miniatuur|Een Crew Dragon op een Falcon 9 op Lanceercomplex-39A met de toegangsarm aangesloten tijdens de matingtest voorafgaand aan de eerste testvlucht. miniatuur|Artistieke weergave van een Dragon 2 in de ruimte. De Dragon 2, met de versies Crew Dragon en Cargo Dragon en eerder bekend als Dragon Rider of Dragon V2, is de tweede generatie Dragon-ruimtevaartuigen van het Californische ruimtevaartbedrijf SpaceX. De Crew-uitvoering brengt samen met de nog op te leveren Boeing Starliner namens NASA bemanningen naar het ISS onder het Commercial Crew-programma. De Crew Dragon wordt ook voor commerciële klanten ingezet en kan maximaal vier ruimtevaarders vervoeren. De Dragon 2 is een doorontwikkeling van de Dragon 1 waarmee SpaceX van 2012 tot en met 2020 vracht naar het ISS bracht.

Naast een bemande uitvoering heeft SpaceX ook een uitgekleed Dragon 2-ontwerp voor onbemande bevoorradingsmissies van NASA's CRS 2-programma, dat in 2019 van start ging.

De eerste onbemande testvlucht van de Crew Dragon, SpX-DM1, werd op 2 maart 2019 gelanceerd. De bemande testvlucht, SpX-DM2, werd op 30 mei 2020 gelanceerd en duurde tot 2 augustus. Het was de eerste orbitale bemande ruimtevlucht met een commercieel ruimtevaartuig ooit. De landing was de eerste geplande landing van een ruimtevaartuig op het water sinds 1975., Crew Dragon splashes down to end successful test flight, SpaceNews, 2 augustus 2020

Reguliere bemande vluchten begonnen in november 2020 en de eerste Cargo Dragon werd een maand later gelanceerd.

SpaceX heeft in september 2026 aan NASA gemeld dat het rond 2030 de Crew Dragon wil uitfaseren ten behoeve van bemande Starships.

Ontwerp De Dragon 2 gebruikt een drukcabine die grotendeels overeenkomt met die van de Dragon 1 en kan tot zeven ruimtevaarders herbergen. Qua formaat komt de Dragon 2 ook overeen met de Dragon 1 en ook is het parachutesysteem daarop gebaseerd, maar dit telt vier in plaats van drie landingsparachutes.

De Dragon 2 heeft twee typen raketmotoren. Net als bij de Dragon 1 worden achttien kleine hypergolische Draco-motoren gebruikt om in de ruimte te kunnen manoeuvreren.

SuperDraco's miniatuur|Statische test van een SuperDraco De Dragon 2-crew heeft anders dan de Dragon 1 een achttal raketmotoren van het type SuperDraco aan de zijkanten die als "Launch Escape System" en/of als landingsmotoren kunnen worden gebruikt. Ook deze motoren maken gebruik van een hypergolische reactie. Dit houdt in dat als de chemische brandstoffen samen komen er een spontane ontbranding plaatsvindt en er dus geen ontsteker nodig is. SuperDraco's zijn meer dan honderdmaal zo krachtig als de originele Draco's. SuperDraco's zijn de eerste volledig 3D-geprinte raketmotoren.

De SuperDraco's zitten geïntegreerd in een dik metalen omhulsel dat is meegeprint met de motor. Dat omhulsel beschermt bij een explosie de drukcabine. De SuperDraco's kunnen ook worden gebruikt om de Dragon in de juiste baan om de Aarde te krijgen wanneer de draagraket door een defect net niet genoeg snelheid heeft geleverd.SpaceX Demo-1 flight readyness review briefing (NASA TV), YouYube-kanaal van Stephen C. Smith, 22 februari 2019

Hitteschild Het hitteschild is een 3e generatie-PICA-hitteschild van SpaceX en is geschikt om de temperaturen die gepaard gaan met terugkeersnelheden van Mars aan te kunnen. Dit hitteschild bladdert minder af tijdens re-entry dan dat van de Dragon 1 en is daardoor veel beter geschikt voor hergebruik.

Aanmeren De Crew Dragon heeft in tegenstelling tot de Dragon 1, die met behulp de Canada-robotarm van het ISS wordt aangemeerd, een volautomatisch aanmeersysteem voor het ISS waarmee het aan een van de International Docking Adapters (IDA 2 of IDA 3) kan aankoppelen. Tijdens het rendez-vous draagt de bemanning hun ruimtepakken.

