William J. 'Curley' Hamner (Birmingham (Alabama), 16 maart 1919 – januari 1982) was een Amerikaanse rhythm & blues- en jazzmuzikant. Hij was drummer, zong en was danser en songwriter.

Biografie Hamner trad in zijn jeugd op als danser. Vanaf 1945 was hij drummer bij Lionel Hampton, waar hij tot 1958 bleef. Onder eigen naam nam hij in 1947 voor het platenlabel Sunrise (met o.m. Earl Hines en Charles Mingus "No Good Woman Blues“ opCurley Hamner and His Orchestra: Duke Garrette (tp), Bobby Plater (as), Morris Lane (ts), Charlie Fowlkes (bar), Bill Dougherty (vln) [mogelijk een pseudoniem voor Eddie South], Earl Hines (p), Billy Mackel (git), Charles Mingus (cb), Curley Hamner (dr), Wini Brown (voc). Zie Gene Santoro: Myself When I Am Real: The Life and Music of Charles Mingus. Oxford University Press 2000, .). In de vroege jaren 50Billboard 2 september 1950 toerde hij met Hampton in Europa (Hamp in Paris, 1953). Hamner gold als een getalenteerde showman, hij trad bij Hampton ook op als danser.Dan Morgenstern: Living with Jazz: A reader edited by Sheldon Meyer, Patheon Books, 2009, tevens bij Nick Catalano: Clifford Brown: The Life and Art of the Legendary Jazz Trumpeter. Oxford University Press, 2000 Het jive-nummer "Hey! Ba-Ba-Re-Bop“ (1946Billboard 9 februari 1946), dat hij met Hampton schreef, werd veel gecoverd (o.a. door Wynonie Harris, Tex Beneke/Glenn Miller Orchestra en Jacques Hélian) en werd ook gebruikt in filmmuziek, o.a. in Stadt der Engel (1998). Met Curtis Lewis schreef hij de song "Today I Sing the Blues" (opgenomen door Aretha Franklin), en met Lewis/Hampton het popnummer "Gone Again“ (in 1959 opgenomen door Sil Austin).

In 1959 toerde Hamner met saxofonist Eric Dixon in Europa;Leonard Feather, Ira Gitler: The Biographical Encyclopedia of Jazz. Oxford University Press, Oxford usw. 1999; . als danser trad hij rond 1960 in Parijs op in de show Paris mes amours, een show van Josephine Baker.Jet 11 febr. 1960 Met een studiogroep (o.a. met Al CaseyIan Carr, Brian Priestley, Digby Fairweather (Hrsg.): Rough Guide Jazz. ., Buster Cooper, King Curtis, Joe 'Earl' Knight en Steve CooperKing Curtis, a discography. R. Simonds, 1983) nam hij in 1959 in New York een reeks nummers op, zoals het R&B-nummer "Air Raid" (met op de B-kant "Piano Tuner", Fling Records 720), "Tennessee Waltz“ (met een instrumentale versie op kant 2) en "Just Carry On“. Ook verscheen de EP Twistin’ and Turnin’, met nummers die varieerden van R&B en rock’n’roll tot pop en easy listening. Hij werkte met R&B-zanger Billy Hambric ("I Gotta Find That Girl“Pyramid Records 101) en met Milt Buckner ("Bernie’s Tune“). Onder eigen naam verscheen in 1962 zijn enige album, Dance Session Number One.Ascot UAS AM 13003 / UAS AS 16003 Stereo) In de jazz was hij tussen 1946 en 1960 betrokken bij 34 opnamesessies.Tom Lord: The Jazz Discography (online)

Externe links Kort portret Discografie op 45cat

Categorie:Amerikaans jazzdrummer Categorie:Tekstdichter