Nicolaas Anthonius Gerardus ('Nic') van Rossum (Zwammerdam, 7 maart 1936 – Duivendrecht, 17 november 2025)Rouwadvertentie in De Telegraaf, 20 november 2025. was journalist en van 1974 tot 1988 de laatste hoofdredacteur van Elseviers Weekblad 'voor de Zakenman', dat naast het opinietijdschrift met dezelfde naam werd uitgegeven.

Opleiding Op de lagere school kreeg hij het advies gymnasium, maar hij kwam uit een gezin met elf kinderen en zijn ouders konden het dagelijkse openbaar vervoer van hun woonplaats Bodegraven naar Leiden niet bekostigen. Ook de HBS viel af, want niet-katholiek, zodat zijn opleiding bestond uit MULO, avond-HBS en MO-Economie. Gerlof Leistra, 'In memoriam Nic van Rossum', EW, 21 november 2025. Ook volgde hij net als Richard SchoonhovenJo Bardoel, 'Im Richard Schoonhoven. De man die journalistieke ethiek naar de tv bracht', Recorder, 1 juli 2024. een schriftelijke cursus journalistiek bij de paters Augustijnen. Die hadden in Culemborg een instituut voor schriftelijk onderwijs.

Loopbaan Hij werkte heel kort bij de shampoo-fabriek van Andrélon in zijn woonplaats Bodegraven, maar stapte al snel over naar de journalistiek.Theo Gerritse, 'Tegenkracht in de democratie', Algemeen Dagblad, 22 maart 1999. Na een carrière bij de Leidsche Courant en dagblad De Tijd (parlementaire redactie in Den Haag), kwam hij in 1970 als chef-redacteur in dienst van Elseviers Weekblad (de weekkrant 'voor de Zakenman'). Drie jaar later was hij adjunct-hoofdredacteur om per 1 juni 1974 hoofdredacteur te worden.

Nadat in mei 1988 de weekkrant onderdeel werd van het tijdschrift Elsevier, kreeg Van Rossum de rol van columnist. Zijn eerste column verscheen op 4 juni 1988, zijn laatste op 5 mei 2001. Hij was zeer populair bij de lezers, zodat, nadat hij zijn afscheid had aangekondigd en de brieven van teleurgestelde lezers binnenstroomden, op 2 mei 2001 een afscheidsbijeenkomst werd gehouden in het Tropeninstituut in Amsterdam, waar zijn collega-columnist Pim Fortuyn de afscheidsrede hield. Zijn motto als columnist was: 'Je bent dienaar van je lezers.'Arendo Joustra, 'Voorwoord' in: Columnist in strijd met de waan. Nic van Rossum (Amsterdam, 2001).

Dat willen we even kwijt Vanaf 1992 schreef hij de teksten van de column die televisiepresentator Wim Bosboom wekelijks voor de Tros-televisie uitsprak, als 'stem van de zwijgende meerderheid in onze samenleving'. Er keken twee miljoen kijkers naar, die het programma hoog waardeerden. Per aflevering kreeg de Tros duizenden aanvragen voor de tekst.N.A.G. van Rossum en Wim Bosboom, Dat willen we even kwijt... — de stem van de zwijgende meerderheid in onze samenleving (Baarn, 1994) De inhoud van de columns was politiek incorrect, al bestond die term destijds nog niet. Ze gingen over fraude met uitkeringen en belastingen, de vierdaagse werkweek, illegale vreemdelingen, het criminele paradijs en straf op werk.

Voor het antwoord op de vraag waarom de meerderheid zwijgt, citeerde Van Rossum in zijn voorwoord bij de gebundelde columns een kijker, die al eerder had willen reageren op de uitzendingen. 'Maar meestal is de woede over allerlei misstanden, onder druk van de dagelijkse werkzaamheden, al weer weggeëbd voor dat er een letter op papier staat. Waarschijnlijk is dat de reden dat in Nederland alleen de mening van actiegroepen te horen is. Die hebben blijkbaar geen last van drukke werkzaamheden.'

Het orthodox-christelijke Nederlands Dagblad gebruikte de bundeling van de columns om flink tekeer te gaan tegen Van Rossum en Bosboom: 'Het politieke denken dat hierachter zit, is een niet-christelijk, egoïstisch conservatisme, ook wel populisme (het volk naar de mond praten) genoemd. Het is 'boer Koekoek', maar dan wat intelligenter en exacter. Daarom misschien ook gevaarlijker, omdat het appelleert aan neigingen in ons aller hart. Gelukkig maar dat er geen lijst-Van Rossum aan de komende Kamerverkiezingen meedoet. Het is trouwens makkelijker zulke praatjes voor de tv te houden, waar niemand tegenspreekt, dan in de Tweede Kamer, waar eenzijdigheden snel ontmaskerd worden.' J.P. de Vries, 'Dat willen we even kwijt', Nederlands Dagblad, 6 januari 1994.

Waardering en kritiek Zijn columns in opinieblad Elsevier ontmoetten ook buiten de lezerskring van het opinieblad waardering. Volgens sociaaleconomisch redacteur Kees Tamboer van Het Parool behoorden de columns 'tot de leesbaarste beschouwingen op het economisch vakgebied.'Kees Tamboer, 'Nic van Rossum wil iets teveel kwijt', Het Parool, 14 juni 1995. In De Groene Amsterdammer was Martin van Amerongen kritischer: 'Zelden heb ik zo'n agitatorische verzameling invectieven onder ogen gehad'.De Groene Amsterdammer, 10 juli 1996. Eerder kwalificeerde De Groene de makers van Dit willen we even kwijt als 'de Bud Spencer en Terence Hill van het volksgevoel'.Frank van Zijl, 'De weekbladen', de Volkskrant, 25 november 1993.

Onderscheiding Ter gelegenheid van zijn afscheid kreeg hij door de burgemeester van zijn woonplaats Zeist in 2001 de onderscheiding ridder in de Orde van Oranje-Nassau uitgereikt.

Persoonlijk Hij kwam uit een 'kansarm' katholiek klaarmakersgezin met elf kinderen.

Na zijn pensionering in 2001 woonde hij het grootste deel van het jaar in zijn villa in Limoux (Languedoc), Zuid-Frankrijk. Na de coronapandemie keerde hij terug naar Nederland en vestigde hij zich in Duivendrecht.

Van Rossum is op vrijdag 21 november 2025 gecremeerd in uitvaartcentrum De Nieuwe Ooster in Amsterdam. Hij was twee keer weduwnaar geworden, in 1981 van Bep Meijer als gevolg van een verkeersongelukRouwadvertentie, in de Volkskrant, 14 mei 1981. en in 2024, en had twee dochters en een zoon.

Bibliografie Dick Houwaart en Nic van Rossum, Politiek Jaarboek 1970. De Nederlandse politiek in het parlementaire jaar 1968-69, Uitgeverij Bekking, (Amsterdam, 1970) Nic. van Rossum, Sociaal economisch jaarboek 1975-1976 (Amsterdam, 1976) – Meerdere jaargangen N.A.G. van Rossum en Wim Bosboom, Dat willen we even kwijt... — de stem van de zwijgende meerderheid in onze samenleving (Baarn, 1994)

Categorie:Nederlands journalist Categorie:Nederlands columnist