Het baljuwschap Waas (1241–1794) was een van de 25 bestuurlijke onderdelen van het graafschap Vlaanderen. Het werd bestuurd door een hoogbaljuw en een hoofdcollege, gevestigd in Sint-Niklaas.
Geschiedenis De Keure van het Land van Waas Het Land van Waas werd een autonoom rechtsgebied dankzij de "Keure van het Land van Waas" (1241). Deze oorkonde is bewaard gebleven. Hij draagt de zegels van Johanna van Constantinopel, de gravin van Vlaanderen, en Thomas van Savoye, haar tweede echtgenoot. De keure werd plechtig overhandigd aan vier edellieden, die hem namens het Land van Waas in ontvangst namen.Annalen KOKWn Deel 91: Trommelmans, Jan: Lotgavallen van de Keure van Waas
De keure werd een paar keer herroepen als bestraffing voor enkele opstanden tegen het grafelijke bestuur. Later werden de vrijheden weer hersteld. Dit gebeurde in 1277 door Gwijde van Dampierre, in 1330 door Lodewijk I van Vlaanderen en in 1453 door Filips de Goede.
Hoofdcollege en Landhuis Het bestuur was in handen van een hoofdcollege. Dit college kwam oorspronkelijk samen onder een lindeboom op de Grote Markt van Sint-Niklaas. Het was de ceremoniële plek waar de Graaf van Vlaanderen zijn eed uitsprak, na zijn blijde intrede in het Waasland. Deze plechtige eed werd afgenomen door de eerste prelaat van het Waasland, in dit geval was dit de abt van Boudelo. Op 7 juni 1497 legde Filips de Schone op de Grote Markt zijn plechtige eed af in handen van de abt van Boudelo, die hiervoor naar Sint-Niklaas kwam.https://erfgoedinzicht.be/collecties/detail/57c5b46d-5722-5a88-932d-c314b0c56c71. Gearchiveerd op 16 oktober 2021. Vanaf 1518 kwam het hoofdcollege samen in een houten gebouw.Les anciennes magistratures du pays de Waes et leurs titulaires: recherches historico-biographiques.- Emmanuel-Marie-Jean Van der Vynckt.-Edom, 1867Agentschap Onroerend Erfgoed 2021: Landhuis [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/14988, Inventaris Onroerend Erfgoed, 18 januari 2021Het land van Reynaert, 18 januari 2021. Gearchiveerd op 27 oktober 2021.Geschiedenis, ontdeksintniklaas.be, 18 januari 2021. Gearchiveerd op 28 mei 2023.
De bevolking en stad sloten zich aan bij de Gentse Opstand tegen keizer Karel V in 1539.
In 1541 werd er een gebouw gekocht op de Grote Markt, dat in de jaren daarna vergroot en verfraaid werd. Dit is het zogenaamde Landhuis van Waas, dat thans nog steeds zo bekend staat. De schepenbank van deze Keure vergaderde meestal in Sint-Niklaas, en zetelde daar haar Feodaal Hof van Waas om recht te spreken.
Gentse Republiek In 1578 komt het Waasland onder controle van de Gentse Republiek. De wegens collaboratie met de Spanjaarden afgezette hoogbaljuw Servaas van Steelant wordt door het Gentse calvinistische bestuur vrijgelaten, in ruil voor de erkenning van hun gezag. De besturen van de Wase dorpen werden ontbonden en vervangen door besturen trouw aan het nieuwe regime. Ook het hoofdcollege wordt, na protest bij de Raad van Vlaanderen, afgedankt en vervangen.Decavele, J., (2016) “Op de calvinistische toer. Het Land van Waas tijdens de overheersing van het revolutionaire Gent, 1578-1583.”, Handelingen der Maatschappij voor Geschiedenis en Oudheidkunde te Gent 68.
Het Gentse beleid hield in dat de rooms-katholieke godsdienst zo veel mogelijk onderdrukt werd. De parochiekerken werden gesloten en de kerkschatten meegenomen. In 1578 al werden de o.a. Abdij van Boudelo en de Abdij van Roosenberg verwoest. In de plaats kwamen er calvinistische gemeenten in vrijwel alle Wase dorpen, met de bijhorende grondige versobering van de kerkgebouwen. Naarmate het Spaanse leger oprukte in het graafschap Vlaanderen, werd het repressieve beleid harder. Desondanks bleef de katholieke godsdienst overeind, en kon het calvinisme maar beperkt ingang krijgen. Dit gold vooral op het platteland.
Op 1 november 1583 leverden hoogbaljuw Servaas van Steelant en schepen Louis Thierin, die beide nog steeds katholiek waren, het Waasland weer over aan de Spanjaarden.
