SvPO (School voor Persoonlijk Onderwijs) is een schoolconcept met onderwijs in kleine klassen, veel onderwijstijd en huiswerk op school. Het is bedoeld als antwoord op particulier onderwijs en claimt dat minstens een derde van de leerlingen boven het advies van de basisschool uitkomt. De hoge kosten van het onderwijs worden gedekt door de organisatie eenvoudig te houden.
De bedenker van het concept, Misha van Denderen, heeft samen met zijn echtgenote acht scholen opgericht die met dit concept werken. In een uitzending van Argos (radioprogramma) kwam naar voren dat zij hiervoor een lange en moeizame strijd hebben moeten voeren. De eerste school volgens dit concept werd in 2010 in Kapelle door Alexander Pechtold geopend. Sinds een fusie in 2022 staan de scholen bekend onder de naam Pvo (Persoonlijk voortgezet onderwijs).
Prestatie leerlingen Uit cijfers van de onderwijsinspectie blijkt dat in de periode 2016-2023 927 van de 2.114 leerlingen van SvPO-scholen boven het advies van de basisschool uitkwamen. Dat is 43,9% en bijna tienmaal zoveel als de inspectienorm van 4,8%. De claim dat ten minste een derde van de leerlingen opstroomt is voor deze periode dus terecht.
Uit de cijfers blijkt ook dat de leerlingen niet vaker blijven zitten of minder vaak slagen dan op andere middelbare scholen. Het percentage leerlingen dat overgaat naar een volgend leerjaar of slaagt, was gemiddeld iets hoger dan de inspectienorm.
Schoolconcept Klassen omvatten gemiddeld maximaal 16 leerlingen en er zijn maximaal 80 leerlingen per leerjaar. In totaal omvat een school niet meer dan 400 leerlingen.
Er is een vierdaagse schoolweek. Er zijn geen tussenuren en er is nagenoeg geen lesuitval: mocht een docent afwezig zijn, dan valt een andere docent in om begeleiding te verzorgen. Er zijn onderwijsblokken van 85 minuten, welke deels uit les en deels uit huiswerkbegeleiding bestaan. Per onderwijsblok wordt zodoende tijd vrijgemaakt voor huiswerk, zodat dit met een docent erbij wordt gemaakt. Jaarlijks kunnen leerlingen zes snipperdagen opnemen. Om de vier weken biedt de school een sportdag.
Het onderwijs is voor iedereen toegankelijk. De ouderbijdrage (€450 per schooljaar) wordt gebruikt om taal- en cultuurreizen te bekostigen. Daarnaast betalen ouders een eigen bijdrage van twintig Euro per dag per schoolreis. Doordat huiswerk op school wordt gemaakt zijn er verder geen kosten voor atlas, laptop, en dergelijke.
Een school met het SvPO-concept is eenvoudig georganiseerd. Er zijn uitsluitend docenten, een conciërge en een schoolleider in dienst. De schoolleider vervult daarbij ook de taken van zorgcoördinator en anti-pest-coördinator. Mentoren uit dezelfde jaarlaag vergaderen wekelijks en een aantal maal per jaar vindt er een schoolbrede vergadering plaats. Er zijn geen ouderavonden, alleen mentorgesprekken.
Sociale samenhang SvPO beschouwt een school als een sociale gemeenschap van docenten en leerlingen - een uitgangspunt dat van pedagoog Kees Boeke is overgenomen. Er is daarom geen aparte docentenkamer. De tijd dat docenten niet les geven, werken ze in de aula, ze zijn daar benaderbaar voor leerlingen. In deze tijd bereiden de docenten hun lessen voor, kijken ze na, plannen ze oudergesprekken in of vallen ze in voor een afwezige collega-docent. Voor de sociale samenhang volgt iedere lichting leerlingen zoveel mogelijk gezamenlijk de schoolcarrière. Zittenblijven is een uitzondering. De sociale samenhang wordt verder bevorderd doordat leerlingen van verschillende klassen en niveaus samen sporten en samen de taal- en cultuurreizen maken. In de bovenbouw van havo en vwo wordt gewerkt met dubbelprofielen (genaamd alfa en bèta) - dit zijn gecombineerde maatschappij- of natuurprofielen. Indien er veel leerlingen kiezen voor een specifiek profiel, kunnen de klassen in de bovenbouw mogelijk groter worden dan twintig leerlingen.
