Harold Jan Schoemaker (Bandung,16 december 1913 - Delft, 15 maart 2011) was een Nederlands waterbouwkundige, directeur van het Waterloopkundig Laboratorium De Voorst en daarna hoogleraar irrigatie aan de TU Delft van 1967-1983.

Opleiding en tijd in Nederlands-Indië In 1932 behaalde Schoemaker in Delft het einddiploma gymnasium b. Hij ging daarna in Delft civiele techniek studeren. Na het behalen van zijn diploma in 1937 werkte hij in 1937 en 1938 bij de bouwafdeling van de NV Philips Gloeilampenfabrieken te Eindhoven.

Op 12 januari 1939 is hij in Delft gehuwd met Annie Cleijdert. Die zelfde maand is het echtpaar met mailmotorschip Dempo naar Batavia vertrokken. Daar kreeg hij een tijdelijke functie bij het departement van Verkeer en Waterstaat in Nederlands Oost-Indië. Vanaf september 1939 was hij in vaste dienst werkzaam in Purworedjo op midden Java. Hij werd gedurende de Tweede Wereldoorlog geïnterneerd in een Jappenkamp op Sumatra. Hij was in Kamp Pakan Baroe (Modderlust).Uit het krantenbericht van 17 december 1967 (zie referentie) blijkt dat hij in het kamp zat onder bevel van Miura Tohji. Deze was commandant van kamp Pakan Baroe, dat zoals meerdere kampen ook wel Modderlust genoemd werd (https://www.japansekrijgsgevangenkampen.nl/Sumatra-spoorweg%20Kamp%201.htm) Dit kamp was het basiskamp aan de noordzijde van de spoorweg, gelegen in Pakan Baroe aan de Siak-rivier, die in de Straat van Malakka uitmondde. Dit kamp lag vlak bij de loskade aan de Siak-rivier. Hier kwam al het spoorwegmateriaal binnen, zoals spoorstaven, spoorbielzen, locomotieven en spoorwagons. Na afloop van de Tweede Wereldoorlog is hij gerepatrieerd.

Waterloopkundig Laboratorium

In 1946 trad hij als ingenieur in dienst van het Waterloopkundig Laboratorium te Delft. In dat kader werd hij met ir. Hugo Vlugter en G.A.J. van der Goor uitgezonden in Nedeco-verband voor verbetering van de irrigatie in de zuidelijke Keduvlakte. Prof. ir. J.Th. Thijsse was in die tijd directeur van het Waterloopkundig Laboratorium, zijn plaatsvervanger was ir. H.J. Schoemaker, vooral belast met het laboratorium in De Voorst (m.i.v. 1-1-1950), die op zijn beurt werd bijgestaan door twee ingenieurs-sectiechef: ir. E.W. Bijker en ir. H.C. Frijlink. In 1960 werd Schoemaker directeur in De Voorst.

Hoogleraar Schoemaker aanvaardde op 1 februari 1967 in het openbaar het ambt van buitengewoon hoogleraar in de irrigatie in de afdeling der Weg- en Waterbouwkunde, met een rede, getiteld: "Exotische waterbouwkunde". Hij was secretaris van de IAHR.

Hij was in 1967 de promotor van ir. E.W. Bijker. In 1970 kreeg hij de supervisie over een driejarig irrigatieproject in Centraal-Java. Nederland participeerde in dit miljoenenproject voor een bedrag van ƒ 3,6 miljoen, voornamelijk in technische hulp. Dit project „Djratunseluna" bestaat uit het verbeteren van de bestaande irrigatiesystemen ten oosten van Semarang; het kostte ruim tien miljoen gulden en moest begin 1972 gereed zijn. De hulp van Nederland bestond uit het ter beschikking stellen van materialen en het „uitlenen" van technici. Op 1 december 1972 is zijn aanstelling bij de TU omgezet in een voltijds aanstelling als gewoon hoogleraar en werd hij bij het Waterloopkundig Laboratorium opgevolgd door ir.J.E. Prins.

Schoemaker bekleedde deze functie tot 1983.

In april 1973 is hij benoemd tot ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw.

Veel van de stukken van prof. Schoemaker zijn opgenomen in het nationaal archief, onder 2.22.07 Inventaris van archiefbescheiden betreffende Openbare Werken in Nederlands-Indië en Suriname, afkomstig van het Instituut voor Waterbouwkunde in Delft over de jaren 1872-1970 (Verzameling Haringhuizen-Schoemaker) en 4.SCF Inventaris van de kaarten en tekeningen behorend tot de verzameling Haringhuizen-Schoemaker, archivalia betreffende openbare werken in het voormalig Nederlands Oost-Indië, 1878-1939.. Deze achieven bevatten veel tekeningen van werken in Nederlands-Indië, alsmede veel collegedictaten van de colleges over irrigatie in Nederlands-Indië (van Schoemaker en zijn voorgangers)

Publicaties

Manuscripten van H.J. Schoemaker uit de periode 1946-1971 Deel A: modeltechniek Manuscripten van H.J. Schoemaker uit de periode 1946-1971 Deel B: Stroming in buisleidingen en kanalen Manuscripten van H.J. Schoemaker uit de periode 1946-1971 Deel C: Getijden, Getij-reproductie en Getij-analyse Manuscripten van H.J. Schoemaker uit de periode 1946-1971 Deel D: Golven van het wateroppervlak Manuscripten van H.J. Schoemaker uit de periode 1946-1971 Deel E: Golfopwekking in golfbassins Manuscripten van H.J. Schoemaker uit de periode 1946-1971 Deel G: Diversen Oorsprong en ontwikkeling van de waterbouwkunde. Histechnica nieuws, sept 1983 Exotische waterbouwkunde (Inaugurele rede) 1967

Categorie:Waterbouwkundige in Nederlands-Indië Categorie:Nederlands waterbouwkundige Categorie:Nederlands hoogleraar