thumb|Kaart van de Krimoorlog (in het Russisch), = Zwarte Zee, = keizerrijk Rusland (geel), = keizerrijk Oostenrijk (roze), = Ottomaanse Rijk (donkergrijs)
De Krimoorlog (4/(16) oktober 1853 – 13/(25) februari 1856) was een conflict, uitgevochten tussen het keizerrijk Rusland en een alliantie van het Tweede Franse Keizerrijk, het Britse Rijk, het Ottomaanse Rijk en het koninkrijk Sardinië. De oorlog maakte deel uit van de langlopende strijd tussen de Europese grootmachten om invloed op grondgebied van het in verval rakende Ottomaanse Rijk uit te oefenen. Het conflict vond grotendeels plaats op de Krim, maar er waren ook kleinere campagnes in Westelijk Anatolië, de Kaukasus, de Oostzee, de Grote Oceaan en de Witte Zee.
De oorlog heeft verschillende namen. In Rusland staat de oorlog ook bekend als de Oosterse Oorlog (Russisch: , ) en in Groot-Brittannië wordt hij soms ook wel de Russische Oorlog genoemd.
De Krimoorlog staat bekend om de logistieke en tactische fouten tijdens de landcampagne aan beide zijden, maar leidde uiteindelijk tot de nederlaag van Rusland en in 1856 tot de Vrede van Parijs. Ook maritiem was het een succes voor de geallieerden: de meeste schepen van de Russische Marine werden in de Zwarte Zee verslagen. Het conflict wordt soms beschouwd als een van de eerste 'moderne' oorlogen. Technische veranderingen die toen werden ingevoerd zouden de toekomstige wijze van oorlogsvoering mede gaan bepalen, inclusief het tactische gebruik van spoorwegen en de telegraaf. Het conflict is ook bekend door het werk van Florence Nightingale en Mary Seacole, die voortrekkers waren op het vlak van moderne verpleging: de zorg voor gewonde Britse soldaten. De Parijse Zusters van Liefde deden hetzelfde aan Franse kant.
Het conflict was een van de eerste oorlogen die op grote schaal werden vastgelegd in geschreven rapporten en foto's, onder meer door William Russell (voor The Times) en Roger Fenton. Het thuisfront bleef, voor het eerst in de geschiedenis, via de kranten op de hoogte van de dagelijkse realiteit van de oorlog.
Oorzaken van de oorlog De nieuwe zelfgekroonde Franse keizer Napoleon III wilde de katholieke belangen in het Heilige Land veilig stellen, met name de heilige plaatsen in Jeruzalem, die toen beheerd werden door de Turkse sultan Abdülmecit. Het achterliggende motief was echter economisch van aard. Er waren al plannen in de maak voor de aanleg van het Suezkanaal. Frankrijk vreesde dat de positie van het Turkse Rijk als belangrijke handelspartner in het gedrang kwam als de Russen er de scepter zouden zwaaien. Groot-Brittannië had eveneens economische motieven om in deze oorlog partij te kiezen voor het Ottomaanse Rijk. Russische machtsuitbreiding in het Zwarte Zeegebied zou de toegang tot de Britse koloniën in gevaar kunnen brengen. Tsaar Nicolaas I van Rusland wierp zich op als verdediger van het orthodoxe geloof en wilde met name de orthodoxe minderheid, die aldaar onder Turkse heerschappij leefde, beschermen. Nicolaas' achterliggende motief was eveneens economisch van aard: gebiedsuitbreiding naar de warme wateren - met als kers op de taart de verovering van Istanboel, het vroegere Constantinopel, de bakermat van het Russisch-orthodoxe geloof. Ook zou Rusland zo controle verkrijgen over de Bosporus.
De aanleiding thumb|left|De Russen versloegen de Ottomanen in de Slag bij Sinop. Rusland had een geschil met de Turkse sultan over het beschermheerschap van een aantal heilige plaatsen in Palestina en viel in juli 1853 toenmalig Turks grondgebied rondom de Donau binnen, namelijk Moldavië en Walachije. In oktober 1853 volgde, na enige aarzeling, de oorlogsverklaring van de Ottomanen, die intussen de belofte van steun hadden gekregen van Frankrijk en Groot-Brittannië.
Frankrijk had hier tevens aandeel in, doordat tsaar Nicolaas I de Franse keizer Napoleon III beledigde en zijn keizerschap betwijfelde. Het was dus niet alleen een oorlog van militaire belangen, maar ook een van prestige.