Afschaffing De keure bleef van kracht tot het einde van de achttiende eeuw, bij het begin van de Franse overheersing. De laatste dienstdoende Hoogbaljuw was burggraaf Mattheus Moerman d'Harlebeke, die in 1793 werd afgezet.Les anciennes magistratures du pays de Waes et leurs titulaires: recherches historico-biographiques.- Emmanuel-Marie-Jean Van der Vynckt.-Edom, 1867 De traditionele bestuurlijke indeling ging op schop en het Waasland werd deel van het Scheldedepartement.
Rechtsgebied Inwoners van het Waasland werden geacht zich te voegen naar de voorgeschreven costumen, met goedkeuring van de aartshertogin-landvoogdes. De costumen waren opgedeeld in verschillende rubrieken, die bepaalde aspecten juridisch omkaderden. Zo beschrijft rubriek I: de Graeve van Vlaenderen, als Heere vande Lande van Waes, heeft binnen dezelven Landen alle iustitie, hooghe, middle en nedere, die hy doet exerceren onder den resorte vande Camere vanden Raedt, geordoneert in zyn Landt ende Graefschap van Vlaenderen.Costumen vanden lande van Waes.- Jan vanden Steene, 1620
Het rechtsgebied van de Keure van Waes besloeg een aanzienlijk deel van alle parochies, die soms waren verenigd onder dezelfde vierschaar:De weerbare mannen van het Land van Waes in 1480, 1552 en 1558
Een aparte rubriek van de costumen was gewijd aan de zogenaamde "apanagedorpen". Dit waren grotendeels onafhankelijke gebieden die slechts voor de lasten van de graaf of de vorst aan het hoofdcollege moeten gehoorzamen. Hierbij behoorden de parochies Beveren, Burcht, Eksaarde, Haasdonk, Rupelmonde en Temse, eveneens als enkele enclaves van de heerlijkheid Beveren in Sint-Niklaas, Belsele, Lokeren, Daknam en Haasdonk. Verder waren er nog de "vrije polders" Doel, Kallo, Kieldrecht en Verrebroek, die minder belastingen moesten betalen. En ten slotte waren er nog de "vazallen van de Keure" Kruibeke en Zwijndrecht die een afzonderlijk gerechtelijk statuut hadden, maar wel de belasting van de Keure betaalden. Later werden gingen deze indelingen echter op schop, zodat alle parochies gelijk behandeld werden. Een belangrijke opmerking is dat sommige dorpen gedurende het ancien régime nog geen onafhankelijke juridische entiteit vormden. Meerdonk bijvoorbeeld was tot 1846 slechts een gehucht van Vrasene.
Op het Wase grondgebied lagen in de 17e eeuw een vijftal grote feodale kloosters: de Abdij van Boudelo, de Abdij van Roosenberg, het klooster van de Wilhelmieten, het convent van de Recoletten en het Convent van de oratorianen. Zij bezaten uitgestrekte landen en mochten hun pacht en cijnsrechten doen gelden in grote delen van het Waasland.
Daarnaast waren er verschillende heerlijkheden, die onder bestuur stonden van de Wase adellijke families: Paddenschoot, Appelsvoorde, Varebeke, Puyenbeke, Aarschot, Ter Elst, Het Beversche, Sleutelhof, Caudenborg enz.
Bestuur Hoofdcollege Zoals de Keure voorschreef, werd een hoofdcollege geïnstalleerd in Sint-Niklaas dat de hoogste instantie van de streek was. Deze schepenbank bestond uit zeven Hoogschepenen en een Hoogbaljuw, die voor het leven benoemd waren. Zij hielden zich bezig met rechtszaken (zowel burgerlijk recht als strafrecht) in beroep die van de plaatselijke vierscharen kwamen, met het verdelen van belastingen en oorlogsbijdragen, en met het regelen van algemene bestuurszaken.Demey, A.; De Belie, A.; Bogaert, A.; Duys, A.; Van der Gucht; A.; Van den Branden, J.; Grumiau, D.; Van Roeyen, J. (2000) Stad in de tijd. Sint-Niklaas:Van Lijsebetten n.v.
