Marlies Janz (*1942 als Marlies Gummert in Wuppertal; † 21 september 2020 in Berlijnhttps://www.geisteswissenschaften.fu-berlin.de/we04/institut/nachrufe/ressourcen/Nachruf-Marlies-Janz_Okt-20.pdf) was een Duitse filologe, literatuurcritica en uitgeefster.

Loopbaan Na haar begin als regieassistent en dramaturge studeerde Marlies Janz Duitse filologie, theaterwetenschap en algemene en vergelijkende literatuurwetenschap in Berlijn, München en Grenoble met een beurs van de Studienstiftung des deutschen Volkes. Ze promoveerde in 1974 en werkte daarna meerdere jaren als literatuurcritica (bij Der Spiegel, Stern) en als uitgeefster gespecialiseerd in hedendaagse literatuur (Rotbuch Verlag, Frölich & Kaufmann, Luchterhand Literaturverlag). Van 1982 tot 1984 ontving ze een beurs van de Deutsche Forschungsgemeinschaft en in 1986 behaalde ze haar habilitatie. Van 1984 tot 2008 was ze hoogleraar moderne Duitse literatuur aan de Freie Universität Berlin, met een onderbreking van een jaar aan de Ludwig-Maximilians-Universität München (als vervanger van professor Wolfgang Frühwald). In 1991 kreeg ze een aanbod voor een leerstoel aan de Universiteit van Innsbruck, dat ze afsloeg.Nachrichten aus dem Fach. In: Arbitrium, 9, nr. 2, januari 1991, p. 255, doi:10.1515/arbi.1991.9.2.255. Janz verwierf vooral bekendheid door haar fundamentele studies over Paul Celan en Elfriede Jelinek. Ze overleed in 2020 als gevolg van onverwachte complicaties van haar langdurige alcoholverslaving.https://www.geisteswissenschaften.fu-berlin.de/we04/institut/mitarbeiter/marljanz/index.html

Publicaties (selectie) 1976: Vom Engagement absoluter Poesie. Zur Lyrik und Ästhetik Paul Celans. Syndikat Verlag, Frankfurt am Main, . (Zugleich Diss. phil. Freie Universität Berlin 1974). Unveränderter Nachdruck der ersten Auflage: Athenäum Verlag, Königstein/Taunus 1984,

1979 (als Marlies Gummert): Rede einer selbstbewußten Professorenfrau. (Fiktion) In: Kursbuch, hrsg. von Karl Markus Michel und Harald Wieser unter Mitarbeit von Hans Magnus Enzensberger, Nr. 58: Karrieren, S. 85–100. (Zahlreiche Nachdrucke des Artikels in diversen Anthologien)

1986: Marmorbilder. Weiblichkeit und Tod bei Clemens Brentano und Hugo von Hofmannsthal. Athenäum, Königstein/Taunus,

1995: Elfriede Jelinek. Sammlung Metzler, 286. Verlag J. B. Metzler, Stuttgart und Weimar,

2010: Arbeitsbibliographie zu Elfriede Jelinek 1986-2008.

1999–2020: Essays über Paul Celan in den von Hans-Michael Speier herausgegebenen Celan-Jahrbüchern Nr. 7 (), Nr. 8 (), Nr. 9 (), Nr. 10 () und Nr. 11 (); zunächst Universitätsverlag Winter, seit Nr. 10 (2018) im Verlag Königshausen & Neumann.

Categorie:Duits filoloog