Diffuse panbronchiolitis (DPB) is een infectieuze longziekte met een onbekende oorzaak. Het is een ernstige en progressieve vorm van bronchiolitis, een ontsteking van de bronchioli. Het woord 'diffuus' betekent dat verspreid in beide longen laesies verschijnen, en panbronchiolitis betekent: een ontsteking van alle bronchioli (de lagere luchtwegen, die een rol spelen bij de gasuitwisseling). DPB veroorzaakt ernstige ontsteking en knobbelvormige afwijkingen in de terminale bronchioli, chronische sinusitis en heftig hoesten waarbij grote hoeveelheden sputum worden opgehoest.
Er wordt aangenomen dat aanleg een rol speelt bij het krijgen van de ziekte, namelijk een genetisch bepaald gebrek aan weerstand tegen de bacteriën en virussen die de DPB veroorzaken door de aanwezigheid van bepaalde genen die vooral voorkomen bij mensen van Oost-Aziatische afkomst. Het komt het meeste voor bij Japanners gevolgd door Koreanen. DPB komt vaker voor bij mannen dan bij vrouwen, en begint gewoonlijk op 40-jarige leeftijd. Het werd voor het eerst erkend als een nieuw ontdekte ziekte in de vroege jaren 1960, en het kreeg officieel de naam diffuse panbronchiolitis in 1969.
Als DPB niet behandeld wordt, leidt het tot bronchiëctasie, een onomkeerbare verwijding van de bronchioli, en het ophopen van slijm in de bronchioli. Het dagelijks behandelen van DPB met macrolide antibiotica zoals erythromycine vermindert de symptomen en werkt levensverlengend, maar voor de ziekte bestaat nog geen remedie. Uiteindelijk kan DPB leiden tot respiratoire insufficiëntie en hartproblemen.
Classificatie DPB wordt geclassificeerd als een 'primaire bronchiolitis', wat betekent dat de onderliggende oorzaak van de ontsteking in de bronchioli ligt en daartoe beperkt blijft. Andere vormen van primaire bronchiolitis zijn: bronchiolitis obliterans, folliculaire bronchiolitis, respiratoire bronchiolitis, mineral dust airway disease en nog een aantal meer. Het verschil tussen DPB en niet-primaire bronchiolitis is het feit dat de laatstgenoemde vaak voorkomt bij een aandoening van de hogere luchtwegen, zoals chronische bronchitis.
Signalen en symptomen Symptomen van DPB zijn: chronische sinusitis (ontstoken paranasale sinussen), fluitende ademhaling, rhonchi (ademhalingsgeluiden veroorzaakt door obstructies door slijm en in de longen), dyspneu (kortademigheid), en ernstig hoesten waarbij grote hoeveelheden sputum worden opgehoest. Het sputum kan purulent zijn, en de patiënt kan koorts hebben. Kenmerkend voor progressieve DPB zijn verwijding van de bronchiën en hypoxemie (onvoldoende zuurstofgehalte van het bloed). Als DPB niet behandeld wordt, zal er bronchiëctasie ontstaan; dit wordt gekenmerkt door verwijding en verdikking van de wanden van de bronchioli, beschadigingen ten gevolge van ontstekingen van de respiratoire en terminale bronchioli en slijmophopingen in de longen. DPB gaat samen met progressieve respiratoire insufficiëntie, hypercapnie (verhoogd gehalte van koolstofdioxide in het bloed), en kan uiteindelijk leiden tot pulmonale hypertensie (hoge bloeddruk in de pulmonale ader en slagader) en cor pulmonale (verwijding van het rechter hartventrikel, of rechtszijdig hartfalen).
Oorzaak miniatuur|De genen voor menselijk HLA bevinden zich op chromosoom 6. DPB is idiopathisch, wat betekent dat er geen exacte fysiologische,omgevingsgerelateerde of pathogene oorzaak van de ziekte bekend is. Er zijn wel enkele factoren waarvan wordt gedacht dat ze een rol spelen bij de pathogenese van de ziekte (de manier waarop de ziekte ontstaat)
Het major-histocompatibiliteitscomplex (MHC) is een grote genregio die de meeste gewervelden hebben, en die wordt geassocieerd met het immuunsysteem. Het is bij mensen gelegen op chromosoom 6. Een onderdeel van het MHC bij mensen is het histocompatibiliteitsantigencomplex (HLA-gencomplex), dat verantwoordelijk is voor de antigeenpresenterende cellen, die deel uitmaken van het verworven immuunsysteem, dat de afweer regelt tegen ziekteverwekkers zoals bacteriën en virussen. Als menselijke cellen worden geïnfecteerd door een ziekteverwekker, kunnen sommige van deze cellen delen van de eiwitten van de ziekteverwekkers presenteren op hun celmembranen waardoor deze zichtbaar worden voor het afweersysteem; dit wordt 'antigeenpresentatie' genoemd. De geïnfecteerde cellen worden dan het doelwit van bepaalde soorten cytotoxische T-cellen, die de geïnfecteerde cellen doden, zodat deze uit het lichaam verwijderd kunnen worden.
