miniatuur|Op de foto ziet u drie van de drijvende krachten achter deze herdenking. Op de voorgrond staat Maurice Dupont, stichter met dochter Iris Dupont (rechts van hem). Rechts (naast Iris D.) Fernand Pauwels en links Josephe Boddaerd (links achter Maurice Dupont).https://www.facebook.com/photo/?fbid=2055696401383024&set=a.1931920140427318Het Provinciaal Mausoleum der Politieke Gevangenen uit West-Vlaanderen is een herdenkingsplechtigheid in Menen, West-Vlaanderen, dat werd opgericht ter nagedachtenis aan de Belgische politieke gevangenen die tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitse bezetter werden gedeporteerd naar concentratiekampen. Van de veertien gedeporteerde Menenaars overleefden vier de gruwelen van de concentratie- en vernietigingskampen.

Inleiding Maurice Dupont en Fernand Pauwels waren beide Belgische verzetsstrijders in de regio Zuid-West-Vlaanderen die tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitse bezetter werden gearresteerd en naar concentratiekampen gedeporteerd. Ondanks de onmenselijke omstandigheden overleefden ze de kampen en keerden na de oorlog terug naar België. Samen namen ze het initiatief om het Provinciaal Mausoleum voor Politieke Gevangenen van West-Vlaanderen op te richten in Menen, om de politieke gevangenen en weggevoerden uit de provincie te herdenken. Het monument werd in 1959 met plechtigheid ingehuldigd.

Geschiedenis Begin Op 1 november 1957 werd opgericht door overlevenden Maurice Dupont en Fernand Pauwels. De vereniging kreeg de naam: Herdenkingscomité van Provinciaal Mausoleum der Politieke Gevangenen en weggevoerden van West-Vlaanderen. Ze kregen steun van lokale overheden zoals die van de provincie West-Vlaanderen en Stad Menen, en verschillende lokale en nationale organisaties zoals: het Geheim Leger, de weggevoerden en werkweigeraars, de Leopoldisten en Albertisten, de Weduwen en wezen van weggevoerden en anderen.boek 40 jaar mausoleum (boek heemkundige kring menen)

Plaats van bijeenkomst De zetel van deze vereniging bevond zich in café 'Het Paviljoen' Menen. Het werd gekozen omdat de uitbaatster, Bertha Malfait, bij het verzet was geweest en oud-politiek gevangene was. 'Het Paviljoen' was ook het lokaal van Menense vaderlandslievende verenigingen, zoals de oudstrijdersbond.

Het mausoleum dient als een blijvend eerbetoon aan de politieke gevangenen die slachtoffer werden van de Duitse concentratiekampen. Het is ook een waarschuwing aan toekomstige generaties voor de gevolgen van onderdrukking en dictatuur.https://kw.be/nieuws/samenleving/herdenkingsplechtigheid-voor-politieke-gevangenen-wordt-ingekort/

Eerste plechtigheid De eerste plechtigheid in 1959 werd gehouden aan het monument op de oude stedelijke begraafplaats te Menen. Het het monument werd ingehuldigd. Het zou een jaarlijkse traditie worden. Erna volgde een bedevaart naar het monument, dat tot 1967 de vroegere groentemarkt stond en later op het Vandermerschplein. Hierna volgde nog een ontvangst op het stadhuis.

Jaarlijkse traditie Elk jaar vindt rond Vaderdag een herdenkingsplechtigheid plaats bij het monument. Een van de centrale onderdelen van deze ceremonie is het 'kampappèl', waarbij een tekst wordt voorgelezen door de klein- en achterkleinkinderen van voormalige politiegevangenen over de gruwelen van de concentratiekampen. Na deze tekst worden de namen van achttien concentratiekampen worden afgeroepen en bloemen neergelegd voor elk van deze kampen, ook door de klein- en achterkleinkinderen van voormalige politieke gevangenen. Deze plechtigheid wordt bijgewoond door familieleden, overlevenden, vertegenwoordigers van de Belgische overheid, vertegenwoordigers van het lokaal bestuur, vertegenwoordigers van Defensie (België), buitenlandse diplomaten en bezoekers.https://www.facebook.com/milcomdowvl/posts/aan-het-provinciaal-mausoleum-van-politieke-gevangenen-te-menen-vond-op-2-juni-d/770881668568461/

Het mausoleum is historisch van belang en heeft een symbolische waarde als plaats van herinnering en reflectie. Het benadrukt het belang van het Belgisch verzet in de Tweede Wereldoorlog tegen onderdrukking en het doorgeven van de geschiedenis aan toekomstige generaties. Naast dit monument zijn er in België meerdere herdenkingsplaatsen waar de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog worden geëerd, zoals Fort van Breendonk en Kazerne Dossin.

