miniatuur|De dorpen Bodenbach en Tetschen met in het midden de rivier de Elbe. Johanna Haarer (Bodenbach an der Elbe, 3 oktober 1900 - München, 30 april 1988) was een Duits-Oostenrijkse arts en auteur.

Haarer behaalde in 1925 haar doctorstitel in de geneeskunde, maar gaf in 1932 haar loopbaan als arts op nadat ze trouwde en kinderen kreeg. Ze begon met het schrijven van artikelen over opvoeding en babyverzorging voor , de wekelijkse bijlage van de nationaalsocialistische krant . De populariteit van haar stukken leidde in 1934 tot de publicatie van haar eerste boek , dat de bestverkochte opvoedgids in nazi-Duitsland werd. Ten tijde van het Derde Rijk was zij de succesvolste auteur van pedagogische literatuur binnen de nationaalsocialistische ideologie.

Na de Tweede Wereldoorlog werd ze vanwege haar betrokkenheid bij de NSDAP en haar partijlidmaatschap een jaar opgesloten in door Amerikanen geleide interneringskampen. In de naoorlogse jaren mocht ze door haar betrokkenheid bij het nationaalsocialistische regime geen eigen artsenpraktijk openen en werkte om die reden tot 1965 als longarts voor de overheid.

Ze werd tot in de jaren zeventig beschouwd als een invloedrijk persoon op het gebied van kinderopvoeding. Haar debuutboek werd, in aangepaste vorm, tot 1987 herdrukt. In totaal werden 1,2 miljoen exemplaren van het boek verkocht.

Jeugd Johanna 'Hanni' Haarer werd op 3 oktober 1900 geboren in Bodenbach an der Elbe in het noorden van Oostenrijk-Hongarije als Johanna Barsch. Ze was de dochter van Alois Barsch en Anna Fremrová. Ze had een twee jaar oudere broer, Georg, die aan hersenvliesontsteking overleed toen hij tien jaar oud was.

Haar vader was boekbinder en afkomstig uit een Duitstalige familie. De familie aan haar moederskant kwam uit een klein plaatsje nabij Pilsen in het koninkrijk Bohemen. Haarer werd de eerste twee jaren van haar leven opgevoed door haar Tsjechische grootmoeder. Toen haar vader erachter kwam dat ze enkel Tsjechisch sprak, stuurde hij haar grootmoeder het huis uit. Later sprak Haarer zowel Tsjechisch als Duits.

Haar ouders hadden een kantoorboekhandel in Bodenbach, maar vanwege de alcoholproblemen van haar vader werkte voornamelijk haar moeder in de winkel. Haarer had een complexe relatie met haar ouders. Haar vader leidde zijn leven lang aan depressies en had een misvorming in zijn rug. Hij probeerde zijn minderwaardigheidsgevoel te compenseren door Duits te spreken en aansluiting te zoeken bij de hogere sociale klassen. Daarnaast ontwikkelde hij een sterk antisemitisme. Zijn bovenmatig alcoholgebruik voerde echter de boventoon in het dagelijks leven. Als achtjarig kind moest Haarer haar vader regelmatig ophalen uit cafés als hij te veel had gedronken. Desondanks verkoos ze hem boven haar moeder, die ze ervoer als een strenge vrouw die haar minachtend behandelde wanneer ze ongehoorzaam was. Haar moeder was emotioneel zeer afstandelijk en sprak Haarer aan met 'kind', in plaats van haar voornaam te gebruiken.

Opleiding Nadat ze in 1914 de lagere school afrondde, hielp ze mee in de kantoorboekhandel van haar ouders, ondanks dat ze liever haar Abitur wilde behalen zodat ze in Duitsland geneeskunde kon gaan studeren. Haar moeder stond negatief tegenover haar plannen, maar haar vader ging akkoord. Aanvankelijk koos hij de Dürerschool in Hochwaldhausen voor zijn dochter, maar veranderde van gedachten nadat hij merkte dat de meeste leraren en leerlingen Joods waren. Vervolgens schreef hij haar op zestienjarige leeftijd in voor het Duitse nationalistische internaat van de in het gehucht Haubinda in Thüringen. Haarer was hier de enige vrouwelijke studente. Daarna ging ze naar het internaat in Bieberstein in Hessen waar ze in 1920 haar eindexamen behaalde.

