Andrew Brendan O'Regan (Sixmilebridge, 15 mei 1917 - Lancashire, 2 februari 2008)O'Connell, p. 488 was een Iers ondernemer, visionair, hotelier en vredesactivist. Hij is onder meer bekend van de cateringservices op Shannon Airport, als initiator van de Shannon Freezone, het belastingvrij winkelen en als oprichter van “Shannon College of Hotelmanagement”.

Jeugd en opleiding O'Regan werd op 15 mei 1917 geboren in Sixmilebridge, als zoon van James O'Regan en Nora Ryan.O'Connell, p. 4 James O'Regan was een politicus en entrepreneurO'Connell, p. 11 en later eigenaar van het Old Ground Hotel in Ennis.Clare Association, p. 161O'Connell, p. 15

Brendan O'Regan volgde zijn onderwijs aan de Sixmilebridge National School en vervolgens aan Blackrock College in Dublin, een van de weinige katholieke middelbare scholen in Ierland.O'Connell, p. 17 Na het afronden van zijn middelbare school in 1936 ging hij in de leer bij het “Rock Park Hotel and Spa” in Llandrindod Wells in Wales, als eerste stap in het hotelwezen. Dit werd gevolgd door een periode in Hotel Hirsch in Immenstadt, Duitsland.O'Connell, p. 30 en het Carlton Hotel in Londen.O'Connell, p. 32 Na deze stages wilde O'Regan aan de slag als steward op een schip maar zijn vader besliste anders. Zonder overleg met zijn zoon had James O'Regan het Falls Hotel in Ennistymon gehuurd van de lokale landheer en dichter Francis McNamara, zodat Brendan het kon exploiteren.O'Connell, p. 34

Hotelier en horecamanager O'Regan heropende het Falls Hotel met Pasen 1938. Om de povere resultaten van het hotel te verbeteren startte hij een advertentiecampagne waarbij de nadruk werd gelegd op zijn training in Duitsland en Engeland.O'Connell, p. 35-36 Ondanks een verbetering van de resultaten van het hotel werd het geen succes, met name vanwege de benzine-rantsoenering gedurende de oorlog. De veelal in Dublin wonende clientèle kon daardoor het hotel niet meer bereiken. Uiteindelijk, in 1942, koos O'Regan er voor om het huurcontract niet te verlengen en voor zijn vader in het Old Ground Hotel te gaan werken.O'Connell, p. 37-39 In laat 1942 nam hij het management over van de Stephen's Green Club in Dublin, dat op dat moment kwalitatief in verval geraakt was. O'Regan maakte de club weer winstgevend en verbeterde de kwaliteit van het eten aanzienlijk.O'Connell, p. 39

O'Regan bleef in de tussentijd betrokken bij het Old Ground Hotel in Ennis. Op basis van een contract met Pan Am om accommodatie te verschaffen, bouwde hij in 1946 een uitbreiding met 20 kamers voor dit hotel ter waarde van 25.000 pond. Hoe weinig er in die tijd geïnvesteerd werd in het hotelwezen blijkt uit het feit dat deze investering ruim 80% was van het bedrag dat, volgens de overheid, jaarlijks werd geïnvesteerd.O'Connell, p. 93 O'Regan verkocht het Old Ground Hotel in 1968.O'Connell, p. 346

Foynes en Shannon Airport Mede vanwege zijn succes bij de Stephen's Green Club – bezocht door vele politici en invloedrijke ambtenaren – werd hij benaderd om de cateringservices over te nemen van de watervliegtuigbasis te Foynes in County Limerick. De overeenkomst gesloten op 10 december 1943 maakte O'Regan verantwoordelijk voor alle catering op het vliegveld, inclusief het passagiersrestaurant, vluchtcatering en het personeelsrestaurant. Later werd daar het het landvliegveld in Rineanna (Shannon Airport) aan toegevoegd.O'Connell, p. 55-56

Effectief begon O'Regan op 1 februari 1944 in Foynes. De ambtenarij was minder vlot en de contracten waren pas 18 maanden later klaar en getekend. Ook de keukenapparatuur en andere restaurantbenodigdheden waren nog niet aanwezig. O'Regan kreeg een deel van de overheid, leende een deel van de Old Ground Hotel en kocht een deel zelf. Pas enkele jaren later werd dit rechtgezet.O'Connell, p. 63-64 Reeds binnen enkele weken roemde de Sunday Independent het restaurant in Foynes als een uithangbord voor de Ierse keuken.O'Connell, p. 66, op citaat

