Catherine (Kate) Eddowes (Wolverhampton, 14 april 1842 – Whitechapel, Londen, 30 september 1888) was het vierde canonieke slachtoffer van Jack the Ripper. Haar moord volgde drie weken op die van Annie Chapman en een maand op de moord op Mary Ann Nichols. Ze werd in dezelfde nacht vermoord als Elizabeth Stride, nog geen uur na de moord op Stride. De nacht van 30 september zou daardoor bekend komen te staan als the double event (de dubbele gebeurtenis). De laatste moord, die op Mary Jane Kelly, vond meer dan een maand later plaats, begin november. De moord op Eddowes wordt wel als een escalatie beschouwd; haar lichaam was veel uitgebreider verminkt dan dat van eerdere slachtoffers en mogelijk liet The Ripper hier voor het eerst bewust sporen achter.
Levensloop Jonge jaren Catherine Eddowes, die ook wel de naam Kate gebruikte en onder haar familie bekend stond als Chick, werd geboren als vijfde dochter en zesde kind in het gezin van George en Catherine Eddowes. George werkte als blikslager in de industrie in Wolverhampton. Hij was ook vakbondsman en omstreeks de geboorte van Kate raakte hij in de clinch met zijn werkgever. Uiteindelijk liep dit zo hoog op, dat hij door de rechter veroordeeld werd tot dwangarbeid, omdat hij een staking onder de werknemers van zijn baas zou hebben opgehitst. Het betekende tevens het einde van Georges carrière in Wolverhampton; geen werkgever zou nog zo een werknemer in dienst nemen. Het gezin besloot naar Londen te gaan en daar het geluk te beproeven. Kate was nog geen jaar oud.Rubenhold, Hallie (2024). De vijf van Whitechapel: De verborgen levens van de vrouwen die werden vermoord door Jack the Ripper, p. 249-255.
Londen Hoewel de verdienste van George Eddowes niet slecht was in Londen, groeide het gezin gestaag, wat een grote druk op het budget legde. Al met al bestond het gezin uit twaalf kinderen, waarvan tien de volwassen leeftijd bereikten. Hoewel Kates broers en zussen weinig scholing lijken te hebben genoten (uit hun huwelijksaktes blijkt een mate van analfabetisme, vooral onder de zussen), schreven de Eddowes Kate in voor Dowgate School, een liefdadigheidsschool die net op dat moment was opengesteld voor de kinderen van arbeiders die werkte in de omgeving. In 1851 ging ze op schoolreis naar het Crystal Palace, waar op dat moment de Great Exhibition plaatsvond.Rubenhold, Hallie (2024). De vijf van Whitechapel: De verborgen levens van de vrouwen die werden vermoord door Jack the Ripper, p. 255-266.
Normaliter kwamen de kinderen van school op 14-jarige leeftijd. Dat zou bij Eddowes dus in 1856 zijn geweest. Mogelijk stopte ze echter al een jaar eerder, aangezien haar moeder in dat jaar ziek werd en overleed. In 1857 werd George Eddowes ziek. Het gezin, dat zijn dood al voorzag, begon snel plannen te maken om aan het zinkende schip te ontkomen. De oudste kinderen regelden betrekkingen of trouwden. Een van haar zussen, regelde dat Kate Eddowes naar een oom en tante in Wolverhampton werd gestuurd. De rest van de kinderen belandden na de dood van George in december in een weeshuis.Rubenhold, Hallie (2024). De vijf van Whitechapel: De verborgen levens van de vrouwen die werden vermoord door Jack the Ripper, p. 268-271.
Terug in Wolverhampton en omzwervingen Eenmaal terug in Wolverhampton trok Kate bij haar oom en tante in. Kate ging werken als schuurder, een beroep waarbij het blikwerk in een zuurbad gedoopt moest worden met een grote tang. Haar familie kon een plek voor haar regelen bij de Old Hall Works, omdat zij hier al generaties werkten. Dit ging lange tijd goed, tot Kate bijna 20 was en ze betrapt werd op stelen van haar werkgever. Ze werd niet vervolgd, maar besloot te vertrekken naar Birmingham, omdat haar positie in Wolverhampton onhoudbaar was geworden. Ze trok hier bij een andere oom en tante in.