Na haar eindexamen studeerde ze geneeskunde in Heidelberg, Göttingen en München. In München kreeg ze les van onder meer Friedrich von Müller, Ernst von Romberg, Ferdinand Sauerbruch en Walter Straub die in deze periode bekend stonden als zeer invloedrijke artsen. Tijdens haar opleiding, in 1924, trouwde ze met geneeskundestudent Hellmut Weese, maar het huwelijk strandde na vijf jaar. Naar eigen zeggen was er sprake van 'oprechte liefde', maar waren de twee te verschillend. Daarnaast was haar echtgenote overspelig. Toen ze erachter kwam dat een van zijn buitenechtelijke relaties zwanger van hem was, vroeg ze een echtscheiding aan.

In 1925 slaagde ze voor haar staatsexamen. Tijdens haar studie had ze grote interesse in psychiatrie, maar hekelde de onvoorspelbaarheid van psychiatrische patiënten. Om deze reden koos ze voor haar proefschrift een onderwerp uit de pathologie. Ze promoveerde in 1926 cum laude met haar proefschrift 'Een bijdrage tot de etiologie van interne hemorragische pachymeningitis en behaalde daarmee een doctorstitel in de geneeskunde.

Loopbaan In 1926 voltooide ze haar stagejaar en kreeg ze bevoegdheid als arts te werken. Aangezien het voor haar als jonge vrouwelijke arts niet mogelijk was om chirurg te worden, startte ze met vrijwilligerswerk in diverse ziekenhuizen in München. Daarna werd ze arts-assistent op de afdeling pulmonologie in het Sanatorium Harlaching in München. Als arts-assistent kon Haarer zelf in haar bestaan voorzien, maar als gescheiden vrouw voelde ze zich sociaal geïsoleerd. In het sanatorium ontmoette ze hoofdarts Otto Haarer en de twee trouwden in 1932. Na het huwelijk gaf ze haar baan als arts op. In januari van het jaar daarna werd hun tweeling geboren. Naar eigen zeggen waren een carrière, een huwelijk en kinderen onverenigbaar. Het stel kreeg in totaal vijf kinderen: vier meisjes en één jongen.

Na de geboorte van de tweeling begon ze met het schrijven van artikelen over babyverzorging. Ze benaderde het dagblad , maar zij hadden geen interesse in de publicatie van de stukken. Nadat ze door de krant was afgewezen, zocht ze contact met de , de officiële krant van de Nationaalsocialistische Duitse Arbeiderspartij (NSDAP). Haar artikelen werden gepubliceerd in de wekelijkse bijlage genaamd . In haar artikelen richtte ze zich tot jonge vrouwen om hen te begeleiden richting het moederschap. Haarer maakte zich zorgen om het grote aantal kinderloze gezinnen en kinderen die in nazi-Duitsland opgroeiden in armoede. Volgens haar was een 'wereldbeeld dat vijandig stond tegenover kinderen' de oorzaak van het dalende geboortecijfer. Ze was van mening dat uit elk huwelijk vier kinderen moesten voortkomen om vergrijzing in nazi-Duitsland tegen te gaan. Omdat haar artikelen positief werden ontvangen, schreef ze nog tien artikelen.

Start literaire carrière miniatuur|Omslag van het boek Haarer werd gevraagd haar adviezen te bundelen en in 1934 verscheen haar eerste boek bij Carl Gerber Verlag. De eerste editie, met een oplage van ongeveer 10.000 stuks, was binnen een week uitverkocht. Vanaf 1935 werd het boek uitgegeven door J.F. Lehmanns Verlag, een uitgeverij van medische literatuur. Op de omslagen van de boeken verscheen haar naam met haar dokterstitel, wat bij de buitenwereld de indruk wekte dat ze kinderarts was.

Het boek vertaalde nationaalsocialistische ideeën naar concrete opvoedingsadviezen. Veel van haar adviezen waren gebaseerd op het boek van Adolf Hitler. In het boek staan orde, reinheid, regelmaat, afharding en absolute gehoorzaamheid centraal, omdat dit kinderen tot gehoorzame en inzetbare mensen voor de nationaalsocialistische samenleving zou maken. Volgens Haarer was opvoeding een 'krachtmeting' tussen moeder en kind, en zou zachtmoedigheid leiden tot de ontwikkeling van 'huiselijke tirannen'.Deze opvoedstijl kwam later bekend te staan als 'zwarte pedagogie'. Het boek werd een standaardwerk in de opvoedingsliteratuur.