Bestuursleden miniatuur|Wapenschilden van verschillende hoogbaljuws, Senatus et populusque Wasianus. miniatuur|Verz. Ugent, Handschrift met de kwartierstaat van Heer de Lanfrancye, heer van Kruibeke. miniatuur|wapenschild van Sr; Petrus Saman, 17de eeuw St-Niklaas miniatuur|Wapenschild van de familie de Castro y Toledo; 17de eejw
Aan het Waas Leenhof verbleven verschillende belangrijke lieden uit oude Wase geslachten, die regionaal en lokaal het bestuur vormden. Sommige titels en functies waren erfelijk, waardoor het aanzien van deze families generatie op generatie groter werd. Ook dient te worden aangestipt dat het merendeel van de Wase scabinale geslachten en patriciërs onderling huwelijken aangingen, en duurzame verwantschappen ontstonden. Volgens de gebruiken moesten hoogschepenen zich vestigen in het Waasland, waardoor verschillende leden van de Gentse adel zich vestigden in het Waasland. De hoogschepenen van Waas en andere edelen hadden talrijke bezittingen in het Land van Waas: zo bezat de prins van Arenberg heel wat poldergronden en heel Verrebroek. Onder de schepenen en baljuws waren leden van de families Triest, Vander Sare, Vydt, Van Steelant, De Ghistelles, De Gruutere, Vander Gracht, De Moerman, De Jonghe, Keyaerts, Dullaert, Ramont en Van Pottelsberghe.
Cultuur Er waren een negental rederijkerskamers erkend door het feodaal leenhof, allen gehoorzaamheid verschuldigd aan de Hoofdkamer van Waes, en allen een bloemrijke naam dragend. Zij hadden een bijzondere plek in het Land van Waes, en kenden een rijke traditie:De Goudbloem van Sint-Nikolaes: hoofdkamer van 't Land van Waes?- Ferdinand Augustijn Snellaert Hoofdkamer: De Goudbloem, gezegd de “gautblommisten” (Behoud Simpel van Sinnen) Kamer van Beveren: de Christus oog (Christus oogen onderdaen) Kamer van Elversele: de Rode Roos (Onnoozel gesinde) Kamer van Lokeren: de Wynpersch (Geschiedt uyt Liefde) Kamer van Nieuwkerken: de Vlasbloem (Peist op’t sterven – Cogita mori) Kamer van Rupelmonde: de Genoffel (Wat Schaet, dat groeit) Kamer van Stekene: de Distelblom (Scherp om Grypen) Kamer van Temse: de Wyngaerdrank (ootmoedig versaemt) Kamer van Waasmunster: de Koornbloem (Jong zonder erg)
Daarnaast kende het Land van Waas een grote variatie aan volksdevoties:
Burcht: bedevaart tot Heilige Wivina. Doel: Bedevaart met relieken van Sint-Cornelis Kemzeke: Sint-Jacobuskerk Relieken van Sint-Jacobus Puivelde: bedevaart met relieken van Sint-Antonius en Sint-Job. Sint-Niklaas: Relieken van Sint-Nicolaas van Myra, hoofdkerk. Sombeke: Bedevaart tot Sint-Rochus Temse: Relieken van Sint Amelberga, OLV kerk.
Landdekenaat Het dekenaat Waas betrof een van de zeven dekenaten in het bisdom Gent, wiens grondgebied naast de Wase parochies ook Hulst en Zele omvatte. Aan het hoofd van dit dekenaat benoemde de bisschop van Gent een reguliere priester tot deken (Decanus Wasiae) en beheerder van het sigillum decanatus Wasye (zegel van het dekenaat van Waas). De abt van de abdij van Boudelo stond op gelijke hoogte als de deken; zijn parochie behoorde niet tot het dekenaat maar stond onder rechtstreeks bestuur van de oratorianen. In 1805 viel de bevoegdheid van de abt aan de pastoor-deken van de hoofdkerk.https://www.google.be/books/edition/Geschiedenis_der_stad_St_Nicolaas/uB2HAOKgsnUC?hl=nl&gbpv=1&dq=loyaerts+martins&pg=PA112&printsec=frontcover
PeriodeNaamParochie 1235-1237 Joannes 1237- Henricus 1268 Joannes Pastoor in Zele 1287 Aegidius Priester in Bazel 1474 Petrus vander Beken Voorbeeld 1608-1638 Bernardus Hotsenius Pastoor van Sint-Niklaas1641Petrus DuerincxPastoor in Waasmunster1642-1645Ulricus MathoniusPastoor in Sint-Niklaas1653Petrus de Mey1676-1697Paschasius de Cuyper1711-1723Lambertus LoyaertsPastoor van Haasdonk1724-Jacob Frans MartinsPastoor van Tielrode1763Franciscus Joannes BautersPastoor van Tielrode1763-1805Joannes van KeersbulckPastoor in Melsele, laatste Deken van Waes voor de Franse Revolutie.1806-1822Joannes Baptista MaesPastoor van Sint-Niklaas1822-1842Theodoor HemelaerPastoor-Deken van Sint-Niklaas
Feodale residenties in het Land van Waas