Full Moon Fever is het solodebuutalbum van de Amerikaanse zanger-gitarist Tom Petty uit 1989. De opnames vingen aan in 1988, nadat zijn band Tom Petty and the Heartbreakers een pauze inlaste. De pauze volgde op een drukke periode met meerdere tournees, waaronder met Bob Dylan, en het opnemen van hun matig ontvangen album Let Me Up (I've Had Enough) (1987). Full Moon Fever werd opgenomen in de garagestudio van The Heartbreakers' gitarist Mike Campbell. Het soloalbum leidde tot spanningen binnen de band. Desondanks waren bijna alle leden van The Heartbreakers - en de supergroep Traveling Wilburys waar Petty deel van uitmaakte - erbij betrokken. MCA bracht het album in 1989 uit, nadat ze het aanvankelijk hadden afgewezen.

De vruchtbare samenwerking tussen Petty en producer Jeff Lynne (Electric Light Orchestra, Traveling Wilburys) bepaalde de sound van het album. Nummers werden bij Petty thuis geschreven, en de opnames verliepen verrassend soepel. Hoewel Lynne's invloed merkbaar was in de sound, behield Full Moon Fever de rootsrockstijl waar Petty bekend om stond, verrijkt met zijn persoonlijke interpretaties waaronder een cover van "I'll Feel a Whole Lot Better" van The Byrds en verwijzingen naar Del Shannon. Het album piekte wereldwijd in de top 10 van best verkochte albums. Het werd in 2019 opgenomen in de Grammy Hall of Fame.

Achtergrond miniatuur|rechtop|links|Tom Petty besloot in 1987, na een drukke periode, een soloalbum op te nemen. In 1987 brachten Tom Petty and the Heartbreakers hun zevende album Let Me Up (I've Had Enough) uit. Frontman Tom Petty was al enige tijd niet geheel tevreden met het werk van de band. In een interview met Spin in 1989 noemde hij Long After Dark (1982) en Southern Accents (1985) "moeilijke projecten"."Southern Accents and Long After Dark were very difficult projects, and though I like them, I think they're pretty uneven records." Volgens hem werd er te hard geprobeerd om albums te maken; Let Me Up vond hij daarop een uitzondering. Echter, het album werd matig ontvangen door recensenten en de verkopen vielen tegen. Twee tournees met Bob Dylan, het opnemen van Let Me Up en een promotietour leidden tot de behoefte aan een pauze. Aangezien Petty naar eigen zeggen niet stil kon zitten, dook hij alsnog de studio in om nummers op te nemen.

De andere bandleden van The Heartbreakers waren niet gelukkig met het soloproject van Petty dat zou uitgroeien tot Full Moon Fever. Bassist Howie Epstein en toetsenist Benmont Tench liepen er niet warm voor om tijdens liveshows van The Heartbreakers nummers van Petty's soloalbum te spelen. Tench was in eerste instantie zelfs niet op de hoogte van Petty's solowerk. Hij was juist onder de indruk dat er gewerkt zou worden aan een album van The Heartbreakers. De samenwerking tussen Petty en drummer Stan Lynch was al gebrouilleerd maar liep nog een flinke deuk op die niet meer hersteld werd. Lynch was de enige van The Heartbreakers die geen bijdrage zou leveren aan de opnames van het album. Hij werkte nog wel mee aan The Heartbreakers' achtste studioalbum Into the Great Wide Open (1991) en hun verzamelalbum Greatest Hits (1993), maar zou de band in 1994 verlaten.

Full Moon Fever werd uitgebracht door The Heartbreakers' vaste platenlabel MCA. Het label wees het album in eerste instantie van de hand omdat het niet goed genoeg bevonden werd. Pas na een wisseling van het management gaf MCA het album alsnog uit. Petty was totaal ondersteboven van MCA's initiële reactie. Zijn vriendschap met George Harrison (The Beatles) en Jeff Lynne (Electric Light Orchestra), die in 1988 leidde tot de oprichting van de supergroep Traveling Wilburys samen met Bob Dylan en Roy Orbison, kwam op dat moment goed van pas. Harrison en Lynne nodigden Petty uit voor een diner met Mo Ostin, labelbaas van Warner Bros., waar de Travelling Wilburys bij getekend waren. Toen Harrison en Petty het nummer "Free Fallin'" ten gehore brachten in de aanwezigheid van Ostin en Warner Bros' directeur Lenny Waronker, kreeg Petty pardoes een contract aangeboden. Petty aarzelde wegens contractuele verplichtingen, maar tekende uiteindelijk toch. Dat contract bleef wel twee jaar in een kluis liggen. MCA was er niet van op de hoogte toen Full Moon Fever uitgegeven werd. Ook Into the Great Wide Open werd nog door MCA uitgegeven.

