Henri-Floris Jespers (Etterbeek, 6 oktober 1944 – Antwerpen, 9 april 2017) was een Vlaams schrijver en redacteur. Hij was de kleinzoon van de expressionistische schilder Floris Jespers.
Jespers begon zijn carrière met gedichten in het Frans en ging later schrijven en dichten in het Nederlands. Hij was onder andere betrokken bij het tijdschrift De Tafelronde en als voorzitter (later erevoorzitter) van de Vereniging van Vlaamse Letterkundigen.
1967 - Paul van Ostaijen, Paul de Vree en Henri-Floris Jespers 1974-1976 - Toekomstig en onafwendbaar herdenkingsceremonieel I: Toekomstig en onafwendbaar herdenkingsceremonieel II: Geen seizoenen als vroeger 1975 - Reële waarde van de emancipatie van de vrouw, Henri-Floris Jespers ... et al. 1976 - De tijd van een vreemdeling 1977 - Paul De Vree 1978 - Het bed van Procrustes. Schetsen en verkenningen 1979 - Het ritselen van vleugels 1980 - De wetten van de verdrukking (gedichten) 1982 - Tussen zweefvlucht & zwaartekracht 1983 - De boog van Ulysses 1989 - Floris Jespers en de gay twenties 1993 - Genealogie van de herinnering 1996 - Mo(nu)menten. Willem Elsschot en Paul van Ostaijen 1999 - Lucienne Stassaerts orakeltaal. Van De verhalen van de jonkvrouw met de spade tot Bongobloesembloed 2005 - Bob Mendes. Meester in misdaad 2011 - Ge zijt in 1925 aan 't leven. Drie disparate brieven van Floris Jespers aan Paul van Ostaijen
Bronvermelding Biografie bij het biografieproject van de dbnl
Categorie:Belgisch redacteur Categorie:Vlaams dichter