Operatie Doppelkopf (Duits: Unternehmen Doppelkopf) was de codenaam voor een Duits offensief in de Tweede Wereldoorlog in augustus 1944 in Koerland. In de vervolgoffensieven na Operatie Bagration rukten Sovjet-troepen in juli 1944 op door Litouwen en Letland en bereikten de kust van de Golf van Riga. Het Duitse opperbevel zette snel een tegenoffensief op om de verbinding tussen de Heeresgruppen Nord en Mitte te herstellen en de strategisch belangrijke plaatsen Šiauliai (Duits: Schaulen) en Jelgava (Duits: Mitau) te heroveren. De verbinding kon hersteld worden, maar de rest van de doelen werden niet gehaald. Voorgeschiedenis thumb|De stoot van het 1e Baltische Front door het "Baltisch gat" thumb|Straatgevechten in Jelgava begin augustus 1944. Het Sovjet Šiauliai Offensief (Russisch: Шяуляйская наступательная) was een operatie van het Sovjet 1e Baltische Front en dit was de derde fase van Operatie Bagration. Tijdens Operatie Bagration werd het Duitse 3e Pantserleger verdreven vanuit het gebied rond Vitebsk door troepen van het Sovjet 3e Wit-Russische Front. De doorbraak van het Sovjet 5e Garde Tankleger was rechtstreeks op Vilnius gericht. Het linker korps van het 3e Pantserleger (9e Legerkorps) en het rechterkorps van het 16e leger (1e Legerkorps) werden uit elkaar gedrukt en steeds groter werd dit gat, door de Duitsers het “Baltische gat” genoemd. Het 9e Legerkorps trok terug naar Ukmergė en het 1e Legerkorps naar Daugavpils. Voor de verdere uitvoering van het offensief in dit gat werden op 14 juli het Sovjet 2e Gardeleger en het 51ste Leger in de strijd geïntroduceerd (vanuit Stavka reserve). Tegen 22 juli hadden deze troepen Panevežys ingenomen, op 27 juli Šiauliai en op 31 juli werd Jelgava bereikt. De mobiele eenheden van het front kwamen Tukums binnen en bereikten de kust van de Golf van Riga, waardoor de landcommunicatie van Heeresgruppe Nord werd onderbroken. Het Oberkommando des Heeres startte onmiddellijk met het maken van plannen om de verbinding tussen de twee Heeresgruppen te herstellen. Planning Volgens de plannen zou het 39e Pantserkorps de hoofdstoot uitvoeren. Op 5 augustus werd het korps bij Warschau afgelost door het IV SS Pantserkorps en werd naar Litouwen verplaatst. Het korps zou moeten aanvallen van Mažeikiai (Duits: Moscheiken) richting Auce en Jelgava en zo contact opnemen met het 16e leger. Hiervoor zou het korps drie pantserdivisies krijgen. Het 40e Pantserkorps had pas op 4 augustus de frontsector bij Vilkaviškis (Duits: Wilkowischken) overgenomen en werd een week later meer naar het noorden verplaatst. Het korps zou aanvallen vanuit Kelmė, richting Šiauliai, deze stad nemen en de rechterflank van het 39e Pantserkorps beschermen. Hiervoor kreeg het korps twee pantserdivisies, een pantsergrenadierdivisie en een infanteriedivisie toegewezen. Verder lag er ter hoogte van Tukums de Pantserdivisie “Strachwitz”, samengesteld uit de SS Panzerbrigade Gross en Panzerbrigade 101. Deze ad-hocdivisie zou langs de kust oprukken en had een neventaak, maar zou nog voor een verrassing zorgen. De 1e Infanteriedivisie was ook voorzien om bij het 40e Legerkorps aan te sluiten, maar werd naar het gebied Vilkaviškis gestuurd, wegens een defensieve crisis daar. De benodigde divisies werden overal vandaan gehaald. De 4e Pantserdivisie was begin augustus in actie bij Warschau in tegenaanvallen op het 2e Sovjet Tankleger en werd vanaf 11 augustus op transport gezet. De 5e Pantserdivisie was in actie in de gevechten rond Vilkaviškis, diens frontsector werd tussen 11 en 14 augustus overgenomen door 547e Grenadierdivisie. De 7e Pantserdivisie was de enige divisie die zich niet hoefde te verplaatsen, maar was al in actie in zijn sector bij Kelmė. Op 15 augustus viel de divisie aan richting Kelmė, het verzamelgebied voor de eigenlijke aanval voor de volgende dag. De 12e Pantserdivisie was begin augustus in actie bij Łomża. Verplaatsing was laat en zelfs tijdens de operatie kwamen nog onderdelen aan. Zou in eerste instantie in reserve blijven achter 4e en 5e Pantserdivisies. De 14e Pantserdivisie was sinds eind juli in opfrissing bij Cetireni in Moldavië bij het 8e Leger en was op transport naar Letland van 6 tot 15 augustus. De Pantsergrenadierdivisie Großdeutschland was in actie in de gevechten rond Vilkaviškis, diens frontsector werd tussen 11 en 12 augustus overgenomen door 561e Grenadierdivisie. Behalve de 7e Pantserdivisie, die al in het front lag, zouden alle divisies verzamelen ver van het front om de verrassing volkomen te manken. Zo moesten bijvoorbeeld de 4e en 5e Pantserdivisies vóór de aanval een nachtmars van 75 km maken om bij hun startposities te komen. Op 3 augustus werd het Sovjet 5e Garde Tankleger onder bevel van het 1e Baltische Front gebracht. In de eerste week van augustus stelde het 1e Baltische Front versterkt Duits transport vanuit Oost-Pruisen naar het noorden vast en hield er rekening mee dat de Duitsers zouden proberen de corridor naar de Golf van Riga in tweeën te splitsen. Het 43e Leger en het 6e Gardeleger vormden de ring zuidelijk van Riga en bleven hier in de aanval. Het 51e Leger vormde de verdediging in de corridor en het 2e Gardeleger vormde de westelijke defensie. Verschillende gepantserde eenheden, zoals het 3e Gemechaniseerde Korps en het 1e Tankkorps werden in reserve gehouden voor eventualiteiten.

