Adriana Daniela (Adriana) Hölszky (Boekarest, 30 juni 1953), dochter van een Hongaarse vader en Duitse moeder, is een Roemeens pianist en componist, woonachtig en werkzaam in Duitsland. Ze is de tweelingzus van de violiste Monika Hölszky-Wiedemann.

Samen met Sofia Goebaidoelina, Isabel Mundry en Lera Auerbach behoort Adriana Hölszky tot de bekendste en meest succesvolle vrouwelijke componisten van hedendaagse muziek. Reeds in de jaren 1980 wist ze zich te positioneren in het toen nog door mannen gedomineerde domein van de hedendaagse muziek.

Haar actieve bijdragen aan uitvoeringen van haar muziek, evenals een constante aanwezigheid in het academische en journalistieke muziekdebat, hebben eveneens bijgedragen aan haar bekendheid.

Hölszky's werk is veelvuldig bekroond met internationale prijzen.

Levensloop

Opleiding Adriana Hölszky groeide op in Boekarest, waar zij van 1959 tot 1969 pianolessen kreeg van Olga Roşca-Berdan aan het Muzieklyceum. In 1972 ging zij piano en compositie (bij Ștefan Niculescu) studeren aan de Ciprian Porumbeseu Muziekacademie in Boekarest.

In 1976 verhuisde ze met haar ouders en zus naar Duitsland. Van 1977-1980 studeerde ze compositie aan de Musikhochschule Stuttgart bij Milko Kelemen en piano, met specialisatie kamermuziek, bij Günter Louegk. In dezelfde periode trad ze reeds op als pianiste van het Lipatti Trio, samen met haar tweelingzus Monika Hölszky-Wiedemann op viool en celliste Hertha Rosa-Herseni.

In 1977 en 1978 nam ze als student deel aan de Internationale Zomeracademie van het Mozarteum Salzburg. Tussen 1978 en 1984 volgde ze tevens regelmatig cursussen aan de Darmstädter Ferienkurse (zomercursussen voor Nieuwe Muziek).

Werk In 1980 werd Hölzsky freelance docent (Lehrbeauftragter) aan de Hogeschool voor Muziek en Podiumkunsten Stuttgart voor de vakken muziektheorie en solfège, gevolgd door een vaste aanstelling als docent (van 1993 tot 1996).Het Duitse systeem voor hoger en wetenschappelijk onderwijs kent Freie mitarbeiter: docenten die niet in dienst van het instituut zijn, zoals een Lehrbeauftragter. Een Dozent heeft wel een arbeidsovereenkomst met het instituut, en is daardoor een ambtenaar.

In 1986 nam ze voor het eerst deel aan het componistenforum van de Darmstädter Ferienkurse, in 1992 aan compositieseminaries in Tokio en Kyoto en in datzelfde jaar aan het IRCAM (Parijs). Hölszky's toenemende internationale bekendheid kwam tot uiting in drie concerten die geheel gewijd waren aan haar muziek, in achtereenvolgens Athene, Thessaloniki en Boston in 1993. In 1996 was ze docent compositie op het Time of Music-festival in Viitasaari (Finland). Tussen 1997 en 2000 was ze docent compositie aan de Universiteit voor Muziek en Theater in Rostock, en van 2000 tot 2013 was ze docent compositie aan het Mozarteum in Salzburg. Hölszky leidde vele componisten op, onder wie Olga Neuwirth, Carsten Hennig (*1967) en Benjamin Lang (*1976). Ze is sinds 2002 lid van de Academie voor Schone Kunsten in Berlijn en sinds 2003 lid van de Schone Kunsten in München.

Composities

Inleiding Kenmerkend voor de muziek van Adriana Hölszky is het radicalisme. Traditionele vormen, waarbij thema's of ritmes zich progressief ontwikkelen, zijn niet van toepassing op de complexe structuren die zij opbouwt. In plaats daarvan kan haar muziek beter benoemd worden met termen als geluidsenergie, gelaagd en zwervend geluid, explosie en uitbarsting. Een dergelijke esthetiek laat zich vergelijken met de natuurwetenschap en met wetenschappelijke fenomenen, die wellicht het gevolg zijn van haar afkomst – haar ouders waren beiden scheikundigen.

Hölszky beschrijft in Einige Aspekte meiner kompositorischen Arbeit haar compositieprincipes. Hoewel er fundamentele kenmerken zijn die voor elk genre gelden (zoals het opheffen van de scheiding tussen vocale en instrumentale muziek door inzet van elektronische muziek) zijn er ook specifieke kenmerken voor elk genre. Kenmerkend voor haar orkestcompositie is bijvoorbeeld de ontbinding van de traditionele orkestgroepen (zoals strijkers, houtblazers en koperblazers) in nieuwe groepen, die Hölszky voor elke compositie opnieuw samenstelt. Een solistische benadering binnen de orkestgroep komt ook veel voor in haar orkestwerk.

Ruimtelijkheid (in de opstelling van de musici) speelt in haar composities tevens een grote rol, bijvoorbeeld in Wirbelwind (voor 4 slagwerkers) en Karawane (voor 12 slagwerkers). In Countdown (voor countertenor, vier trompetten en vier trombones of alpenhoorns) staan de solist en dirigent midden in de zaal, en de instrumentalisten rondom het publiek.

Zelf omschrijft ze haar composities als sound spaces (ruimtes van geluid), met "ruimtes die uitbreiden en krimpen, en verschuivingen van het ene geluidsgebied naar het andere". Ze vergelijkt haar compositietechniek met de "techniek van filmmontage: [de ordening van] beelden, met scherpe uitsnedes of zachte vervagingen".

Het sombere, ongemakkelijke en onhanteerbare loopt als een rode draad door Hölszky's oeuvre. Dit wordt veroorzaakt door een sceptische en pessimistische kijk op de wereld, wat duidelijk tot uiting komt in het muziektheaterwerk The Good God of Manhattan, dat gekenmerkt wordt door een "Apocalyptische" stijl. Het werk (naar het gelijknamige toneelstuk van Ingeborg Bachmann) beschrijft het mislukken van een extatische liefdesaffaire als gevolg van een "ijzig koude, programmatische wereldorde". The Good God of Manhattan verwoordt symbolisch Hölszky's kritiek op de buitensporigheid van de samenleving. In een interview verwoordde zij het aldus: "Vandaag de dag is de mensheid onmetelijk gegroeid en heeft een grens overschreden van waaruit geen terugkeer meer mogelijk is, tot het punt van ineenstorting, waarin alles, als een ster, een zwart gat wordt."

Desondanks staan de composities van Hölszky bekend als toegankelijk. Haar muziek is, in de woorden van een recensent, "ronduit prettig om naar te luisteren".

Lijst van composities