Dit is een lijst van uitdrukkingen en gezegden uit de sport. Bij sportwedstrijden wordt er altijd commentaar gegeven. Bij deze commentaren wordt de Nederlandse taal verrijkt met nieuwe woorden. De meeste woorden genieten doorgaans slechts een kortstondige populariteit. Niet alleen de commentatoren doen roemruchte uitspraken. Een gevleugelde uitdrukking van Ernst Happel luidde "Kein geloel, Fussballen!" Dit artikel gaat niet over memorabele uitspraken, zoals Kein geloel, maar om woorden, termen en uitdrukkingen die voor een periode zijn ingeburgerd in de Nederlandse taal.
Onderwerpen Algemeen Hatelijke nul: Als een van de partijen op nul punten blijft staan, terwijl de andere een hoge score bereikt. De nul moet bij voorkeur worden weggewerkt. In de boeken: Wanneer een prestatie een record oplevert, wordt dit voor eeuwig vastgelegd. Door veelvuldig gebruik door verslaggever Mart Smeets is de betekenis verruimd: elke eindtijd wordt "in de boeken" gezet. In vorm zijn: In staat zijn om maximaal te presteren, dit lukt meestal niet het hele seizoen. Met de handrem erop spelen: Niet voluit gaan.
Autosport De auto resetten: Als een Formule 1-bolide een mankement vertoont, kan (als laatste redmiddel) het probleem opgelost worden door alle computersystemen in de bolide te resetten. Erbij is een, er voorbij is twee: Een auto bijhalen is makkelijker dan er daadwerkelijk voorbij gaan (Olav Mol). Er voorbij fietsen: inhalen (Olav Mol). Kamelengras: Kamelengras is een term die voortkomt uit de Dakar-rally en is een van de grootste obstakels die de deelnemers aan de rally onderweg kunnen tegenkomen. Het komt vooral veel voor in Mauritanië en is een grassoort waarmee kamelen zich voeden. De wortels van het kamelengras liggen diep in de zanderige ondergrond. Wanneer banden van auto's, trucks of motoren in contact komen met kamelengras ondervindt het voertuig plotseling een grote weerstand, waardoor de controle over het voertuig verloren kan gaan. Op een ronde zetten: coureurs inhalen waarbij ze een ronde minder rijden. Gebeurt wanneer koplopers achterblijvers inhalen. Rijdende chicane: achterblijvers die een extra hindernis vormen om erlangs te gaan. Trappen: gas geven. Trulli-Train: in de kwalificatie relatief sneller zijn dan in de race, waardoor de in de race snellere auto's door een opstopping kort op elkaar rijden en als het ware een trein vormen. Een verschijnsel dat zich regelmatig voordeed achter Jarno Trulli. Verkeer: achterblijvers die door snellere coureurs op een ronde gezet worden.
Schaken De ongelukkige meende de bal met het hoofd te moeten spelen. De rest is techniek. Het eindspel wordt nu gemakkelijk gewonnen. Hier speelt men dan a4. Of een andere zet.Ed van Eeden, Schaaktaal, Bzzlletin. Jaargang 25 (1995-1996) Een kleintje onversneden. (Jhr. Arnold van Foreest)Schaakclub Oud Zuylen Utrecht Met wederzijdse kansen. Als de commentator niet weet wie er beter staat. Nu volgt een fraai slotakkoord. De partij wordt afgerond met een mooie combinatie. Te laat, te laat, sprak Winnetou, het zaad is al naar binnen toe. De fout is al gemaakt. Tot hier was alles theorie. Deze openingszetten zijn nog bekend uit de literatuur. Wat kan de natuur toch mooi zijn. Als de bedoeling van de gespeelde zetten duidelijk wordt (Nico Cortlever).Zie ook: " Tim Krabbé, "Wat is de natuur toch mooi", Algemeen Dagblad, 16 februari 2002 Wat nu, wat nu, zei Pichegru: zeggen schakers vaak als ze even niet weten wat ze moeten doen en nadenken over een volgende zet."Wat nu, wat nu", zei Pietje Cru, Chessity, 3 mei 2016
