De Slag bij Cumae was een zeeslag tussen de Etrusken en de stadstaten Cumae en Syracuse in het jaar 474 v.Chr. Diodorus Siculus schrijft dat toen Cumae in 474 v.Chr. bedreigd werd door een grote Etruskische oorlogsvloot, ze een delegatie naar Syracuse zond om hulp te vragen. Hiëro I van Syracuse ging akkoord en tijdens de zeeslag die volgde wisten de steden de Etrusken te verslaan waarmee het gevaar voor Cumae geweken was. Aanleiding en uitkomst De precieze aanleiding voor het conflict is onbekend. Mogelijk stonden handelsbelangen op het spel. In die periode waren de Etruskische stadstaten namelijk rijk en machtig: ze beheersten een uitgestrekt netwerk van handelsroutes te land en ter zee, en hun invloed in Campanië was gedurende de 6e eeuw v.Chr. gegroeid. Cumae op zijn beurt was een florerend handelscentrum met een zeer strategische ligging aan de Tyrreense kust, waarlangs voor Etrurië belangrijke zeeroutes liepen. De slag eindigde in een nederlaag aan Etruskische zijde. Uit dank voor de overwinning, die door Pindarus wordt bejubeld in zijn Oden, offerde Hiëro oorlogsbuit in het heiligdom van Zeus in Olympia. Een Etruskische helm die daar is opgegraven draagt de Griekse inscriptie "Hiëro, zoon van Deinomenens, en de Syrakusanen, aan Zeus (vanwege hun overwinning op de) Etrusken bij Cumae". Voor de Etrusken lijkt de nederlaag bij Cumae geen acuut keerpunt in hun macht betekend te hebben. De archeologie laat zien dat de Etruskische steden aan de Tyrreense kust, in het binnenland en aan de Adriatische Zee (Spina) nadien nog lange tijd grote economische voorspoed kenden.

Bronnen Diodorus Siculus, Bibliotheca historica 11.51. D.M. Lewis (1992): The Cambridge Ancient History, Volume V, The fifth century B.C., Cambridge University Press

Categorie:Geschiedenis van Campanië Cum