De ontwikkelingen in het vliegverkeer hadden ook invloed op de cateringactiviteiten. Met de afname van het aantal vluchten met vliegboten nam de drukte in Foynes zienderogen af terwijl het verkeer op Shannon Airport juist toe nam. In oktober 1945 verhuisde O'Regan de cateringservices naar Shannon Airport, inclusief al het personeel.Clare Association, p. 162O'Connell, p. 77 Evenals in Foynes zorgde O'Regan er voor dat ook Shannon Airport een ontvangstruimte kreeg die de Ierse warmte uitstraalde.O'Connell, p. 82

Shannon Airport had in haar begintijd, de aanleg was begonnen in 1939, te kampen met slechte verbindingen – de eenbaansweg werd omschreven als gevaarlijk -, gebrek aan accommodatie voor haar personeel en gebrek aan nachtaccommodatie voor passagiers. Veelal moest men gasten onderbrengen in Limerick. Een in 1946 in Foynes gebouwd hotel en de in 1947 bij Shannon Aiport gebouwde “hostels” werden onder het management van O'Regan gebracht.O'Connell, p. 86-87

In januari 1950 vertrok O'Regan op een zesweekse tour naar de Verenigde Staten om daar het toerisme te bestuderen als deel van een delegatie gestuurd door het Departement van Industrie en Commercie.O'Connell, p. 105 De studiereis leverde O'Regan het inzicht op dat de Ierse toerisme-industrie volledig onderontwikkeld was en dat veel hoteleigenaren niet durfden te investeren. Ook leerde het hem dat er meer samenwerking moest ook komen tussen hoteleigenaren en ondernemers in de toerisme-industrie. Ook moest er meer eenheid komen in de training van werknemers.O'Connell, p. 106-107 In feite had O'Regan al een start gemaakt met de opleiding van hotelmanagers en de samenwerking tussen hen. Vele hotelmanagers deden hun cateringtraining bij het restaurant op Shannon Airport alvorens verder te trekken. Maar O'Regan bracht ze daarna twee keer per jaar samen om ideeën uit te wisselen.O'Connell, p. 107

"Duty Free" - belastingvrij winkelen In oktober 1944 maakte toenmalig Minster van Financiën Séan Lemass het voornemen bekend om Shannon Airport een vliegveld te maken waar geen import- of exportbelastingen werden geheven.O'Connell, p. 118 In 1947 kwam de Customs-Free Airport Bill in werking.O'Connell, p. 120 In juli 1950 begon O'Regan met de belastingvrije verkoop van Ierse whiskey direct aan de vliegmaatschappijen. Op 16 maart 1951 opende hij de eerste "Duty-free shop" ter wereld op Shannon Airport voor de verkoop van drank en tabak aan transit-passagiers. The De omzet en winst was veel hoger dan O'Regan en ieder ander ook maar had kunnen dromen.O'Connell, p. 125-126 In 1954 voegde O'Regan een postordertak toe aan Sales and Catering”.O'Connell, p. 129

De ontwikkelingen ging zo snel dat de organisatie, nu hernoemd tot “Sales and Catering”, O'Regan over het hoofd begon te groeien. Met hulp van een consultancyfirma werd Sales and Catering gereorganiseerd en in een effectieve vorm gegoten.O'Connell, p. 127-128 De rol van O'Regan in het concept van het belastingvrij winkelen is internationaal erkend. De “Moodie Report” noemde hem de grondlegger van het belastingvrij winkelen.O'Connell, p. 136; op citaat; Moodie Report, nr 247, 7 februari 2008 Tevens ontving O'Regan verschillende onderscheidingen, waaronder de American Society of Travel Agents hall of Fame Award 1977 en de Frontier Magazine Lifetime Achievement Award 1997.O'Connell, p. 136, 139

Het succes was zo groot, dat de regering er ongemakkelijk van werd. De beheerder van Dublin Airport, Aer Rianta, werd omgezet in een staatsbedrijf dat eigenaar werd van de vliegvelden in Dublin, Shannon en Cork. Met de overname werd ook O'Regan terzijde geschoven.O'Connell, p. 346-347

In 1957 nam Schiphol als eerste buitenlandse vliegveld het concept over van Shannon.O'Connell, p. 130