Hedendaags Het Provinciaal Mausoleum der Politieke Gevangenen uit West-Vlaanderen blijft een belangrijke herdenkingsplaats. Jaarlijks vindt op een zondag in juni een herdenkingsplechtigheid plaats. Deze plechtigheid krijgt steun van Stad Menen, de provincie West-Vlaanderen, de Nationale vriendenkring Flossenbürg, en de Koninklijke Maatschappij van de Dragers van de Eretekens en Medailles van België afdeling Kortrijk.https://kmvdembkortrijk.be/Krantje111.pdfhttps://kmvdembkortrijk.be/agenda.html

Het mausoleum, gelegen achteraan op de Oude Stedelijke Begraafplaats (parkbegraafplaats) op de hoek van de Zandputstraat en de Ieperstraat, deze wordt onderhouden en ondersteund door de provincie West-Vlaanderen en stad Menen. De begraafplaats en het monument blijven toegankelijk voor bezoekers die het willen bezoeken en stilstaan bij de geschiedenis en de offers van de politieke gevangenen en gedeporteerden tijdens de Tweede Wereldoorloghttps://www.nieuwsblad.be/cnt/blcde_20110515_005

Naast de jaarlijkse herdenkingen zijn er ook initiatieven zoals de plaatsing van struikelstenen in Menen, Lauwe en Rekkem, waarmee men eer betoont aan de slachtoffers en hun verhalen levend houdt. Deze struikelstenen worden gelegd aan het huis van de slachtoffers, er liggen ook 3 struikelstenen aan het Belfort van Menen, dit komt omdat het huis van deze overledenen niet meer bestaat. Of wandelingen met scholen door menen en de rol van Menen tijdens de Tweede Wereldoorlog uitleggen. En ook een toneel, "Oorlog in Menen". Deze inspanningen onderstrepen het blijvende belang van het mausoleum als symbool van herinnering en bewustwording.https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2021/11/18/in-menen-vertelt-een-struikelsteen-het-verhaal-van-de-joodse-giz/

Programma Kampappèl Het kampappèl is een onderdeel van de jaarlijkse plechtigheid, wat er gebeurt tijdens het kampappèl gaat als volgt:

Tekst voorgelezen door de kleinkinderen, achterkleinkinderen en kinderen van politieke gevangenen. Afroeping van de namen van 18 concentratiekampen. Tijdens de afroeping van de namen leggen de kleinkinderen, achterkleinkinderen en kinderen van politieke gevangenen een roos neer op het monument voor elk van de 18 concentratiekampen die afgeroepen worden.

Fakkels Tijdens de plechtigheid spelen de fakkels een centrale rol, er zijn twee fakkels, de fakkel van Flossenburg en de fakkel van West-Vlaanderen. De fakkels worden in het begin van de plechtigheid naar voren gebracht samen met de vlaggenstoet. Eenmaal de fakkels vooraan zijn, worden deze elk aangestoken, de fakkel van Flossenburg word aangestoken door de voorzitter van de vriendenkring Flossenburg en de fakkel van West-Vlaanderen door de gouverneur van West-Vlaanderen, indien de gouverneur afwezig is gebeurt dit door de burgemeester van Menen. De fakkels worden dan gebracht naar het monument en daar geplaatst, waar ze voor de rest van de plechtigheid blijven, tot deze gedoofd worden op het einde van de plechtigheid en terug met de vlaggenstoet worden weggebracht.

