miniatuur|Françoise Atlan op het Gibraltar World Music Festival in 2012. Datzelfde jaar traden ook Mor Karbasi en Sarah Aroeste op.|alt=Zangeres Françoise Atlan op het podium op het Gibraltar World Music Festival. Ze zingt en speelt een percussie-instrument en wordt begeleid door een muzikant naast haar. Op de achtergrond is een banner te zien met de tekst 'Sephardic Divas'. miniatuur|Flory Jagoda.|alt=Zangeres en musicus Flory Jagoda zit op een stoel en houdt een gitaar vast. Achter haar zijn andere instrumenten te zien, zoals een orgel, een viool en een oed. miniatuur|Zangeres Yasmin Levy op het Franse festival Du Bout du Monde in 2013.|alt=Zangeres Yasmin Levy staat op het podium en zingt in haar microfoon. Ze draagt een zwarte jurk. miniatuur|De Marokkaans-Joodse cantor Haim Louk met het Hadj Abdelkrim Raiss Orkest.|alt=De Marokkaans-Joodse zanger Haim Louk staat op het podium en zingt. Naast hem zien we twee violisten van het Marokkaanse Hadj Abdelkrim Raiss Orkest. miniatuur|De sefardisch-joodse zanger, songwriter en musicoloog Yitzhak Isaac Levy.|alt=Een portretfoto van Isaac Levy. Hij is op deze foto gekleed in een donker pak met een stropdas. miniatuur|Mor Karbasi. Sefardische muziek, ook Judeo-Spaanse muziek of Ladino-muziek genoemd, is de muziek van de Sefardische Joden. Sefardische muziek komt oorspronkelijk uit Spanje en uit andere landen waar veel Sefardische Joden hebben gewoond, zoals Marokko, Turkije en Griekenland. Sefardische muziek wordt meestal gezongen in het Ladino.

Geschiedenis De oudste Sefardische muziek ontstond in het Middeleeuwse Spanje. Sefardische Joden leefden hier meer dan duizend jaar. Dit eindigde toen in de vijftiende eeuw de laatste islamitische Moren uit Spanje werden verdreven door christelijke legers. In 1492 werden de Sefardische Joden door het verdrijvingsedict gedwongen Spanje te verlaten of zich tot het christendom te bekeren.

Na 1492 De meeste Sefardische Joden migreerden naar Marokko of naar steden in het Ottomaanse rijk, zoals Constantinopel, Thessaloniki, Alexandrië, Jeruzalem en Sarajevo. De Joden die in Spanje bleven en zich bekeerden of zich voordeden als bekeerde christenen (conversos), liepen het risico vervolgd te worden door de Inquisitie. Een deel van de Sefardische Joden verhuisden naar Portugal, maar hier werden Joden in de periode na 1497 ook verdreven, gedwongen tot bekering of vervolgd.

Na de diaspora vanaf 1492 ontstond veel Sefardische muziek door de vermenging met andere culturen. Sefardische Joden lieten zich inspireren door de muziek in landen als Turkije, Griekenland en Bosnië. Ze gebruikten lokale melodieën, ritmes, stijlen of muziekinstrumenten of maakten Sefardische versies van lokaal populaire liedjes. Ook componeerden ze nieuwe liedjes. Daarnaast kwamen ook na 1492 sommige Sefardische liedjes of invloeden op Sefardische liedjes uit Spanje. Bijvoorbeeld via reizigers of via de gedwongen bekeerlingen (conversos) waarvan sommigen pas enkele eeuwen na 1492 Spanje verlieten. Sommige Sefardische liedjes ontstonden in het ene land en werden via reizigers ook bekend in andere landen (hoewel soms met een andere melodie).

Vanaf 2e helft 19e eeuw Vanaf de 2e helft van de 19e eeuw werden collecties Sefardische muziek verzameld en gepubliceerd, om deze te bewaren voor toekomstige generaties. In de Sefardische muziek kwamen processen van verwestersing en modernisering op gang. Westerse invloeden verspreidden zich via onderwijs, vaudeville-theatergroepen, contacten met reizigers en familie in het buitenland en (vanaf begin 20e eeuw) commerciële plaatopnamen. Ook kwamen er in steden dansgelegenheden waar populaire stijlen als tango, fox-trot en charleston langskwamen.

Veel Sefardische gewoonten en tradities verdwenen in de 19e en 20e eeuw, door verwestersing, modernisering, verandering van leefstijl en versnippering van de gemeenschap.