Slagorden Wehrmacht 3e Pantserleger - General der Panzertruppe Erhard Raus (gedeeltelijk) direct onder bevel Pantserdivisie “Strachwitz” - Generalmajor Hyacinth Graf Strachwitz 39e Pantserkorps - General der Panzertruppe Dietrich von Saucken 4e Pantserdivisie - Generalmajor Clemens Betzel 5e Pantserdivisie - General der Panzertruppe Karl Decker 12e Pantserdivisie - Generalleutnant Erpo Freiherr von Bodenhausen 40e Pantserkorps - General der Panzertruppe Otto von Knobelsdorff 7e Pantserdivisie - Generalmajor Karl Mauss 14e Pantserdivisie - Generalmajor Oskar Munzel Divisie Großdeutschland - Generalleutnant Hasso von Manteuffel

Beschikbare Duitse pantsergevechtsvoertuigen: 4e Pantserdivisie - 63 (32) Panzerkampfwagen IV, 38 (15) Panzerkampfwagen V Panther 5e Pantserdivisie - 34 (24) Panzerkampfwagen IV, 28 (14) Panzerkampfwagen V Panther 7e Pantserdivisie - 44 (24) Panzerkampfwagen V Panther, 5 Sturmgeschütz III, 19 Panzerjäger I 12e Pantserdivisie - 28 Panzerkampfwagen IV, 22 (20) Sturmgeschütz III, 16 Jagdpanzer IV 14e Pantserdivisie - 11 Panzerkampfwagen IV, 11 Sturmgeschütz III – De Panther-Abteilung met 60 (6) Panzerkampfwagen V Panther zou pas op 24 augustus bij de divisie komen Pantsergrenadierdivisie Großdeutschland - 8 (7) Panzerkampfwagen IV, 54 (41) Panzerkampfwagen V Panther, 37 (29) Panzerkampfwagen VI, 24 (20) Sturmgeschütz III Pantserdivisie “Strachwitz” - 10-15 Panzerkampfwagen III en Panzerkampfwagen IV, 7 Panzerkampfwagen VI, 36 Panzerkampfwagen V Panther, 11 Jagdpanzer IV De genoemde getallen waren de inzetbare voertuigen, tussen haakjes degene die in kortdurende reparatie waren.

