke avond op stap. Op een van die uitstappen komen ze George en Nancy tegen. George is jaloers omwille van het gedrag van zijn vrouw. Wanneer Maria George verklaart dat ze enkel met Claude uitgaat om eenzelfde reden dat George met Nancy uitgaat, komt het koppel terug samen. Claude verbreekt daarop zijn relatie onder het mom dat hij een gigolo is en dat zij beter voor George kiest nu ze terug gelukkig samen zijn.
De ontevreden majoor originele titel: The Case of the Discontented Soldier
De onlangs gepensioneerde Majoor Charles Wilbraham, jaren voor zijn werk gestationeerd in Zuid-Afrika, doet beroep op Parker Pyne. Sinds hij op pensioen is, verveelt hij zich. Pyne is van mening dat dit komt omdat er in zijn dorp niets te beleven valt en de majoor gewend is aan een leven vol avontuur en opwinding. Pyne denkt de majoor te kunnen helpen, maar dit kost 50 Britse pond sterling.
Pyne stuurt de majoor op pad met Madeleine De Sara, maar dat loopt af op een sisser. Madeleine denkt dat ze te excentriek was en dat de majoor haar daardoor aanzag als een vamp. Ook is ze te weten gekomen dat de man valt op een blonde vrouw met blauwe ogen. Daarop maakt Pyne een nieuwe list en gebruikt daarvoor zijn ongelukkige cliënte Freda Clegg.
De volgende dag krijgt Wilbraham van Pyne het bericht om naar een huis in Hampstead te gaan. Daar aangekomen hoort hij in een leegstaand gebouw een vrouw om hulp roepen. Zij wordt aangevallen door twee zwarte mannen. Wilbraham verjaagt deze. De dame stelt zich voor als Freda Clegg. Ze kreeg een week eerder van een Australische advocaat bericht betreffende de erfenis van haar overleden vader. Deze kon ze enkel in ontvangst krijgen nadat zij hem alle documenten betreffende het bedrijf dat haar vader ginds had, opstuurde. Nadat ze dit had gedaan, kreeg ze een brief om naar dit adres te komen. Daar werd ze zonet aangevallen en gered. Wilbraham vermoedt dat er een valse advocaat in het spel is die op zoek is naar het een of ander belangrijk document.
Hij gaat met Freda mee en ze doorzoeken alle bezittingen van haar vader. Daarbij stuiten ze op een document dat in het Swahili is geschreven. De majoor kent de taal en maakt uit dat het document vage beschrijvingen geeft naar een geheime grot waar heel wat ivoor verborgen ligt. Daarop spreken ze af om de volgende avond terug samen te komen voor verdere besprekingen.
De volgende ochtend krijgt de majoor bericht van Freda om naar het leegstaande huis in Hampstead te komen. Daar wordt hij bewusteloos geslagen. Wanneer hij bijkomt, zit hij tezamen met Freda in een kelder. Ze zijn beiden vastgebonden. Zij beweert een bericht te hebben gekregen van de majoor met melding om naar dit huis te komen. Plots stroomt er water in de kelder en de twee beseffen dat ze zullen verdrinken. Er verschijnt een man die het eerder gevonden papier opeist. De majoor geeft dit af, maar de twee worden niet losgelaten. Uiteindelijk kan de majoor zich bevrijden en redt daarbij ook Freda. Eenmaal buiten verklaart de majoor zijn liefde aan haar, wat wederzijds blijkt te zijn. De majoor verklaart ook dat hij een vervalst document gaf aan de vreemde man en dat hij het originele eerder op de dag opstuurde naar zijn kleermaker.
Pyne bedankt mevrouw Oliver voor het schitterende verhaal dat zij heeft verzonnen om de majoor en Freda gelukkig te maken. Het leegstaande huis is eigendom van Pyne en werd al elf keer eerder gebruikt om mensen een opwindend avontuur te bezorgen.
Later blijkt dat Freda en de majoor zijn getrouwd en nu in Afrika wonen, nog steeds op zoek naar het ivoor. Beiden verzwijgen voor elkaar dat ze beroep hebben gedaan op Pyne. De brief naar het zogezegde ivoor werd uiteraard door Pyne in het huis van Freda verstopt.
Vrouw in nood! Originele titel: The Case of the Distressed Lady
Daphne St. John contacteert Pyne. Ze toont hem een diamanten ring die minstens tweeduizend pond sterling waard zou zijn. De ring heeft ze maanden geleden gestolen van haar vriendin Naomi Dortheimer. Daphne verloor veel geld in het casino waardoor ze schulden had. Naomi haar ring was stuk: de diamant zat los. Ze vertrouwde Daphne om deze te laten herstellen bij de juwelier. Daphne liet de ring vervalsen. Het nepexemplaar gaf ze aan Naomi. Het echte exemplaar bezorgde ze aan het pandjeshuis om de schuld te kunnen betalen. Onlangs erfde ze een grote som waardoor ze de ring terug kon opkopen in het pandjeshuis. Het probleem is dat ze deze nu op een of andere manier moet zien om te wisselen waarbij ze denkt aan het dansfeest dat Naomi volgende week geeft.