Kijk van de jeugd op de wereld De kijk van de jeugd op de wereld is een nieuwe toevoeging aan de plechtigheid sinds 2023. De kijk van de jeugd op de wereld moet het beeld voorstellen van een tiener op de huidige wereld, en toont men verschillende gelijkenissen aan met de huidige wereldsituatie en die tijdens de tweede wereldoorlog. Zo was het thema over kijk in de jeugd van de wereld in 2023 (door Elise Rivière) de gruwelijke toestanden en verschillende conflicten in Afrika, in Soedan en de Democratische Republiek Congo. Het thema in 2024 (door Alicia Rivière) was het ("vergeten") conflict in Nagorno-Karabach. Men legde hier steeds de toon op conflicten die zowel vergeten waren als parallelen hadden met het conflict in de tweede wereldoorlog.

Monument miniatuur|333x333px|Foto het monument (tekst te zien van de voorkant op het monument)

Goedkeuring van het monument Op 18 januari 1958 stuurde Maurice Dupont een brief naar (toenmalig) burgemeester René Gombert met de vraag om een stuk grond op de oude stedelijke begraaplaats in Menen, voor de oprichting van een Mausoleum ter beschikking te stellen. Het stuk grond dat ze op ogen hadden lag op het einde van het kerkhof, met een oppervlakte van 20 vierkante meter (4 op 5 meter) Op 6 maart 1958 volgde een goedkeuring van de stad Menen. Het monument zou eigendom worden van het herdenkingscomité maar de grond zou echter eigendom blijven van stad Menen.

Geldinzameling Vanaf de goedkeuring van Stad Menen werden uiteenlopende initiatieven georganiseerd. Door het verkopen van steunkaarten, vragen om subsidies bij verschillende West-Vlaamse gemeenten, collectes en het organiseren van filmavonden probeerde men fondsen te werven. In het archief van het comité werd zelfs een voorstel gedaan om een dertigtal duiven te verkopen om geld in te zamelen. De bestuursleden, hun kinderen en enkele sympathisanten offerden heel wat van hun vrije tijd op voor deze initiatieven tot werkelijkheid te stellen. Er werd ook een oproep gedaan in de krant om deze geldinzameling gewaar te maken bij de Menense bevolking. miniatuur|194x194px|De Kelk (met rozen van het Kampappèl)

Bouw van het monument De bouw van het mausoleum werd gedaan door de gebroeders Vandewalle. Charles Vandewalle (een van de gebroeders die het monument bouwde) was secretaris van de weggevoerden afdeling Menen. Het ontwerp en de ideeën van het monument waren vooral getekend en ontworpen door Maurice Dupont, maar er werd wel hulp ingeschakeld van een architect.  De bouw van het monument verliep in verschillende fasen:

Eerst werden drie kelders voor elk twee plaatsen gebouwd, waar elk twee mensen konden begraven worden (prijs 6.250 fr) Daarna werd het praalgraf witsteen (Vaurion) geplaatst (betonwerk prijs 83.933 fr, letters prijs 2.200 fr en de vlaggenmast 1.000 fr)

Kelk en doos voor crematoriumas Er werd informatie ingewonnen bij verschillende verenigingen en werkplaatsen. Uiteindelijk werd gekozen voor "Pascal Norga", een koper- en bronsgieterij uit Etikhove, die ook gespecialiseerd was in grafstedenkunst. Beide stukken werden ontworpen door Maurice Dupont. Op de kelk staan de namen van 19 concentratiekampen vermeld. Deze kelk kan gevuld worden met 5 liter petroleum. Tijdens de plechtigheid wordt een waakvlam aangestoken. Op de kelk staat een deksel met een bronzen vlam. Op het deksel van de doos voor de crematoriumassen staat er: "Hier rust de crematoriumas van een onbekende politieke gevangene in een concentratiekamp".

Bestuur Het bestuur van het Herdenkingscomité van politieke gevangenen uit de Tweede Wereldoorlog: +1957 - 19641964 - 19851985 - 19971997 - 19981998 - NuVoorzitterMaurice DupontMaurice DupontGeorgette de PontieuGeorgette de PontieuYves DupontOndervoorzitterRoger VandenginsteGeorgette de PontieuYves DupontYves DupontGilbert PauwelsSecretarisOscar VanlandeghemOscar VanlandeghemHendrik RivièreHendrik RivièreHendrik RivièreSchatbewaarderUrbain VanlandeghemUrbain VanlandeghemUrbain VanlandeghemBjorn RivièreBjorn RivièreGewone leden321 5

Maurice Dupont