Opnames en productie miniatuur|Jeff Lynne, frontman van de net in 1986 opgeheven rockband Electric Light Orchestra, produceerde albums van vele andere bands en artiesten. Petty ontmoette Lynne in 1987. Hij herkende de frontman van Electric Light Orchestra toen ze beiden voor een stoplicht wachtten in Los Angeles. Lynne was in de stad om het solodebuutalbum van Brian Wilson (The Beach Boys) te produceren. Na een gesprek tussen de twee besloten ze om samen te werken. De nummers werden bij Petty thuis geschreven. Lynne stond bekend als producer die zijn geluid stevig liet doorklinken in het werk van anderen. Michael Corcoran van Spin zei hierover in een interview met Petty: "Hij heeft best een zware hand op de knoppen.""Weren't you a little wary about having Jeff Lynne produce your record? He's got kind of a heavy hand on the knobs." Petty was daar niet bang voor. Zo was hij bijvoorbeeld juist onder de indruk van Lynnes werk aan George Harrisons album Cloud Nine (1987).

De opnames van Full Moon Fever vonden plaats in 1988, in de garagestudio van The Heartbreakers' gitarist Mike Campbell. Veel muzikanten uit Petty's vriendenkring droegen eraan bij waaronder alle bandleden van The Heartbreakers (minus Stan Lynch) en alle bandleden van de Traveling Wilburys (minus Bob Dylan). De opnames werden tijdelijk stilgelegd om te kunnen werken aan de opnames van Traveling Wilburys' debuutalbum Traveling Wilburys Vol. 1 dat nog in 1988 uitkwam. Het productieproces van Full Moon Fever verliep vlot. Petty noemde het proces "een makkie""Where things that had been really hard – sometimes making those records would really bring us to our knees emotionally, it could be really hard – with Full Moon Fever everything was a breeze." en het album "de plezierigste plaat waar ik ooit aan gewerkt heb"."We did Full Moon Fever for the sheer fun of it. (...) We never sweated it. It was the most enjoyable record I've ever worked on." Full Moon Fever werd uitgebracht op 24 april 1989.

Stijl De sound werd sterk beïnvloed door Lynne, maar volgens Jimmy Guterman van Rolling Stone was de muziek op Full Moon Fever niet "rommelig" geworden door de meerdere lagen aan keyboards en achtergrondzang waar Lynne bekend om stond."In fact, the broader sound that Lynne brings to these twelve songs (most written by Petty and Lynne) usually fills them out without cluttering them." De rootsrock van eerder werk van The Heartbreakers klinkt schoner en glanzender op Full Moon Fever door de sturing van Lynne. Naast Lynne staan Petty en Campbell vermeld als co-producenten. Petty verwerkte zijn persoonlijke invloeden in het album door een cover op te nemen van "I'll Feel a Whole Lot Better" van The Byrds en geluiden van en verwijzingen naar Del Shannon te gebruiken in "Runnin' Down a Dream". De stijl van het album is omschreven als heartlandrock en rock-'n-roll.

Nummers Free Fallin'

miniatuur|John Mayer speelde een akoestische versie van "Free Fallin'" tijdens een optreden in 2007. De cover belandde op zijn livealbum Where the Light Is uit 2008. In oktober 1989 verscheen het openingsnummer "Free Fallin'" als derde single. Het werd door Petty geschreven in samenwerking met Lynne. "Free Fallin'" werd het hoogstgenoteerde nummer van het album in de Verenigde Staten met een piek op #7 in de Billboard Hot 100. In Europa deed het nummer relatief weinig. In Nederland werd #61 bereikt in de Nationale Top 100 en in Zwitserland piekte het nummer op #86.