In november 1853 vernietigde de Keizerlijke Russische Marine onder admiraal Pavel Nachimov de Turkse vloot in de Slag bij Sinop. Daarop kreeg het Ottomaanse Rijk op 28 maart 1854 steun van de Britten en de Fransen, die beducht waren voor Russische invloed in de Middellandse Zee. Rusland heeft altijd gestreefd naar ijsvrije havens, om zo het gehele jaar door over bereikbare havens te kunnen beschikken. Ook het keizerrijk Oostenrijk dreigde aan de oorlog deel te nemen. Daarop trok de tsaar zijn troepen uit de bezette gebieden terug, die prompt (augustus) door de Oostenrijkers overgenomen werden. Het toenmalige koninkrijk Sardinië besloot in januari 1855 ook deel te nemen.
De strijd thumb|HMS Rodney beschiet Sebastopol. De Turken kregen steun tegen de Russen van het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, en – wat verlaat – het Koninkrijk Sardinië, waar de Italiaanse nationalist Camillo Benso di Cavour aandacht wilde vestigen op het naar eenheid strevende Italië. Vele Polen en Hongaren dienden als officier in het Turkse leger. De strijd speelde zich vooral af op en rond het schiereiland van de Krim tussen september 1854 en november 1855.
Groot-Brittannië en Frankrijk waren in staat om in korte tijd een leger op de been te brengen en te financieren. Begin juni 1854 landden de Britten en Fransen bij Varna om te beletten dat de Russen zouden oprukken naar IstanbulLambert en Badsey, p. 24 De Russen waren voorafgaand Moldavië en Walachije doorgetrokken en vochten tegen de Turken aan het Donaufront. De Russische generaal Paskevitsj had Silistra vergeefs proberen in te nemen met een beleg en kreeg bevel terug te trekken vanwege Oostenrijkse dreiging om mee te doen aan de oorlog. Eind juni was Varna een groot militair kamp met 15.000 Britse soldaten, 34.000 Fransen en 8500 Turken en Egyptenaren.Lambert en Badsey, p. 25 Tijdens hun verblijf rond Varna overleden veel soldaten aan de cholera en andere besmettelijke ziekten.Lambert en Badsey, p. 27
Hoewel de aanleiding van de oorlog inmiddels niet meer bestond, wilden Groot-Brittannië en Frankrijk de Russen een beslissende slag toebrengen in de Krim met de bedoeling de Krim onder Turks gezag te brengen. De troepen in Varna werden ingescheept en op 14 september 1854 landden zij zonder veel tegenstand bij Jevpatorija. Veldslagen leverden geen winnaar op, zodat deze geallieerden besloten tot belegering van de Russische marinehaven Sebastopol. Sebastopol was de voornaamste haven van de Russische vloot in de Zwarte Zee. Bijna een jaar verbleven Franse en Britse legers in loopgraven voor de stad. In september 1855 werd Sebastopol na zware strijd ingenomen.
Groot-Brittannië maakte gebruik van zijn maritieme macht om de Russische havens aan de Oostzee en de Zwarte Zee te blokkeren. In het begin van de oorlog versloeg Rusland de Turkse vloot en bezette gebieden aan de noordzijde van de Donau. Dat betekende voor Rusland een westwaartse gebiedsuitbreiding. Deze machtsuitbreiding werd in 1854 alweer ongedaan gemaakt omdat Oostenrijk, zonder oorlogsverklaring, de Russen tot terugtrekking dwong en zelf de controle over dit gebied overnam. Een Britse vloot, onder bevel van viceadmiraal Charles Napier, voer in maart 1854 naar de Oostzee. Het doel was de Russische vloot in Reval te vernietigen. De Russische oorlogsschepen hadden deze marinehaven reeds verlaten, maar de Britse schepen blokkeerden de toegangen naar Rusland en brachten zo de Russische economie zware schade toe.Lambert en Badsey, p. 285 In de zomer van 1854 vielen ze succesvol Bomarsund aan, na een korte slag vielen het eiland en 2255 krijgsgevangen in handen van de geallieerden., p. 66 Een jaar later bombardeerde de geallieerde vloot de vesting Sveaborg, gelegen aan de toegang tot Helsinki. Hierbij vielen ruim 100 doden aan Russische zijde, er was veel schade maar de vesting werd niet ingenomen. De geallieerden leden geen verliezen want de schepen bleven buiten bereik van de Russische kanonnen., pp. 183-185 Na de val van Sebastopol in september 1855 was Rusland nog steeds niet genegen tot vredesgesprekken, de Britten besloten in het najaar van 1855 de druk op te voeren door een grote vloot te bouwen om Kronstadt en Sint-Petersburg te bestoken. Dit in navolging op de geslaagde actie bij Sveaborg. De vloot zou in mei 1856 gereed zijn om de aanval te openen.Lambert en Badsey, p. 298 Deze dreiging was voldoende om de Russen aan de onderhandelingstafel te krijgen.
