Panzer-Abteilung (Panther) 2106 was een Duits tankbataljon van de Wehrmacht tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het was een van een reeks tankbataljons die in de zomer van 1944 snel werden opgericht voor de nieuw te vormen Panzerbrigades.

Geschiedenis Na de zware nederlagen aan het oostfront in de zomer van 1944, beval Adolf Hitler de vorming van tien Panzerbrigades. Hitler vond dat smalle, mobiele, snelle en gepantserde Kampfgruppen snel in actie gebracht konden worden om vijandelijke gepantserde speerpunten aan te vallen. Voor deze brigades werd een gereduceerde Panzer-Abteilung (bataljon, met 36 Panzerkampfwagen V Panther, 4 Flakpanzer IV(37) en sommigen additioneel 11 Jagdpanzer IV/70(V)) ontworpen.

Panzer-Abteilung (Panther) 2106 werd opgericht op 28 juli 1944 in Wehrkreis I op Oefenterrein Milau uit de resten van de in de pocket van Minsk vernietigde Panzergrenadierdivisie “Feldherrnhalle” met vervangingseenheden uit Danzig. De Abteilung werd deel van de Panzerbrigade 106 “Feldherrnhalle”.

De Abteilung werd met de brigade eind augustus naar Frankrijk, rond Thionville, gestuurd voor een tegenaanval op Amerikaanse troepen, maar op de eerste dag verloor de Abteilung al 21 Panzerkampfwagen V Panthers en Jagdpanzer IV/70(V)’s. De Abteilung bleef in Noordoost-Frankrijk tot begin november en werd toen naar de Colmar pocket gestuurd en bleef daar tot het einde, tot 8 februari 1945. In maart en april 1945 volgeden gevechten rond Remagen en eindigend in de Ruhrpocket

Einde De Abteilung werd in twee delen op 20 april (Ratingen) en 22 april 1945 (Elm) opgeheven en de troepen capituleerden aan Amerikaanse troepen.

Samenstelling Subeenheden: 4 compagnieën Pantservoertuigen: 36x Panzerkampfwagen V Panther en 11x Jagdpanzer IV/70(V))

Commandanten Rang Naam Begin Eind onbekend

Categorie:Panzer-Abteilung