miniatuur|Hotel des Indes, Batavia, 1898 De architectuur in Nederlands-Indië is te vinden in de architectuur in het huidige Indonesië en beslaat een periode van ongeveer 350 jaar, vanaf de VOC-tijd met Jan Pieterszoon Coen tot aan enkele jaren na de onafhankelijkheidsverklaring van Indonesië.

Overzicht Hoewel in Nederland aan de architectuur in het voormalig Nederlands-Indië weinig aandacht is besteed, zijn talloze bouwwerken nog steeds toonaangevend in de grote steden van het huidige Indonesië, met name op het hoofdeiland Java. Vanaf de jaren '80 van de vorige eeuw is echter de belangstelling voor deze architectuur zowel in Nederland als in Indonesië toegenomen, hetgeen tot uitdrukking komt in het aantal boeken, publicaties en lezingen over dit onderwerp. Studie, onderzoek en beschrijving heeft in 1986 geleid tot de oprichting van de werkgroep Architectuur en Stedebouw in Indonesië (ARSI), die sinds 1989 deel uitmaakt van de stichting Cultuurgeschiedenis van de Nederlanders Overzee (C.N.O.). (1990): Architectuur & stedebouw in Indonesië 1870 / 1970, blz. 6

VOC-periode thumb|Het Huis Reinier de Klerk uit omstreeks 1760 is het enige intact overgebleven landhuis uit de VOC-periode. Batavia werd in 1619 gesticht en werd de rendez-vous haven voor de VOC waar faciliteiten en opslagruimte zou komen dat nodig was voor de thuisvloot naar de Nederlandse Republiek. (2016): Bouwen in Indonesië, 1600-1960, blz. 12 De stad werd op een geordende manier aangelegd volgens de principes van wiskundige Simon Stevin. De ideale stad die Stevin tekende in 1600 zou overeenkomen met het stadsplan van Batavia, met rechthoekige bouwblokken en een grachtenstelsel. (1990): Architectuur & stedebouw in Indonesië 1870 / 1970, blz. 11 Aan de monding van de rivier Ciliwung werd kasteel Batavia gebouwd. Tussen 1629 en 1681 groeide de stad flink. In de stad werd begin zeventiende eeuw gebouwd volgens de stijl van de Hollandse renaissance dat ook in Holland gangbaar was, doch in Batavia was het sterk vereenvoudigd. (1990): Het Indische bouwen: architectuur en stedebouw in Indonesië, blz. 7 Het eerste stadhuis werd in 1620 gebouwd. Deze was al snel bouwvallig geworden zodat een nieuwe zou komen aan het Stadhuisplein. Wegens bouwvalligheid zou ook deze in 17010 plaatsmaken voor een derde stadhuis. Het werd een imposant gebouw in Hollandse stijl, momenteel het Museum Sejarah Jakarta en werd wel eens vergeleken met het Amsterdamse Stadhuis op de Dam uit 1648. (2016): Bouwen in Indonesië, 1600-1960, blz. 16 De grachtenpanden in Batavia leken op de huizen in Hollandse steden. Een verschil was dat de daken in Batavia parallel aan de straten liepen met een grote dakoverstek zodat de gevels tegen regen en zon beschermd werden. (2016): Bouwen in Indonesië, 1600-1960, blz. 18 De huizen werden wit gepleisterd om ze te beschermen tegen de warmte en vocht. De stedelijke elite van Batavia woonde aan de Tijgersgracht, totdat een zware aardbeving in 1699 de gracht liet dichtslibben. De gracht spoelde niet meer door en het leven langs de gracht werd als ondraaglijk beschouwd. Rond 1810-1811 werden de grachten evenals de Tijgersgracht gedempt. Enkele grote woonhuizen langs de Kali Besar, de belangrijkste verkeersader van het oude Jakarta, zijn nog bewaard gebleven. Gebouwen uit het VOC-tijdperk die bewaard gebleven zijn zijn onder andere de Gereja Sion, de oudste kerk van Jakarta, de Toko Merah uit 1730, het stadhuis uit 1710 en de Westzijdse pakhuizen.

