Johannes Bernardus (Bernard) Bernink (Denekamp, 24 januari 1878 – aldaar, 18 april 1954) was een Nederlands onderwijzer en natuurliefhebber. Meester Bernink, zoals hij werd genoemd, was stichter van het Museum Natura Docet in Denekamp.Adriaan Buter, "J.B. Bernink (1878-1954)", Overijsselse biografieën."Meester Bernink", Canon van Denekamp.

Leven en werk Bernard Bernink was een zoon van schoenmaker Gerardus Bernink en Lena Kokkelder. Hij werd opgeleid aan de Rijksnormaalschool in Oldenzaal en werd kort na het behalen van de onderwijsakte aangesteld als onderwijzer aan de Openbare Lagere School in zijn geboorteplaats. Als tiener begon Bernink met het aanleggen van een natuurhistorische verzameling. Hij verzamelde en determineerde planten, die hij droogde en in een herbarium ordende.Eric W.A. Mulder, Theo C. Meereboer-Necheporenko & Clarinus Nauta (2021) "De droom van van onderwijzer J.B. Bernink in Denekamp : Beleving en verwondering in Twente", Grondboor & Hamer. jaargang 75 (2021), nr. 5, p. 198-201. Hij nam in 1898 een abonnement op het tijdschrift De Levende Natuur en kwam zo in contact met Eli Heimans en Jac. P. Thijsse. Alle drie waren ze betrokken bij het 'biologisch reveil'. Bernink publiceerde in De Levende Natuur en andere uitgaven over de lokale flora, fauna en geologie. In 1910 vertaalde hij vanuit het Duits een boekje over terraria.Het terrarium zijn inrichting, beplanting en bevolking benevens wenken voor de verpleging en waarneming der dieren van E.K. Filek. Zutphen: P. van Belkum Az. In 1916 publiceerde Bernink het boekje Ons Dinkelland, dat positief werd ontvangen. Thijsse schreef in een recensie: "Wij zijn Bernink zeer dankbaar voor zijn boekje en wenschen Oost-Twente geluk met deze buitengewoon interessante terreinbeschrijving, die heel wat beters en hoogers geeft, dan wal wandelgidsen ons gewoonlijk voorzetten. Moge het door herdruk na herdruk een steeds getrouwer beeld geven van dezen schoonen uithoek van Nederland en vooral moge er bijtijds voor gezorgd worden, dat de streek behoed blijve voor schennis en verarming."Jac. P. Th. (1916) "Ons Dinkelland", De Levende Natuur 21 (6), p. 116-119.

Bernink was bestuurslid van de in 1901 opgerichte Vereeniging Vreemdelingenverkeer in Denekamp. In 1903 was hij een van de oprichters van een Twentse afdeling van de Nederlandsche Natuurhistorische Vereeniging. In 1909 kreeg Bernink zitting in het hoofdbestuur en de taak van conservator. In 1946 werd hij benoemd tot erelid van de vereniging.

Berninks herbarium en entomologische verzameling vormden de basis voor een museum, dat hij in 1911, met financiële hulp van Twentse textielfamilies Van Heek, Scholten en Jannink, in zijn ouderlijk huis opende en dat de naam Natura Docet ('de natuur onderwijst') kreeg. In 1922 verhuisde het gezin Bernink met het museum naar een monumentale villa aan de Oldenzaalsestraat en werd Bernink formeel directeur. In 1936 werd een nieuwe geologiezaal van het museum geopend door burgemeester Van der Heijden. Bernink werd in hetzelfde jaar benoemd tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau.H. Krul, "Bernink en Natura Docet", Grondboor & Hamer, jaargang 15 (1961), p. 9-16. Toen hij zestig werd, ging hij als onderwijzer met pensioen. Als museumdirecteur ging hij nog tien jaar door, hij bleef daarna als adviseur aan het museum verbonden. In 1952 ontving hij de Erepenning voor Verdiensten jegens Openbare Verzamelingen."De stichter van Natura Docet", Twentsch dagblad Tubantia, 13 mei 1961.

Bernink overleed op 76-jarige leeftijd. Zijn dochter Heleen was vervolgens directeur (1954-1977) van het museum. De Meester Berninkstraat in Denekamp en de J.B. Berninklaan in Almelo werden naar hem vernoemd. In 1986 werd bij het museum een gedenkzuil geplaatst, gemaakt door Josef Krautwald en Jesualda Kwanten, met in brons een reliëfportret van Bernink.René en Peter van der Krogt, "Bernard Bernink", Mens & Dier in Steen & Brons.

Enkele publicaties J.B. Bernink (1916) Ons Dinkelland : Natuurhistorische beschrijving van Oost-Twente. Denekamp: Natura Docet.Ons Dinkelland: 1e druk (1918) via de beeldbank van het Allard Pierson Museum, 2e druk (1918) en 3e druk (1926) via Delpher. P. van der Lijn en J.B. Bernink (1918) Geologie van Nederland Hengelo: H.L. Smit en Zn. J.B. Bernink (1926) Twentsche Zangvogels, brochure. J.B. Bernink (1942) De Keien onzer Heiden. Meppel: J.A. Boom en Zoon.

Literatuur W.F. Anderson (1972) "Natura Docet, vader en dochter", in: Jaarboek Twente (1972), p. 68-83. Adriaan Buter (1978) "De meester van Denekamp", in: Mededelingenblad Natura Docet 2 (1978) n° 2. Willem Groothuis (2011) Honderd jaar Natura Docet : meester Bernink en zijn natuurhistorisch museum. Zutphen: Walburg Pers.

Categorie:Nederlands botanicus Categorie:Nederlands museumdirecteur Categorie:Nederlands onderwijzer Categorie:Nederlands persoon in de 20e eeuw