RKKA miniatuur| Generaal Ivan Bagramjan leidde het 1e Baltische Front 1e Baltische Front – Generaal Ivan Bagramjan 2e Gardeleger – Luitenant-generaal Porfiry G. Tsjantsjibadze 11e Garde Legerkorps – Generaal-majoor Boris A. Rozjdestvensky 2e Garde Fusilierdivisie – Generaal-majoor Nikita S. Samochvalov 32e Garde Fusilierdivisie – Generaal-majoor Nikolay K. Zakoerenkov 33e Garde Fusilierdivisie – Generaal-majoor Pavel M. Volosatykh 13e Garde Legerkorps - ? 3e Garde Fusilierdivisie – Garde Kolonel Grigory F. Polisjtsjoek 24e Garde Fusilierdivisie - Generaal-majoor Jakov F, Eremenko 87e Garde Fusilierdivisie - Generaal-majoor Kirill Y. Tymchik 54e Legerkorps - ? 126e Fuselierdivisie – Kolonel Aleksandr I. Kazakov 263e Fuselierdivisie – Generaal-majoor Alexander M. Pykhtin 1e Tankkorps (in reserve) - Luitenant-generaal Vasily V. Butkov 89e, 117e en 159e Tankbrigades, 44e Gemotoriseerde Fuseliersbrigade 103e Legerkorps (in reserve) - ? 51e Leger - Luitenant-generaal Jakov G. Kreizer 3e Garde Gemechaniseerde Korps (in reserve) - Luitenant-generaal Viktor T. Oboechov 7e, 8e en 9e Garde Gemechaniseerde Brigades, 35e Garde Tankbrigade 1e Garde Legerkorps - Luitenant-generaal Ivan I. Missan 279e Fusilierdivisie – Generaal-majoor Vladimir S. Potapenko 346e Fusilierdivisie - Luitenant-kolonel Vladimir V. Artamonov 347e Fusilierdivisie - Generaal-majoor Aleksandr K. Jochimtsjoek 10e Legerkorps – Generaal-majoor Konstantin P. Neverov 77e Fusilierdivisie – Generaal-majoor Aleksej P. Rodionov 91e Fusilierdivisie – Generaal-majoor Evgeny K. Sobyanin 257e Fusilierdivisie – Kolonel Aleksandr G. Majkov 63e Legerkorps – Luitenant-generaal Pjotr Kosjevoj 87e Fusilierdivisie – Generaal-majoor Georgy P. Kulyako 267e Fusilierdivisie – Generaal-majoor Arkhip I. Tolstov 417e Fusilierdivisie – Generaal-majoor Fedor M. Bobrakov Verder: 43e Leger met 1e, 60e en 92e Legerkorpsen en het 6e Gardeleger met 2e, 22e en 23e Garde Legerkorpsen

Het strijdverloop 16 augustus – dag 1 Het 39e Pantserkorps startte om 08:00 vanaf de linie Laizuva-Vieksniai-Tryskiai met beide pantserdivisies naast elkaar en boekte goede voortgang, die zelfs ’s avond nog voortduurde. Ze kwamen tot westelijk van Vegeriai en Kruopiai en inclusief Papilė. De 12e Pantserdivisie sloot aan in het achterland. Bij het 40e Pantserkorps had Divisie Großdeutschland problemen met slechte wegen en viel aan vanaf zuidoostelijk van Luoke en nam net als de 14e Pantserdivisie een brug over de Venta in bezit. Beide divisies rukken verder naar het oosten op. De 7e Pantserdivisie had te maken met zware gevechten noordoostelijk van Kelmė. In de loop van de dag werd de Pantserdivisie “Strachwitz” onder bevel van het 39e Pantserkorps geplaatst. Aanvallen waren hier nog niet mogelijk omdat de SS Panzerbrigade Gross nog in de verdediging was en de Panzerbrigade 101 zich nog aan het verzamelen was. Een aanval hier werd pas op 18 augustus gepland. Het beeld was deze dag voor de Sovjets nog onduidelijk, met name rond het gebied van het 39e Pantserkorps. Wel werd overdacht het 5e Garde Tankleger richting Šiauliai te verplaatsen indien nodig. Dit Leger beschikte echter op dat moment maar over 17 inzetbare tanks, maar meer was onderweg.

17 augustus – dag 2 De 4e en 5e Pantserdivisie rukten resp. 6 km voorbij Vegeriai en Kruopiai en stonden zo nog maar 14 voor Žagarė (Duits: Schagarren). In de middag werd de 12e Pantserdivisie in de frontlijn van het 39e Pantserkorps geplaatst en nam de noordflank over. Het 40e Pantserkorps rukte verder op richting Šiauliai, maar kreeg met behoorlijke tegenstand van het 2e Gardeleger te maken. Met name Divisie Großdeutschland maakte toch nog goede vorderingen. De Luftwaffe ondersteunde op deze dag de troepen met de inzet van 114 grondaanvalsvliegtuigen, 116 jagers en 30 verkenners. De Sovjets versterkten deze dag het front van het 51e Leger met delen van de 1e en 19e Tankkorps, het 3e Garde Gemechaniseerde Korps en het 103e Legerkorps. De gepantserde aanval in het noorden had enkele resultaten gebracht, maar geen echte doorbraak, en dat gaf de Sovjets de tijd achter hun Pakfront nieuwe eenheden aan te voeren om de opmars nog verder te vertragen.

18 augustus – dag 3 De 12e Pantserdivisie nam op deze dag de heuvels ten zuiden van Auce, de 4e Pantserdivisie rukte op tot 5 km westelijk van Žagarė en de 5e Pantserdivisie kwam op 5 km zuidwestelijk van Šiauliai, maar kreeg hier een Sovjet tanktegenaanval te verduren van het 3e Garde Gemechaniseerde Korps. Het lukte de pantserdivisie er 39 buiten gevecht te stellen. De aanval van Pantserdivisie “Strachwitz” moest een dag uitgesteld worden omdat er transportproblemen waren. Het 1e Tankkorps dekte de westelijke toegangen tot Šiauliai succesvol. 19 augustus – dag 4 thumb| General Hyazinth Graf Strachwitz