Na de publicatie van haar eerste boek schreef ze regelmatig stukken voor het , dat tevens in bezit was van J.F. Lehmanns Verlag, de en voor , het nazitijdschrift voor vrouwen dat werd uitgegeven door de . Daarnaast gaf ze regelmatig radio-interviews over zwangerschap en de zorg voor kinderen. Door haar inkomsten uit de boekenverkoop groeide haar inkomen. Samen met haar man kocht ze een grote woning in München in het stadsdeel Schwabing en liet ze haar ouders uit het Sudetenland bij hen intrekken.

In 1936 volgde de publicatie van het boek dat gericht was op ouders met kinderen in de leeftijd van twee tot zes jaar oud. Doordat het hoofd van de uitgeverij een invloedrijk nationaalsocialist was, vonden haar werken snel hun weg naar bibliotheekcollecties. Daarnaast werd haar eerste boek als standaardwerk gebruikt in de van de van de nationaalsocialistische vrouwenbond.

Connectie met de NSDAP miniatuur|Affiche voor Hilfswerk Mutter und Kind (1934)In hetzelfde jaar als dat haar tweede boek verscheen werd ze gerekruteerd door de NSDAP. Ze zette zich op vrijwillige basis in als districtsmedewerker voor rassenpolitieke kwesties bij de nationaalsocialistische vrouwenbond. Daarnaast was ze betrokken bij de (NSV), de Nationaalsocialistische Volkswelzijnsorganisatie, bij Hilfswerk Mutter und Kind en bij de in München. Een jaar nadat ze was gestart met vrijwilligerswerk voor de NSDAP werd ze op 1 mei 1937, op aandringen van plaatsvervangend partijleider van het district München-Opper-Beieren Otto Nippold, lid van de partij.

In 1937 publiceerde ze boeken en die beiden zeer sterk waren beïnvloed door het nationaalsocialistisch gedachtegoed. Tijdens haar lezingen benadrukte zij het belang van het behoud van het traditionele moederschap en gezin. Ze was fel tegen abortus, anticonceptie en het beeld van de vrouw dat tijdens de Weimarrepubliek was gevormd dat volgens haar veel vrouwen ervan had weerhouden moeder te worden. Ze prees de maatregelen van het nationaalsocialistische bewind, waaronder het grootschalig ontslag van vrouwen uit het arbeidsleven. Volgens Haarer was het stichten van een gezin de natuurlijke taak van de vrouw.

In 1938 gaf ze, na de geboorte van haar vierde kind, haar vrijwillige positie bij de nationaalsocialistische vrouwenbond op. Dat jaar gaf zij een schooljaar lang les in gezondheidsvoorlichting aan de kleuterleidstersseminarie van de stad München. Daarnaast gaf ze les in rassenstudies en genetica aan de jeugdleidersschool. De directrice van de scholen, Maria Urban, was zeer te spreken over Haarer als docent. Volgens Urban had ze diverse meisjes weten te overtuigen zich aan te sluiten bij de , de vrouwenorganisatie van de NSDAP, of de (NSV). links|miniatuur|Propagandaposter voor de (1933)

Kort voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in 1939 verscheen haar antisemitische en anticommunistische kinderboek over de opkomst van het Derde Rijk waarin Adolf Hitler een heldenrol toebedeeld kreeg. Kinderen werden in het boek aangemoedigd lid te worden van de of de , en het boek werd verplichte kost op kleuterscholen. Ze schreef het boek namens de NSDAP en door de publicatie werd ze toegelaten tot de (RSK).

Ondanks de papierschaarste en bezuinigingsmaatregelen tijdens de oorlogsjaren bleef het boek herdrukt worden, waarbij nieuwe edities werden aangepast naargelang nieuwe gebieden bezet werden door nazi-Duitsland. In Nederland verscheen het boek in 1942 onder de titel Moeder, vertel eens wat van Adolf Hitler! bij uitgeverij Westland. Het werd naar het Nederlands vertaald door Steven Barends die tevens had vertaald.

Naoorlogse jaren