Het conclaaf van 1621 vond plaats van 8 tot 9 februari 1621 in het Apostolisch Paleis te Rome, en volgde op de dood van paus Paulus V op 28 januari 1621. Het conclaaf leidde tot de verkiezing van Camillo Borghese als paus Gregorius XV.
Verloop Het conclaaf werd gekenmerkt door drie dominante facties: Borghesiaanse partij: geleid door kardinaal Scipione Borghese, neef van paus Paulus V, en bestaande uit negenentwintig kardinalen gecreëerd door deze paus Clementijnse partij: geleid door Pietro Aldobrandini, neef van paus Clemens VIII, met dertien leden Sixtijnse partij: een kleinere groep onder leiding van Alessandro Montalto, neef van paus Sixtus V, met zes leden
Daarnaast waren er invloedrijke kardinalen uit Italiaanse adellijke families zoals d'Este, de' Medici en Sforza, die niet tot een van deze facties behoorden.
Kardinaal Borghese probeerde op de eerste dag van het conclaaf zijn bondgenoot Campori tot paus te laten verkiezen via acclamatie. Ondanks eerdere steunbetuigingen, faalde deze poging doordat meerdere bondgenoten overstapten naar de factie van Orsini, die Franse steun had verworven. Campori trok zich terug als kandidaat.
Tijdens de enige stemronde kreeg Robertus Bellarminus, een jezuïet en gerespecteerde theoloog, de meeste stemmen (vijftien), maar hij had eerder al aangegeven het pausambt niet te willen aanvaarden. Op 78-jarige leeftijd bleef hij bij zijn besluit.
Na overleg tussen de invloedrijkste kardinalen werd een compromis bereikt: de keuze viel op de zieke en oudere Alessandro Ludovisi uit Bologna, die werd gezien als een geschikte kandidaat voor een kort pontificaat. Op dezelfde avond, rond 23:00 uur, werd Ludovisi bij acclamatie verkozen tot paus en nam hij de naam Gregorius XV aan.
1621 Categorie:1621