Vanaf de achttiende eeuw liet de elite huizen buiten de muren van Batavia bouwen waar het aangenamer wonen was. Eenvoudige tuinhuisjes evalueerden tot landhuizen met bijgebouwen en een grote parkachtige tuinen. Niet zelden werden de huizen gefinancierd van winsten uit sluikhandel en corruptie. De elite hield vaak ook nog een huis binnen de stadsmuren. De weelderige landhuizen werden tussen 1700 en 1770 gebouwd in Europese stijl maar wel met aanpassingen waardoor het bestand was tegen de tropische omstandigheden. (2016): Bouwen in Indonesië, 1600-1960, blz. 22-23 Deze huizen kregen vanaf 1750 meer Indische invloeden waardoor het Nederlands-Indische landhuis ontstond. (1990): Het Indische bouwen: architectuur en stedebouw in Indonesië, blz. 10 De onderkant van het huis was met de openingen voor betere toevoer van licht en lucht was geïnspireerd op het Javaanse huis. De bovenkant oogde Europees met de ornamentiek, kozijnen, ramen en deuren. De zolder was een grote ongebruikte ruimte die voorkwam dat het huis te veel opwarmde. (2016): Bouwen in Indonesië, 1600-1960, blz. 24 Het enige buitenhuis van Batavia dat nog bestaat uit deze periode is het Huis Reinier de Klerk uit 1760 aan de vroegere Molenvliet.

Negentiende eeuw thumb|Links het Hooggerechtshof en daarnaast het Paleis van Daendels uit 1827.

Eind achttiende eeuw was de VOC, het bedrijf met een monopolie op de handel met Indië, na tweehonderd jaar handeldrijven in Azië, achtergebleven. Corruptie, achterblijven van investeringen, inadequaat reageren op een veranderende vraag en een inefficiënte organisatie waren allemaal redenen waarom de VOC niet meer werkte. In 1795 werd het bestuur over de VOC overgenomen door de Nederlandse staat en ging de Indonesische archipel, als Nederlands-Indië, een nieuwe fase in. (2016): Bouwen in Indonesië, 1600-1960, blz. 187

De eerste stap voor het ontwikkelen van de infrastructuur op Java was het door Gouverneur-Generaal Daendels laten aanleggen van de Grote Postweg. Het project, waarbij naar verluidt duizenden inlanders omkwamen, begon in mei 1808 en werd afgerond in 1810. De weg bleek van grote betekenis voor de ontwikkeling van steden door de ontsluiting van landbouwgebieden. Naast de Grote Postweg verplaatste Daendels ook de regeringszetel van Batavia naar Weltevreden en stichtte zodoende een satellietstad van Batavia. (2016): Bouwen in Indonesië, 1600-1960, blz. 32-34 Hij introduceerde de uit Frankrijk afkomstige neoclassicistische Empirestijl in Nederlands-Indië en liet meerdere gebouwen in deze stijl plaatsen, aangepast naar de lokale omstandigheden, klimaat en beschikbare bouwmaterialen. Zo ontstond een eigen Indische Empirestijl die de macht van de koloniale heersers moest uitstralen. Kenmerkend voor deze stijl zijn de galerijen met hoge zuilen, kroonlijsten en wit gepleisterde muren. Wel verwaterde de zuiverheid gedurende de tweede helft van de negentiende eeuw met de komst van luifels van gegolfd dakijzer en het gebruik van ijzeren of houten zuilen. (1990): Het Indische bouwen: architectuur en stedebouw in Indonesië, blz. 13-14

In de negentiende eeuw waren nog geen bouwkundig ingenieurs aanwezig in Indië. Bouwprojecten werden ontworpen en uitgevoerd door ingenieurs van de genie of van Waterstaat, die zich gewoonlijk bezighielden met de bouw van bruggen, duikers en stuwen. In 1809 liet Daendels een nieuwe gouvernementsresidentie op het landgoed Weltevreden bouwen, het latere Gouvernements Hôtel. Andere gebouwen die in de Indische Empirestijl werden gebouwd zijn de Willemskerk, de huidige Gereja Immanuel, in 1834 en de Hollandse Schouwburg, nu Gedung Kesenian en het Paleis te Buitenzorg, het huidige Istana Bogor. (1990): Architectuur & stedebouw in Indonesië 1870 / 1970, blz. 14 Andere voorbeelden zijn de Sociëteit de Harmonie uit 1809 en gesloopt in 1985, het paleis van de president, het Merdeka-paleis in Jakarta uit rond 1860 en het Nationaal Museum van Indonesië uit 1862. (1990): Het Indische bouwen: architectuur en stedebouw in Indonesië, blz. 14