Genetische aanleg voor vatbaarheid voor DPB wordt toegeschreven aan twee HLA-haplotypes die veel voorkomen bij mensen van Oost-Aziatische afkomst (een haplotype is eennucleotide of een groep allelen van een aantal sterk gekoppelde genen op een chromosoom, die vaak voorkomen bij een bepaalde etniciteit of eigenschappen). Bij Japanners wordt het type HLA-B54 in verband gebracht met de DBP, en bij Koreanen HLA-A11.
Pathofysiologie Een ontstekingsreactie is een onderdeel van het menselijke afweersysteem, waarbij leukocyten (witte bloedcellen), en neutrofiele leukocyten (witte bloedcellen die verantwoordelijk zijn voor de primaire immuunrespons bij een ontsteking) worden geproduceerd en chemotactische cytokinen zich ophopen in het lichaam op de plaats van de bacteriële of virale infectie (synoniem voor chemokinen: eiwitten die worden geproduceerd door bepaalde cellen en die witte bloedcellen aantrekken) zich ophopen in het lichaam op de plaats waar de infectie met een virus of een bacterie zich voordoet. Door de ontstekingsreactie van het lichaam op bacteriën en virussen worden deze uit het lichaam verwijderd. Bij DPB kunnen bacteriën als Haemophilus influenzae en Pseudomonas aeruginosa zorgen voor een toename van ontstekingscellen in de brochioli. Niettemin houdt de ontsteking bij DPB door een onbekende oorzaak ook aan als geen van deze bacteriën meer aanwezig zijn. Of ze aanwezig zijn of niet, bij DPB kan de ontsteking zo ernstig worden dat er zich knobbels met ontstekingscellen vormen in de wanden van de bronchioli. De aanwezigheid van de ontsteking en de infectie in de luchtwegen veroorzaakt ook een overvloedige productie van slijm, wat moet worden opgehoest als sputum. De combinatie van de ontsteking, vorming van knobbels, infectie, slijm en frequent hoesten leidt bij DPB tot ademhalingsmoeilijkheden.
Het feit dat de ontsteking bij DPB aanhoudt ongeacht of de P. aeruginosa en H. influenzae aanwezig zijn of niet, geeft aan dat er meerdere mechanismes zijn die de ziekte veroorzaken of onderhouden. Leukotriënen zijn eicosanoïden, moleculen gemaakt van essentiële vetzuren, die een rol spelen bij veel longziektes doordat ze zorgen voor een toename van ontstekingscellen en overmatige slijmproductie in de luchtwegen. Bij DPB en andere longziektes is de voornaamste lipide-mediator leukotriene B4, die zorgt voor een toename van neutrofiele leukocyten door middel van chemotaxis (het verschijnsel dat sommige soorten cellen zich verplaatsen als gevolg van de concentratieverschillen van bepaalde stoffen in de omgeving).
De ontsteking wordt bij DPB ook veroorzaakt door de chemokine MIP-1alpha, en de samenwerking van deze cellen met CD8± T-cellen.
ß-defensines, eiwitten met een anti-microbiële werking die zich in het ademhalingsstelsel bevinden, zijn verantwoordelijk voor de aanhoudende ontsteking bij DPB als een ziekteverwekker zoals P. aeruginosa aanwezig is.
Als het retrovirus humaan T-cel-lymfotroop virus type I (HTLV-I) aanwezig is, veroorzaakt dit DPB door T-helpercellen te infecteren, waardoor ze minder goed bekende en onbekende ziekteverwekkers kunnen herkennen die een rol spelen bij DPB.
Diagnosticering miniatuur|links|High resolution computed tomography (HRCT)-beelden van de borstkas van een 16-jarige jongen met de diagnose DPB (links), en 8 weken later (rechts), na een erythromycinekuur van 6 weken. De bilaterale brochiëctasie en de knobbels zijn zichtbaar verminderd.