Tijdens het aanvliegen zijn er drie controlepunten waar de Dragon doorheen vliegt. Waypoint 0 ligt op 400 meter afstand van de koppelpoort. Waypoint 1 ligt op 220 meter afstand en Waypoint 2 ligt op 20 meter. Bij Waypoint 1 en 2 wordt enkele minuten stil gehouden en eventueel nog een correctie in de positionering aangebracht om te zorgen dat de Dragon recht voor de poort hangt.

De koppeling kent drie fasen. Allereerst is er het eerste contact. Dat wordt gevolgd door "soft capture" waarbij de Dragon wordt vastgeklemd. Daarna worden er twaalf pinnen vanuit de IDA-poort in gaten van de Dragon poort gestoken die zich mechanisch vastklemmen. Dit proces neemt enkele minuten in beslag. Wanneer de twaalf pinnen vast zitten worden ze aangetrokken waardoor de Dragon strak tegen de sluitring van de IDA-poort wordt getrokken en een luchtdichte sluiting maakt. Hierna worden de luchtdruk en de luchttemperatuur in de Dragon, het ISS en de ruimtes tussen de in totaal drie luiken gelijk gemaakt en ook enkele kabels aangesloten alvorens de luiken mogen worden geopend.

Na de opening van de luiken worden de systemen van de Crew Dragon uitgezet. Net als bij andere aangemeerde ruimteschepen wordt er een dikke luchtslang vanuit het ISS naar binnen gelegd die de luchtcirculatie in de Dragon overneemt. Na deze stappen mag de bemanning die ondertussen hun ruimtepakken heeft uitgetrokken het ISS binnen gaan.

Wanneer er voor een vlucht geen aankoppeling is gepland, bijvoorbeeld voor toeristische ruimtevluchten, dan kan er een glazen observatiekoepel op de plaats van de koppelpoort worden gemonteerd. Tweet van SpaceX, Twitter, 30 maart 2021

Service Module Het achterste compartiment van de Dragon 1 (meestal aangegeven met "trunk" oftewel achterbak) is aangepast. Het heeft ook vier staartvinnen zodat de Dragon bij een launch abort, waarbij de Dragon wegvliegt van de draagraket, niet gaat tuimelen.

Daarnaast is de ene zijde met vaste zonnecellen uitgerust (in plaats van de uitklapbare zonnepanelen van de Dragon 1) die de Dragon van elektriciteit voorzien. Deze zijde wordt eenmaal in de ruimte aangekomen zoveel mogelijk naar de zon gericht.

Aan de andere zijde zit een radiator waarmee de Dragon gekoeld kan worden.

De servicemodule kan net als bij de Dragon 1 als achterbak voor vracht die niet onder atmosferische druk hoeft te staan worden gebruikt. Het is geen volwaardige servicemodule. SpaceX heeft de motoren en brandstoftanks en zuurstofvoorraad namelijk in de Dragon zelf verwerkt zodat deze herbruikbaar zijn. De achterbak wordt vlak voor de terugkeerstoot afgestoten zodat het hitteschild van de Dragon 2 bloot komt te liggen. Na afstoting blijft de achterbak nog enkele weken rond de Aarde cirkelen tot deze zoveel snelheid heeft verloren dat die terugvalt in de atmosfeer en opbrandt.

Landing miniatuur|Zeelanding van vlucht DM1 Crew Dragons maken voor de landing gebruik van parachutes. Het hitteschild doet het eerste afremwerk tijdens de terugkeer in de atmosfeer, twee kleine parachutes doen de volgende fase van afremmen en op enkele kilometers hoogte ontvouwen zich de vier landingsparachutes die de Dragon met een veilige snelheid in zee laten landen. Deze beproefde manier van landen is vrijwel identiek aan die van de Apollo CM, Orion en de Dragon 1 maar met een extra parachute die in de testfase werd toegevoegd.

Geannuleerde propulsieve landing In een later stadium wilde SpaceX voor de landing overstappen op het landen op land. Dan zou niet meer met parachutes geremd worden, maar met behulp van de SuperDraco's. Vlak voor de landing zouden dan vier kleine pootjes uit het hitteschild schuiven waarop de Dragon 2 zal landen. De voordelen van landen op land tegenover landen op zee is dat de Dragon niet door zout water wordt aangetast, en maar een kleine opknapbeurt nodig heeft om nogmaals te kunnen vliegen. Bovendien is de repatriëring van zee veel duurder. Bij vrachtversies van de Dragon 2 kunnen onderzoeksresultaten veel sneller naar laboratoria op Aarde om uitgelezen te worden.