Ze ontmoette, wellicht in Birmingham, hoewel haar oom beweerde dat dit niet gebeurd was terwijl zij onder zijn dak leefde, Thomas Conway. Conway verkocht populaire boeken, bijvoorbeeld in de vorm van ballades over zijn tijd in India, waar hij een tijd in het leger had doorgebracht. Conway was analfabeet, maar Eddowes kon zijn verhalen opschrijven, zodat ze doorverkocht konden worden. Ze hielden er ook een relatie op na en Eddowes zou in 1863 bevallen in een werkhuis in Great Yarmouth van Annie Conway, hun dochter. Ze zwierven nog enige tijd rond met hun dochter, maar vestigden zich in 1866 in Londen.Rubenhold, Hallie (2024). De vijf van Whitechapel: De verborgen levens van de vrouwen die werden vermoord door Jack the Ripper, p. 283-301.
Vestiging in Londen Hoewel Conway de illusie had gehad zijn ballades en andere boeken snel kwijt te raken in Londen, had hij buiten de enorme concurrentie in de grote stad gerekend. In 1868 en 1869 werden er nog twee kinderen geboren, van wie de jongste al snel overleed. Conway trok naar het noorden om geld te verdienen, Londen uit en al snel trokken Eddowes en haar kinderen in bij een van haar zussen. Dit leverde echter geen permanente oplossing - er woonden al acht mensen op het adres - en Eddowes en de kinderen belandden in het werkhuis in 1870. Hier zou ze een veel geziene gast blijven; wanneer ze zware tegenslag had, trok ze naar het werkhuis. Zo zou ze in 1873 bevallen van nog een kind in het werkhuis. In 1876 zou ze bevallen van haar vierde kind, wederom in een werkhuis met al haar kinderen. De oudste twee kinderen werden bij haar weggehaald en naar een school in Sutton gestuurd.Rubenhold, Hallie (2024). De vijf van Whitechapel: De verborgen levens van de vrouwen die werden vermoord door Jack the Ripper, p. 294-310.
Eind jaren 1870 was een patroon ontstaan, waarbij Conway wegtrok uit Londen om te werken, Eddowes achterliet zonder enige vorm van steun en zodra hij weer terug was door het huis heen sloeg. Als dit echt uit de hand liep, klopte ze aan bij haar zussen om daar tijdelijk te verblijven. Uiteindelijk besloten twee van haar zussen de banden met haar te verbreken, mogelijk omdat ze zelf door de moeilijkheden ook enorm veel alcohol dronk. In 1881 klapte de relatie, volgens Conway omdat Eddowes te veel dronk, volgens de zussen van Eddowes omdat zij klaar was met de mishandelingen. Eddowes trok tijdelijk bij een van de zussen die nog wel contact met haar hadden in. Ze misdroeg zich daar zo in een dronken bui, dat de politie haar omwille van dronken wangedrag van straat sleepte. Haar derde zus verbrak daarop de banden met haar eveneens. Eddowes richtte zich tot haar laatste zus, een weduwe, die het zelf financieel ook niet al te breed had en in Whitechapel woonde.Rubenhold, Hallie (2024). De vijf van Whitechapel: De verborgen levens van de vrouwen die werden vermoord door Jack the Ripper, p. 310-316.
Whitechapel Eddowes zou een kamer in een logement om de hoek van haar zus huren, als ze daar voldoende geld voor had. Een andere frequente bezoeker van het logement, John Kelly, kreeg hier een relatie met haar. Incidenteel zou ze vanaf nu ook de naam Kate Kelly gebruiken, hoewel ze de voorkeur bleef geven aan Kate Conway. Ze zou, net als Elizabeth Stride, gaan schoonmaken bij de Joodse families op de sjabbat, maar zou hier lang niet altijd voldoende geld mee verdienen, wellicht ook omdat zij en Kelly een groot deel van hun geld verdronken. Dat betekende dat ze regelmatig op straat sliepen. Vanaf 1883 begonnen ze ook op grotere afstand te trekken op zoek naar werk. In deze periode verloor Eddowes ook het contact met haar laatste zus en haar oudste dochter, die later aan zou geven dat haar moeder zo verslaafd was aan de alcohol dat een gewone relatie onderhouden met haar onmogelijk was geworden.Rubenhold, Hallie (2024). De vijf van Whitechapel: De verborgen levens van de vrouwen die werden vermoord door Jack the Ripper, p. 316-320.
