De kamgrasweide (Lolio-Cynosuretum) is een associatie uit het kamgras-verbond (Cynosurion cristati). Het is de centrale associatie van het verbond.

Naamgeving en codering Syntaxoncode voor Nederland (rVvN): r16Bc01 BWK-karteringscode: hp*, hpr*

De wetenschappelijke naam Lolio-Cynosuretum is afgeleid van de botanische namen van respectievelijk Engels raaigras (Lolium perenne) en kamgras (Cynosurus cristatus).

Fysiognomie Fysiognomisch kan de kamgrasweide betrekkelijk variabel zijn. De associatie manifesteert zich altijd in de formatie van een grasland. Doorgaans treedt de kamgrasweide als vlakdekkende vegetatie in het landschap op.

Ecologie De kamgrasweide komt voor op beweide, eutrofe tot mesotrofe gronden. Van oudsher werd de vegetatie zeer zelden vlakdekkend gemaaid, maar wel met enige regelmaat gebloot.

Subassociaties in Nederland en Vlaanderen Binnen de kamgrasweide worden in Nederland en Vlaanderen vier subassociaties onderscheiden.

Typische subassociatie De typische subassociatie (Lolio-Cynosuretum typicum) omvat de meest intensief gebruikte kamgrasweiden en is soortenarmer dan de hieronder genoemde subassociaties. Kenmerkend is de hoge bedekking van Engels raaigras en witte klaver. Deze subassociatie vertoont enige verwantschap met de associatie van Engels raaigras en grote weegbree. De syntaxoncode voor Nederland (conform de rVvN) voor deze subassociatie is r16Bc01a.

Subassociatie met moerasrolklaver Een subassociatie met moerasrolklaver (Lolio-Cynosuretum lotetosum uliginosi) komt voor op vochtige tot natte zand-, leem- en lichte zavelgronden en licht ontwaterde veengronden. De pH van de standplaats ligt veelal lager vergeleken met de andere subassociaties. Deze subassociatie vertoont verwantschap met de pijpenstrootje-orde, in het bijzonder het dotterbloem-verbond. Differentiërende soorten zijn echte koekoeksbloem, moerasrolklaver, kale jonker, lidrus, biezenknoppen, hazenzegge, pitrus en scherpe zegge. Veldrus kan faciësvormend optreden in deze subassociatie. De syntaxoncode voor Nederland (conform de rVvN) voor deze subassociatie is r16Bc01b.

Subassociatie met veldgerst Een subassociatie met veldgerst (Lolio-Cynosuretum hordeetosum) komt voor op eutrofe zavel- en kleigronden in zowel het rivierengebied als de zeekleigebieden. Deze subassociatie kan overgangen vormen naar het zilverschoon-verbond. Differentiërende soorten zijn veldgerst en karwij. In de kuststreken kent deze subassociatie een variant waarin behaarde boterbloem, aardbeiklaver, zilte zegge en zilte rus optreden; deze soorten gelden aldaar ook als differentiërende soorten voor de subassociatie. De syntaxoncode voor Nederland (conform de rVvN) voor deze subassociatie is r16Bc01c.

Subassociatie met ruige weegbree Een subassociatie met ruige weegbree (Lolio-Cynosuretum plantaginetosum mediae) komt voor op beweide graslanden van hooggelegen, zandige tot lemige delen van uiterwaarden langs grote rivieren. Differentiërende taxa zijn ruige weegbree, sikkelklaver, echte kruisdistel, kattendoorn en kluwenklokje. Deze subassociatie vertoont verwantschap met de associatie van sikkelklaver en zachte haver, waaruit het kan ontstaan door intensievere beweiding. De syntaxoncode voor Nederland (conform de rVvN) voor deze subassociatie is r16Bc01d.

Biogeografie Het verspreidingsgebied van de kamgrasweide strekt zich uit over de neerslagrijke streken van Noordwest-, West- en Centraal-Europa alsmede de bergstreken van Zuid- en Oost-Europa. In Nederland is de associatie vrij algemeen.

Fotogalerij

Zie ook Bloemrijk grasland van het rivieren- en zeekleigebied Bloemrijk grasland van het zand- en veengebied Bloemrijk grasland van het heuvelland

Externe links Kamgrasland op Ecopedia

Kamgrasweide