Het heksenschermpje (Mycena rosea) is een schimmel uit de familie Mycenaceae. Het is een terrestrische saprotroof die voornamelijk groeit tussen bladstrooisel in loof- en gemengde bossen op voedselrijkere, vaak kalkhoudende en lemige bodems.Mycena rosea – Heksenschermpje, NMV Verspreidingsatlas Paddenstoelen. De soort valt op door de relatief forse vruchtlichamen en de doorgaans helder roze hoed.

Kenmerken Uiterlijke kenmerken Hoed De hoed heeft een diameter van ongeveer 2,5–6 cm. Hij is aanvankelijk gewelfd en wordt later vlakker, meestal met een lage umbo. De kleur varieert van donker- tot lichtroze of lilaroze. De hoed is hygrofaan, kaal en aan de rand doorschijnend gestreept of ondiep gegroefd.Mycena rosea, The Mycenas of Northern Europe.

Lamellen De lamellen zijn roze tot bleekroze en uitgebocht aan de steel aangehecht.

Steel De steel is ongeveer 6–10 cm lang en 4–10 mm dik, hol en stevig en meestal wit tot bleekroze. Naar de basis toe kan hij wat verbreed zijn. De steelbasis is bedekt met witachtige tot geelachtige vezels.

Vlees en geur Het vlees is witachtig. De soort heeft een karakteristieke, aan radijs herinnerende geur.

Microscopische kenmerken De sporen meten ongeveer 7–9 × 4–5,5 µm. Ze zijn glad, min of meer druppelvormig tot subcilindrisch en amyloïd. De basidiën zijn viersporig. De cheilocystiden zijn variabel van vorm en kunnen onder meer knotsvormig, bolvormig, spoelvormig of smal utriform zijn. Knudsen, H. & Vesterholt, J. (red.) (2012), Funga Nordica: Agaricoid, boletoid, clavarioid, cyphelloid and gastroid genera, 2e druk, Nordsvamp, p. 423.

Gelijkende soorten Het heksenschermpje is nauw verwant aan het gewoon elfenschermpje (Mycena pura). Het heksenschermpje heeft doorgaans grotere vruchtlichamen en een intens roze, langer kegelvormig blijvende hoed. Door variatie in kleur en vorm kunnen beide soorten echter op elkaar lijken.

Eetbaarheid Het heksenschermpje is giftig en bevat muscarine. De soort wordt daarom niet als eetbaar beschouwd.

Verspreiding en ecologie Het heksenschermpje groeit saprotroof op strooisel, vooral in loof- en gemengde bossen. In Nederland wordt het voornamelijk aangetroffen in loofbos op rijke zandgrond en is het volgens de NMV Verspreidingsatlas algemeen. Op de Nederlandse Rode Lijst heeft de soort de status 'thans niet bedreigd' (TNB).

Foto's

Categorie:Mycenaceae Categorie:Schimmelsoort