Laatste dagen In augustus 1888 probeerden Kelly en Eddowes in Kent aan het werk te komen in de hopoogst. Door de boeren werd gezorgd voor kost en onderdak én gratis drank, naast de verdiensten die de oogsters kregen per bushel. Ze waren echter al snel weer terug; de oogst viel zo tegen dat ze weer weggestuurd werden. Op 27 september waren ze terug in Whitechapel. Ze trokken naar een zwerveropvang, waarde op 28 september weer uitkwamen. De gebeurtenissen werden daarna grotendeels uit de mond van Kelly opgetekend, die nogal bezopen leek te zijn geweest in deze dagen en een warrig verhaal ophing, wellicht ook om zichzelf beter uit de verf te doen komen. Hij had namelijk voldoende geld verdiend om één bed in een logement te huren, maar niet om voor hen beiden onderdak te vinden. Hoogstwaarschijnlijk sliep Eddowes de nacht van de vrijdag (28 september) op zaterdag (29 september) daarom op straat. Kelly en Eddowes troffen elkaar die zaterdag weer, ze probeerden wat geld en drank bij elkaar te scharrelen. Dat laatste lukte het best, want later op zaterdagavond was Eddowes zo stomdronken dat ze voor openbare dronkenschap opgepakt werd. Ze werd om 20:30 opgepakt en werd op 30 september om 1:00 uur vrij gelaten, waarna ze waarschijnlijk naar Mitre Square ging om in de openlucht te slapen. Hier vond The Ripper haar. Er is dan ook geen enkele aanwijzing dat zij, zoals wel beweerd werd, een prostituee was.Rubenhold, Hallie (2024). De vijf van Whitechapel: De verborgen levens van de vrouwen die werden vermoord door Jack the Ripper, p. 321-333. miniatuur|Foto gemaakt in het mortuarium die de schade aan het aangezicht van Eddowes toont
Dood De wonden die Jack the Ripper toediende aan Eddowes waren een escalatie van zijn eerdere misdaden. Hij verwondde niet alleen haar onderlichaam, maar ook haar gezicht, hij lijkt hier uitgebreid de tijd voor te hebben genomen en met haar verwondingen geëxperimenteerd te hebben, wellicht ter compensatie voor het moeten verlaten van zijn eerdere slachtoffer Elizabeth Stride. Mogelijk werd hij tijdens zijn moord op Stride gestoord, waardoor hij niet zijn perverse ritueel van verminkingen kon herhalen en deze dwang nog bij een ander slachtoffer wilde voldoen.Seriemoordenaars werken vaak in voorspelbare patronen. Hun modus operandi kan soms wat verschuiven, maar vaak zit er een focus in hun moorden die achterliggende redenen blootlegt. Zo dankte de BTK-moordenaar (BTK staat voor Bound, Torture, Kill) zijn naam aan zijn werkwijze, die noodzakelijk was om de psychologische voldoening uit zijn moorden te halen die hij najoeg. Het ligt voor de hand dat de Ripper de mutilaties nodig had om eenzelfde soort voldoening uit zijn moorden te halen, maar onderbroken werd en daarom Eddowes op dezelfde dag aanviel. Zie ook het artikel in noot 15 en 16.Kumkaria, Bodhraj en Tiwari, Himalaya (2024). Understanding Serial Killers: Motivations, Behavioral Patterns, and Psychological Profiling. African Journal of Biological Sciences 6
De Ripper reet Eddowes' buik van de onderste aanzet van het borstbeen open tot haar schaambeen. Hij verwijderde een nier en haar baarmoeder, sneed, wellicht per ongeluk, de darmen door, waardoor er feces vrij kwam. Een deel van de darm legde hij over haar rechterschouder, net als hij bij Chapman had gedaan. Het afgesneden stuk legde hij tussen haar arm en lichaam in. Hiermee was dit de meest gewelddadige verminking tot dan toe; enkel de latere moord op Mary Jane Kelly zou extremer zijn. Kelly was echter schaarser gekleed dan de andere vrouwen, waardoor hij wellicht zijn gruwelijke moordlust harder kon botvieren.
Na de moord Vrij snel na de moord op Eddowes werden er een aantal ontdekkingen gedaan. Een stuk van haar schort werd een paar straten verder in Goulston Street gevonden, recht onder antisemitische graffiti. Enige tijd na de moord werd ook een deel van een nier opgestuurd aan George Lusk, die een lokale buurtpreventiegroep leidde. Er werd mogelijk ook een sjaal vlak bij het lichaam gevonden. Deze sjaal werd onderworpen aan sporenonderzoek in 2020.
Schort