thumb|Lucius Willem Carel Gerlach Lucius Willem Carel Gerlach (Willemstad, 6 april 1835 - Den Haag, 10 april 1926) was een Nederlands generaal-majoor der infanterie in het Koninklijk Nederlands Indisch Leger.
Loopbaan Lucius Gerlach trad op 4 augustus 1851 als soldaat toe tot het Instructiebataljon te Kampen voor de duur van 10 jaar zonder handgeld.1. Nationaal archief; Inventaris van de dienststaten en stamboeken der Officieren van de Koninklijke Landmacht en van de koloniale troepen in Nederland (1814-1940); Oost-Indie:Stamboek officieren KNIL; 2.13.04, 397/115 pag. 119 Hij werd overgeplaatst naar het 6e Regiment Infanterie en bevorderd tot korporaal op 16 maart 1852, tot sergeant op 25 april 1854 en tot 2e luitenant op 4 december 1855 Op 26 september 1857 trad hij toe tot het wapen der Infanterie van het leger in Oost-Indië (KNIL) voor een periode van 5 jaar. Op 26 november 1857 ging Gerlach met het schip d’Elmina naar Batavia, alwaar hij op 11 maart 1858 aankwam. Tijdens deze reis werd hij bevorderd tot 1e luitenant (27 januari 1858). In Batavia werd hij geplaatst bij het 4e bataljon der Infanterie. Hij werd op 16 oktober 1864 overgeplaatst naar de Molukken. In 1866 deed hij dienst als adjudant van de Gouverneur-Generaal, waarvan hij op eigen verzoek eervol ontslagen werd in 1867.
Op 14 mei 1866 trouwde Gerlach in Semerang (Java) met Maria de Bordes (Groningen, 5 augustus 1843 – 's-Gravenhage, 5 februari 1918). Op 12 oktober 1866 werd hij bevorderd tot kapitein. Voor zijn langdurige dienstverband als officier ontving hij in 1870 een onderscheidingsteken1. In 1871 en 1872 had hij verlof en verbleef hij in Nederland. Hij keerde terug naar Oost-Indië op 7 augustus 1873 en werd op 16 september 1874 bevorderd tot majoor en in 1873 werd hij benoemd tot ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Daarna werd hij overgeplaatst naar het 15e Bataljon der Infanterie op 7 november 1874. Gerlach nam deel aan gevechten op Atjeh, onder andere de inname van de Moekims XXII en XXVI in de periode 23 maart tot 5 november 1879, waarvoor hij de Militaire Willemsorde 4e klasse krijgt. In deze periode werd hij bevorderd tot luitenant-kolonel. Uiteindelijk bereikte hij de rang van generaal-majoor. Hij keerde terug naar Nederland, waar hij eerst woonde in Tiel en daarna in 's-Gravenhage. Lucius Gerlach overleed op 10 april 1926 en wordt bijgezet op de Algemene Begraafplaats Kerkhoflaan te 's-Gravenhage.
Categorie:Officier in de Militaire Willems-Orde Categorie:Nederlands generaal-majoor