Tijdens de landing test de computer op een veilige hoogte of alle SuperDraco's naar behoren werken. Mocht dit niet zo zijn dan wordt alsnog met behulp van parachutes geland. De Dragon 2 is ook wanneer na die test twee van de acht SuperDraco's zouden uitvallen, in staat om veilig op de motoren te landen. Tijdens een interview op de ISS R&D-conferentie gaf Elon Musk op 19 juli 2017 echter aan dat de Crew Dragons voorlopig niet met landingspoten uitgerust zouden zijn. Deze voldeden vooralsnog niet aan de kwalificatie-eisen en hij vond het niet nodig koste wat kost dit ontwerp door te zetten. Hij had het landingsgestel voornamelijk ontworpen voor Marslandingen maar was tot de conclusie gekomen dat propulsieve Marslandingen beter niet met landingsmotoren van opzij en poten eronder maar op een andere manier moesten plaatsvinden.Musk op ISS R&D Conference 2017 YouTube-kanaal van Stephen C. Smith, 19 juli 2016 Een Dragon zonder poten zou technisch nog steeds een propulsieve landing kunnen uitvoeren op zacht terrein, maar dit was men niet van plan.Tweet van Chris BerginTweet van Chris Bergin

Propulsieve noodlanding Op 27 september 2024 maakte NASA bekend dat SpaceX als noodprotocol de propulsieve landing mag gebruiken om een Crew Dragon in zee te laten landen wanneer alle vier landingsparachutes zouden falen. SpaceX had het protocol al eerder tijdens een of meer vluchten geïnstalleerd, maar niet voor Commercial Crew-vluchten.

Parachutetests In april 2019 verliep een parachutetest met drie parachutes en een massasimulator niet volgens plan. De test was bedoeld om na te gaan wat er gebeurt als een van de vier parachutes niet opent. NASA gaf aan dat SpaceX daarom zou overstappen op een robuuster type parachutes. Daaruit viel op te maken dat een van de parachutes tijdens de test scheurde. Tijdens een persmeeting met NASA’s directeur Jim Bridenstine op 10 oktober 2019 gaven Musk en Bridenstine aan dat de ontwikkeling van de parachutes het ingewikkeldste ontwerpprobleem van de Crew Dragon is. Overigens was dat ook tijdens de ontwerpfase van het Apollo-programma het meest tijdrovende onderdeel. De nieuwe MK-3-parachutes worden niet van nylon maar van het veel sterkere maar iets zwaardere zylon gemaakt.persconferentie Bridenstine en Musk, YouTube, 10 oktober 2019

Op 3 november 2019 had SpaceX reeds 13 succesvolle droptests met de MK-3-parachutes voltooid waaronder een "one out"-test.Tweet van SpaceX, Twitter, 3 november 2019 De vier hoofdparachutes zijn ieder met een ander oranje/wit circulair blokkenpatroon uitgevoerd zodat ze op beeldmateriaal te herkennen zijn mochten er zich problemen voordoen.

Eind maart 2020 verloor SpaceX een droptest-testexemplaar toen de helikopterpiloot wegens een sterk schudden van de helikopter de test-Dragon te vroeg en te laag los moest laten terwijl het parachutesysteem nog niet paraat was gezet waardoor deze ongeremd neerstortte. Dat leverde overigens nauwelijks vertraging op.

Landingszones Landingen van Dragon 2-capsules gebeurden bij voorkeur in de Atlantische Oceaan voor de oostkust van Florida waar een aantal landingszones was vastgesteld. Als back-up was er de mogelijkheid in de Golf van Mexico waar ook een aantal landingszones was vastgesteld. Nadat een deel van een achterbak van een Dragon 2 door het dak van een woonhuis in Florida was gevallen besloot SpaceX na vlucht Crew-9 in 2025 de landingen naar de Stille Oceaan bij Californië te verplaatsen. Eerder landden Dragon 1-capsules ook in de Stille Oceaan.

Launch Abort System Bij problemen met de draagraket moet een bemanningscapsule zo snel mogelijk bij de al dan niet exploderende raket weg kunnen vliegen. Anders dan bij de meeste andere ruimtecapsules zit het LAS niet als een Launch Escape Tower boven op de capsule, maar worden de SuperDraco's hiervoor gebruikt. De Crew Dragon moet zowel vanaf een stilstaande raket als vanaf een vliegende raket tijdens Max q kunnen wegvliegen en op veilige afstand van de draagraket komen.