De geurige schijnridderzwam (Lepista irina) is een schimmel behorend tot de familie Tricholomataceae. De vruchtlichamen groeien, vaak in grote groepen of bundels, op strooisel in loofbossen, maar ook wel in graslanden, op matig vochtige tot vrij droge, kalkhoudende zand- en kleibodems.NMV Verspreidingsatlas Paddenstoelen. Gearchiveerd op 2 december 2022.
Kenmerken Hoed De vlezige hoed is in het begin bijna halfbolvormig, later wordt hij vlakker maar behoudt in het midden een min of meer uitgesproken bult. De diameter is 5 tot 9, tot soms 14 centimeter. Het matte, gladde oppervlak van de hoed is licht witgrijs tot crèmekleurig, lichtbruin in het midden. De hoed is hygrofaan; hij verbleekt bij uitdrogen. De hoedrand is glad of licht geribbeld.
Lamellen De dicht opeen staande lamellen zijn dun en recht, of licht uitgebocht, aan de steel gehecht. Ze komen gemakkelijk los van het vruchtvlees. De kleur is aanvankelijk crème en later enigszins grijsroze.
Steel De stevige, vlezige steel is 6 tot 10 cm lang en 1 tot 2 cm dik. Het oppervlak is vezelig en witachtig, bleker dan de kleur van de hoed.
Geur en smaak Het vlees is witachtig en waterig. De geur wordt omschreven als "aromatisch, aangenaam, enigszins parfumachtig" of "sterk bloemig". De smaak is mild.
Sporenprint De sporenprint is crèmewit tot lichtgrijsroze.
Microscopische kenmerken De sporen zijn hyaliene, inamyloïde, hebben een ellipsvormige vorm en een enigszins wrattenachtig oppervlak en meten 6-8 (10) × 3,5-5 µm. De basidia zijn 4-sporig (zelden 2-sporig) en meten 28-42 x 7-10 micron. E-Flora BC: Electronic Atlas of the Flora of British Columbia
Verspreiding De geurige schijnridderzwam heeft een wereldwijd verspreidingsgebied. In Nederland en België is de soort vrij zeldzaam. Hij staat niet op de rode lijst en is niet bedreigd.
Naam Lepista is afgeleid van het Latijn en betekent wijnkan of beker. Wanneer de paddenstoel volledig volgroeid is, zal de eerst bolvormige hoed een holte vormen, soms aangeduid als infundibuliform. De soortaanduiding irina heeft betrekking op irissen (met name op hun geur).
Categorie:Clitocybaceae Categorie:Schimmelsoort