De Rotterdam (Rotterdam, 1695–1706) van de Staatse Vloot was een linieschip van de vierde rang met 52 kanonnen aan boord. Het behoorde tot de Admiraliteit van Rotterdam en had een bemanning van ongeveer 110 man. In 1703 werd het schip door de Franse marine buitgemaakt.

Historiek Het schip werd in 1695 op de Rotterdamse Marinewerf te water gelaten.

Op 22 mei 1703 escorteerde de Rotterdam een konvooi van ongeveer 110 Engelse en Nederlandse koopvaardijschepen toen ze werden onderschept door een Frans eskader onder leiding van admiraal Alain Emmanuel de Coëtlogon. De Nederlandse admiraal Roemer Vlacq gaf zijn schepen bevel om te keren en de Fransen schepen aan te vallen, waardoor de koopvaardijschepen konden ontsnappen. Het leidde echter tot de inname van alle vijf escorteschepen door de Fransen, inclusief de Rotterdam die werd veroverd door het linieschip Orgueilleux.

De Rotterdam werd naar Toulon gebracht, waar het schip als Le Rotterdam in dienst werd genomen door de Franse marine. De bewapening werd verkleind tot 40 kanonnen. Het schip bleef bij de marine tot het in 1706 uit dienst werd genomen.

Categorie:Schip gebouwd in Nederland Categorie:Nederlands fregat Categorie:Schip op naam