Om de diagnose DPB te stellen is er een weefselanalyse nodig van de longen en de bronchioli, waarvoor een longbiopsie nodig is, maar bij voorkeur een high resolution computed tomography-scan (HRCT-scan) van de longen. Criteria voor het stellen van de diagnose zijn ernstige ontsteking in alle lagen van de bronchioli en knobbels in de terminale en respiratoire bronchioli in beide longen. De knobbels zijn te zien op röntgenfoto's van de longen, en kunnen luchtwegobstructies veroorzaken. De ernst van de obstructies kan worden vastgesteld door middel van een longfunctietest. De röntgenfoto's van de longen kunnen ook verwijding van de bronchioli aan het licht brengen, wat nog een teken is van DBP. HR-CT-scans laten vaak verstopping zien van sommige bronchioli door slijm, wat 'tree-in-bud pattern' wordt genoemd. Hypoxemie (zuurstofgebrek), nog een teken van ademhalingsmoeilijkheden, wordt vastgesteld door het zuurstof- en koolstofdioxidegehalte in het bloed te meten, door middel van een arteriële (slagaderlijke) bloedgasanalyse. Andere signalen van DPB zijn een toename van lymfocyten (witte bloedcellen die infecties tegengaan), neutrofielen en histiocyten (schuimcellen, (weefselmacrofagen) in het longslijmvlies. Bacteriën zoals H. influenzae en P. aeruginosa zijn ook aantoonbaar, en het aantal van de laatstgenoemde stijgt naarmate de ziekte vordert. Het aantal en de grootte van de verschillende soorten bloedcellen, bacteriën en het hemoglobinegehalte van het bloed kunnen worden vastgesteld door een test die 'compleet bloedbeeld' wordt genoemd. Verhoogde gehaltes van IgG en IgA (soorten immunoglobulinen) kunnen worden vastgesteld, net als reumafactoren (die duiden op auto-immuniteit). Hemagglutinatie, samenklontering van erytrocyten als reactie op de aanwezigheid van antilichamen, kan ook voorkomen. Bij een bronchoalveolaire lavage (BAL) kunnen neutrofielen, ß-defensinen, leukotrienen en chemokinen kunnen worden gevonden. Bij dit onderzoek wordt vloeistof in de bronchiolaire luchtwegen geinjecteerd en vervolgens weer opgezogen.
Differentiaaldiagnose DPB wordt vaak overwogen in de differentiaaldiagnose (een lijst van mogelijke aandoeningen waaraan een bepaalde patiënt zou kunnen lijden). Een aantal symptomen van DBP komen overeen met andere obstructieve longziekten zoals astma, chronische bronchitis, en emfyseem. Een fluitende ademhaling, productieve hoest, en kortademigheid zijn gewoonlijk de symptomen bij deze ziektes, en bij een longfunctietest wordt gewoonlijk ademhalingsmoeilijkheden vastgesteld. Cystis fibrosis veroorzaakt net als DPB ernstige longontstekingen en overmatige slijmproductie, maar bij DPB is de pancreasfunctie en de elektrolytenhuishouding niet verstoord, zoals bij CF, dus de ziektes zijn verschillend, en waarschijnlijk niet aan elkaar verwant. DPB kan ook onderscheiden worden van CF door de beschadigingen in de longen die op röntgenfoto's te zien zijn als knobbels in de bronchioli van beide longen, ontsteking in alle lagen van het weefsel van de respiratoire bronchioli en de hogere incidentie onder individuen van Oost-Aziatische afkomst.
DPB en bronchiolitis obliterans zijn twee vormen van primaire bronchiolitis. Specifieke symptomen die zich bij beide ziektes voordoen zijn: hoesten waarbij grote hoeveelheden purulent sputum wordt opgegeven, knobbels die zichtbaar zijn op röntgenfoto's in de lagere bronchi en het bronchiolaire gedeelte, en chronische sinusitis. Bij DPB zitten de knobbels vooral in de respiratoire bronchioli, terwijl ze bij DB vooral in de membraneuze bronchioli zitten (het deel vanaf de tertiaire bronchi dat geen kraakbeen meer bevat) en in de secundaire bronchi. OB komt overal ter wereld voor, ter DPB vooral voorkomt in Japan. Voordat DPB werd erkend als ziekte, werd het vaak verkeerd gediagnosticeerd als bronchiëctasie, COPD, idiopatische longfibrose, phthisis miliaris, sarcoïdose of longkanker.
Behandeling miniatuur|Moleculaire structuur van erythromycine, een antibioticum dat wordt gebruikt om DPB te behandelen.