Shannon College of Hotelmanagement Opleiding van horecapersoneel was oorspronkelijk hetzij ad hoc, hetzij via stages, hetzij via een leer-werk-traject (apprenticeship). Enige standaardisatie was er niet. O'Regan, samen met onder meer de Ierse Hotel en Restaurant Associatie en de Ierse Hotel Federatie, namen initiatieven om tot een hotelopleiding te komen. Een van de voorstellen was om de school te koppelen aan Shannon Airport.O'Connell, p. 143 De overheid werkte de oprichting van de school tegen door te weigeren fondsen beschikbaar te stellen. Het Departement voor Industrie en Commercie claimde zelfs dat er in Ierland geen banen waren voor 12 hotelmanagers.O'Connell, p. 149

Uiteindelijk startte O'Regan in november 1950 met een eigen horecaopleiding.O'Connell, p. 144 Dit gaf vleugels aan het idee voor een hotelschool en de County Clare Vocational Education Committee nam de opleiding onder haar vleugels. In juli 1951 begonnen 18 studenten hun opleiding aan de “Shannon Airport Hotel and Catering School”. De kosten voor de opleiding werden grotendeels gedragen door “Sales and Catering”. De praktijktrainingen voor het hotelgedeelte vonden plaats in de hostels van Shannon Aiport en tijdens internationale stages. Toen in 1964 het Shannon International Hotel gebouwd werd bij het vliegveld, wist O'Regan de eigenaar over te halen in zee te gaan met de hotelschool. Zo geschiedde, en de hotelschool werd hernoemd tot Shannon Hotel Management School.O'Connell, p. 157 Reeds in 1969 werden de eerste stappen gezet voor universitaire erkenning van de opleiding. Als onderdeel daarvan werd de naam van het instituut gewijzigd in “Shannon College of Hotel Management”. O'Regan heeft die erkenning niet meer meegemaakt, aangezien dat pas in 2015 een feit werd toen het college werd geïntegreerd in de “College of business, Public Policy and Law” van de Universiteit van Galway.O'Connell, p. 159, 165

Toerisme Na zijn eerdere initiatieven voor het verbeteren van het toerisme in Ierland, werd O'Regan, in juni 1955 benoemd tot (tijdelijke) directeur van het nieuw-opgerichte Bord Fáilte Éireann, de opvolger van de Irish Tourism Board, dat als doel het toerisme te ontwikkelen. Twee jaar later werd hij voorzitter van Bord Fáilte.O'Connell, p. 168 Samen met directeur Tim O'Driscoll, een voormalig ambassadeur in Nederland, was hij de volgende achttien jaar een drijvende kracht acht de ontwikkeling en groei van de toerismesector in Ierland.Clare Association, p. 162, 163O'Connell, p. 169

O'Regan zette zich ook als persoon in voor de ontwikkeling van het toerisme. Een van de initiatieven die hij ondernam was de “Bunratty Castle Banquets”, een combinatie van diner en muziek in middeleeuwse stijl in het gerenoveerde kasteel Bunratty.Clare Association, p. 163O'Connell, p. 179 Hij was ook betrokken bij de verkoop van Dromoland Castle door Lord Inchiquin Donough O'Brien aan de Iers-Amerikaanse fabrikant Bernard McDonough. Dromoland Castle opende als een vijf-sterren hotel in juni 1963. Dit was het eerste van vier hotels van McDonough, waaronder de eerdergenoemde Shannon International Hotel.O'Connell, p. 180

Een deel van de inspanningen op het gebied van toerisme door O'Regan kwam voort uit zijn ongemak om mensen te moeten ontslaan. De ontwikkeling van de straalvliegtuigen zorgde voor een forse daling van het aantal transit-passagiers. Dit verminderde de vraag voor maaltijden bij het restaurant. Gelijktijdig verminderde ook de vraag naar luxe diners door kortere wachtperioden van de vliegtuigen en zorgden de snellere vluchten voor minder behoefte aan eten aan boord.O'Connell, p. 284 De ontwikkeling van nieuwe restaurants en hotels in de omgeving zorgde voor alternatieve werkgelegenheid voor personeel dat overbodig werd op bij “Sales and Catering”.O'Connell, p. 285

O'Regan was betrokken bij vele tientallen grote en klein projecten op het gebied van toerisme en horeca, vaak als stimulator of intermediair.

Shannon Free Zone