De inspecteur der Artillerie was een functie binnen de Koninklijke Landmacht en het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger die vanaf de 19e eeuw tot in de jaren zestig van de twintigste eeuw op verschillende manieren heeft bestaan. De inspecteur is belast met het toezicht op organisatie, opleiding, inzet en personele aangelegenheden van het wapen der artillerie.

Geschiedenis De oorsprong van de functie ligt in 1814, met de instelling van de Inspecteur-Generaal der Artillerie. Luitenant-generaal W. baron du Pont was de eerste functionaris. Hij stond onder directe bevelen van de Koning en het Departement van Oorlog en was verantwoordelijk voor personeel, materieel en de artillerie-inrichtingen, zoals magazijnen, giet­erijen en wapenfabrieken. Na zijn vertrek in 1818 werd de functie opgeheven en vervangen door de Directeur van het Departement van de Grootmeester der Artillerie.

In 1841 werd het Grootmeesterschap afgeschaft en gingen de artillerietaken over naar het Departement van Oorlog. Generaal-majoor P.R. Falter kreeg de titel Commandant van het Personeel, waarna in 1852 de benaming Inspecteur der Artillerie werd ingevoerd. De inspecteur stond onder bevel van de minister van Oorlog en had toezicht op het personeel van de artilleriekorpsen, artilleriemagazijnen, werkplaatsen en materieel. Rond 1880 werd de functie verder uitgebreid, met bevoegdheid over de Artillerieschietschool, instructiecompagnies en andere artillerie-inrichtingen. Door verschillen tussen bereden en vestingartillerie werd het centrale inspecteurschap in 1908 opgesplitst:

Inspecteur-Generaal der Artillerie (1908–1909), een adviserende functie. De enige officier die deze functie heeft bekleed was luitenant-generaal F.G.A. van Ermel Scherer. Inspecteur der Bereden Artillerie, verantwoordelijk voor veldlegeronderdelen onder bevel van de Commandant van het Veldleger Inspecteur der Vestingartillerie, verantwoordelijk voor regimenten vestingartillerie en aanverwante eenheden, direct onder de minister van Oorlog

Na de Eerste Wereldoorlog bleek dat samenwerking tussen alle artillerieonderdelen noodzakelijk was. Op 15 november 1921 werden beide inspecteurschappen samengevoegd tot één Inspecteur der Artillerie, met generaal-majoor J.C.C. Tonnet als eerste in de herstelde functie. De inspecteur werd ontlast van materieelbeheer en richtte zich op tactische vraagstukken, opleiding en personele zaken. Materieelbeheer kwam onder de Directeur voor het Artilleriematerieel. Bij mobilisatie werd de inspecteur Artilleriecommandant van het veldleger; zijn functie werd tijdelijk waargenomen door een vervanger.

Lijst van functionarissen van 1814 tot 1940

1814-1852 +NamenIn welke betrekking werkzaam geweestvantotLuitenant-generaal W. baron du PontInspecteur-generaal der artillerie3 februari 181413 juli 1818Generaal-majoor H.R. TripDirecteur van het departement van den Grootmeester8 augustus 181830 mei 1837Generaal-majoor J.A.H. de la SarrazDirecteur van het departement van den Grootmeester30 mei 18371 januari 1841Generaal-majoor W.B.E. Paravicini di CapelliCommandant der 1e Artillerie-Inspectie29 december 18291 januari 1841Generaal-majoor F.C. ListCommandant der 2e Artillerie-Inspectie23 december 18294 juli 1839Generaal-majoor P.R. FalterCommandant van het Personeel1 januari 18418 september 1852

Inspecteurs der Artillerie 1852-1940 +Namenvan totLuitenant-generaal M.H. Steenberghe8 september 185218 april 1855Luitenant-generaal jhr. C.D.P. Singendonck18 april 185510 april 1861Luitenant-generaal C. Daneels van Wijkhuyse27 april 186122 maart 1864Luitenant-generaal C.H.G. Steuerwald22 maart 186412 juli 1867Generaal-majoor J.A. Le Clercq12 juli 186711 maart 1868Generaal-majoor A.C.W.L.J.F. von Kellner15 maart 186818 maart 1871Generaal-majoor jhr. A.W.A. Gevers Deijnoot18 maart 187114 juni 1873Generaal-majoor E.J. Jacobs14 juni 187311 april 1876Generaal-majoor W. de Villeneuve11 april 187615 april 1879Generaal-majoor K.H. van Diepenbrugge28 april 187910 september 1882Generaal-majoor F.F. Steenberghe21 september 188216 april 1884Luitenant-generaal J.H. Kretzer19 april 188413 februari 1887Luitenant-generaal C.D.H. Schneider13 februari 188710 februari 1894Luitenant-generaal J.W. Bergansius10 februari 18941 november 1898Luitenant-generaal C.L.W. Moorrees1 november 18981 mei 1902Luitenant-generaal F.G.A. van Ermel Scherer3 mei 19021 november 1909Zie Inspecteurs der Bereden Artillerie en Vestingartillerie19081921Generaal-majoor J.C.C. Tonnet15 november 19211 mei 1924Generaal-majoor E.F. Insinger1 mei 19241 januari 1929Generaal-majoor W.J.C. Schuurman1 januari 19291 november 1931Generaal-majoor M. ridder van Rappard1 november 19311 mei 1934Generaal-majoor J.H. Carstens1 mei 19341 mei 1938Generaal-majoor J. Harberts1 mei 193819 februari 1940Generaal-majoor N.T. Carstens19 februari 194021 maart 1940

Inspecteurs der Artillerie KNIL Namenvan totKolonel R. Schuursma2 mei 193028 september 1932Kolonel J.H. Wesseling1933?26 mei 1937Kolonel H. ter Poorten26 mei 193726 juli 1939Kolonel H.L. Maurer †26 juli 19398 maart 1942

Inspecteurs der Bereden Artillerie 1908-1921 +NamenvantotGeneraal-majoor J. de Waal7 augustus 19081 mei 1909Generaal-majoor A. van Seters1 mei 19091 mei 1912Generaal-majoor H. Oolgaardt1 mei 19121 december 1915Generaal-majoor O.L.G.F. Aberson1 december 191511 mei 1919Generaal-majoor M.C. van der Hoog1 mei 19191 augustus 1920Generaal-majoor J.C.C. Tonnet1 augustus 192015 november 1921

Inspecteurs der Vestingartillerie 1908-1921 +NamenvantotKolonel W.A. Sodenkamp7 augustus 19081 november 1909Generaal-majoor T.C. de Bordes1 november 19091 mei 1912Generaal-majoor A.R. Ophorst1 mei 19121 november 1913Kolonel A. van Doorninck1 november 19131 januari 1914Generaal-majoor L.J. Scheltema1 januari 19141 november 1916Generaal-majoor J.E. Fabius1 november 19161 augustus 1920Generaal-majoor C.F. Gey van Pittius1 augustus 192015 november 1921

Literatuur

Artillerie