Door de korte duur van de oorlog was er geen zware economische belasting voor de geallieerden, maar wel voor Rusland.
Vrede van Parijs In 1855 werd een Frans vredesinitiatief positief bevonden door Rusland, onder meer omwille van een troonswisseling met de nieuwe tsaar Alexander II van Rusland. Napoleon III slaagde erin de partijen in Parijs aan tafel te krijgen en op 30 maart 1856 werd daar de Vrede van Parijs gesloten.
Het vredesverdrag betekende een zware slag voor de prestige van Rusland. De Zwarte Zee werd gesloten voor oorlogsschepen, Rusland mocht langs de kusten geen oorlogshavens meer bouwen en diende zijn Zwarte Zeevloot te ontmantelen. Frankrijk nam van Rusland de rol over om de christenen in het Ottomaanse Rijk te beschermen. Moldavië en Walachije bleven onder nominaal bestuur van het Ottomaanse Rijk, maar kregen eigen grondwetten en nationale volksvertegenwoordigingen en Servië kreeg grotere autonomie. Deze drie gebieden kwamen onder controle van de Europese machten.
Gevolgen van de Krimoorlog Gevolgen op korte termijn thumb|De Zwarte Zeevloot in de Baai van TheodosiaTussen Rusland en Oostenrijk, met tegengestelde belangen op de Balkan, werd de Heilige Alliantie, een conservatief verbond dat was ontstaan toen ze in 1815 gezamenlijk optrokken tegen Napoleon, definitief verbroken. Tijdens het beleg van Sebastopol leed tsaar Nicolaas I zwaar onder het slechte verloop van de oorlog. Hij liep een longontsteking op doordat hij zijn gezondheid niet verzorgde en stierf kort daarop. Volgens sommige auteurs heeft hij zijn dood bewust gezocht.
De oorlog had als neveneffect dat tsaar Alexander II de bergbevolking in de Noordelijke Kaukasus (die de Turken had gesteund in de hoop de Russen te kunnen verdrijven uit hun gebied) probeerde te onderdrukken. De tsaar drong deze bergvolkeren een keuze op: of vertrekken uit de berggebieden naar de vlakten rond de rivier de Koeban, ten noordwesten van de Kaukasus, of emigratie naar het Ottomaanse Rijk. De islamitische bergbevolking koos daarop massaal voor emigratie naar Turkije. Onder andere via het toen door de Russen op de Turken heroverde Toeapse aan de noordkust van de Zwarte Zee, emigreerden tussen 1863 en 1865 naar schatting 500.000 mensen vaak onder dramatische omstandigheden naar Turkije. De tsaar stelde wel geld ter beschikking voor de emigranten, maar de schippers die de migranten vervoerden naar Turkije kregen hiervan het grootste deel, zodat er weinig overbleef. De snelle emigratie leidde ertoe dat de Russische functionarissen gingen vrezen dat de regio rond de Koeban geheel ontvolkt zou worden. De emigratie werd daarop weer verboden.
Gevolgen op lange termijn Door de Russische nederlaag wijzigden zich de geopolitieke verhoudingen ingrijpend: Frankrijk werd op het Europese continent de sterkste macht, doordat Duitsland nog geen eenheid was. Groot-Brittannië versterkte zijn aanwezigheid op de wereldzeeën. De Britse macht op zee strekte zich na de Krimoorlog uit tot de Zwarte Zee. De Britse regering erkende de noodzaak tot legerhervorming. De slecht geleide campagne toonde immers het failliet van de Britse adel als leidende klasse aan. De middenklasse, die zich in het conflict liet gelden, drong aan op hervorming in vredestijd van het oude systeem en kon politieke hervormingen doordrukken.