Taal- en cultuurreizen Leerlingen gaan 7 (havo) tot 10 (gymnasium) keer een week samen op reis. Voor de eerstejaars is er de zogeheten Amsterdamweek, daarna zijn de bestemmingen in het buitenland. Het programma bestaat dan uit de ochtend op een taalschool (Frans, Engels, Duits of Spaans) en de rest van de dag culturele activiteiten.
Arbeidsvoorwaarden De Algemene Onderwijsbond (AOb) probeert sinds 1998 de werkdruk voor docenten te beperken door in de cao het aantal lessen per docent te beperken. Gaf een voltijdse docent in 2000 nog 866 uur per jaar les, in 2015 was dat gedaald naar 700. Om te voorkomen dat scholen daardoor de urennorm voor onderwijstijd niet meer halen, voeren ze alternatieve onderwijsvormen in. Na protest daarover van scholieren is de urennorm versoepeld. SvPO stelt dat deze versoepeling nadelig is voor de ontwikkeling van leerlingen. Bovendien zou de vrijkomende tijd voor docenten vooral gevuld zijn door vergaderingen, en ervaren docenten juist meer werkdruk doordat ze alle lesstof in minder tijd moeten behandelen.
Om de arbeidsvoorwaarden beter op de organisatie te laten aansluiten, biedt het SvPO-concept een eigen rechtspositieregeling als alternatief voor de cao. Daarin zitten verbeterde arbeidsvoorwaarden, waaronder kleinere klassen, hogere salarisschalen, een bonusregeling en extra vrije dagen.
De Algemene Onderwijsbond (AOb) had kritiek omdat de huiswerkbegeleiding die tijdens de lessen wordt gegeven, niet als les wordt gerekend. Daardoor wordt voor die begeleiding geen voorbereidingstijd of nakijktijd vergoed. AOb stapte naar de rechter, maar kreeg nul op het rekest.
Medezeggenschap met directe democratie Voor de medezeggenschap werd aanvankelijk gekozen voor een vorm van directe democratie: alle leerlingen, docenten en ouders kwamen vanzelf in de medezeggenschapsraad (mr). Er werd besloten per referendum. Uit een artikel van MR Magazine over deze werkwijze blijkt dat veel kenmerken van het SvPO-concept uit die referenda voort zijn gekomen, zoals de vierdaagse schoolweek, de bestemmingen van de taalreizen en de snipperdagen. De inspectie stelt echter dat directe democratie in strijd is met de Wet medezeggenschap op scholen (WMS). Er is namelijk geen voorzitter van de mr, er worden geen kandidaten gekozen, enzovoorts. Na een nieuw referendum besluit de scholen om alsnog een mr te laten kiezen, waarbij echter de leden gebonden zijn aan de uitkomsten van de referenda.
In maart 2019 werd er op de nieuwe school in Utrecht een mr gekozen. De ouder- en docentengeleding wilden een versterking van de zorgstructuur en stelden een lijst op met signalen over de veiligheid en het leerklimaat op school. Het bestuur meende dat deze signalen vooral betrekking hadden op de mr-leden zelf. In juli hielden beide geledingen het voor gezien en zegden het vertrouwen op in het schoolbestuur. Ook werd er een klacht ingediend bij de Geschillencommissie. Intussen was er een nieuwe mr gekozen en die deelde de kritiek van de vorige niet. De Geschillencommissie verklaarde de klacht dan ook niet ontvankelijk, maar merkte wel op dat de verkiezingsprocedure niet toereikend was en dat referenda niet bindend mogen zijn voor de mr. In het SvPO-concept werden de referenda voortaan raadgevend.
Scholen miniatuur|De Pierre Bayle academie is gevestigd in het voormalige Missiehuis van de Missionarissen van Mill Hill, in 1928 gebouwd in de traditie van de late Amsterdamse School en gelegen in het Blauwe berggebied van de gemeente Hoorn. De tuinen, waarin gestreefd is naar het bereiken van een ecologische balans van mens, plant en dier, zijn ontworpen door landschapsarchitect Hendrik Copijn. Er zijn acht scholen opgericht op basis van het SvPO-concept:
Isaac Beeckman Academie in Kapelle van 2010 tot 2024 Tjalling Koopmans College in Hurdegaryp sinds 2013 Ida Gerhardt Academie in Geldermalsen sinds 2016 Pvo Amsterdam sinds 2017 Pvo Utrecht sinds 2017 Mezquita College in Hengelo sinds 2019. Sander Hegius College in Deventer sinds 2019 Pierre Bayle Academie in Hoorn sinds 2019
In 2022 is er een nieuw bestuur aangetreden en zijn de scholen gefuseerd in de Stichting voor Persoonlijk VO, een Nederlandse scholengroep voor voortgezet onderwijs.
