De kruisbladwalstro-associatie (Urtico-Cruciatetum) is een associatie uit het verbond van look-zonder-look (Galio-Alliarion). De associatie omvat hoofdzakelijk eutrafente zoomvegetatie.
Naamgeving en codering Synoniemen Syntaxoncode voor Nederland (rVvN): r34Aa03 BWK-karteringscode: hr Natura2000-habitattypecode (EU-code): H6430C
De wetenschappelijke naam Urtico-Cruciatetum is afgeleid van de botanische namen van respectievelijk grote brandnetel (Urtica dioica) en kruisbladwalstro (Cruciata laevipes).
Fysiognomie thumb|Close-up van de associatie met beide naamgevende soorten op de voorgrond. De kruisbladwalstro-associatie is fysiognomisch behoorlijk variabel, maar wordt vooral gekarakteriseerd door kruisbladwalstro. De associatie omvat ruigten en graslanden.
thumb|Staketsels van grote brandnetel (uit het voorgaande jaar) kunnen nog lang blijven staan, en laten in dit voorjaarsaspect zien hoe hoog deze ruigtegemeenschap kan worden in de zomer.
Ecologie De kruisbladwalstro-associatie komt voor op meso-eutrofe tot eutrofe, humeuze, matig droge tot lichtvochtige bodems. Het kan gaan om zowel zand-, leem-, löss- en niet te zware kleigrond. In volledig natuurlijke landschappen treedt deze gemeenschap vooral op in open plekken van loofbossen en op rivieroeverwallen en oude stroomruggen.
Fauna Een opvallende verschijning die vaak in deze gemeenschap aan te treffen is, is de walstrobladmijt.
Subassociaties in Nederland en Vlaanderen De kruisbladwalstro-associatie wordt in Nederland en Vlaanderen onderverdeeld in een tweetal subassociaties.
Subassociatie met look-zonder-look Een subassociatie met look-zonder-look (Urtico-Cruciatetum alliarietosum) – die ook beschouwd wordt als de typische subassociatie – komt voor als zoomvegetatie en op open plekken in rivierbegeleidende loofbossen en -struwelen. Differentiërende soorten voor deze subassociatie zijn look-zonder-look, zevenblad, schaduwgras, dolle kervel, drienerfmuur, geel nagelkruid, sleedoorn, heggenduizendknoop, wilde kardinaalsmuts, bosandoorn en hop. De syntaxoncode voor deze subassociatie (conform de rVvN) is r34Aa03a.
Subassociatie met vossenstaart Een subassociatie met vossenstaart (Urtico-Cruciatetum alopecuretosum) is eigenlijk geen echte ruigte maar een ruig grasland. Het komt voor als dijkvegetatie, ruige bermen en randjes van weiden. De syntaxoncode voor deze subassociatie (conform de rVvN) is r34Aa03b.
Vegetatiezonering In de vegetatiezonering kan de kruisbladwalstro-associatie contactgemeenschappen vormen met een relatief groot aantal andere syntaxa. Vaak treedt de kruisbladwalstro-associatie op als zoomvegetatie langs gemeenschappen uit de klasse van doornstruwelen of de klasse van eiken- en beukenbossen op voedselrijke grond. Soms staat de associatie ook in contact met (andere) zomen, van de marjolein-klasse.
Biogeografie Het verspreidingsgebied van de kruisbladwalstro-associatie omvat ruwweg Zuid-, Centraal-, West- en Oost-Europa, met uitstralingen naar het Midden-Oosten. Het zwaartepunt van het verspreidingsgebied van de kruisbladwalstro-associatie ligt in Zuid-Europa. De noordgrens van het verspreidingsgebied loopt door Midden-Nederland. In Nederland is de associatie zo goed als gebonden aan het fluviatiel en Zuidlimburgs district.
Diagnostische taxa In de onderstaande synoptische tabel staan per vegetatielaag de diagnostische taxa voor de kruisbladwalstro-associatie in Nederland en Vlaanderen.
Kruidlaag Diagnostiek Triviale naam Botanische naam Opmerking associatiekentaxa kruisbladwalstro Cruciata laevipes torenkruid Turritis glabra stijve steenraket Erysimum virgatum verbondskentaxa look-zonder-look Alliaria petiolata klassekentaxa grote brandnetel Urtica dioica hondsdraf Glechoma hederacea kleefkruid Galium aparine begeleidende taxa dauwbraam Rubus caesius
Fotogalerij
Kruisbladwalstro-associatie