Schaatsen Aanpikken (Mart Smeets): na ingehaald te zijn, bijvoorbeeld tijdens een Elfstedentocht, het tempo kunnen volgen van degene door wie men is ingehaald (ook bij wielrennen). Blikrus (Hein Vergeer): een uitdrukking die werd gebruikt om een nieuwe onbekende Rus te beschrijven, die vanuit het niets om de medailles meereed. Dansen op het ijs (Martin Hersman): Tijdens het Wereldkampioenschap schaatsen allround 2008 zei Hersman tijdens de afsluitende 5 km van Paulien van Deutekom dat ze danste op het ijs. Het ritme lag bij haar hoog, in tegenstelling tot Ireen Wüst de rit ervoor, die een laag ritme had. Het schaatsen is in heel Nederland wereldberoemd (Mart Smeets): Dit werd in een periode gezegd dat Nederlanders het schaatsen domineerden en de belangstelling voor deze sport in andere landen nauwelijks nog aanwezig was. Hupje: de dynamische beweging die typerend is voor Bart Veldkamp. Klunen: Klunen is een Fries leenwoord dat lopen op schaatsen betekent. Bij schaatstochten is het niet altijd mogelijk de gehele tocht op de schaats af te leggen. Zo is het ijs onder bruggen vaak te dun of afwezig of heeft de scheepvaart wateren open gehouden. In dat geval dienen de schaatsers over land hun tocht voort te zetten; dit lopen op schaatsen noemt men klunen. In het schot vallen: vrijwel gelijk met het startschot beginnen met de rit. Schaatsbelg: iemand met een andere dan de Belgische nationaliteit die, om de selectiecriteria van de bond uit het land van herkomst te ontwijken, (ook) de Belgische nationaliteit aanneemt en vervolgens voor de Belgische schaatsbond uitkomt. De Nederlandse schaatser Bart Veldkamp was de eerste die het predicaat "schaatsbelg" ontving.
Snowboarden Een Sauerbreijtje lopen: Een term die werd gebruikt ten tijde van de Olympische Winterspelen 2002 toen Nicolien Sauerbreij haar snowboard tijdelijk afstond aan een Oostenrijkse waxer en daardoor het board verkeerd gewaxt terugkreeg. Het gevolg was een zeer slechte run met uitschakeling als gevolg. Ze liep dus min of meer een blauwtje, oftewel een Sauerbreijtje. Vier jaar later liep ze wederom tegen een Sauerbreijtje op toen ze na een val van tegenstandster Amelie Kober alsnog de opgebouwde voorsprong van 1,5 seconde verspeelde. Er werd toen echter in de media niet gesproken over een Sauerbreijtje lopen. (herkomst 2002)
Tennis
One-hander-lander: enkelhandige backhand. Uitbreaken: de wedstrijd winnen door middel van het breken van de service van de tegenstander. Dropshot-headshot: het willen winnen op een onsportieve wijze. Cheap points: punten die makkelijk te verdienen zijn tegen zwakke spelers. Gladde handjes: het meerdere malen wegwerpen van het racket. Kickvolley: het spelen van een volley waar behoorlijk wat rotatie aan de bal wordt meegegeven. Trekhengel: De speler in kwestie geeft de bal zoveel spin mee dat de tegenstander achter in het hek gedwongen wordt. Smashfoutje: tijdens een rally een aanvallende bal het park uit slaan. Choken of spelen met een dikke arm: de druk niet meer aankunnen bij een ruime voorsprong.entennis.nl
Voetbal
De bal is rond – "Maar ja, de bal is rond"; slotzin na uitgebreide voorbeschouwing door journalist en/of speler, aangevende, dat het toch allemaal anders kan gaan lopen, dan verwacht. Boekje van Jan Reker – Met het boekje van Jan Reker wordt een vermeend notitieboekje bedoeld dat in het leven werd geroepen door voormalig voetbaltrainer Jan Reker. In het boekje zouden de namen van voetballers zijn opgenomen, met daarbij de voorkeurshoek waar die speler een strafschop in zou schieten. Het werkelijke bestaan van het boekje is nooit door iemand anders dan Jan Reker en Hans van Breukelen bevestigd. Na de finale van het EK 1988, waarin doelman Hans van Breukelen de strafschop van Ihor Bilanov wist te stoppen, werd gezegd dat hij vast in het boekje van Jan Reker had gekeken. Voorafgaand aan de bewuste strafschop liet Van Breukelen aan Ihor Bilanov weten waar ie zou gaan schieten door naar zijn oog te wijzen. Hij zou vóór elke wedstrijd bestudeerd hebben hoe tegenstanders gewoonlijk een strafschop namen. Volgens Reker zelf heeft het boekje nooit bestaan, maar was het een kaartenbak.Wie neemt de strafschoppen?, ook over het "Boekje" van Reker. Een Van Breukelen-moment – Edwin van der Sar wilde bij de strafschoppenserie tussen Manchester