Sefardische musici kozen vaker voor andere Europese talen in plaats van Ladino. Veel melodieën werden overgenomen van Turkse, Griekse, Franse, Spaanse en Italiaanse songs. Een voorbeeld van Italiaanse invloed is het bekende lied Adio Kerida, waarvan de melodie vermoedelijk is ontleend aan "Addio, del passato" uit La Traviata van Verdi. Ook in synagogale muziek waren veranderingen merkbaar, bijvoorbeeld de introductie van muziekinstrumenten en moderne koren.

De eerste plaatopnamen werden gemaakt begin 20e eeuw, vooral in Turkije. De artiesten waren meestal mannen, die vaak al optraden met klassieke Turkse muziek of als cantor. Voorbeelden zijn Haim Effendi en Yitzhak Algazi. Aan a capella songs werden muziekinstrumenten toegevoegd zoals oed, qanun en viool. Ook werden er geschreven collecties van Sefardische muziek gepubliceerd en werden Sefardische songs opgenomen door onderzoekers. In Marokko werden de eerste opnamen van Sefardische muziek pas gemaakt in de 2e helft van de 20e eeuw.

2e helft 20e eeuw tot heden Veel van de Sefardische Joden in het Ottomaanse rijk hebben de Tweede Wereldoorlog niet overleefd, anderen zijn gevlucht. Veel Marokkaanse Joden migreerden in de jaren 1950. Door deze ontwikkelingen versnipperde de Sefardische gemeenschap verder. Sefardische Joden wonen sindsdien ook in onder andere Frankrijk en Latijns- en Noord-Amerika.

Na de Tweede Wereldoorlog had het werk van Itzhak Levy grote invloed. Levy (Manisa, Turkije, 1919 - Jeruzalem, 1977) was een journalist, muzikant, onderzoeker en verzamelaar van muziek. Hij bezocht vele Sefardische Joden om Sefardische liederen op te nemen en vast te leggen. Hij publiceerde verzamelingen van songs, schreef arrangementen, voerde de songs uit en promootte Sefardische muziek via de Israëlische radiozender waar hij werkte. Levy maakte het spelen van Sefardische muziek eenvoudiger door complexe maqam-elementen te versimpelen of te vervangen door westerse arrangementen en ritmes. Veel musici leerden Sefardische muziek via (uitvoeringen van) zijn collecties. Musici als Yehoram Gaon en Esther Ofarim brachten succesvolle platen uit met deze songs.

Ook invloedrijk na de Tweede Wereldoorlog waren Flory Jagoda en Gloria Levy, beiden in de Verenigde Staten.

Eerder werd Sefardische muziek vooral mondeling overgeleverd. In de 20e eeuw leerden meer muzikanten deze muziek door bladmuziek te lezen of opnamen te luisteren. Sefardische muziek ontwikkelde zich nu ook buiten de Sefardische gemeenschap. Veel Sefardische muziek werd nu uitgevoerd door professionele musici, vaak zonder Sefardische achtergrond, op podia en plaatopnamen voor een deels niet-sefardisch publiek. Dit leidde tot veranderingen, zoals extra muziekinstrumenten en kortere muziekstukken. Omdat de oude Sefardische tradities nog maar weinig voorkomen, zijn veel oude Sefardische liedjes hun functie in het dagelijks leven kwijtgeraakt.

Rol van vrouwen en mannen Sefardische liederen werden oorspronkelijk voornamelijk thuis gezongen door vrouwen. Ze deden dit vaak tijdens huiselijke activiteiten als koken, naaien, het wiegen van een baby, of thuis in gezelschap van vrienden of familie. Ze zongen vaak a capella omdat ze tijdens het zingen met hun handen bezig waren. Tijdens bruiloften gebruikten ze eenvoudige percussie zoals tamboerijn of trommel. Mannen hielden zich meer bezig met de liturgische zang binnen en buiten de synagoge. Waar de vrouwen zich beperkten tot de huiselijke sfeer en eigen gemeenschap, traden mannen ook op buiten de Sefardische gemeenschap. Hierbij bespeelden ze ook (snaar)instrumenten zoals oed of qanun.

Sefardische muziek is geen specifiek vrouwengenre meer, maar vrouwen zijn nog wel relatief dominant.

Muziekstijl Sefardische muziek kan niet echt omschreven worden als één genre. Er is namelijk een grote variatie in Sefardische muziek, die per plaats en periode kon verschillen.

Tot 1492 De teksten van de oudste Sefardische liedjes komen uit het Spanje van voor 1492. De bijbehorende melodieën zijn meestal van na 1492, hoewel sommige overeenkomsten vertonen met Spaanse romances van voor 1492.