Rond het Koningsplein werden Indische woonhuizen voor de elite gebouwd in neoclassicistische stijl. De witgepleisterd huizen hadden gewoonlijk aan de voor- en achterkant een open zuilengalerij, met elkaar verbonden via een middengalerij. De slaapkamers en overige woonvertrekken kwamen uit op de middengalerij. Het huis kende een verdieping en het dak bestond uit een schilddak. (2016): Bouwen in Indonesië, 1600-1960 blz. 51

De neoclassicistische bouwstijl kwam niet overeen met de gangbare bouwstijl in Nederland. Wel leek het op de bouwstijl die gebruikt werd in de Engelse koloniën, zoals in India en Maleisië. Men vond het belangrijk dat de bouwstijl vooral representatief was en macht uitstraalde. (2016): Bouwen in Indonesië, 1600-1960, blz. 48 Zoals gezegd waren tot eind negentiende eeuw vrijwel geen architecten werkzaam in Nederlands-Indië. Ingenieurs van Waterstaat en de genie zorgden voor de bouwwerken. Daarbij maakten zij gebruik van een modellenboek waarbij aangegeven stond hoe ontworpen en gebouwd moest worden. (1990): Architectuur & stedebouw in Indonesië 1870 / 1970, blz. 15 Dit zorgde voor veel vergelijkbare bouwwerken en van vernieuwing was geen sprake.

Het Cultuurstelsel werd onder het bewind van Gouverneur-Generaal Van den Bosch ingevoerd tussen 1830 en 1833. In dit systeem was het gouvernement van Nederlands-Indië de enige ondernemer in de landbouw en werden boeren gedwongen een deel van de productie aan de overheid te leveren. Enorme winsten werden hierop behaald op de wereldmarkt, maar het systeem leidde vaak tot uitbuiting en grove sociale misstanden. De afvoer van agrarische producten liep via drie grote steden Batavia, Semarang en Soerabaja. Door de groeiende handel ontwikkelden deze steden zich sterk tot handelscentra. Langzamerhand trok de bouwgolf landinwaarts waarbij het wegennet en spoorwegnet werd uitgebreid. Na de afschaffing van het cultuurstelsel in 1870, konden vele particuliere ondernemers en architecten zich vestigen en bouwontwerpen realiseren. (1990): Architectuur & stedebouw in Indonesië 1870 / 1970, blz. 7

Vanaf eind negentiende eeuw kwamen naast het verwaterde classicisme ook andere eclecticistische stijlen op zoals de neogotiek en neoromantiek. Stijlen werden gebruikt naar de wens van de opdrachtgever. Voorbeelden van deze stromingen zijn Huis Raden Saleh, in Jakarta, uit 1853 en de Kathedraal van Jakarta, uit 1899-1901, in Jakarta. (1990): Het Indische bouwen: architectuur en stedebouw in Indonesië, blz. 17-19

Twintigste eeuw miniatuur|Stadhuis in Ceribon uit 1921, ontwerp van architect J.J. Jiskoot. miniatuur|Villa Isola bij Bandung uit 1932 in art-deco-stijl. architect C.P. Wolff Schoemaker miniatuur|Hotel Savoy Homann in Bandung uit 1939 (gefotografeerd in 2014).

Traditionalisme en rationalisme Eind negentiende eeuw waren veel veranderingen aan de gang. De groeiende steden konden niet meer centraal aangestuurd worden en daarom werd in 1903 de Decentralisatiewet en in 1905 de lokale radenordonnantie aangenomen zodat de eerste gemeenten naar Nederlands model konden worden opgericht. Stadsontwikkeling werd nu een gemeentelijke taak. (1990): Architectuur & stedebouw in Indonesië 1870 / 1970, blz. 9 Voor de eeuwwisseling was de overheid de belangrijkste opdrachtgever voor de bouw van overheidsgebouwen. Vanaf 1905 namen Nederlandse investeringen in Indië toe en vestigden zich grote handelsfirma's waardoor een particuliere bouwmarkt ontstond. Het zorgde ervoor dat tussen 1900 en 1930 enorm veel werd gebouwd. (2016): Bouwen in Indonesië, 1600-1960, blz. 184 Opdrachtgevers en architecten volgden in de ontwerpen de leidende stromingen in de westerse wereld. (2022): Indische Bouwkunst, blz. 24-68 Invloedrijk waren de ideeën van Frank Lloyd Wright en Willem Dudok. De eerste architecten en bouwkundige ingenieurs kwamen naar Indië en opende filialen van Nederlandse architectenbureau of gingen aan het werk bij het Departement voor Burgelijke Openbare Werken of bij de gemeente. (1990): Architectuur & stedebouw in Indonesië 1870 / 1970, blz. 16