United en Chelsea FC tijdens de Champions League-finale 2008 zijn Van Breukelen-moment hebben. Hiermee bedoelde hij dat hij de beslissende strafschop van Chelsea wilde tegenhouden. Hij verwees hiermee naar de finale van de Europa Cup I in 1988 tussen PSV en SL Benfica, waarbij Hans van Breukelen de beslissende strafschop van Benfica stopte. Brilletje van Van Daele – Toen Feyenoord in 1970 om de Wereldbeker speelde tegen Estudiantes de la Plata scoorde Joop van Daele het beslissende doelpunt. Tijdens de vreugdedans daarna werd zijn ziekenfondsbril afgerukt door de Argentijn Oscar Malbernat. Die gaf hem aan zijn ploeggenoot Carlos Pachame, die op zijn beurt de bril platstampte. Het brilletje werd in een aantal liederen bezongen. (herkomst 1970) Grobbelaarshow – Doelend op de strafschoppenserie in de finale van de UEFA Champions League 2004/2005, waarin doelman Jerzy Dudek van Liverpool FC dansend op de doellijn de spelers van de tegenpartij AC Milan uit de concentratie probeerde te krijgen. Hij had succes en stopte enkele strafschoppen waardoor Liverpool de wedstrijd won. Bruce Grobbelaar, eveneens een doelman van Liverpool maakte deze bewegingen reeds in een ver verleden. Dudek verklaarde na afloop ook daadwerkelijk aan de capriolen van Grobbelaar te hebben gedacht en er gebruik van te hebben gemaakt onder het motto van "Ik dacht laat ik het eens proberen". (herkomst 2005) Een Hand-van-God-goal is een goal die gescoord wordt, nadat de bal wordt meegenomen met de arm maar niet bestraft door de scheidsrechter. Naar Diego Maradona tijdens het Wereldkampioenschap voetbal 1986. Op zijn Italiaans – Verwijzend naar de Italiaanse manier van verdedigen van een 1-0-voorsprong. PSV won op 12 november 2006 van Ajax met 1-0 en speelde deze wedstrijd op de Italiaanse wijze uit. Op de Italiaanse manier verdedigt de ploeg met de hele ploeg de voorsprong en probeert daar waar mogelijk, de wedstrijd kapot te maken en loerend op de counter. Een Jan van Grinsven – Verwijzend naar een keeper die scoort, veel gebruikt op een site over keepers. Vernoemd naar Jan van Grinsven die in op 8 juli 1985 in de slotminuut de 2-2 scoorde in de wedstrijd van FC Den Bosch tegen Roda JC. Kopbal á la Beb Bakhuys – Verwijzend naar Beb Bakhuijs, voor een vallende kopbal. Een goal, waarmee Beb Bakhuys beroemd is geworden in 1934. Omam-Biyik – Een voetbalterm, genoemd naar de voormalige Kameroense voetballer François Omam-Biyik. Een Omam-Biyik is een doelpunt dat is gescoord middels een geweldige kopkracht, in combinatie met een hoge sprong. (herkomst 1990) Remontada. Bijna onmogelijk geachte terugkomst vanuit een (grote) achterstand. In 2017 won Paris Saint-Germain met 4-0 van FC Barcelona in de achtste finales van de Champions League. De terugwedstrijd won Barcelona wonderbaarlijk met 6-1 en bekerde verder. Dit begrip wordt soms ook vertaald naar de taal van de clubs waarvan een terugkomst vereist wordt, zoals de Italiaanse Rimonta toen AS Roma in 2018 in de kwartfinales tegen Barcelona terugkwam van een 4-1 achterstand en zich plaatste voor de halve finales.
Volleybal Bankrasmodel – Het Bankrasmodel is de naam voor de revolutionaire aanpak waarbij een groep getalenteerde volleyballers, onder bezielende leiding van de coach Arie Selinger, zich volledig inzette om het hoogst bereikbare in hun sport te bereiken. De selectie voor het Nederlands volleybalteam speelde niet in de nationale competitie, maar trainde uitsluitend voor internationale wedstrijden. De aanpak resulteerde in het behalen van olympisch zilver in Barcelona 1992 en goud in Atlanta 1996.
Wielrennen À bloc: voluit, met volle inzet, rijden. Treintje oproken: te snel haken een aantal ploeggenoten af die de sprinter naar de finish moeten brengen. Aan de boom schudden: hard doorrijden om tegenstanders in de kopgroep te lossen, vooral bergop. Aan het elastiek hangen: achter in een groep fietsen en op het punt staan gelost te worden.