De Westersche Molenpolder onder Nieuwolda, ook Westersche Molenkolonie, watermolen in de Dellen of Oude Deljerpolder genoemd, is een voormalig molenpolder in de provincie Groningen.C.C. Geertsema, De zeeweringen, waterschappen en polders in de provincie Groningen, Groningen 1910, p. 546-547 en kaart: blad 7.Staat der molenkoloniën … in de Provincie Groningen, Groningen 1857, p. 26-27.
De molenpolder in de Delden (1832) lag ten westen van Nieuwolda, naast een andere molenpolder die ook De Dellen werden genoemd. Hij werd begrensd door het Hondshalstermaar, het Westerhamrikkermaar en Termunterzijldiep. Het gebied stond ook bekend als de (Westersche) Leegte (= laagte). De polder werd bemalen door een molen die via een watering uitsloeg op het Hondshalstermaar. De eerste molen moet vóór 1832 zijn gebouwd, vermoedelijk aan het einde van de 18e eeuw.De naam Oude Deljerpolder suggereert dat de molen al bestond voordat in 1793 de naburige molenpolder De Dellen of Deljermolen werd gesticht.
De polder ging in 1890 op in het waterschap Weerdijk, waar een nieuw stoomgemaal werd gebouwd. Hij moet rond 1900 zijn verdwenen.
Waterstaatkundig gezien ligt het gebied sinds 2000 binnen dat van het waterschap Hunze en Aa's.
De Westersche Molenpolder onder Nieuwolda moet niet worden verward met de polder De Dellen bij 't Waar, de Westerschemolenpolder te Nieuw-Scheemda of de Westerhamrikkermolenpolder te Nieuwolda.Geertsema identificeert "de vroegere Delderwatermolen" ten onrechte met de Scheveklapstermolen.
Categorie:Voormalig waterschap in Groningen Categorie:Geschiedenis van Oldambt