Het nummer werd veelvuldig gespeeld op belangrijke evenementen en werd gebruikt in films en televisieseries. Petty werd voor het nummer geïnspireerd door ritten langs Ventura Boulevard in zijn thuisstad Los Angeles. "Free Fallin'" wordt als een van Petty's beste nummers gezien. Zowel Billboard als Rolling Stone plaatsten het op de vierde positie in hun lijsten van beste nummers van Tom Petty. In 2007 speelde John Mayer een cover van het nummer tijdens een optreden in het Nokia Theater in Los Angeles. Hij bracht het uit als single van het livealbum Where the Light Is (2008). De single behaalde in 2022 goud in het Verenigd Koninkrijk.

I Won't Back Down

In 1989 werd "I Won't Back Down" uitgebracht als de eerste single van Full Moon Fever. Het is geschreven door Petty en Lynne. De single bereikte #12 in de Billboard Hot 100 en #1 in de hitlijst Billboard Album Rock Tracks. In Duitsland kwam het nummer niet verder dan #66. De liedtekst brengt een boodschap van weerstand tegen moeilijkheden. Hierdoor werd het nummer veelvuldig op de Amerikaanse radio gedraaid na de aanslagen op 11 september 2001.

In januari 2015 werd bekend dat er een overeenkomst was getekend met de Engelse singer-songwriter Sam Smith. Smiths hitsingle "Stay with Me" (2014) vertoont grote overeenkomsten met "I Won't Back Down". Petty en Lynne werden voortaan vermeld als co-auteurs en kregen 12,5% van de opbrengsten. Ze kwamen niet in aanmerking voor de Grammy Awards die Smith wel won met het nummer. De Recording Acacemy, de organisatie achter de Grammy's, hield de mogelijkheid open dat het werk van Petty en Lynne geïnterpoleerd was en dat er geen extra werk verricht was om tot "Stay with Me" te komen. Ze kregen wel certificaten waarin hun bijdragen werden vermeld, zoals gebruikelijk bij samples en interpolaties. Smith, James Napier en William Phillips, allen verantwoordelijk voor het schrijven van "Stay with Me", beweerden "I Won't Back Down" nooit gehoord te hebben. Ook Petty hield het op toeval en merkte op dat "die dingen kunnen gebeuren.""All my years of songwriting have shown me these things can happen. Most times you catch it before it gets out the studio door, but in this case it got by."

Love Is a Long Road

miniatuur|Mike Campbell was co-auteur van "Love Is a Long Road". De muziek van het nummer deed hem denken aan een motor die optrekt. "Love Is a Long Road" is een krachtig rocknummer van Petty, Campbell en Lynne. Het nummer, door Matthew Greenwald van AllMusic vergeleken met The Who's "Baba O'Riley" en "Won't Get Fooled Again" (beide uit 1971), is een hoogtepunt op Petty's solodebuutalbum. Rolling Stone rangschikte het op #38 in hun lijst van Petty's 50 beste nummers. Het nummer bereikte in 1989 de zevende positie op de Billboard Album Rock Tracks-lijst. In 2023 beleefde de populariteit van het nummer een heropleving nadat het werd gebruikt in de trailer van het langverwachte computerspel Grand Theft Auto VI, wat resulteerde in een enorme stijging van de aantallen streams op verschillende diensten waaronder Spotify. Het nummer kwam daardoor ook opnieuw in een hitlijst; het piekte op #7 in de Billboard Rock Digital Song Sales.

A Face in the Crowd

"A Face in the Crowd" werd als single uitgebracht in 1990. Het nummer verkent thema's als identiteit en de strijd om authenticiteit te behouden in een oppervlakkige wereld. Lynne schreef de gitaarmuziek. Petty schreef er de tekst bij die door Andrew Unterberger van Billboard omschreven is als "een van zijn briljantste ingetogen liedteksten"."Lynne provides Petty with a gorgeous bed of gently devastating six strings, and over it the rock star lays one of his most brilliantly understated lyrics." In eigen land bereikte het nummer #46 in de Billboard Hot 100. In Nederland bleef het nummer steken op #25.

Runnin' Down a Dream