Hendrik Willem (Hein) van Tricht (Arnhem, 19 november 1897 - Velp, 25 augustus 1982) was een Nederlands docent, rector en publicist over letterkundigen.
Jeugd Hein van Tricht was een zoon van generaal-majoor Aleid Gerhard van Tricht (1848-1925) en Johanna Maria ter Haar (1862-1908). Hij was het 'nakomertje' van zes kinderen en de broer van luitenant-generaal Aleid Gerhard van Tricht en de arts en schrijver Baas van Tricht. Uit elk zijn twee huwelijken had hij twee kinderen, later zou hij voor de derde keer trouwen, nu met de schrijfster Elisabeth Keesing (1911-2003). Doordat zijn vader als officier vaak werd overgeplaatst moest het gezin vaak verhuizen. Nadat zijn moeder in 1908 was gestorven volgden ook voor Hein moeilijke jaren.
Nadat de jonge Hein in Haarlem enkele jaren het gymnasium had bezocht, verhuisde het gezin en bezocht hij de H.B.S in Wageningen. Hij vond er zijn draai als voorzitter van de schoolvereniging. Nadat hij staatsexamen had gedaan begon hij in Utrecht aan de studie Nederlandse taal- en letterkunde. Tot zijn blijvende vrienden behoorde Piet Meertens.
Docent en wetenschapper Direct na zijn kandidaats stond Van Tricht al voor de klas op het christelijk lyceum in Zeist en vanaf 1926 bij rector en neerlandicus Vor der Hake aan Het Baarnsch Lyceum. Behalve lesgeven in Nederlands en geschiedenis deed hij wetenschappelijk onderzoek. Zo publiceerde hij over Frederik van Eeden en was hij mede-oprichter van het Van Eedengenootschap. Ook nadat hij in 1928 was benoemd als docent aan het Amsterdams Lyceum bleef hij wetenschappelijk werk doen. Om aan de Amsterdamse stadsdrukte te ontkomen ging hij enkele jaren later terug naar Baarn. In 1931 verscheen zijn proefschrift Frederik van Eeden, denker en strijder, waarop hij cum-laude promoveerde.
In 1940 was Van Tricht ruim twintig jaar rector van het Lorentz Casimir Lyceum in Eindhoven. Daar was hij oprichter van het academisch genootschap. In 1950 kreeg hij voor zijn werk over de dichter P.C. Hooft de gouden medaille in de prijsvraag van het Teylers Genootschap. Zes jaar later ontmoette hij de schrijfster Elisabeth Keesing, met wie hij in 1972 in het huwelijk trad. - 'Brief van L.S.A.M. von Römer aan H.W. van Tricht opgedoken. Over de androgynische idee van Couperus' leven, in: De Parelduiker 2004/1 Door zijn lezingen, recensies en genootschappen voorzitten werd Van Tricht een bekend man. Naast zijn werk als schreef hij over het leven van P.C. Hooft en Louis Couperus.
Na zijn pensionering ging hij terug naar Amsterdam en werkte als invaller aan de Universiteit van Amsterdam als wetenschapper voor zeventiende-eeuws Nederlands. Ook schreef hij over het literaire werk van schrijvers als Van Eeden, Hooft, Couperus en Lodewijk van Deyssel.
In 1968 vestigde hij zich in het Gelderse Velp waar hij op 84-jarige leeftijd overleed.
Prijs 1950 - Gouden medaille van het Teylers Genootschap
Bibliografie (selectie) 1927 - Bloemlezing uit de werken van Frederik van Eeden, Amsterdam 1931 - Het Arnhemse geslacht Nijhoff, geschiedenis en genealogie. 's-Gravenhage 1934 - Frederik van Eeden, denker en strijder. Dissertatie 1939 - Frederik van Eeden, De Broeders. Amsterdam 1941 - Mark. Utrecht, 1941 (Serie lekespelen van de VCJC no.55). 1946 - Stereometrie van de Hollandse ziel. Leiden 1949 - Bloemlezing uit de gedichten van Frederik van Eeden. Amsterdam 1951 - Het leven van P.C. Hooft. Arnhem 1954 - Frederik van Eeden, Het lied van schijn en wezen, uitgegeven, ingeleid en toegelicht. Zwolle 1960 - Louis Couperus. Een verkenning. 's-Gravenhage 1963 - Over de Tagore vertalingen van Frederik van Eeden. 's-Gravenhage 1963 - Waarom, daarom. Keus en toelichting bij honderd brieven van Couperus in Maatstaf 1963 - Louis Couperus. 's-Gravenhage 1964 - De briefwisseling tussen Frederik van Eeden en Lodewijk van Deyssel. In opdracht van het Frederik van Eeden-Genootschap verzorgd en toegelicht. Zwolle 1971 - Frederik van Eeden, Dagboek 1878-1923. Culemborg 1972 - Bloemlezing uit de brieven van P.C. Hooft. Zutphen 1976 - 1979 - De briefwisseling van Pieter Corneliszoon Hooft. 's-Gravenhage 1981 - Casteleijn van de Huijse te Muijden. Hooft. Amsterdam 1982 - Uit het dagboek van Frederik van Eeden. Bloemlezing en toelichting. 's-Gravenhage 1983 - Onzeekerheid is leeven. Beschouwingen over Frederik van Eeden. Keuze uit bijdragen tussen 1935 en 1981 verschenen in de Mededelingen van het Frederik van Eeden-Genootschap. Leiden
Categorie:Nederlands literatuuronderzoeker