Geschiedenis Het SvPO-concept is mede ontwikkeld naar aanleiding van de enquêtecommissie Dijsselbloem die zich kritisch uitsprak over onderwijsvernieuwingen zoals leerpleinen, ontdekkend leren of gepersonaliseerd leren. Het concept volgt het pleidooi van deze parlementaire commissie voor een benadering van het onderwijs die vertrouwt op bewezen methoden en technieken. De scholen zijn in sociaal opzicht weliswaar vooruitstrevend, met docenten die laagdrempelig benaderbaar zijn voor de leerlingen en met een beleid dat de sociale samenhang bevordert. Het onderwijs zelf is echter behoudend. Het wordt klassikaal gegeven en kennisoverdracht staat centraal. In 2010 is de Isaac Beeckman Academie in Kapelle als eerste school gestart op basis van het SvPO-concept.
Druk Tweede Kamer Casus van Pierre Bayle Academie Om de oude verzuilde wetgeving te ontlopen die nog dateerde van de Schoolstrijd (Nederland) van 1917, hadden de oprichters een aanvraag ingediend voor de start van de school op basis van alle erkende religieuze- en levensovertuigingen in plaats van slechts één. Volgens de minister was dit niet toegestaan, maar hij kreeg ongelijk van de Raad van State, waarna er in 2014 alsnog toestemming kwam.
Het gebouw is aangekocht door de oprichters met hulp van een stichting die het concept van persoonlijk onderwijs (SvPO) stimuleert. Dit was nodig omdat de gemeente Hoorn weigerde om geschikte huisvesting aan te bieden. De gemeente is daartoe wettelijk verplicht, maar weigerde zelfs na een uitspraak van de rechter.
Na een ongunstig rapport van de onderwijsinspectie had de school in 2022 moeite om voldoende leerlingen te werven en de norm van het aantal leerlingen te behalen. Verouderde wetgeving maakte het verkrijgen van toestemming voor een nieuwe school aanvankelijk onmogelijk. De wet was in 1917 de uitkomst van de Schoolstrijd en bepaalde dat een nieuwe school een bepaalde levensovertuiging (katholiek, protestants, etc.) in de statuten moet hebben en er geen vergelijkbare school in de buurt mag staan. In de praktijk betekende het dat er vrijwel geen vrije plekken meer waren. Misha van Denderen, bedenker van het SvPO-concept, ontwikkelde daarop geografische software, waarmee het lukte om toch enkele vrije locaties te vinden (o.a. Kapelle, Hardegarijp). Daartoe werden nieuwe schoolstichtingen opgericht die een aanvraag indienden. Toenmalig Staatssecretaris Bijsterveldt wees de aanvragen op oneigenlijke gronden af. Pas onder druk van een motie van D66, SP en VVD in de Tweede Kamer ging zij alsnog akkoord.
Accountantskamer veroordeelt inspectie De eerste school kreeg toestemming om in 2009 in Kapelle van start te gaan. De gemeente had echter geen gebouw beschikbaar en de school moest daar zelf voor zorgen. De school kon daarom pas een jaar later van start. Ondertussen waren er wel al vaste lasten en de school meende daarom aanspraak te kunnen maken op de vaste voet van de bekostiging. Het ministerie was het daar niet mee eens. Om te voorkomen dat de school in financiële problemen zou komen, schoot Misha van Denderen, bedenker van het schoolconcept, de school met eigen middelen te hulp. Prompt reageerde de onderwijsinspectie met een rapport waarin Van Denderen van belangenverstrengeling werd beticht. Dit bleek onterecht en de onderwijsinspectie werd daarom door de Accountantskamer, het tuchtcollege voor accountants, veroordeeld. Daarna werd het rapport door inspectie ingetrokken.
Van de rechtbank kreeg de school ook nog gelijk inzake de bekostiging van de vaste voet, waarna deze kwestie met het ministerie werd geschikt.
Voorspoedige start eerste scholen