Nadat ze het kantoor verlaat, belt Pyne Claude en Madeleine op: zij zullen op dat dansfeest aanwezig zijn.
Tijdens het feest is Naomi onder de indruk van de knappe Jules (in werkelijkheid Claude). Ze vraagt of hij met haar wil dansen. Daarbij laat Madeleine de lichten bewust uitvallen. Op dat ogenblik doet Claude een manoeuvre waardoor de ring van Naomi's vinger glijdt. Nadat het licht aangaat, vindt Claude het juweel op de grond en bezorgt dit aan Naomi.
De volgende ochtend komt Daphne langs om de rekening te betalen. Echter, Pyne verklaart dat hij de zaak ondertussen verder heeft bestudeerd. Zijn conclusie is: Daphne is in werkelijkheid Ernestine Richards, de secretaresse van Naomi. De ring die zij eerder toonde, was de vervalsing. Daphne wou Pyne inschakelen om de echte ring te bemachtigen zonder zelf betrapt te worden.
Hij laat de factuur vallen omdat hij zijn cliënte niet gelukkig heeft gemaakt zoals zijn advertentie belooft. Pyne verzwijgt dat de ring wel degelijk werd verwisseld en hij nu in bezit is van de echte.
De ontevreden echtgenoot Originele titel: The Case of the Discontented Husband
Reginald Wade zijn huwelijk zit in het slop. Zijn vrouw heeft hem een ultimatum gesteld: als hij zijn levensstijl niet wijzigt binnen de 6 maanden naar haar interesses, wil ze een scheiding. Reginald heeft een saai leven dat hij opvult met golf en tennis. Zijn vrouw Iris houdt van kunst, opera en concerten. Ondertussen is zij bevriend, en wellicht verliefd, met de langharige kunstenaar Sinclair Jorden.
Pyne heeft een oplossing, maar vraagt een startbedrag van tweehonderd Guineas. Na betaling stelt Pyne voor dat Reggie flirt met een mooie vrouw. Dat zal Iris jaloers maken en haar doen nadenken over hoe aantrekkelijk Reginald is. Pyne schakelt Madeleine de Sara in om de rol van mooie vrouw te spelen.
Reggie krijgt toestemming van Iris zodat Madeleine tijdens het weekend mag langskomen. Iris is blij met deze affaire omdat ze denkt dat de scheiding daardoor veel vlotter zal verlopen. Ze stelt het wel niet op prijs dat Madeleine Reggie zoveel aandacht en complimenten geeft over het feit dat hij zo geweldig is en dat een vrouw gek moest zijn om van hem te scheiden.
Later op de dag kan Madeleine Reggie overtuigen om haar te kussen terwijl Iris dat ziet. Iris is furieus en wil de scheiding onmiddellijk in orde brengen. Madeleine bemoedert de gedaren en is er zeker van dat Iris Reggie zal volgen moest hij vertrekken.
Enkele dagen later brengt Madeleine verslag uit aan Pyne. Daarbij vertelt ze ook dat ze bij Iris Sinclair de grond heeft ingeboord. Ze is er zeker van dat Iris Sinclair zal laten vallen en kiest voor Reggie. Daarop stormt Reggie het kantoor binnen en verklaart zijn liefde aan Madeleine. Ook Iris verschijnt en er ontstaat een ruzie. Iris wil Reginald terug, maar hij heeft nu definitief gekozen voor Madeleine. Madeleine schreeuwt dat beiden moeten vertrekken. Pyne schrijft in het dossier dat deze zaak een mislukking was.
De kantoorbediende Originele titel: The Case of the City Clerk
De veertigjarige kantoorbediende meneer Roberts mist avontuur in zijn leven. Hij zou eens graag "glorieus leven" al is het maar voor even. Pyne aanvaardt de opdracht voor 5 pond, maar waarschuwt hem voor het eventuele gevaar.
Een dag eerder had Pyne van een andere klant, meneer Bonnington, de vraag gekregen of iemand geheime documenten kon overbrengen naar de Volkenbond in Genève in ruil voor enkele honderden pond sterling. De gewoonlijke koerier van Bonnington is bezet en zijn reserve is mogelijk een spion. Pyne stuurt Roberts met de documenten naar een hotel in Genève onder het mom dat deze een cryptische omschrijving geven naar de bergplaats van de keizerlijke kroon van Rusland toen die zich in Ierland bevond. In het hotel wordt hij opgewacht door een bebaarde man. Roberts geeft de documenten af. In ruil krijgt Roberts een revolver, enkele zinnen met bijhorend geheim paswoord en een ticket voor de nachttrein naar Parijs.