Veel van de oudste muziek is echter verloren gegaan. Veel liedjes werden eeuwenlang mondeling overgedragen zonder dat er iets werd opgeschreven. Van veel oude Sefardische muziek weten we dus niet hoe het oorspronkelijk heeft geklonken, en van veel liedjes weten we niet precies hoe oud ze zijn. Veel bekende Sefardische songs (die vanaf 2e helft 20e eeuw veel werden opgenomen of uitgevoerd) komen niet uit het middeleeuwse Spanje, maar uit de Ottomaanse traditie (en een aanzienlijk deel van deze liedjes is gecomponeerd vanaf 2e helft 19e eeuw). Spaanse Sefardische songs die nu nog bekend zijn, zijn vaak later ontstaan (na 1492) en via reizigers terechtgekomen in de Sefardische diaspora. Ook de (meestal door mannen gezongen) religieuze songs zijn over het algemeen na 1492 ontstaan. Er wordt wel gedacht dat de populaire Sefardische liedjes uit het Middeleeuwse Spanje komen, maar hier is volgens diverse deskundigen geen sluitend bewijs voor.

Regionale verschillen (na 1492) In de eeuwen na 1492 ontstond er een grote variatie in Sefardische muziek, die per plaats en periode verschilde: Marokkaanse ritmes en Maghrebijnse versieringen in Marokko, de maqam-traditie in het Ottomaanse rijk, zigeuner- en gazinomuziek in Istanbul, sevdah in Bosnië, Griekse operette en rebetika in Griekenland enzovoorts. Ook is er een grote variatie aan muziekinstrumenten in Sefardische muziek omdat instrumenten uit verschillende landen werden gebruikt: oed, rabab, ney, gitaar, bouzouki, dulcimer, qanun en diverse blaas- en percussie-instrumenten.

Een belangrijk onderscheid is dat tussen de Marokkaanse of westerse traditie en de (voormalige) Ottomaanse of oosterse traditie (met name Turkije, Griekenland, de Balkan en Israël). Een belangrijk verschil tussen de twee is dat de Ottomaanse traditie werd gekenmerkt door het maqam-systeem, een element dat in de westerse traditie veel minder vaak voorkwam. Daarnaast kende de Ottomaanse traditie andere ritmes dan de Marokkaanse. Oorspronkelijk werd de Ottomaanse traditie, meer dan de Marokkaanse, ook gekenmerkt door complexe, melismatische vocale ornamenten. Maar die oude traditionele zangstijlen bestaan nauwelijks nog.

Moderne Sefardische muziek Ook moderne Sefardische muziek (vanaf de 20e eeuw, en vooral na de Tweede Wereldoorlog) is zeer gevarieerd (maar over het algemeen meer verwesterd). En de variatie in muziekinstrumenten is misschien nog wel groter omdat groepen en artiesten allerlei invloeden gebruiken: muziek uit Middeleeuwen en Renaissance, Europa, Afrika en Midden-Oosten, klassiek, jazz en folk.

Verschillen tussen de Marokkaanse en Ottomaanse traditie zijn minder belangrijk geworden. Sefardische Joden leven in allerlei verschillende landen en leren de muziek vaak van elkaar of van opnamen.

Eind 20e eeuw betrad Sefardische muziek de wereldmuziekscene. Veel artiesten en groepen namen Sefardische muziek op in hun repertoire, maar met verschillende benaderingen. Voor groepen gespecialiseerd in oude muziek was het een aanvulling op het beperkte repertoire van nog bekende muziek uit de Middeleeuwen. Andere artiesten en groepen gebruikten Sefardische muziek in combinatie met andere stijlen als middel om zichzelf uit te drukken. Voorbeelden zijn de Spaanse operazangeres Victoria de los Angeles, de Spaanse folkzanger Joaquin Diaz, oude muziek van groepen als Voice of the Turtle en Boston Camerata en populaire Israëlische artiesten als Yehoram Gaon. Sefardische muziek werd voorzien van nieuwe arrangementen en van elementen en instrumenten uit Europa, de Balkan en het Midden-Oosten. Rond en na de eeuwwisseling was er een heropleving van Sefardische muziek dankzij zangeressen als Yasmin Levy, Mor Karbasi, Sarah Aroeste en Noam Vazana, die Sefardische muziek mengen met andere genres als flamenco, pop en rock.

Thema's en genres Er zijn verschillende soorten Sefardische muziek, die vooral qua onderwerp verschillen:

Spaanse 'romances'