De gladhoedvezelkop (Inocybe leiocephala) is een paddenstoel behorend tot de familie Inocybaceae. Hij vormt ectomycorrhiza met loof- en naaldbomen in bossen, soms in lanen, op kalkrijke zand en klei.

Kenmerken Uiterlijke kenmerken De hoed heeft een diameter tot 4 cm. De kleur is bruin met een min of meer intense rode tint. De steel is 2–6(–12) cm lang en 3-7 mm dik. De steel is berijpt en heeft min of meer een knol. De geur is zuur tot spermatisch. Inocybe leiocephala, a species with an intercontinental distribution range – disentangling the I. leiocephala – subbrunnea – catalaunica morphological species complex (2014)

Microscopische kenmerken De sporen zijn glad en meten tot 9,5-11,5 x 6,0-7,5 micron G. Kibby. De cystiden hebben een wanddikte tot circa 3,5 micron en reageren niet met KOH. De pleurocystidia en cheilocystidia hebben kristallen op hun top. www.inocybe.org De hele steel is voorzien van caulocystidia.

Verspreiding In Nederland komt de gladhoedvezelkop zeer zeldzaam voor. Hij staat op de rode lijst in de categorie 'bedreigd'.NMV Verspreidingsatlas Paddenstoelen

Categorie:Inocybaceae Categorie:Schimmelsoort